Tips




Overige





TCP/IP

[ TCP/IP en ISO ] [ Protocollen ] [ DNS ] [ IP-adressen ]
TCP/IP en ISO
TCP/IP staat voor Transmission Control Protocol / Internet Protocol en zijn twee netwerkprotocollen. Netwerkprotocollen zijn gedragsregels/afspraken met betrekking tot het versturen en ontvangen van gegevens via netwerken.

Internet is een verzameling netwerken (wereldwijd) welke voor de onderlinge kontakten gebruikmaken van TCP/IP.

TCP/IP dankt zijn populariteit aan het feit dat de meeste besturingssystemen met dit protocol werken.

InterNIC staat voor Internet Network Information Center en beheert informatie over de structuur en het functioneren van Internet.

De documentatie voor internet en protocollen wordt vastgelegd in zgn. RFC's (Request for Comment). Elke RFC heeft een eigen nummeraanduiding.

Een netwerk is een verzameling computers welke met elkaar zijn verbonden en met elkaar kunnen communiceren. Om te kunnen communiceren zullen er afspraken gemaakt moeten worden m.b.t. verzenden van informatie. TCP/IP is zo'n protocol. Andere bekende netwerkprotocollen zijn IPX(Novell) en NetBEUI(Microsoft). Het voordeel van een netwerk is dat de gebruikers ervan onderling informatie en bronnen kunnen delen. U kunt bijv. bestanden delen, maar ook hardware zoals printers. Om dit delen zo optimaal mogelijk te kunnen laten werken, is het raadzaam 1 computer aan te wijzen welke zich puur bezighoudt met het delen van bronnen. Deze computer wordt de Server genoemd. Een Client is een computer welk is gekoppeld aan een centrale computer, de Server. De client maakt via de server gebruik van bronnen. Er bestaan verschillende soorten servers, welke worden benoemd naar hun taak, zoals file-servers, printer-server, web-servers, enz.

De ISO staat voor International Standards Organization en legt normen vast met betrekking tot de wijze van werken van computers. De ISO heeft bepaald dat netwerken aan een bepaalde architectuur moeten voldoen. Dit OSI-model bestaat uit een 7-tal lagen. Elke laag is afhankelijk van de vorige.

1. Fysiek laag Deze laag bevat alle hardware welke met het tot stand brengen van een netwerk zijn gemoeid, zoals computer, bekabeling, netwerkkaarten, e.d.

2. Datalink laag Deze laag regelt de verzending via de bekabeling van het netwerk en behandelt eventuele storingen op de kabel.

3. Netwerk laag Deze laag ontvangt de gegevens van de datalink laag en verwerkt ze (via IP). De netwerk laag zorgt ervoor dat de informatie op het juiste adres terecht komt.

4. Transport laag De transport laag zorgt ervoor dat de informatie welke via de netwerk laag wordt verzonden foutloos aankomt. Dit wordt geregeld door TCP. TCP beschikt over een aantal poorten welke aangeven waar de informatie moet worden afgeleverd. Voorbeelden hiervan zijn:

Poort

80
25
23
Omschrijving

HTTP
SMTP (Simple Mail Transfer Protocol)
Telnet

5. Sessielaag Deze laag zorgt voor een verbinding tussen twee computers, een zgn. sessie, waarna de gegevens onderling uitgewisseld kunnen worden.

6. Presentatie laag De presentatie laag zorgt ervoor dat de ontvangen informatie wordt geconverteerd naar het juiste formaat. Dit is nodig aangezien de verschillende besturingssystemen verschillende formaten hanteren.

7. Toepassings laag Dit is de laag waarin de gegevens worden aangemaakt en ontvangen op gebruikersniveau.

Ook de protocollen van TCP/IP zijn in lagen op te bouwen. Het verschil met het ISO-OSI model is dat TCP/IP minder lagen heeft. Tevens beschikt TCP/IP over een laag Internet welke vergelijkbaar is met de OSI netwerklaag. Del lagen zijn: Fysiek, Datalink, Internet, Transport en Toepassing.

Boven