Na
afmonstering van de Geeststar vond ik het weer eens tijd
voor een
verandering. Ik werd aangetrokken door een
advertentie, waarin de KLM sollicitanten opriep
voor de funktie van vliegtuig electronica monteur. Ik
dacht dat na zoveel jaren zeevaart de luchtvaart weer
eens een andere kijk op het leven zou bieden en de kennis
van de electronica zou verruimen. Dus op naar
Krasnapolsky in Amsterdam, waar de KLM
personeelsdienst de sollicitanten te woord stond.
Men vertelde mij tijdens het gesprek dat men de
ervaring had, dat ex-zeelieden meestal in hun bedrijf
niet konden aarden. Ze waren het zwervend leven
gewend en bij de KLM - gronddienst viel niet veel te
zwerven. De sfeer zou niet te vergelijken zijn met het
leven aan boord van een schip. Nu doe ik altijd graag
mijn ervaringen op en wilde het dus proberen. Men
wilde mij de kans wel geven en dus kwam ik in
dienst.
Ik ging dus op Schiphol Oost deel uitmaken van een
onderhoudsploeg van electriciens en electronici. Ik werd
snel vertrouwd gemaakt met de electronische apparatuur in
de cockpit van de toen veelvuldig gebruikte DC-8
toestellen. Ik heb de hele vloot van binnen gezien. En er
later ook veel mee gevlogen, als passagier, op weg naar
een of ander schip.Ik wil dit verhaal niet te lang maken,
maar toch even een korte beschrijving van de
werkzaamheden. Die uiteraard in dag- en nachtdiensten
werden gedaan. 's Ochtends om 6 uur kwam een toestel voor
onderhoud de hangar binnen. Dan begon de dagploeg
alles wat open kon aan het interieur en het
exterieur van de romp en vleugels van het toestel open te
sleutelen. Een groot aantal grote en kleine luikjes met
zeer veel schroeven die los moesten. Iedereen deed
daar aan mee, of je nou schilder, motormonteur of
electronicus was maakte geen verschil. Als dat
allemaal gebeurd was begon ieder aan zijn eigen werk.
Voor mij betekende dat het testen van de diverse radio-
en navigatieapparatuur en diverse andere apparatuur waar
draadjes aan zaten. B.v. onderhoud van de vele
servomotoren waarvoor ik me onder in de vleugels in bochten
moest wringen tussen de mechanische kabels voor kleppen
en roeren.
Enfin, een leerzaam geheel dus. Toch moest ik langzaam
tot de conclusie komen dat ik niet paste in een
fabrieksruimte, want dat is een hangar toch eigenlijk. De
wervingsman had het goed gezien. Maar goed, het was
een leerzame periode. Misschien kom ik later nog wel eens
op details terug. Nu moet ik verder met mijn eigen
koers.
De proeftijd heb ik volgemaakt en dat was het einde
bij de KLM.
Maar we blijven toch nog een poosje aan de wal. Het is
inmiddels half 1969 geworden en we gaan het eens proberen
bij een concurrent van Radio Holland, n.l. Radio Becker in Zeist

|