|























| |


Jenever en Erfgooiers
De
jenever is sinds eeuwen door een waas van mystiek. Dit is altijd in stand
gehouden door de jeneverproducenten. In feite is er nooit iets mysterieus bij
geweest behalve de kruidenverhoudingen. Nu er geavanceerde analyse apparatuur
bestaat is ook dit laatste tot het verleden gaan behoren. Er is principieel
onderscheid te maken tussen oude en jonge jenever. Vroeger bestond er slechts
een term: jenever. Nadat, onder stimulering van de overheid, de melasse -
afvalproduct van bietsuikerwinning - alcohol op de markt kwam is de term jonge
jenever ontstaan. Dit zou dus eigenlijk nieuwe jenever moeten heten.
De grondstoffen voor de moutwijn zijn gemoute gerst, maïs en rogge. De
verhouding van grondstoffen wordt door de producent bepaald. Het mouten van
gerst is een proces waarbij door toevoeging van warm water de gerstkorrels
ontkiemen. Zodra dit is gebeurt worden de korrels op een geperforeerde vloer,
waardoor warme lucht komt, uitgespreid waardoor het ontkiemingproces stopt
(eesten). Na droging wordt de mout, net als de andere granen, gemalen. Nu begint
het Maïschen. De maïs wordt gesuspendeerd in water van 70 graden Celsius en
verhit tot 90 graden. Na afkoeling tot 65 graden wordt de mout en het rogge
toegevoegd. Enzymen zetten de zetmelen om in vergistbare suikers. Na afkoeling
wordt de gist toegevoegd. De gist zet de suikers om in alcohol en koolzuur.
Tevens ontstaat nu de karakteristieke geur en smaak van moutwijn. Het uitgegiste
beslag wordt nu overgebracht naar de distilleerketel. Na de eerste maal
afstoken, het overhalen, ontstaat het ruwnat. Als het ruwnat voor de tweede keer
wordt overgehaald ontstaat het enkelnat. Als dit laatste nogmaals wordt
afgestookt, ontstaat het bestnat. Als moutwijn of bestnat nogmaals wordt
gedistilleerd onder toevoeging van de kruiden ontstaat de jenever.
Voor het kruiden wordt altijd een mengsel samengesteld uit onder andere:
Jeneverbes, Koriander, Sint Janskruid, Engelwortel, Anijs en Citrusschillen. Het
distillaat wordt op drinksterkte gebracht met water. Karamel kan worden
toegevoegd om oude jenever te onderscheiden van jonge jenever. Door daarna nog
enige tijd in eiken vaten te laten rijpen krijgt de gelagerde jenever kleur,
smaak en een zachtere afdronk. Naarmate de rijping langer duurt zal de jenever
beter gaan smaken. De wet bepaald dat aan oude jenever en graanjenever een
hoeveelheid moutwijn moet zijn toegevoegd. Korenwijn bevat een grotere
hoeveelheid moutwijn en heeft een duidelijke moutwijn- en kruidensmaak.
|
|
| |
| De grondstoffen voor
de moutwijn zijn gemoutte gerst, mais en rogge. De verhouding van
grondstoffen wordt door de producent bepaald. Het mouten van gerst is een
proces waarbij door toevoeging van warm water de gerstkorrels ontkiemen.
Zodra dit is gebeurt worden de korrels op een geperforeerde vloer, waardoor
warme lucht komt, uitgespreid waardoor het ontkiemingsproces stopt (eesten).
Na droging wordt de mout, net als de andere granen, gemalen. Nu begint het
Maïschen. De mais wordt gesuspendeerd in water van 70 graden celsius en
verhit tot 90 graden. Na afkoeling tot 65 graden wordt de mout en het rogge
toegevoegd. Enzymen zetten de zetmelen om in vergistbare suikers. Na
afkoeling wordt de gist toegevoegd. De gist zet de suikers om in alcohol en
koolzuur. Tevens ontstaat nu de karakteristieke geur en smaak van moutwijn.
Het uitgegiste beslag wordt nu overgebracht naar de distilleerketel. Na de
eerste maal afstoken, het overhalen, ontstaat het ruwnat. Als het ruwnat
voor de tweede keer wordt overgehaald ontstaat het enkelnat. Als dit laatste
nogmaals wordt afgestookt, ontstaat het bestnat. Als moutwijn of bestnat
nogmaals wordt gedistilleerd onder toevoeging van de kruiden ontstaat de
jenever. |
| Voor het kruiden
wordt altijd een mengsel samengesteld uit onder andere: Jeneverbes,
Koriander, Sint Janskruid, Engelwortel, Anijs en Citrusschillen. Het
distillaat wordt op drinksterkte gebracht met water. Caramel kan worden
toegevoegd om oude jenever te onderscheiden van jonge jenever. Door daarna
nog enige tijd in eiken vaten te laten rijpen krijgt de gelagerde jenever
kleur, smaak en een zachtere afdronk. Naarmate de rijping langer duurt zal
de jenever beter gaan smaken. De wet bepaald dat aan oude jenever en
graanjenever een hoeveelheid moutwijn moet zijn toegevoegd. Korenwijn bevat
een grotere hoeveelheid moutwijn en heeft een duidelijke moutwijn- en
kruidensmaak. |
|