Eerste deel eerste akte

 

Op toneel: tafel met stapel telefoonboeken, stoel

 

Speler Tonnie Haas zoekt in telefoonboeken, kan namen niet vinden, zucht, staat op en loopt heen en weer.

 

Tonnie: Hoe kan dat noe, hoe kan dat noe. Ze bint gewoon niet te vinden.

 

            (draait zich naar de zaal toe)

 

Tonnie: Ja, snapt ulle dat noe. Ik ben sinds kort lid van KAJAK en noe heb ze mie evroagt of

ik mee wille helpen met iets in elkaar zetten in verband met het tienjoarig bestoan van KAJAK. Noa, doar had ik natuurlijk gin bezwoar tegen, ik wil doar bes mee helpen, moar ik zegge, ik ben pas lid, hoe kom ik te weten wat er vanaf tien joar geleden allemoal gebeurd is.

 

            (loopt naar de tafel en laat het briefje zien)


Tonnie: Toen kreeg ik een liessie met namen van oude leden en die mos ik mar belln want

die wissen der stuk veur stuk allemoal heel velle vanaf.

 

Tonnie heel verontwaardigd: Mar ze stoat geen van allen in het telefoonboek. Ik heb heel

Twello deurekeken.

            Keie steet der niet in

            Hakke steet der niet in

            Pilatus steet der niet in

            Jochem steet der niet in

            K.G., K.G. Ja, wat heb ik der ok an as ze mie alleen de veurletters geeft.

            Zijn (Xeno) steet der niet in

            Jan van Bart, Jan van Graas stoat der niet in

            Schuurtje steet der niet in

           

            (bladert in telefoonboek, dan hard)

 

Tonnie: Familie De Knuppels steet der niet in

Mar wacht es effen, loak es effen kieken bij Zutphen en dan onder de s. Ja, want in Zutphen woont tegenwoordig ok een van de oud leden, namelijk de heer Stoffie.

 


 

Tweede gedeelte eerste akte

 

Op toneel: Het geraamte van KAJAK, bouwvakkers aan het werk, betonmolen, twee aan het stenen bikken, spreker staat achter een soort preekstoel, doek blijft nog dicht.

 

Spreeker:       Het samen komen met zijn allen

Is niet toevallig in 1985 gevallen

De reden is u inmiddels vertrouwd

10 jaar terug is clubhuis KAJAK gebouwd

Wij vinden KAJAK nog steeds heel plezierig

Daarom zijn wij naar het ontstaan ervan, zeer nieuwsgierig

In archieven, notulen en statuten gedoken

We hebben daarom met een aantal oude leden gesproken

En trokken de conclusie toen al gauw

Dat het er zo uitzag bij de bouw

 

            (doek gaat open, timmeren, stenen, bikken, betonmolen en een hoop lawaai)

 

Spreker:         De materialen komen van familie De Haan

Hun bungalow heeft eens aan de Twellose beek gestaan

Voorzitter Wyten dacht het in een week af te breken.

 

Hennie (verontwaardigd): Ja, mar doar heffe zich goed op verkeken, want dat duren gelijk

al vier weken.

 

Harrie:  Ja, slopen is makkelijk, mar aj het heel wult holden, heel moeilijk.

 

Spreker:         Op Bussloo zijn stenen gekocht, heel geschikt

            Mar op zondagmiddag moesten ze eerst worden gebikt

 

Paul: Noe goa we naar Bussloo um steen bruun te bakken, toen mossen wie stenen bruun

bikken.

 

Spreker:         Een bar is zeer belangrijk, zoals u nog wel weet

Daaraan werd door Jan van Dart zeer veel zorg besteed

Voor het koel houden van het Heineken, heerlijk helder

Groef men in de keuken een behoorlijke kelder

Een van de leden vond de begroting te duur

En kwam met een heel bijzonder voorstel bij het bestuur

 

            (speler komt aangelopen, iedereen is druk aan het werk)

 

Tonnie: Wulle kunt KAJAK beter helemoal onder de grond maken, volgens mie is dat velle en

velle goedkoper.

