Peru - Cuzco & Machu Picchu

Machu Picchu

Klik hier om alle foto's met vergrotingen te bekijken! - Klik hier om de DVD met diashows met muziek + beeldvullende foto's te bestellen!


Bezocht: Cuzco, Sacsayhuamán, Pisac, Urubamba, Ollantaytambo, Chinchero, Machu Picchu
De kathedraal van Cuzco

Cuzco is de mooiste stad die we in Peru bezocht hebben. Cuzco heeft veel oude gebouwen, Inca muren met enorme stenen die precies in elkaar passen en leuke kronkelige straatjes. De kathedraal met links en rechts twee aansluitende kerken is zeer de moeite waard (je mocht er helaas alweer niet fotograferen), zeer groot, allerlei stijlen door elkaar vanwege de vele aardbevingen, prachtig houtsnijwerk (het koor), een gouden en een zilveren altaar, enorme schilderijen. Op straat in Cuzco stikt het van de verkopers die zeer vasthoudend van alles trachten te slijten. Cuzco is dan ook de meest toeristische stad die we op deze reis bezocht hebben. In veel steden in Peru is alleen het centrale plein (Plaza de Armas) goed onderhouden, met een paar mooie gebouwen, een fontein, zowaar wat bomen en een beetje gras. In Cuzco (en in mindere mate in Arequipa) is een ruimer gebied van de stad interessant, daarbuiten is het wel weer de gebruikelijke puinzooi van weggetjes met enorme gaten (zandwegen zijn vaak nog beter berijdbaar dan asfaltwegen), half afgebouwde huizen waaruit kale staken naar boven steken, overal afval. Cuzco ligt op 3450 meter hoogte, ook hier moet je dus rustig aandoen. Grappig feit is dat Cuzco nog een paar honderd meter hoger ligt dan de hoogste berg rond Machu Picchu, dat zou je beslist niet zeggen als je in Machu Picchu rondloopt, het lijkt het dak van de wereld (we kwamen in Chili een onderwijzeres tegen die dacht dat Machu Picchu op 6000 meter lag)!

Vlak bij Cuzco liggen diverse Inca ruines, waar echter niet zo veel meer van over is. Sacsayhuamán (een onuitsprekelijke en niet te onthouden naam, totdat onze aardige vrouwelijke gids uitlegt dat je het vrijwel precies zo uitspreekt als ‘sexy woman’) vinden we nog het meest de moeite waard. Vooral omdat het zo groot is. Een enorm fort met zigzag verdedigingsmuren. Volgens de gids hebben de Inca’s Cuzco in de vorm van een poema opgebouwd, Sacsayhuamán is de kop, de zigzag muren zijn de tanden. Immense tanden hoor, de stenen zijn met gemak drie maal zo hoog als ik. Naast het fort liggen uitgestrekte grasvelden. Hier traint de plaatselijke voetbalclub. Sacsayhuamán ligt nog hoger dan Cuzco, je moet wel een enorme conditie opbouwen als je hier traint. We vragen ons af hoe dat nu moet als Lima uit speelt tegen Cuzco? Het duurt zeker twee weken voordat je redelijk geacclimatiseerd bent en dan nog zijn de voetballers die altijd op deze hoogte trainen in het voordeel.

De markt in Pisac

Vanuit Cuzco gaan we op excursie de ‘Sacred Valley´ in. De ‘Sacred valley´ ligt op circa 2500 meter hoogte, er groeien struiken en bomen en er zijn veel landbouw terrassen. Het groen is een opluchting na al de woestijn die we deze reis gezien hebben! Eerst rijden we naar de markt in het nabijgelegen Pisac, waar op de hellingen Inca terrassen te zien zijn. Op de markt kopen we beeldjes, je kunt hier veel leuke dingen kopen al moet je wel stevig afdingen. Vanaf Pisac volgen we de rivier ‘Rio Urubamba’ naar de uitgebreide Inca ruïne Ollantaytambo. We lunchen halverwege in Urubamba, we zitten in een mooie tuin aan lange tafels langs de rivier. Het buffet, dat een groot deel van de ruime hal binnen in een oude haciënda in beslag neemt, is uitstekend. Het eten is onvergelijkelijk veel beter en uitgebreider dan bv de zeer eenvoudige lunch in de Colca Canyon. De haciënda waar wij eten is niet de enige ‘original’ haciënda hier, de excursiedeelnemers zijn bij diverse haciënda’s afgezet, de ene nog mooier en authentieker dan de andere. Het is wel duidelijk dat hier veel toeristen komen, kennelijk heel veel meer dan in de Colca Canyon. Wel heeft men op deze excursie ook weer het probleem van het irritant verspreid zitten van de excursiedeelnemers over verschillende restaurants en hotels, ieder toeristenbureau heeft kennelijk zijn eigen arrangement maar ze gebruiken wel allemaal dezelfde bus. Met dat heen en weer gerij ben je veel tijd kwijt.

