TERUG  
offergave      
       
woensdag  19 augustus
     
Samen met de zon om zes uur op. Ontbijten en dan langs de      
Uitzicht tijdens ontbijt. Ni-Polok legongdanseres

Ni Pollok
(foto:Tauchert)

klik hier voor foto's
 
zee naar het noorden. Eerst naar het 'Majeur museum'. Adrien Majeur, een in 1880 geboren Belg, kwam hier in 1932, trouwde de Balinese Legong-danseres Ni Pollok en schilderde haar de rest van zijn leven. In een overdadig versiert huis, dicht bij zee, hangen zijn schilderijen. Enkele mooie. Johan Fabricius, die hen regelmatig bezocht, schreef in 1941 geïnspireerd door Ni Pollok de roman 'Bali eiland der demonen'. In de met planten overwoekerde tuin staat in plaats van een Balinese god een beeld van Majeur in een tempeltje. Ervóór is voor beiden een gedenkplaat.  
We lopen verder. Het witte strand is hier zwart geworden. Het donkere zand is van de vulkaan hierheen gespoeld. In de zon schitteren miljoenen blinkende sterretjes tussen het zwart. Het is mica. De zee heeft hier een vreemde, doorschijnende, lichtgroene kleur. We lopen voorbij een ritueel waarbij kinderen onder water worden gehouden en even later voorbij een aantal Balinezen die aan het vliegeren zijn. Na een warme wandeling bereiken we de 'krokodillenfarm'. Het blijkt een recreatieoord te zijn: 'Taman Rekreasi Agung'. Groots opgezet. Door het geldgebrek dat er nu is maakt het een vreemde indruk. In weelderig gemeubileerde ruimtes met massale restaurants is niemand te zien. In een grote eetzaal staat een gids of bewaker. Het is een hier tewerk gestelde gereformeerde predikant die klaagt over de lage verdienste en de toestand van het land. Dit park heeft tien miljoen dollar gekost. We zien maar een handvol bezoekers. Clinton en Beatrix waren hier en kregen een krokodillenleren tasje van Soeharto. Krokodillen zijn er nu ook nog, maar er is geen geld voor voedsel. De bezoeker kan de dieren voeren als hij vlees koopt. Ook zijn er slangen en een grote volière met tropische vogels. We zijn er een uur lang de enige aanwezigen. Er zijn aparte volières met zeldzame soorten. Een verzorger, een ornitholoog, verontschuldigt zich dat er maar twee  vogels over zijn.  
Terug naar Respati, onder de douche en naar het strand. Ik loop door het water naar het rif. Een jongen schept visjes uit zee en verpakt ze voorzichtig in plastic zakjes. Prachtige vormen in technocolour.  Ze zijn bedoeld voor buitenlandse aquariums. Als ik terugloop zwikt mijn voet om door de ongelijke koraalbodem. Opeens een snijdende pijn. Terug op het strand zie ik blauwe vlekjes en zwarte puntjes op mijn enkel. Er wordt een masseuse bijgehaald. Een Duitse vrouw is zo tactvol te zeggen: "Mein Sohn hatte das auch in Amerika. Er war lange und schwer krank."  Ook andere badgasten kijken bezorgd. zee-egel

black sea-(eagel)urchin
 
Het blijkt een zee-egel te zijn. Door het omzwikken waren de lage waterschoenen ontoereikend. Met een gladde ronde steen worden de naalden die in de voet zijn blijven steken plat geklopt. De donkerblauwe vloeistof die dan verschijnt wordt eruit gedrukt. Daarna komt er wit sap van de 'nètru' op, een kruid dat op wier lijkt. Tamelijk pijnlijk allemaal.
De foto's van de bruiloft halen we 's avonds op. Ze zijn goed gelukt. Maar die van het regenwoud zijn wazig door de condens in het toestel.

     
Donderdag 20 augustus.      
Omdat verschillende mensen bleven vragen ;"Have you seen the docter?", wilde ik de docter wel zien. "But the docter liked to see me." Om tien uur komt hij met zijn assistente. Beiden in het wit.  Omdat ik heb gesproken over een 'sea eagel', ('sea urchin' moest dat zijn) verwacht hij dat ik ben aangevallen door een zeearend, een roofvogel zo groot dat hij ook wel 'een vliegende deur' wordt genoemd. Het valt hen wat tegen.      
Enfin...  Ook hij beklopt mijn enkel en smeert een zalfje. Hij schrijft een driedaagse antibiotica- en anti-allergicakuur voor. De Duitse mevrouw belooft dat ze me  'die Daumen  wird drücken'.      