 

Spreker:         Na een lange periode van bouwen

                        Begon de opkomst van de leden wat te verflauwen

                        Snel riep men in een vergadering de leden bij elkaar

                        Het clubhuis was intussen half klaar

 

Harrie (opgewonden): Ja, dat kank mie nog goed herinneren. Ik kriege het nog kold ak der

an denke. Halve muren, geen ramen, geen deuren, geen verwarming en kold! Kold!

 

Toos: Met dikke jassen an hew doar ezeten.

 

Spreker:         Uiteindelijk na heel, heel velle wark

                        De opening door wethouder Van Ark

                        Een pracht clubhuis wat ze bouwden

                        Een open huis is daarom gehouden

 

Hennie: Ja, dat was met recht een open huis, want K.G. was s middags nog bezig met

afhalen van het dak. Dat zat scheef volgens hum.

 

Spreker:         Niet alles verliep altijd naar wens in het KAJAK leven

                        Een van de twee grote zwarte kachels hef het met een knal begeven

 

Paul: Ja, dat weet ik nog wel. Alles was zwart. De vloer, de bar, de tafels, alles! En Hakke die

stond der vlak bie en was ok hastikke zwart.

 

Harrie: KAJAK leek wel Lawa-mena!

 

Spreker:         Veur de bouw heb Keie en Hakke spullen ehaald op de Martinushof

                        Dat werd nog lange tijd reden tot gesprekstof

 

Tonnie: Ja, dat werd het zeker. Wat deden ze namelijk, de sukkels. Ze waren met een trekker

en vergaten toen de rem der op te zetten. Toen ze terugge kwamen, stond de trekker op

een andere plaatse en wel tegen een andere auto an. En het mooiste was, der stond een klein jochie bij te kieken en die zei: Ik zag um gaan en ik dache nog, doar geet ie!

 

            (liedje Marcel en Helma; melodie Jan Klaassen)


 

Tweede Akte

 

Op toneel:       Mariet staat achter de bar

Paul Stens is Ben M. ofwel Hakke

Sjonnie IJ. is Ton S. ofwel Keie

Tonnie H. is Jan Ha. ofwel K.G.

Yvonne B. is Theo B.

Mariet komt het toneel op, doet de lichten en begint de bar schoon te maken

 

Mariet: Ha Hakke, Keie, hoe is het nou?

 

Hakke: Prima, maar doe effen twee pilsjes in.

 

Mariet: Hoef ie zelf niks dan.

 

Hakke: Ja, natuurlijk wel, wat dach ie dan?

 

K.G. (komt binnen): Hoi luitjes!

 

Mariet: He KG, alweer nuchter van de voetbalwedstrijd van zondag in Enschede?

 

K.G.: Allang hoor.

 

Keie: Hoeveel rode kaarten heb je gehad?

 

K.G.: Och, 8 keer maar, maar ik heb lekker 8 keer voor niks gezopen en dat kunnen jullie niet zeggen.

 

Mariet: Hoezo dat dan?

 

K.G.: Nou, elke rode kaart was goed voor een consumptie, dus je deed net zo lang gemeen totdat je een rode kaart kreeg en dan ging je lekker in de kantine gaan zoepen.

 

Hakke: Trouwens, Keie, waar heb je die mascotte gelaten?

 

Keie: Die hef mien va eslacht, moar dr zat een beetje weinig vleis an, maar dat komt denk ok

van al dat sjouwen watte hef edoan op dat voetbalveld.

 

K.G.: Ja, dat was een mooi gezicht, op dat voetbalveld.

 

Mariet: Zeg, over dat voetballen gesproken. Hebben jullie al een team voor volgende week

zondag?

 

Keie: Verrek, dat is waar ook, dan mot we weer tegen koetshuus  voetballen. Hee, doen jullie

dan nog mee?

