Home
Wat is een erfgooier?
Floris V
Koptienden
waarschouwinge
Hortensius
Lustigh
Buurmeesters
Gooische boerderijen
Floris vos
dr. van Hengel
Albertus Perk
Blekers
Jan Melis
Stamboom
Familie geschiedenis
Nico van den Berg.
Cresedo
Over mij
Familiewapen
Begraafplaatsen
Fotoboek
Gastenboek


 


Jenever en Erfgooiers

De jenever is sinds eeuwen  door een waas van mystiek. Dit is altijd in stand gehouden door de jeneverproducenten. In feite is er nooit iets mysterieus bij geweest behalve de kruidenverhoudingen. Nu er geavanceerde analyse apparatuur bestaat is ook dit laatste tot het verleden gaan behoren. Er is principieel onderscheid te maken tussen oude en jonge jenever. Vroeger bestond er slechts een term: jenever. Nadat, onder stimulering van de overheid, de melasse - afvalproduct van bietsuikerwinning - alcohol op de markt kwam is de term jonge jenever ontstaan. Dit zou dus eigenlijk nieuwe jenever moeten heten.
De grondstoffen voor de moutwijn zijn gemoute gerst, maïs en rogge. De verhouding van grondstoffen wordt door de producent bepaald. Het mouten van gerst is een proces waarbij door toevoeging van warm water de gerstkorrels ontkiemen. Zodra dit is gebeurt worden de korrels op een geperforeerde vloer, waardoor warme lucht komt, uitgespreid waardoor het ontkiemingproces stopt (eesten). Na droging wordt de mout, net als de andere granen, gemalen. Nu begint het Maïschen. De maïs wordt gesuspendeerd in water van 70 graden Celsius en verhit tot 90 graden. Na afkoeling tot 65 graden wordt de mout en het rogge toegevoegd. Enzymen zetten de zetmelen om in vergistbare suikers. Na afkoeling wordt de gist toegevoegd. De gist zet de suikers om in alcohol en koolzuur. Tevens ontstaat nu de karakteristieke geur en smaak van moutwijn. Het uitgegiste beslag wordt nu overgebracht naar de distilleerketel. Na de eerste maal afstoken, het overhalen, ontstaat het ruwnat. Als het ruwnat voor de tweede keer wordt overgehaald ontstaat het enkelnat. Als dit laatste nogmaals wordt afgestookt, ontstaat het bestnat. Als moutwijn of bestnat nogmaals wordt gedistilleerd onder toevoeging van de kruiden ontstaat de jenever. Voor het kruiden wordt altijd een mengsel samengesteld uit onder andere: Jeneverbes, Koriander, Sint Janskruid, Engelwortel, Anijs en Citrusschillen. Het distillaat wordt op drinksterkte gebracht met water. Karamel kan worden toegevoegd om oude jenever te onderscheiden van jonge jenever. Door daarna nog enige tijd in eiken vaten te laten rijpen krijgt de gelagerde jenever kleur, smaak en een zachtere afdronk. Naarmate de rijping langer duurt zal de jenever beter gaan smaken. De wet bepaald dat aan oude jenever en graanjenever een hoeveelheid moutwijn moet zijn toegevoegd. Korenwijn bevat een grotere hoeveelheid moutwijn en heeft een duidelijke moutwijn- en kruidensmaak.
 

 

 
          De grondstoffen voor de moutwijn zijn gemoutte gerst, mais en rogge. De verhouding van grondstoffen wordt door de producent bepaald. Het mouten van gerst is een proces waarbij door toevoeging van warm water de gerstkorrels ontkiemen. Zodra dit is gebeurt worden de korrels op een geperforeerde vloer, waardoor warme lucht komt, uitgespreid waardoor het ontkiemingsproces stopt (eesten). Na droging wordt de mout, net als de andere granen, gemalen. Nu begint het Maïschen. De mais wordt gesuspendeerd in water van 70 graden celsius en verhit tot 90 graden. Na afkoeling tot 65 graden wordt de mout en het rogge toegevoegd. Enzymen zetten de zetmelen om in vergistbare suikers. Na afkoeling wordt de gist toegevoegd. De gist zet de suikers om in alcohol en koolzuur. Tevens ontstaat nu de karakteristieke geur en smaak van moutwijn. Het uitgegiste beslag wordt nu overgebracht naar de distilleerketel. Na de eerste maal afstoken, het overhalen, ontstaat het ruwnat. Als het ruwnat voor de tweede keer wordt overgehaald ontstaat het enkelnat. Als dit laatste nogmaals wordt afgestookt, ontstaat het bestnat. Als moutwijn of bestnat nogmaals wordt gedistilleerd onder toevoeging van de kruiden ontstaat de jenever.
          Voor het kruiden wordt altijd een mengsel samengesteld uit onder andere: Jeneverbes, Koriander, Sint Janskruid, Engelwortel, Anijs en Citrusschillen. Het distillaat wordt op drinksterkte gebracht met water. Caramel kan worden toegevoegd om oude jenever te onderscheiden van jonge jenever. Door daarna nog enige tijd in eiken vaten te laten rijpen krijgt de gelagerde jenever kleur, smaak en een zachtere afdronk. Naarmate de rijping langer duurt zal de jenever beter gaan smaken. De wet bepaald dat aan oude jenever en graanjenever een hoeveelheid moutwijn moet zijn toegevoegd. Korenwijn bevat een grotere hoeveelheid moutwijn en heeft een duidelijke moutwijn- en kruidensmaak.