Vorige    Historie   Volgende

1980

De expansiedrift was enigszins afgenomen. De vereniging telde 28 leden en men besloot om dit ledenbestand voorlopig te consolideren om de heer Baijens de gelegenheid te geven om het niveau van het orkest op een hoger plan te brengen. Activiteiten waren er weer te over. Er werd in totaal 7 maal in het openbaar opgetreden. Daarbij waren 4 bejaardencentra. In akoestisch opzicht lieten de ruimten waarin gespeeld werd meestal veel te wensen over. Het publiek was veelal zienderogen tevreden over het gebodene. Mevrouw Kuipers die o.a. met haar gedicht "Rotterdam ik heb U lief", de harten wist te treffen, deelde bepaald ook in het succes. Bezocht werden: de Wilgenborgh te R'dam, de Valkenhof te Vlaardingen, het Brautigamhuis te R'dam en De Roo van Capelle te Capelle aan den IJssel. Bij het presentatieconcert van de RKS werd hetzelfde resultaat behaald als een jaar tevoren. Geen der andere orkesten evenaarde deze prestatie. Op 3 oktober organiseerde Ĉoline haar eigen concert in Castagnet. Na het optreden van het orkest voor de pauze werd het programma in bruiloftstemming voortgezet. De dochter van de heer Robart, Christine Vink had hierbij de leiding. Het laatste evenement waar Ĉoline dat jaar aan deelnam, was het Verbondsfestival te Velsen. Over het optreden aldaar lezen we in het jaarverslag: “Poesia Alpestri, met het prachtige koraal als middendeel, werd gevoelvol en technisch bekwaam gebracht. Het nummer In een Klokkenwinkel, bleek een enorm succes te zijn. Mevrouw Goeman vertolkte de solopartij op het klokkenspel. De heer Baijens kwam de eer toe, dat hij dit leuke karakterstukje aan de vergetelheid ontrukte en voor Ĉoline bewerkte”. De heer H. Ras voegde zich als gitarist bij het orkest. Er werd een instrumentenfonds in het leven geroepen. Gé Verdonk ging deelnemen aan de door het N.V.v.M.O. georganiseerde dirigentencursus.

Vorige    Historie   Volgende