 

Hakke: Ja, das prima. Maar dan mot ik mien scheenbeschermers eerst weer opzoeken.

 

K.G.: Ja, ik doe ook wel mee. Dat wordt weer een potje agressief voetballen.

 

Mariet: Hee Hakke, dan vraag ie toch an Theo of e mee doet met zn kippepoten. Dat stinkt

als een gek en dan blieft ze vanzelf wel uut de buurte.

 

Theo (komt toneel op): Morgen!

 

Keie: Wulle hadden het net over oe.

 

Theo: O ja, wat dan?

 

Mariet: Ik had het net over de kippepoten van oe.

 

Theo: Die van de alternatieve modeshow?

 

Hakke: Ja, Mariet zei net al, die kippepoten kun je volgende week wel om doen als we tegen

koetshuus moet voetballen, want dat stinkt zo dat ze niet bie oe in de buurte zult komen.

 

Keie: Trouwens, Theo, doe jij nog mee?

 

Theo: Ik zal het de kippepoten vragen, maar t is wel goed. Ik doe wel mee.

 

K.G.: Mariet, doe effe een rondje van mij in. He Keie, je had donderdag avond mee moeten

gaan naar kookles, het was weer een mooi zooitje. Dat mens van Bokdam kon ons niet meer an en noe hef ze hulpe van ene juffrouw Beumer.

 

Keie: Is dat ok zon rare?

 

Theo: Dat valt nog wel mee. Trouwens, K.G., heb jij mijn gas hoger ezet, mien panne was

pikzwart en van mien bloemkoolsausje was ok niet felle meer van over.

 

K.G.: Nee, dat heb ik niet gedaan, volgens mien was het er ene van Koers.

 

Hakke: Zeg Keie, hoe laat waren die jongens van Koers er laatst weer van de dropping?

 

Keie: Umme half ene s nachts.

 

Mariet: Wat heb die danne doan?

 

Keie: Die heb tot s avonds half twaalfe doar elopen, en toen zaten ze in Raalte en ze mosten

in Heeten uut kommen. Dus heb ze de envelop los etrokken en heb ze opebeld. Ze wisten niet hoe ze thuus mosten kommen, want ze hadden niet genog geld bie hun veur de busse. Toen heb de taxi enommen en om half een stonden ze bie mie aan de deure, want ik zou de taxi betalen.

 

Mariet: Jij?

 

Keie: Ja, uut de pot van KAJAK. Wat dach jij dan, dat ik dat zelf betaal?

 

Theo: Mariet, doe even een rondje in. Doe mij even een klein glas erbij.

 

K.G.: Weet je waar mij dat aan doet denken, aan die uitwisseling vorig jaar in Duitsland.

Theo, weet je dat nog, in die kroeg?

 

Theo: Ja, waar wij alle glazen probeerde mee te jatten. En dat de kroegbaas toen de jutte

opbelde omdat al zijn glazen bijna weg waren.

 

K.G.: En toen moesten wij van de jutte alle glazen weer terug geven. Maar volgens mij heeft

ie maar de helft terug gekregen.

 

Theo: En omdat wij gasten waren deden ze verder niets.

 

Hakke: En weet je nog van in de kerk dat wij allemaal bij elkaar gingen zitten, en dat mocht niet want de jongens moesten in de ene rij gaan zitten en de meisjes in de andere rij.

 

K.G.: Zelfs de burgemeester kwam in de kerk om voor ons een toespraak te houden.

 

Mariet: Zeg boys, het wordt tijd om te gaan sluiten. Ik moet morgen ook weer vroeg op, dus drink je bier op.

