Nedlloyd Madras
Nedlloyd Lines Rotterdam

Na raadpleging van mijn monsterboekje kon ik vaststellen dat ik op 27 april 1981 bij de rotterdamse waterschout monsterde voor de NLL Madras. Waar ik aan boord kwam kan ik niet meer met zekerheid zeggen, maar het zal waarschijnlijk een westafrikaanse haven zijn geweest, mogelijk Dakar of Freetown. Vandaar ging de reis naar Durban en verder naar Singapore. Daar kwam op 29 juni mijn echtgenote aan boord om de rest van de reis mee te maken. Via Hongkong gingen we naar Japan en daarna weer terug richting Singapore. Vandaar nog even naar Penang en dan richting Zuid- en West Afrika. De bedoeling was vanuit Dakar weer naar huis te vliegen voor verlof. Dat liep echter anders. Ik kreeg vervelende pijnaanvallen in de lendenen en de kapitein vond het nodig radiomedisch advies aan te vragen via Scheveningen Radio. Een taak die ik uiteraard zelf moest uitvoeren. De radiomedische dienst nam contakt op met de medische dienst van Nedlloyd. Men hield rekening met mogelijke nierklachten en men wilde geen risico nemen. Er werd besloten dat ik zo spoedig mogelijk moest worden afgelost om naar Nederland te vliegen voor nader onderzoek. Men dacht mij af te zetten op het eiland Diego Garcia, een amerikaanse militaire basis. Een probleem was daarbij dat mijn echtgenote daar geen toegang kreeg en dus aan boord achter zou moeten blijven. We zouden ook nogal van de koers moeten afwijken en er werd besloten door te varen naar Madagascar. Ook dat kon niet doorgaan, daar wegens volgeboekte vliegtuigen geen aflosser kon worden gestuurd. Port Elizabeth werd de volgende mogelijkheid.
Ergens tussen Madagascar en de zuidafrikaanse kust kwamen we in vliegend stormweer terecht. Bij het naderen van Port Elizabeth was het weer nog steeds zeer slecht en stond er een hoge zee. Mijn vrouw zou een angstig avontuur tegemoet gaan. We mochten n.l. niet de haven binnenvaren, omdat we dan havengelden zouden moeten betalen. P.E. was namelijk geen bestemmingshaven. Ik zou onder de luwte van de wal door een naar buiten stomende sleepboot worden opgepikt. Nu had mijn echtgenote natuurlijk aan boord kunnen blijven en vanuit een westafrikaanse haven naar huis vliegen. Ze wilde echter liever met mij tegelijk van boord en besloot de uitdaging aan te gaan. Dit met alle medewerking van de gehele bemanning. Langs de te gebruiken touwladder werden reddingslijnen gehangen voor als er iets mis zou gaan. Ook onze bagage werd netjes op de inmiddels langszij gekomen sleepboot neergelaten en tot onze opluchting verliep de operatie zonder al te grote problemen. Nadat we op de sleepboot waren neergelaten stoomde die richting haven naar rustiger water, nadat met enkele stoten op de scheepsfluit vanaf beide schepen afscheid was genomen. Zo kwam er dus een voortijdig einde aan onze reis op 13 augutus 1981.
We werden tijdelijk in een hotel ondergebracht en zouden op de tweede dag na aankomst naar huis kunnen vliegen. We konden daarom nog even rustig een drankje nuttigen aan de hotelbar, waar we kennis maakten met een man die ons de volgende dag nog wat van de stad kon laten zien. Daarna vlogen we vanaf Port Elizabeth via Johannesburg terug naar Nederland, waar dit verhaal dus eindigt. Voor de volgende reis gaan we naar de
Poseidon