IJZAAK RUIJZENDAAL werd op 31 mei 1830 te Bussum geboren als vijfde van de tien kinderen die werden geboren uit het huwelijk tussen Jacobus Harmenszoon Ruijzendaal en Marretje Kaarsgaren. Hij werd vernoemd naar IJzaak Kaarsgaren, een oom van zijn moeder die zich nogal verdienstelijk heeft gemaakt in de "strijd" om Bussums onafhankelijkheid van Naarden. IJzaak groeide op in een gezin zonder enige welstand. Toch heeft hij nog lezen en schrijven geleerd en dat leerde beslist nog niet iedereen in die tijd. Het gezin Ruijzendaal was net als bijna alle andere families in Bussum streng katholiek. IJzaak deed in 1842 zijn eerste Heilige Communie en op 3 juli 1844 werd hij gevormd. Van zijn jeugd is verder niets bekend. IJzaak werd afgekeurd voor militaire dienst. Hij was astmatisch en had last van aanvallen van benauwdheid. Op 11 mei 1859 trad IJzaak te Bussum in het huwelijk met de vijf jaar oudere Tijmetje Vos. Uit dit huwelijk werden 6 kinderen (waaronder 2 tweelingen) geboren. De kindersterfte uit die jaren trof ook IJzaak en Tijmetje genadeloos: van hun 6 kinderen zouden er 5 binnen 2 dagen tot 5 maanden na hun geboorte overlijden, alleen zoon Meeuwis is volwassen geworden en heeft zijn ouders overleefd. Na hun huwelijk gingen IJzaak en Tijmetje wonen in het huis aan de Brinklaan wat oorspronkelijk door Tijmetjes grootvader in 1829 was gebouwd. In dit pand dreven IJzaak en Tijmetje een blekerij. Dat was een veel voorkomend bedrijf in Bussum, het gehucht telde op een gegeven moment maar liefst 28 blekerijen op een inwoneraantal van nog geen 1000. Er werden niet alleen kleren gewassen en gebleekt uit Bussum maar ook uit Naarden en Amsterdam. De blekerij was gelegen aan de Brinklaan tegenover de Nieuwe Englaan. Het benodigde water werd betrokken uit een zanderijsloot die achter de blekerij liep. Van de blekerij is ook bekend dat deze bestond uit een woonhuis met aangebouwde werkplaats en een bleekveld. In 1880 werd er een grote droogschuur bijgebouwd waar het wasgoed kon drogen als het te slecht weer was om dat op het bleekveld te doen. Zoon Meeuwis hielp ook in de blekerij. Na zijn huwelijk in 1887 gingen hij en zijn vrouw inwonen in de blekerij. In januari 1906 werd IJzaak weduwnaar. Zijn gezondheid ging achteruit en volgens overleveringen heeft hij drankzucht gehad. De inmiddels onrendabele blekerij werd verlaten en IJzaak ging bij zijn zoon inwonen op de Achtermeulenlaan 3 in Bussum. IJzaak verbleef niet lang op dit adres. In december 1906 werd hij overgebracht naar het R.K.liefdesgesticht St.Bernardus op de Weverssingel te Amersfoort. Dit was een armen/verpleeghuis. Van IJzaak's laatste levensjaren in dit tehuis is niets bekend. IJzaak Ruijzendaal is op 24 augustus 1910 in dit verpleeghuis te Amersfoort overleden. De blekerij werd in januari 1907 afgebroken. Op een gedeelte van de grond staat sinds 1980 het nieuwe stadhuis van Bussum. Dit heeft zelfs hetzelfde nummer als eertijds de blekerij n.l. Brinklaan 35. Waar eens het woonhuis stond is de Brinklaan nu verbreed en was een parkeerplaats aangelegd waar tot 2005 zomers een poffertjeskraam stond. In het kader van gebiedsrenovatie is in 2007 begonnen met het heruitgraven van het kanaal waarna op de plaats van de blekerij nieuwe appartementen zullen verrijzen.

 

Bron: genealogisch onderzoek door J.J. Ruijzendaal, bet-achterkleinzoon van IJzaak Ruijzendaal, alsmede uit mondelinge overleveringen van J.I. Ruijzendaal, kleinzoon van IJzaak Ruijzendaal en Tijmetje Vos. 

                                                                                terug naar namenindex