 

            (men drinkt op, groet Mariet, Mariet maakt de bar schoon en gaat weg)


 

 

Eerste deel derde akte

 

Tonnie (loopt naar deur en kijkt naar buiten): Ik geleuve dat ze der allemoal wel bint. Het

is al net as tien joar geleden; aj iets organiseert woar gin polonaise an te pas kump, komp der mar een paar leden opdagen.  Ja mensen, ulle weet wat wie vanovend op het programma hep stoan. Der is vanovond gin Rock and Roll feest, gin 15 gulden feest, gin cowboy feest, gin pyama feest, mar wie hold noe ens een keer een herinneringsfeest. Dat wil zeggen dat wie vanovend ens gezellig allerlei herinneringen goat ophalen die in het 10 jarig bestoan van KAJAK gebeurd bent.


Harrie: Denk ie daj dan an een ovend genog hept?

 

Tonnie: Wie ziet wel hoeverre wulle komp. Mar ja, tien joar is natuurlijk wel een hele tied en

heel velle zal dan ok wel vaste-roest wesen in ule geheugen. Mar gelukkig weet KAJAK ok met der tied mee en is der een computer aaneschaft. Jawel, een computer die het geheugen kan opfrissen. Een zogenaamde geheugendetector. Die zet ik op ulle kop en dan stel ik um in op KAJAK. Dan kujt  oe zo goed herinneren! Het is net oj der zelf bie ewes bent. Het programma is basic. Dat kent ulle toch wel. Ja, dat leert ze allemaal tegenwoordig op de middelbare scholen.

 

(zet bij Hennie de Croon een haardroger of iets dergelijks op)

 

Hennie: Ik herinner mie daw een keer met karnaval een grote muppet emaakt hep. Dat ding

mos helemoal emaakt worden van strotouw. Overal bew henewes veur strotouw. Op het laatst was der in de verre umgeving gin boer meer die nog touw in huus had.

 

Paul: Noe ie het over touw hep. Dat dut mie denken an Wim Berends. Met de Poashase

hadden wie op touw neudig en he zol dat wel effen halen in KAJAK. Mar het was glad bie KAJAK en toen reed he met zijn auto tegen de wagne van Croon an. Degene metegoan was kwam met de fietse terugge. Wulle zeg tegen um, woar is Wim? Oo, zegge, die is noar huus want he mos nog helpen voeren.

 

Tonnie: Ik zal um ens effen op uutwisselingen zetten, ens kieken of doar nog het een en ander

boven water kump.

 

Toos: Uutwisselingen ja. In Maarssen kwamen wie met een grote busse van 54 personen an.

Mar die lui schrokken zich kapot toen der mar 8 Kajakkers uutkwamen.

 

Yvonne: Bie de uutwisseling met Schalkwijk hew ze as geschenk een bok aaneboden. Ja, niet

zomaar een bok. Nee, eentje met een KAJAK T-shirt an.

 

John: Paul Stroatman hef in Schalkwijk toen zien koffer vergeten. Thuus vonnen ze dat niet zo

leuk en de volgende dag is he met de eerste trein die liep weer terugge egoan.

 

Hennie: Bie de uutwisseling Spierdijk heb noa een strandwandelin negen leden de busse

emist. Met negen man in de auto bent ze de volgende dag vanuut Noord Holland noar huus ekommen.

 

Harrie: Ja, en met de uutwisseling Weerselo dan. O, dat weet ie ok nog wel Paul. Spel ie ens

effen Jos Bouwmeester.

 

(Paul gaat op de grond liggen)

 

Harrie: Jos liep op de stroate, mar der kwam net een auto an. Jos kon niet meer uutwieken en

kwam deronder. Iedereen dach an een ernstig ongeluk en loap der hard noa toe. Jos dreijt zich moeizaam umme en het eerste watte zeg

 

Paul: Wie dreijt der een shaggie veur mie?

 

Tonnie: Loak het zelf ok ens proberen. Met een uutwisseling hew ok een keer met een busse

een wildtocht  ehad deur de kroondomeinen bie Apeldoorn. De buschauffeur en de gids zeiden: Geen alcohol in de bus, geen alcohol. Wie hadden ok gin alcohol, mar de binnenzakken puulden uut van de halve liters. Op een gegeven moment zeg die gids: Kijk, deze boom is van prins Bernhard, die is door de prins gepoot. Wat prins Bernhard, riep toen Stofie, niks van prins Bernhard, die boom is betaald van onze belastingcenten.