Vandaag doen we verder rustig aan. Even naar het strand. Te heet
     
ontspannen tussen zwembad en zee rif  
daar. Dus maar lekker onder de  parasol bij het zwembad. De masseuse komt informeren naar de enkel. Ze stelt voor om Marianne te masseren. Ze doet dat deskundig en grondig. Het duurt meer dan een uur en het is zo prettig ontspannend dat we vragen of ze volgende week terugkomt. Met de waterschoenen aan maken we nog een wandeling in zee. We zien  mooie vissen en kleurige schelpen. Ook enkele zwarte zee-egels. We doen nog een paar boodschappen en gaan niet te laat onder de klamboe. Morgen gaan we naar Kuta. Naar de hoge golven.


   
vrijdag 21 augustus strandhuis in kuta

strandwacht

 
Of het komt door het kruidensap, de antibiotica of het Daumhalten weet ik niet. Of misschien door de zeven tjakken van de tokey enkele dagen geleden (Hoe lang werkt zoiets?). Last heb ik niet meer. We zijn nu in Kuta. Er is een mooi zandstrand. Zachter dan de koraalkorreltjes in Sanur. In zee staan de surfers naast hun surfplank te wachten op 'the big wave'. Dan kruipt iedereen vlug op zijn plank. De meesten liggen na een paar tellen weer in het water.  
Het is erg toeristisch. We blijven niet zo lang. Het busje terug is tamelijk gammel. Er is iets mis met de schokbrekers, als die er al zijn. Het lijkt of je in een bootje zit. We houden ons ieder aan een kant heel stil om omslaan te voorkomen. De bestuurder praat over de toestand in Indonesië. Habibi vindt hij een kletsmajoor. Hij krijgt geld van vrienden uit Australië om zijn kinderen te laten studeren.  
Terug in het hotel worden we echte toeristen. Vlak bij zee, naast het zwembad onder palmbomen en bougainvillea. Op het tafeltje een glas fruit juice naast stukjes pisang goreng, eenvoudige lectuur en een boekje met Zweedse kruiswoordpuzzels. Blauwe lucht met onbekende vogels en vlinders. Masseerdames binnen wenkbereik en niets-aan-de-hand-muziek op de walkman.

 
zaterdag 22 augustus    
 
We gaan vandaag naar de hoofdstad Denpassar. We willen daar wat boekjes kopen over de natuur van Bali. Bovendien werkt het fototoestel niet meer naar behoren en proberen we een goede fotohandel te vinden. De man bij de lobby van het hotel moeten we eerst duidelijk maken dat we niet van zijn diensten willen gebruikmaken. Elke keer als we voorbijgaan vraagt hij wat we van plan zijn en probeert alles voor ons te regelen. Hij komt voordurend met voorstellen voor uitstapjes.  Buiten het hotel wachten de chauffeurs met hun "Transsport...? Transport...?"  Wij antwoorden met "Jalan! Jalan!". Lopen dus. Even later stappen we toch in een auto richting  Denpassar.    
 
Het is een grote stad met  veel arme mensen. Het is moeilijk om hen zomaar voorbij te lopen. Ze hebben geen geld voor eten, onderwijs of dokter.  Ze zijn erg mager en sommigen hebben last van huiduitslag.   
Later bezoeken we een markt.  Hij is overdekt en er is van alles te koop. Textiel, groente, kruiden, vis en fruit. In grote hoeveelheden. Dikwijls kunstig in piramidevorm opgestapeld. Wat een tegenstelling met de armoede buiten. Iedereen nodigt je uit bij zijn tafel of kraampje. Overal hangen geuren. In Denpassar is ook de Mata Hari. Het is een groot warenhuis met airco en luxe. Een paar touristen zijn de enigen die er rondlopen. Misschien om even uit de hitte te zijn. Wij wel in ieder geval. Natuurboekjes zijn er niet. Evenmin is er iemand die het fototoestel kan nakijken. gestapeld fruit  

     
zondag 23 augustus      
Een tochtje  met de bus van de reisvereniging vandaag. Het is een gekoelde bus met enkele Nederlanders en een Nederlands sprekende Inlandse gids. We gaan over de bergen van Midden Bali. Het is er mistig en regent regelmatig . Op een markt kopen we bamboezaadjes en plantjes. 'Ze kunnen tegen de vorst', zegt de verkoopster. Zou ze ooit vorst hebben meegemaakt ? oogst

het dorsen van rijst
 
We bezoeken een tempel aan een meertje, een waterval en komen tenslotte bij de Javazee met zijn zwarte strand. Op de weg terug komen we langs velden waar vrouwen aan het dorsen zijn. Ze slaan hard met een bussel rijst op een zeef. Een dag werken brengt één euro op. Marianne probeert het ook eens. Het lukt, maar het is bij deze hoge temperatuur erg vermoeiend. Eromheen zitten vrouwen die de nog vastzittende korrels met een kapmes eraf slaan en meenemen. Daarom dorsen de anderen iets minder zorgvuldig. Ik moet helaas opmerken dat de meeste Nederlanders zich als boerenkinkels gedragen. Weinig belangstelling voor de omgeving. Vervelende opmerkingen over de Inlanders en hun gewoonten. Wel op de terugweg overdreven luidruchtig en platitudes uitwisselend met de gids, die zich populair maakt met Nederlandse clichés en flauwe opmerkingen. Eén georganiseerd reisje vinden we genoeg.

