Bewegingen in brein en bewustzijn
Aantekeningen bij waarnemen in een binnenwereld
Ik wandel in een stadspark. Niet nu - ik zit thuis achter mijn toetsenbord en
typ deze woorden in -, maar een tijd geleden. Mijn zintuigen laten de
indrukken toe. Ik zie zonder enige grauwsluier het intens groene gras, dat 
als een tapijt ligt uitgespreid. Een zachtwarm windvlaagje voert geuren van
bomen, aarde en bloemen aan. De lucht is het plafond. De vogels fluiten
luid hun herkenningsliedjes op de takken.
Een paar honden rennen in rondjes achter elkaar aan. Een jonge vrouw gooit een stok tussen de
bomen die stil en statig uit de grond rijzen. Haar hond sprint met de neus op de grond
erachteraan. In de vijver weerspiegelen de golfjes licht en donker flonkerend fragmentjes van de
hemel. Op het pad erlangs loopt een man. Zijn hoofd in een grijze wolk. Die wolk herken ik, dat
zijn gedachten. Ik zal hem niet storen. Hij heeft al genoeg aan zijn hoofd. Hij denkt aan waar hij
heengaat, wat hem morgen te wachten staat of aan de problemen van gisteren.
Alles is hier zo vertrouwd, zo dichtbij. Niet dat ik die verre bomen met mijn vingers aan kan
raken. Ik kijk naar beneden en zie mijn handen. Handen, bomen en zelfs het theehuis dat door
de takken zichtbaar is, zijn dierbare bekenden. Ik ben hier thuis. Ben ik hier niet altijd al? Die ik
van gisteren en die ik van morgen zijn hier niet. Dit is Gods huiskamer.
Nu, achter het toetsenbord, zie ik alle dingen nieuw, hoor ik het ruisen van mijn bloed, het
optrekken van een auto. De adem glijdt binnen en stroomt rustig weer weg. De luiken en ramen
staan wijdopen. Wat blaast de bries naar binnen... ?