Op 19 februari 1980 tekende ik het
tweede contrakt met Sanko Kisen en op 27 februari vloog
ik van Amsterdam via Miami, Fla. naar de Bahama's waar ik
's avonds aankwam in mijn hotel in Freeport, in
afwachting van het schip. Ik kon dus nog even van een
luxe leventje in dit tropisch paradijs genieten.
Waar we na vertrek van Freeport heengingen is in mijn
herinnering vervaagd. Uit door mij destijds aan mijn jongste dochter
geschreven brieven kon ik achterhalen dat we vanuit een haven
aan de oostkust van de V.S. naar Escravos in Nigeria gingen,
waar we op 27 maart arriveerden. Om te laden natuurlijk, want
Nigeria is een olieleverancier. Waar die lading heen moest weet ik
niet meer, maar duidelijk is dat we rond 25 april van Philadelphia
naar St. John in Canada moesten vertrekken. Ik herinner me dat nog
omdat we daar een extra crew aan boord kregen.
We zouden n.l. in St.John een ander soort lading krijgen, als ik me goed herinner
vliegtuigbrandstof. Daarvoor was er altijd ruwe olie
vervoerd. Voor die nieuwe lading moesten de tanks grondig
worden schoongemaakt en van alle residue worden ontdaan.
Onze normale bemanning zou die klus niet hebben geklaard
tijdens de korte overtocht van Phillies naar St. John.
Vandaar die extra crew. Het spul dat uit de tanks kwam
werd in plastic zakken aan dek gebracht.
Ik denk dat er stiekem ook wel wat van die troep
overboord is gegaan, hoewel we vanuit de lucht wel in de
gaten werden gehouden. Enfin, we zijn met schone tanks en
klaar voor de nieuwe lading in St. John aangekomen. Daar
heb ik ook nog mijn verjaardag kunnen vieren. Na een
stevige borrel en een asbak vol sigarettenpeuken besloot
ik dat ik ook mijn volgende verjaardag nog wilde vieren.
Ik moest dus iets aan mijn gezondheid gaan doen. Alle
aanwezige sigaretten en tabak dus overboord. En ook het
lichaamsgewicht moest drastisch omlaag. Ik had al een
aantal jaren een bekend hartprobleem ..... dus verstandig
zijn. Met de scheepskok maakte ik een deal. Hij zou mij
i.p.v. de normale scheepskost voorzien van speciaal
low-calory food, zoals malse biefstuk en veel groenvoer.
Als tegenprestatie zou hij aan het einde van de reis al
mijn niet meer passende kleding krijgen. Dat zou hem wel
passen want hij was ook niet de dunste.
Van St. John vertrokken we met onze lading naar Freeport
op de Bahama's. We moesten vandaar een lange oversteek
maken naar Singapore voor een dokbeurt. Om enige
zekerheid te hebben dat ik geen fysieke problemen zou
krijgen op die lange oversteek heb ik in Freeport nog
even een medische controle laten uitvoeren. Dat bleek in
orde, dus begon ik met een gerust hart aan de oversteek
naar Singapore rond de Kaap. Ik heb op die oversteek heel
wat rondjes het achterdek rondgelopen en bij aankomst in
Singapore bleek ik ca. 15 kg te zijn kwijtgeraakt. Er kon
dus nieuwe kleding worden aangeschaft. Maar zover was het
nog niet.
Hoewel dat eigenlijk niet was toegestaan volgens de
internationale radiovoorschriften, gebruikte ik mijn
scheepszender ook voor dagelijkse verbinding met een
nederlandse zendamateur, een ex-collega die van thuis uit
werkte onder de roepnaam PA3ARR. Via hem kon ik
regelmatig contakt met de vrouw thuis onderhouden. Hij
kon haar nauwkeurig op de hoogte houden van mijn
posities. Op zekere dag liet hij mij weten te hebben
gehoord dat mijn vroegere werkgever, Radio-Holland, weer
dringend behoefte had aan radio-officieren. Nu was ik me
al enige tijd aan het bezinnen op de toekomst. Je leeft
wel frank en vrij als freelancer, maar je realiseert je
toch dat dit niet altijd door kan gaan. Je krijgt de
leeftijd dat je enige zekerheid wilt hebben. Onder de
buitenlandse vlag had je die niet, zelfs niet bij een
goed bekend staande rederij als Sanko. Ik vroeg PA3ARR
dus of hij wilde informeren of R.H. bereid was mij weer
in dienst te nemen. Het antwoord was positief en ik zou
na aankomst in Singapore contakt op moeten nemen met de
personeelschef. Over de afloop vertel ik later meer.
Tegen half juli arriveerden we op de rede van Singapore.
We gingen daar niet direct naar de werf, want alle tanks
moesten eerst geheel gasvrij zijn en getest. Een varende
bom was niet gewenst in Singapore. Een kleine tegenvaller
voor mijn vrouw, die mij even kwam "afhalen" in
Singapore. Die kon dus niet aan boord komen en was door
het agentschap maar in een hotel ondergebracht. Later
bleek dat allemaal op kosten van Sanko te zijn geweest,
zelfs haar vliegreis Amsterdam-Singapore. Waar krijg je
dat anders dan bij de jappen? In verband met
werkzaamheden zou ik na afmeren in het dok nog even aan
boord blijven, nu in gezelschap van mijn vrouw dus.
Na mijn afmonstering enkele dagen later zijn we samen
naar huis terug gevlogen. Hiermee kwam dan voor mij het
einde aan de Sanko-periode. U ziet me weer terug na mijn
terugkeer bij Radio-Holland aan boord van de Nedlloyd
Schie.

|