Definitie
Witte of grijze wolkenbank of wolkenlaag,
in het algemeen met schaduwing, bestaande uit stroken, min of meer afgeplatte
ballen, rollen, enz., die soms voor een deel een vezelachtig uiterlijk
hebben of geen structuur vertonen en die al af of niet gescheiden zijn;
de meest regelmatig gerangschikte kleine elementen hebben gewoonlijk een
schijnbare afmeting tussen één en vijf graden.
 |
Altocumulus floccus
(foto: J. Baartse) |
Ontstaanswijze
Altocumulus komt vaak voor aan de
rand van wolkenlagen, die bij langzame stijging van een uitgebreide luchtlaag
ontstaan.
Altocumulus kan zich ook vormen
door turbulentie of convectie in de middelste etage.
Altocumulus kan eveneens ontstaan
wanneer tenminste enkele elementen van een Cirrocumulusveld groter of dikker
worden of wanneer de elementen van een laag Stratocumulus kleiner worden
of door het opbreken van Altostratus of Nimbostratus.
Ook het uitspreiden van Cumulus-
of Cumulonimbuswolken kan tot het ontstaan van Altocumulus leiden. Altocumulus
in de vorm van lenzen of amandelen ontstaat gewoonlijk in een vochtige
luchtlaag bij stijgende bewegingen tengevolge van het reliëf van het
terrein.
Samenstelling en uiterlijk
Altocumulus bestaat, althans voor
het grootste gedeelte, vrijwel steeds uit waterdruppeltjes; bij zeer lage
temperaturen komen er ijskristallen in voor.
Altocumulus komt meestal voor als
een laag of een uitgestrekte bank, samengesteld uit elementen (wolkjes),
die vrij regelmatig zijn gerangschikt (Ac stratiformis). Soms verschijnen
de wolkjes in langgerekte evenwijdige rollen (variëteit undulatus),
die duidelijk van elkaar gescheiden zijn door open banen.
In zeer zeldzame gevallen vertoont een
Altocumulusveld kleine, min of meer regelmatig gerangschikte ronde gaten,
die voor het merendeel gerafelde randen hebben en de wolk het uiterlijk
geven van een netwerk of een honingraat (variëteit lacunosus).
Altocumulusvelden komen vaak tegelijkertijd
op twee of meer niveaus voor (variëteit duplicatus).
Altocumulus wordt eveneens waargenomen
in de vorm van lens- of amandelvormige schollen of banken, die vaak zeer
langgerekt zijn en scherpe omtrekken bezitten (Ac lenticularis). Deze schollen
of banken kunnen zowel uit kleine elementen zijn samengesteld, die dan
dicht opeen zijn gegroepeerd, of uit een min of meer effen geheel bestaan.
In het laatste geval zijn de wolken duidelijk geschaduwd.
 |
Altocumulus lenticularis
(foto: onbekend) |
Minder vaak verschijnt Altocumulus in
de vorm van geïsoleerde toefjes, waarvan de onderkant er enigszins
rafelig uitziet; deze wolken gaan dikwijls vergezeld van vezelachtige valstrepen
(Ac floccus).
Een andere, even zeldzame vorm van
Altocumulus heeft het uiterlijk van een rij torentjes, die van een gemeenschappelijke
horizontale basis oprijzen (Ac castellanus).
De doorschijnendheid van Altocumuluswolken
kan sterk uiteenlopen. In sommige gevallen zou de plaats van de zon door
het grootste deel van de wolk kunnen worden waargenomen (variëteit
translucidus); in andere gevallen is de wolk zo ondoorschijnend, dat de
zon er geheel achter schuil gaat (variëteit opacus).
De onderkant van ondoorschijnende
Altocumulusvelden bezit dikwijls een regelmatig reliëf, waarin de
vormen van de afzonderlijke elementen zich duidelijk aftekenen.
Altocumuluswolken vertonen bijna
altijd enige schaduwing. Een krans of paarlemoeren glans (irisatie)
wordt veelvuldig in Altocumulus waargenomen. In ijskristallen die uit Altocumulus
vallen, kunnen soms haloverschijnselen in de vorm van bijzonnen of lichtzuilen
worden waargenomen.
Voornaamste verschillen
Tussen Altocumulus en andere wolkensoorten
van daarop gelijkende geslachten.
Uit Altocumuluswolken ontstaan soms
valstrepen met een vezelachtig uiterlijk (virga).
Wanneer dit het geval is, zijn de wolken, zolang een gedeelte ervan geen
vezelachtig uiterlijk of een zijdeachtige glans vertoont, te beschouwen
als Altocumulus en niet als Cirrus.
Altocumulus kan soms met Cirrocumulus
worden verward. In twijfelgevallen zijn de wolken per definitie Altocumulus,
indien er schaduwing in is waar te nemen, zelfs als de elementen een schijnbare
afmeting van minder dan één graad hebben.
Wolken zonder schaduwing zijn per
definitie Altocumulus, indien het merendeel der regelmatig gerangschikte
elementen, wanneer zij op een hoogte van meer dan 30 graden boven de horizon
worden waargenomen, een schijnbare afmeting heeft tussen één
en vijf graden.
Een laag Altocumulus kan soms worden
verward met Altostratus; in twijfelgevallen worden wolken Altocumulus genoemd,
indien er enige aanwijzing bestaat voor de aanwezigheid van elementen,
die op tegels, rollen, ballen, enz. lijken.
Altocumulus met donkere gedeelten
kan soms worden verward met Stratocumulus. Indien het merendeel van de
regelmatig gerangschikte elementen, wanneer zij op een hoogte van
meer dan 30 graden boven de horizon worden waargenomen, een schijnbare
afmeting heeft van één tot vijf graden, is de wolk Altocumulus.
Altocumulus, voorkomend in verspreide
toefjes, kan worden verward met kleine Cumulusvelden; de Altocumulustoefjes
vertonen echter vaak vezelachtige valstrepen (virga)
en zijn bovendien voor het merendeel kleiner dan dergelijke Cumulusvelden. |