, (c) oktober 2008
De Pinotin (spreek uit: Pinotien) is een populaire blauwe, schimmeltolerante wijndruif, ontwikkeld door de Zwitserse kweker Valentin (spreek uit: Valentien) Blattner. De naam van de druif suggereert behalve een verwantschap met Blattner, ook een verwantschap met de Pinot-familie, met name met de Pinot Noir. Op veel websites van Nederlandse wijngaarden is dan ook een tekst te vinden als:
"Daarnaast hebben we de Pinotin aangeplant, die een kruising is van de Pinot Noir met
resistentiepartners, en ons een goede Bourgogne-achtige wijn zal opleveren".
De vraag is echter: in hoeverre klopt dit eigenlijk?
De stamboom van de Pinotin luidt: kruising van Cabernet Sauvignon x [Silvaner x (Riesling x vinifera) x (JS 12417 x S 7053)]. Daar komt geen Pinot aan te pas. De situatie wordt alleenmaar curieuzer wanneer men bedenkt dat precies deze zelfde stamboom ook geldt voor de bekende Cabernet-achtige VB-soorten Cabertin, VB 91-26-29, VB 91-26-4 en VB 91-26-5. Al deze Cabernet-soorten, maar inclusief dus de Pinotin, zijn formeel volle zussen van elkaar, niet meer en niet minder. En de vraag is: wat is hier aan de hand?
Het ontwikkelen van een nieuwe druivensoort is een combinatie van kruisen, kweken en selecteren. In den beginne is er alzo een proefveldje met kruisingen genaamd Cabernet Sauvignon x [Silvaner x (Riesling x vinifera) x (JS 12417 x S 7053)]. Nauwkeurige observatie van de individuele planten leert vervolgens dat ze, zoals aan broers en zussen eigen is, verschillen vertonen: het ene individu is vroeg, een ander juist laat; een derde heeft opvallend losse trossen, etc.
Met zulke individuele verschillen binnen dezelfde kruising, wordt vervolgens verder gekweekt. De pitjes van de verschillende, meest karakteristieke individuen worden apart geoogst, en vervolgens in groepjes van dezelfde moeder, ook apart verder opgekweekt. Een differentiatie in de uiteindelijke soorten Cabertin, Pinotin en de drie andere VB's is daarmee in aanleg geboren. Natuurlijk kan de werkelijkheid, zoals zo vaak, iets complexer zijn dan ook deze beschrijving, maar dit is het principe.
De eerste groep nazaten (via de pitjes) van wat later de Pinotin zou gaan heten, gaf een smaak- en geurprofiel dat Blattner en zijn mensen deed denken aan een hint van Pinot Noir. De informele verklaring hiervoor was bijzonder: die ene Cabernet-kruising die via haar pitjes de moeder van alle Pinotins zou worden, had op het kweekveld toevallig naast een Pinot Noir gestaan. Het vermoeden was dat stuifmeel van deze Pinot Noir door de wind of door een bij, overgebracht zou kunnen zijn op de buurplant, wat deze Cabernet-buur (althans haar pitjes) ook Pinot-eigenschappen zou hebben gegeven. Een wilde kruising op het proefveld dus. Zo'n kruising kon echter niet formeel worden aangetoond (en blijkbaar ook niet in een formele setting, objectief worden herhaald), en vandaar dat dit verhaal dan ook niet in de stamboom van de Pinotin terecht is gekomen.
Vraag is natuurlijk wel, of dit verhaal - in feite dus een hypothese - nu voldoende was om de soort, qua Cabernet, zo nadrukkelijk, tot in de naam te mogen associëren met de Pinot-familie. Alles komt daarbij aan op het smaakprofiel van de Pinotin in de praktijk. Is de Pinotin, ook los van zijn naam, inderdaad overtuigend 'Bourgogne-achtig'? Zoals bijvoorbeeld ook de Rondo, die, eveneens zonder formele band met de Pinot Noir, zo'n smaakprofiel voor de kenners wel degelijk heeft?
De wijnbouwers die schrijfster dezes over de Pinotin gehoord heeft, vertellen dat de Pinotin, bij hun althans, toch het onmiskenbare smaakprofiel van een Cabernet heeft. Of in de meest welwillende lezing, dat de soort weliswaar fruit heeft, maar niet de volheid van een serieuze schimmeltolerante Pinot Noir.
En het lijkt, nu de Pinotin ook commercieel steeds meer in produktie komt, van belang (in het licht van een correcte marketing van planten en wijnen) om deze vraag aan een meer serieus onderzoek te onderwerpen. Haal je met de Pinotin - hoe goed de druif verder ook moge zijn - eigenlijk wel, zoals de naam suggereert, een voldoende Bourgogne-profiel in huis, of kun je, als het je daarom gaat, voorlopig toch beter een Rondo blijven aanplanten?
Dit artikel kent geen literatuurlijstje, omdat een serieuze beschrijving van de hier besproken druivenrassen in de literatuur nog niet bestaat. Mijn enige verwijzing zou er één kunnen zijn naar de gedetailleerde produktinformatie op de website van de firma Vitis Vino uit Bentelo, importeur van Valentin Blattner-soorten. In het verlengde daarvan, is dit stuk alle dank verschuldigd aan Hermien Visscher van Vitis Vino, die mijn nadere vragen naar aanleiding van deze produktinformatie steeds zeer precies heeft beantwoord, na ze voorgelegd te hebben, in de eerste plaats aan de kwekerij Freytag (december 2007), en daarna nogmaals, ter bevestiging, aan de hand van een vragenlijst, aan Volker Freytag en ook aan Valentin Blattner, beiden persoonlijk (oktober 2008).
Het antwoord van Freytag in 2007 werd de basis voor dit stuk; de bevestigende woorden van Blattner in oktober 2008 waren reden om het op deze website te zetten. Voor details kunt u zich wenden tot de auteur via de e-mail.
Dit alles neemt niet weg dat mogelijke onjuistheden in het bovenstaande, en ook mijn conclusie, natuurlijk alleen voor mijn rekening zijn.
Tenslotte hecht ik er aan om te benadrukken dat bij mijn weten de importeur Vitis Vino, op haar website, over de genoemde soorten preciese en juiste informatie geeft (inclusief de identieke stambomen). Dit geldt helaas niet voor de website van Rebschule Freytag waar over de Pinotin nog steeds staat dat "Sie ist eine Kreuzung mit Blauem Spätburgunder und Resistenzpartnern". Dat soort van tekst is inmiddels als ampelografische beschrijving, en ook als verkoopinformatie echt onder de maat, zeker voor een zo snel in populariteit groeiende, uiterst commerciële druivensoort.
[copyright jet wester 2008]