 

John: Noe ie het toch over een busse hep. Een keer bew met een busse noar Best ewes in

verband met carnaval. Op de terugweg hadden wie net veur Arnhem op de snelweg een pp.

 

Yvonne: Een pp?

 

John: Ja, een pispauze. Wie menen dat iedereen in de busse was, dus de chauffeur reed deur.

Mar noa een kilometer of tien bleek plotseling dat Jos der niet bie was. De buschauffeur wol niet meer terugge en Jos is toen opepikt deur de politie. Met alleen zien carnavalspakkie an is het toen s maans met de eerste trein vanuut Arnhem hier opan ekommen.

 

Tonnie: Een keer met een uutwisseling met de Duitsers bew, noadat KAJAK dicht was, verder

feest goan vieren bie Hurenkamp op de dele. Wulle hadden al een hoop bier ehad, dus wie kregen eerst koffie van Schuurtje. Toen had he van die hele mooie kommetjes en wolle an die Duitsers uutleggen dat ze die niet kapot moggen gooien.

Toen deed he zo:         (pakt kopje)

                                                Mag niet kaput

                                                Niet kaput machen

                                                (kopje kapot gooien op de grond)

                                                Das mag nicht!

 

Tonnie: Noa, ik dagge dat wie met gemak heel wat opehaald hep. Ik zol zeggen, nog een

ronde en dan scheidt wie der mee uut. Mar wel kort holden he!

 

Hennie: Met een ledenvergadering vroegen ze iemand veur de vormingscommissie. Doar was

echter niet zovelle anomo veur. Niemand wol derin. Toen kump doar een van die beeldschone vrouwelijke leden binnen. Hier die kan wel in de vormingscommissie, riep ene van de leden, moj zien wat een vorm.

 

Tonnie: Wel kort houden jongens.

 

Yvonne: Onze mascotte is der altied bie, mar veurdat wulle wat wint, duurt denk ik nog wel

tien joar.

 

John: Met het poasvuur hew per ongeluk bie het verkeerde huus een hele stapel open haar

hold wegehaald.

 

Harrie: Veur ons clubblad de Toekomst is der een interview ewes met mevrouw Niesink. Op

een vroage wat ze van de Kajakkers dag, antwoordde ze:

 

Toos: Het bint geleuve ik allemoal hele slimmen.

 


 

Tweede deel derde akte

 

Op toneel: Hennie, Harry en Helma zitten aan de bar, Mariet erachter, Paul en Sjonnie zijn aan het tafeltennissen, Yvonnen, Toos, Marcel en Tonnie zijn aan het kaarten.

 

Toos: Marcel, let toch eens op, of ben je nog slecht van het zeevissen gisteren?

 

Tonnie: Och wat, hij is helemaal de boot niet op geweest. Hij durfde niet. Een been had hij

op de boot staan, toen ging hij terug.

 

Marcel: Maar ik en Theo zijn mooi aan het stappen geweest in Den Helder.

 

Yvonne: Zijn er meer zeeziek geweest?

 

Tonnie: Ja, zes man was er nog maar aan het vissen. De rest was zo slecht als wat.

 

            (Paul vindt een pistooltje in de hoek)

 

Paul: Kijk eens wat ik hier vind.

 

Sjonnie: Goh, dat is nog van het cowboyfeest. Dat is vast het pistooltje waar Gerard en

Marcel Dellink de trein mee overvallen hebben.

 

Paul: Dat zal wel, want hij is wel leeggeschoten.

 

Toos: Nou, kom op, zijn we nou aan het kaarten of wat?

 

Yvonne: Ja, dat vind ik ook. Marcel wat doe jij?