 
maandag 24 augustus    
 
Na het ontbijt gaan we naar het rif met een 'glassboat'. Het rif is bij de overgang tussen het licht- en donkerblauwe water op de foto hieronder. Tussen veelsoortig en grillig koraal dwarrelen grote en kleine kleurige vissen in een stille, smaragdgroene wereld. Er zijn roggen, reuze-neontetra's, steen- maan- en egelvissen. Ook zwemmen er regelmatig leeuw- blad- haviks- papegaai- schorpioen- glas- pincet- dokter- keizers- en napoleonvissen rond  in de riffen ten oosten van Bali. En sweetlips. Ze zwemmen alleen of in golvende scholen. De bestuurder van de boot vertelt dat hier ook de dodelijke blue bottle yellyfish rond zwemt. Hij is vergelijkbaar met een weekdier genaamd  'Het Portugees Oorlogschip'. Tegen zijn gif is geen kruid gewassen en alleen kerngezonde mensen overleven het. rifvissen  
klik op de vissen hierboven voor een onderwaterfilmpje van het rif in Oost Bali 
Bij zwembad van Respati    
 
 
Later bij het zwembad, probeert een Engelse adonis, tot ergernis van zijn vriendin, voortdurend  bij een Italiaanse in het gevlei te komen. Als hij haar ongenoegen merkt knuffelt hij haar uitbundig, wat de Italiaanse weer niet kan waarderen. De blikken die de twee vrouwen elkaar toewerpen laten zien dat je niet dezelfde taal hoeft te spreken om elkaar te begrijpen.      
We zien een  vlinder die net zo oranje is als de bourgainvillea boven ons. Soms lijkt het of een bloesemblaadje terugvliegt naar de plant.      
Als we terug zijn van een tochtje naar Denpasar hebben we met Wayan Cikra een geanimeerd gesprek over Indonesië en Nederland      
Met een smakelijke rijsttafel herdenken we daarna dat we  vijfentwintig jaar geleden trouwden en sluiten de dag af met een fles  Balinese wijn.
     
dinsdag 25 augustus      
Om negen uur vertrekken we naar Ubud, het schilderstadje midden op het eiland. We gaan over een rustige weg tussen mooie natuur en rijstvelden. Aangekomen in Ubud gaan we naar het 'World Bamboo Center'.  We komen langs het 'monkeyforest' met veel verwende makaken. Als ik zelf één van de meegebrachte pinda's eet, klimmen er twee tegen me op en proberen het zakje weg te grissen. Dus eet ik de meeste op, terwijl ik van de makaken tijdelijke slingerapen maak. Het 'Bamboo Center', 'Mick Jagger was here!', ligt aan een zandweg in een gehuchtje buiten Ubud. Er worden een twaalftal soorten bamboe gekweekt en er zijn allerlei producten van bamboe te zien. Meubels, gebruiksvoorwerpen en kokerdoosjes uit Nieuw- Guinea. De natuur rondom is erg mooi en zoals te verwachten is het al bamboe wat de klok slaat. Zoals het bruggetje dat over een riviertje diep beneden ons gaat en dat Marianne samen met haar hoogtevrees dapper oversnelt. makaken   
(foto van Lieke (!) )
 
 
   
Het huis met de meubels is helemaal van bamboe.      
Ook is er een huis helemaal gemaakt van bamboe. Onze begeleidster, te zien hierboven, zingt  een liedje over bamboe. Het doel van het centrum is het promoten van deze plant en het beschermen van het Indonesische regenwoud. bamboe  
Daarna zijn we in een galerie geweest met traditionele en quasi-moderne schilderijen. Niet erg bijzonder. Sommige met afbeeldingen uit het leven van de Balinezen zijn mooi maar prijzig.  
Ons eten 's avonds aan het strand wordt begeleid door de klanken van reggae-muziek. De muziek klinkt stevig. De zanger zingt met een zoet stemmetje 'No woman, no cry.' Maar toch blijkt ook hij een sheriff doodgeschoten te hebben, 'but he didn't shoot no deputy.' TERUG  
DERDE WEEK
En dat valt dan weer mee.