Vorige    Historie   Volgende

1945

De secretaris begon het jaarverslag aldus: Ik ben verheugd dit jaarverslag in vrede te kunnen maken. De ellendige tijd van angst, honger en kou is voorbij. We zetten er een dikke streep onder en gaan met frisse moed verder. In juli werd reeds de eerste uitvoering gegeven. Aan dit programma werkten mee: humorist L.van Kampen, en let wel, de heren Frans Meijer en H. Menses (twee jongens met een gitaar). De geplande uitvoering in de Rivièrahal, waaraan 5 mandolineverenigingen zouden deelnemen, kon helaas geen doorgang vinden. Aan het eind van het jaarverslag dankt de secretaris de leden van Dorp, Schutter en Schreckel voor hun bijzondere inzet tijdens delaatste oorlogsmaanden. Mevrouw M.van Dorp trad af als penningmeester en werd opgevolgd door de heer P. Schreckel. Het repetitielokaal aan de Zaagmolenstraat werd gewisseld voor de Talmaschool aan de Boezemstraat. Liep eerst het verenigingsjaar van l juni tot en met 31 mei (de jaarvergadering werd meestal in juni gehouden), men ging er nu toe over het verenigingsjaar gelijk te laten lopen met het kalenderjaar. De 2e helft van het jaarverslag werd nu dan ook op 3 februari 1946 samengesteld en doet melding van het feit, dat de vereniging bloeit als nooit tevoren. Er waren 37 spelende leden en 60 donateurs. Op 20 oktober werd een uitvoering gegeven in zaal Lommerrijk aan de Straatweg. Er werden 500 kaarten verkocht. De avondwas een onverdeeld succes. In de grote zaal van Odeon werd een concert gegeven voor onze bevrijders de Canadezen, zoals de heer Snoeij het formuleerde. De brandstofvoorzieningen lieten veel te wensen over, met als gevolg, dat het repetitielokaal in de koude maanden onvoldoende verwarmd was. Dit leidde tot veel repetitie verzuim. Door de jongere leden werd de zaterdagavond steeds meer als uitgaansavond gezien. Een nieuw probleem diende zich hiermee bij het bestuur aan.

Vorige    Historie   Volgende