We moeten na het eten dus weer wachten op de bus. Ik vind het niet erg, want nu heb ik tijd om de haciënda, tuin en rivier uitgebreid te fotograferen. Als de bus eindelijk verschijnt, kondigt de gids enthousiast aan dat we nog eventjes rustig mogen uitbuiken, maar dat er daarna geklommen moet worden (de gidsen hier kondigen iedere vorm van beweging heel voorzichtig vooraf aan). En inderdaad, in Ollantaytambo is het een flinke klim naar boven, de hoge terrassen op. In Ollantaytambo zijn ook wat resten van gebouwen, maar de immense terrassen domineren. Door de zeer steile ligging tegen een berg heeft Ollantaytambo wel wat van een piramide, ik vind het de mooiste ruïne op Machu Picchu na. Hier krijg je enigszins inzicht in de uitgebreide kennis van landbouw die de Inca´s hadden: irrigatie technieken, terras experimenten om de optimale omstandigheden qua hoogte en zon per gewas te bepalen.

Na nog een bezoek aan het hooggelegen plaatsje Chinchero met weer Inca terrassen, uitzicht op nabijgelegen besneeuwde toppen, een zeer oude koloniale kerk (1650 of zo en vrijwel niet beschadigd door aardbevingen, je mocht er helaas weer niet fotograferen), een heel schuin straatje met vrouwen in klederdracht, schattige kindjes en diverse lama´s met kleurige strikjes (foto´s nemen kost je direct geld!), nemen we afscheid van onze excursiegenoten. Zij gaan terug naar Cuzco en wij overnachten in Urubamba.

Chincero

Urubamba ligt handig midden tussen Cuzco en Machu Picchu, dat scheelt ons de helft van de treinreis morgenochtend. Een jonge taxichauffeur met Grand Prix aspiraties brengt ons bergafwaarts naar ons hotel. Hij heeft een Maria beeldje in de auto met rood lampje dat bij het remmen aangaat. Op de rechte stukken tussen de haarspeldbochten bereikt hij moeiteloos een snelheid van 120 kilometer per uur. Het Maria beeldje lijkt ons dan ook geen overbodige maatregel. Na een benauwd kwartier komen we in Urubamba aan. De taxichauffeur rijdt opeens een piepklein zandweggetje in, enthousiast wijzend naar een kerktorentje. We stopten voor een oud hek en tot onze verbazing kondigde hij aan dat dit ons hotel is. We zien absoluut geen hotel, alleen een roestig hek en een kerkje van het type ‘zeer authentiek’. Na protesten van onze kant haalt de chauffeur een portier die bevestigt dat dit ons hotel is. Het blijkt een oud klooster te zijn dat momenteel omgebouwd wordt tot hotel. Ons deel is al klaar (valt dat even mee!) en ziet er onverwacht keurig uit, zij het wat te Spartaans naar Jacs´ idee (vertaling: geen TV met kabel, zelfs helemaal geen TV).

’s Avonds willen we even internetten en wat eten in het centrum. Ons klooster ligt net buiten het centrum, maar niet ver, het moet binnen een half uur te lopen zijn. We checken voor de zekerheid nog even bij de jonge vrouw achter de receptie of het wel veilig is. De vrouw kijkt ons aan alsof ze zich afvraagt of we haar voor de gek houden of dat ze het verkeerd begrepen heeft. Ik probeer het nog eens in het Spaans. Heel vriendelijk maar vastberaden legt ze uit dat je hier niet naar buiten gaat. Hooguit met een taxi. Of het gevaarlijk is? Nee, dat nou niet echt zegt ze. Wat dan wel? Uiteindelijk blijkt dat het pad naar de weg niet verlicht is. En het pad is bij daglicht al niet veel bijzonders. Het lijkt ons niet echt een probleem, dus we kondigen aan dat we toch gewoon gaan lopen. Gelukkig is de receptioniste te beleefd om nog iets te zeggen, maar de afkeuring is duidelijk van haar gezicht te lezen. Dan denk je dus dat het een hele expeditie wordt. Maar niets is minder waar. Bij het licht van de prachtige sterrenhemel volgen we zonder al te veel problemen het pad, zo af en toe struikelend maar dat mag geen naam hebben. We komen al snel op de weg en lopen naar het centrum. Er is niet veel te beleven, maar we kunnen internetten en in een lokaal restaurantje een stukje pizza eten (na de lunch hebben we niet veel honger!). We moeten nogal lang wachten op de pizza, na enige tijd blijkt dat men de ingrediënten voor de pizza nog even moest gaan halen! Verder eet iedereen gegrilde kip. Er zitten veel werklui in het restaurantje, men kijkt naar een voetbalwedstrijd. Na het eten lopen we weer terug. We moeten even rammelen aan het oude hek voor het klooster, dat er een beetje spookachtig bijligt. We zien bijna geen lichten, alleen vaag de vorm van het klooster. Echt spannend wordt het echter niet, want de portier komt snel aangerend en doet keurig het hek voor ons open.