 

Marcel: Ik pas. Trouwens, Yvonne, zeg jij maar niks. Gerrit is het ook wel eens ergens niet

mee eens. Zoals met die uitwisseling in Ober-Niederlangen toen hij er met de sanitaire stop vandoor ging in Jolanda Haas haar auto.

 

Yvonne: Ha ha.

 

Sjonnie: He Marcel, was dat die uitwisseling waar jij zo goed hebt leren duiken?

 

Marcel: Ja, dat was een goede tactiek  he? Ze hadden alleen maar aandacht voor mij, of ik ze

niet neer zou halen en daardoor zagen ze de bal niet meer.

 

Toos: En jullie maar goals maken zeker?

 

Yvonne: Nee, ze waren zo druk met duiken dat ook zij de bal niet meer zagen.

 

Marcel: Toch was het een mooie uitwisseling.

 

Sjonnie: Daarom was jij zon goeie coachs daar in Heino. Toen ze allemaal in lange

onderbroeken liepen!

 

Marcel: Heb ik toch wat geleerd in Duitsland.

 

Toos: Ja, hij riep de hele tijd maar: Leg ze neer, haak ze! Maar dat konden ze helemaal

niet want Marcel Oosterwijk was zo druk met zn onderbroek optrekken.

 

Yvonne: En Paul Stens had al moeite om de bal te raken, hij sprong er maar gewoon

overheen.

 

Paul: Maar ik kwam toch niet zo neer als Marcel Koers daar in Cochem.

 

Tonnie: Ze hadden toch ook geen stoepranden in het veld.

 

Sjonnie: Volgens mij lag het aan het pyamafeest die avond ervoor. Iedereen was er nog

slecht van. Zelfs de coach wist niet de precieze techniek te pakken te krijgen.

 

Toos: Dat kwam ook wel door het breakdancen met Paul. Ze zouden de armen en benen

breken.

 

Yvonne: Toch is zon pyamafeest voor herhaling vatbaar.

 

Toos: Ja, das zeker.

 

Marcel (dromerig): Weet je waar ik weer zin in heb? Vissen

 

Sjonnie: Ja, daar heb ik veel over gehoord. Was dat Bertus die toen een keer zijn snoer kwijt

raakte?

 

Toos: Ja, en later viste hij hem weer op.

 

Yvonne: Volgens mij hebben ze dat snoer toen gewoon afgeknipt.

 

Marcel: Tuurlijk, dat snoer valt er niet zo maar af.

 

            (potje kaarten afmaken, opnieuw delen, drinken bestellen)

 

Toos: Later bij de Chinees, dat was ook leuk.

 

Tonnie: Ja, toen Marcel een keer zin had in sambal. De vlammen sloegen hem de keel uit.

Geen bier in de buurt was meer veilig, zelfs het water in de bloemenvaas niet.

 

Marcel: Ik doe het ook nooit weer.

 

Yvonne: Nee, dat dacht ik wel.

 

Mariet: He kaarters, stoppen jullie er ook mee. Ik wil ook wel eens naar huis.

 

Marcel: Ja schat. Dit was het laatste potje.

 

            (Mariet gaat kas tellen, ruimt de boel op, sluit af, doek gaat dicht, spreker komt op)

 

Spreker: Hiermee zijn we aan het eind gekomen van onze revue over het 10 jarig bestaan van ons clubhuis. Wij hebben geprobeerd u het leven in KAJAK op een komische manier te schetsen. Indien dit niet gelukt is, was het toch onze intentie om er een dramatisch stuk van te maken.

 

Verder hopen wij dat het een gezellige en vochtige avond zal worden.

 

Wenst u met een hoofdrolspeler te praten, dan zijn zij voor een pilsje daartoe gaarne bereid.

 

Als gehele afsluiting willen wij nog een klein liedje zingen en wij denken dat u het er wel mee eens zult zijn.

 

            (liedje Twello is het mooiste dorp)