HUW.AKTE, Noorden GK, 1668: Tijs Jansz, JM van Westveen met Marritie Cornelis, JD van Breukel, getrouwt tot Noorden den 8 Januarij 1668.
OPMERKING: Op 4 april 1677 werd ene Lucas gedoopt in Noorden GK, als zoon van Dirk Jacobsen Goethart en Marritje Cornelis van Boogaard.
Goudriaan WK.1 28-1-1627Neeltgen Ariens wede van Cornelis Jacobs geass. met Pouwels Ariens haar broeder ter eenre Geerloff Jacobs won. op de Vlist en Reijer Jacobs won. Lopik als bloetvoogden van de weeskinderen Arien Cornelis ca 16 jaar, Jacob Cornelis ca 12 jaar, Marichgen Cornelis ca 8 jaar (Lijntje?)Goudriaan WK.1 29-6-1628Pieter Jans wedr. van Neeltgen Adriaens ter eenre Geerlof Jacobs en Pouwels Adriaens als oomen en bloetvoochden, Lopik RA.1339 f230 1-2-1630Reijer Jacobsz, wonende in den gerechte van Lopick, als weduwenaer ende boedelheerder van za. Marichgen Aerts, sijne overledene huijsvrou, geassisteert met Geerloff Jacobsz, sijn broeder, Mr. Cornelis Cornelisz ende Jan Jansz, sijne swagers, ter eenre, ende Adriaen Aertsz met Claes Aertsz, als omen ende bloetvoochden van de kinderen van de voorn. Marichgen Aerts bij Reijer Jacobsz verweckt, sijnde selve kinderen 4 int getall met namen Weijntgen Reijers, out 13, Aert Reijersz, oudt 9, Laurens Reijersz, out 7, ende Cornelis Reijersz, out 4 jaren ofte elcx daer omtrent, sijnde de voorn. 2 voochden geassisteert met Daniell Sebastiaensz, der voorsz. kinderen outoom, ter anderen sijde, bekennen met malcanderen opgerecht te hebben een maeckgescheijt belangende der voorn. kinderen moederlicke erffenisse.Lopik RA.1341 f289v 9-6-1634Geerloff Jacobsz Goethert, voor hem selven, Jan Jansz Straver, als man ende voocht van Janneken Jacobs sijne huijsvrou, Mr. Cornelis Cornelisz, als vader, ende den voorsz. Geerloff Jacobsz Goethert, als oom ende bloetvoocht van de kinderen van Beertgen Jacobs, ende henl. sterck maeckende voor de selve onmundige weeskinderen van voorn. Beertgen Jacobs, tsamen kinderen en mede erfgenamen van Jacob Reijersz en Lijntgen Geerloffs, transporteerden ten behoeve van Reijer Jacobsz, haerl. broeder ende swager, 8 morgen 1 hont ende 10 roeden lants in Loopick beneden den Damwech, genaemt de Syduwe, strekkende van de heerlijkheid van Cabauw tot de halve landscheiding van Polsbroek, in twee weren elcx van 8 morgen lants, enz., ten oosten van Joost Gijsbert Brenincxs, ten westen belend door Johan Wachtelaer, kanunnik van St. Marie te Utrecht.Schoonhoven NA.7188 f60 8-9-1660Floris Cornelisz, getrouwd hebbende Lijntgen Geerloffs Goedthardt, en Adriaentgen Geerloffs Goedthardt, weduwe van Cornelis Cornelisz, kinderen van wijlen Geerloff Jacobsz Goedthardt en Merritgen Claes, hun vader en moeder, verdelen de hun nagelaten goederen, na tussenkomst van Aert Reijersz Goedthardt en Dirck Claesz Vlist, hun neven. Floris Cornelisz ontvangt een hofstede met 11½ morgen land in Beneden-Haastrecht, Adriaentgen een hofstede met 12 morgen land aan de oostzijde van de Vlist.
Lopik RA.1341 f289v 9-6-1634Geerloff Jacobsz Goethert, voor hem selven, Jan Jansz Straver, als man ende voocht van Janneken Jacobs sijne huijsvrou, Mr. Cornelis Cornelisz, als vader, ende den voorsz. Geerloff Jacobsz Goethert, als oom ende bloetvoocht van de kinderen van Beertgen Jacobs, ende henl. sterck maeckende voor de selve onmundige weeskinderen van voorn. Beertgen Jacobs, tsamen kinderen en mede erfgenamen van Jacob Reijersz en Lijntgen Geerloffs, transporteerden ten behoeve van Reijer Jacobsz, haerl. broeder ende swager, 8 morgen 1 hont ende 10 roeden lants in Loopick beneden den Damwech, genaemt de Syduwe, strekkende van de heerlijkheid van Cabauw tot de halve landscheiding van Polsbroek, in twee weren elcx van 8 morgen lants, enz., ten oosten van Joost Gijsbert Brenincxs, ten westen belend door Johan Wachtelaer, kanunnik van St. Marie te Utrecht.