LichtDicht > Dicht 17-32 > 25 - ADE-MSC-HOM-MEL : II recto

< ^ >

REISWOLF


Een kwart van haar is anders, de
rest is raadsel. Kleiner Mann, was nun?

Zie eenachtste, de rest ligt verborgen
onder de waterlijn als ijsberg, of als
de waarheid in het ochtendlicht.

En wat alle scherpslijpers ook beweren:
evenwicht is een toestand om te vermijden.

OMEN


Vlinder, vlieg in de nacht - verbind,
als eens de ouden, de sterren tot
beelden, dan de beelden tot symbolen
van zij die geen mens is, maar een muze

of godin evenmin. Ik slaap met haar
glazen lichaam boven mij, tel de al te lang
vergeten schelpen, droom haar geest,
en adem niets dan wat bestaat, zal zijn, wordt.

DOCTRINE


Marmeren vrouw tussen haakjes,

dit is geen brief. Integendeel. Wat het wel is,
laat zich raden. Een laplandse legende; een
zilveren wijze van groei; een gebrekkig visioen?

Het ongelovig ervaren van sneeuw. Gegeven dat
er een kans is dat letters ineens draaien, is het wijs
om de poortloze poort alleen samen te realiseren.

FOCUS

de contouren van het verstrijken

Zorg niet of zorg dat het vanzelfsprekende anders
is dan de sleur van de gewoonte van geblakerd ijs,
van transparante tussenvormen, van een zwangere
boerin die autistisch fiept: ik loop over eigen land.

Ploegen doet zij niet. Elke steen, een gebutste of
een gebroken of wat, blijft een steen, heel zijn ene
kant verbonden met elke ui die louter lagen heeft.

En het heelal maar zwart zijn, en draaien, en vaag
de willekeur vergeten van de eerste zoveel tijd, nu
koelbloedig ontdaan van toeval, indachtig de kern.

Zo hol kleurt het raadsel dus. Hoe gewoon ik ben,
hoe bleek zij glazen maskers draagt van papier, hoe
afwezigheid en vacuüm zich verhouden tot elkaar,
tot een band van Möbius, tot een fles van Klein ...