LichtDicht > Dicht 01-36 > 35 - WEG & WIS : 0

< ^ >




WEG & WIS


M., in de wereld, voor de wereld, over de wereld,
ontdekken wat ‘t betekent om te wezen mij,
ergo: iedereen; dat wil zeggen: niemand

in het bijzonder, in het algemeen - als ieder ander.

Rimbauds perspectief? God?! Zich soepeltjes
stromen met de wereld, rond en door, weljah,
bloot-zijn & beginnen, in de woorden van van O.

Oh, vrijheid van verandering, als grensgeval / zijn.


Als ik al iets is, is het niets,
niets dan een wiel, en van dat wiel
niets dan de as. Misschien, zoiets, ongeveer.

De vleugelslag van ‘t juffertje, vogelvrij.

Alsof zo dicht, wat opent, alsmede v.v., alles
zich doet en wordt en weest en zijt en laat. Hoe
zelfverzekerd ademen zowel constellatie als circuit,

samen zingend, samen dansend, samen spelend.


Zich ontkomen aan omgang,
ontstijgen aan enig fantoomzelf, aan
‘t transparante aderstelsel van gene ander.

Is dat alles? En of dit alles is! Of rest er?

Wat rest? Wie rest? Wee, wee /
wilde speculatie: like Zeno’s arrow, I
shall always fly towards one’s destination!

Ik, zijn zonder zelf, zelf zonder ander. Radicaal?!