De naam Begijn.

Waar de naam Begijn oorspronkelijk vandaan komt is onbekend.
Omstreeks het begin van de 12e eeuw ontstonden er nieuwe religieuze bewegingen die de oude regel van Benedictus zinvoller probeerden te beleven en nauwgezetter trachtten toe te passen.
Sommige van die nieuwe religieuze bewegingen bleven binnen de perken van de orthodoxie, andere hadden moeite met de autoriteit van Rome en haar vertegenwoordigers in de lande.
Mogelijk ontstond in deze periode ook de breuklijn tussen Kerk en de vrouw. De Kerk was een mannenmaatschappij waar voor de vrouw op enkele uitzonderingen na, geen rol van betekenis voor was weggelegd.
Het universitair onderwijs was bijvoorbeeld voor vrouwen ontoegankelijk. Er ontstonden enige kloosterbewegingen, waar voor vrouwen plaats was ingeruimd (onder meer de orde van Arrouaise).
Vanaf ongeveer 1150 begonnen vrouwen een vorm van religieus leven buiten alle ordeverband om.
Zij werden devote vrouwen "mulieres religiosae" genoemd.
Zij deden veel aan ziekenzorg en legden geen gelofte af. Men kan zeggen dat dit de eerste begijnen waren, hoewel de naam Begijn eerst later ontstond. Over het ontstaan van de naam Begijn doen vele verhalen de ronde.
Zomaar een foto van een Begijn omstreeks 1960.
Op de eerste plaats zou het kunnen zijn een vernoeming naar "Sint Begga" een beschermheilige uit de 7de eeuw.
De Heilige Begga was de dochter van Hertog van Brabant, Pepinus van Landen en zuster van de Heilige Gertrudis van Nivelle en moeder van Pepijn van Herstal.
Zij was gehuwd met Ansegisel en stichtte na zijn dood het klooster van Andenne.
Dit is de versie waar de schrijver van "Geschiedenis van het Beggijnhof" te Amsterdam" Pastoor J.A. van den Akker in 1870 het meeste in zag en hij speldde de naam en de afleidingen hiervan consequent in zijn boek met twee g's. De Heilige Begga overleed 17 december 693.
Haar feestdag is sinds 1626 haar sterfdag. Ook zijn er bronnen die vermelden dat zij een voorouder schijnt te zijn geweest van Floris de vijfde.

Op de tweede plaats is het mogelijk dat de naam begijn een scheldnaam was voor wie men een ketter achtte en afgeleid is van Albigini of Albigensis, een Latijnse naam voor een lid van de Kathaarse ketterbeweging nabij de Zuidfranse stad Albi.
De Begijnen kregen namelijk aanvankelijk veel smaad en verdachtmakingen te verduren.

Op de derde plaats is de mogelijkheid genoemd door Aegidius van Orval in de 13e eeuw dat de naam Begijn ook kan zijn, de vernoeming naar Lambert le Beque, de Priester van Luik, die omstreeks het jaar 1184 het eerste Begijnhof zou gesticht hebben in Luik.
Waarschijnlijk is dit laatste niet juist, want er was al eerder te Vilvoorden vermoedelijk in 1065 en zeker in 1129 reeds een soort Begijnhof, hoewel dit laatste ook weer achteraf onjuist zou kunnen zijn, want de drie charters van het begijnhof van Vilvoorde van 1065, 1129 en 1151 bleken, zoals door E. Hallman in 1843 is aangetoond, vals te zijn.

Op de vierde plaats de mogelijkheid dat het de naam is voor het wollen habijt (Bigio) dat de Begijntjes droegen.

Op de vijfde plaats is er een nieuwe lichting geschiedkundigen die veronderstellen dat de naam afkomstig is van het Franse woord begg, begayer (stotteren), begueter (mekkeren).
De Begijn was dan iemand die voortdurend gebeden prevelde. Het zuidnederlandse woord popelen betekende gebeden prevelen en in het Frans is dat papelart.
Jacob van Vitry vermeldde in 1240 dat een devote vrouw in Vlaanderen en Brabant beguina werd genoemd, in Frankrijk papelarda, in Lombardije humiliata, in Italie bizocca en in Duitsland coquennunne, allemaal in hun taalgebied spotnamen.

Op de zesde plaats (er komt geen einde aan) was in het Nederlandstalige gedeelte van het bisdom Luik de legende bekend dat Beatrix echtgenote van de Boheemse koning en haar twee dochters Ghiselgundis en Nazarena aan de oorsprong van de begijnen lagen. De naam beghina zou afgeleid zijn van de eerste lettergreep van hun respectievelijke voornamen be-ghi-na.

Kortom, hier is nog veel uitzoekwerk te doen en of er ooit iemand is die de juiste oorsprong van de naam begijn kent?, men zoekt er al 700 jaar naar en laten wij het maar zo laten, het heeft wel enige romantiek.

Terug naar Home
Blad terug
Volgend blad