De weg naar Machu Picchu

De volgende dag dan gaan we dan eindelijk naar Machu Picchu! Machu Picchu ligt boven Aguas Caliente, een piepklein plaatsje tussen hoge bergen gepropt, alleen per trein bereikbaar (of lopend: de Inca trail). Aguas Caliente ligt beneden de 2000 meter, achter de bergen begint het tropisch regenwoud. In de twee uur per trein (van Cuzco is het vier uur) langs de rivier de Urubamba verandert het landschap drastisch: van hoogland met wat groen naar tropisch regenwoud (al mag je dat eigenlijk nog niet zo noemen, dat mag pas beneden 1000 meter). Jacques, die geen zand meer kan zien, is zeer blij met dit uitbundige landschap. Nadeel is alleen het ongedierte, we merken er niet veel van maar na één dag zit Jac geheel onder de bulten, een soort paardenvliegje dat gek is op hem en mij geheel ongemoeid laat (bij muggen is het precies andersom, maar hier zijn geen muggen, daar is het denk ik nog te hoog voor, ideaal!). Vanuit Aguas Caliente kan je alleen lopend of met de bus naar Machu Picchu, een steile weg die met de ene haarspeld na de andere vanaf de rivier de berg op klimt.

Machu Picchu is fantastisch. Het is één van die beroemde plaatsen die in werkelijkheid nog veel meer indruk maken dan op foto´s (vergelijkbaar met de Taj Mahal). Het is erg druk met toeristen, maar het complex is zo groot dat dat niet storend is. Op zich zijn de Inca bouwwerken lang niet zo indrukwekkend als die van de Maya´s, de Inca´s zijn bouwtechnisch wel heel goed maar ze lijken wat praktischer, doelgerichter dan de Maya´s. Complexen hebben altijd een gecombineerde functie: wonen (de eenvoudiger uitgevoerde vertrekken), verdediging (vechten was een zeer belangrijk onderdeel van de Inca cultuur) en religieus (wat deels samenviel met bestudering van de beweging van zon en sterren). Een Inca ruïne op een vlak gebied zoals we aan zee (Pisco) gezien hebben, kan dan ook niet op tegen de Maya piramides en andere bouwwerken. De Inca´s maakten hun daken van hout en stro, zo´n dak blijft maar 6 jaar goed dus dat overleeft de eeuwen ook niet. Verder hebben de Spanjaarden aardig hun best gedaan om alles in puin te slaan en er vervolgens hun eigen kerken op te bouwen. Die overigens tot groot plezier van de diverse gidsen veel schade opgelopen hebben bij de laatste aardbeving (1950), terwijl de Inca grondvesten en restant muren rustig bleven staan. We hebben een geïnspireerde gids (Darwin Paredes), die zich al vele jaren verdiept heeft in Machu Picchu en gepassioneerde verhalen vertelt over het wanbeleid en de corruptie van de regering die met de 500.000 x 20 dollar die de bezoekers jaarlijks inbrengen wel weg weet. Na afloop van de rondleiding kopen we een boekje dat hij over Machu Picchu geschreven heeft, een eenvoudig boekje maar heel aardig met informatie over de Inca’s, over de ontdekkers van Machu Picchu, over astronomische aspecten (oa de zonnewijzer en de zonnetempel), maar ook met foto’s van de planten en dieren die bij Machu Picchu leven.

We zijn echt in Machu Picchu!

Machu Picchu heeft het grote voordeel dat het nooit door de Spanjaarden ontdekt is - alhoewel het bij de opgravingen begin vorige eeuw geheel leeggehaald is door Amerikanen met toestemming van de Peruaanse autoriteiten. De hier gevonden spullen kan je in de VS bekijken op een rondreizende tentoonstelling. Tevens is de locatie tussen de hoge bergen spectaculair. Machu Picchu is zelf ook met veel hoogteverschillen gebouwd, zodat je leuk rond kan klimmen en mooi uitzicht hebt vanaf diverse punten op de ruines (indien gewenst mèt lama!). Na de rondleiding klimmen we naar het hooggelegen ‘huis van de opzichter’ en maken van daaraf de ‘verplichte’ Machu Picchu foto’s. Er dreigen donkere wolken maar gelukkig regent het nog niet. Na nog even doorgewandeld te zijn naar de ‘Inca hangbrug’ gaan we weer naar beneden. In de bus naar beneden begint het te regenen. Zodra we uitstappen begint het hard te regenen. Gelukkig is ons hotel vlakbij (dat kan ook moeilijk anders in Aquas Caliente). Onze hotelkamer ligt direct naast de rivier de Urubamba. De regen dondert naar beneden. De rivier raast steeds wilder langs. Het is de eerste regen die we deze vakantie hebben, maar dan ook meteen een tropische stortbui. Peru is een land van extremen. Wat een geluk dat we net op tijd beneden zijn!

Machu Picchu is absoluut het hoogtepunt van het Peru deel van onze reis. Jac vindt het überhaupt het mooiste van de reis. Zelf vond ik het Andes gedeelte in Chili ook heel erg bijzonder, met het weidse landschap, de prachtige kleuren en niet te vergeten de vicuña's en de flamingo’s! Onze reis zit er nu helaas bijna op, want we vliegen terug naar Lima en vertrekken na een dag weer naar Nederland.

Maar als je wilt kan jij gewoon weer
van voren af aan beginnen! >>>


Terug naar Virtual Traveling home