De oudere hond

Wanneer een hond oud wordt, is van ras tot ras en zelfs individueel van hond tot hond verschillend. Het verouderingsproces zet langzaam en bijna onmerkbaar in. Uw hond beweegt zich minder, zijn spijsvertering wordt langzamer, hij wordt wellicht wat dikker. Daarom is het rond 8 jaar (bij grote honden wat eerder) belangrijk om zijn voeding te veranderen in bijvoorbeeld Seniorvoer. U kunt hem nu beter twee tot drie keer per dag kleinere porties aan bieden. Zo wordt zijn spijsvertering ontlast en de opname van de voedingsstoffen wordt gelijkmatig gehouden. Misschien heeft uw hond ook een speciaal dieet nodig: dit kunt u bij de dierenarts verkrijgen. Meestal treden verouderingsverschijnselen tussen het achtste en tiende levensjaar op. Kop en snuit van uw hond kunnen grijs worden, zijn gezichtsvermogen en zijn gehoor worden minder. Omdat zijn reukvermogen normaal gesproken slechts weinig achteruit gaat, beperkt hem dat niet al te veel. Het plezier aan spelen zal uw hond ook wanneer hij ouder wordt niet verliezen - ook niet als zijn uithoudingsvermogen minder wordt. Het kan zijn dat uw hond op een bepaald moment niet meer helemaal zindelijk is. Hij zal dat zelf erg vervelend vinden, dus mopperen heeft geen zin en zal hoogstens averechts werken.


De bijzondere behoeften van de oudere hond:

Oudere honden hebben andere behoeften dan hun jongere soortgenoten, omdat alle processen in hun organen, naarmate de leeftijd vordert en de eerste slijtageverschijnselen optreden, geleidelijk aan worden vertraagd. De levensverwachting van een hond verschilt aanzienlijk van ras tot ras. Het verouderingsproces begint echter uiterlijk in het achtste of negende levensjaar. Grote rassen zijn al op achtjarige leeftijd (of nog eerder) oud, Terriërs en Teckels daar in tegen kunnen gemakkelijk vijftien jaar of ouder worden. Behalve het ras spelen nog heel veel andere factoren een rol bij de levensverwachting van een hond. Door uw pup een goede start in het leven te geven en door ervoor te zorgen dat hij de juiste verzorging en voeding krijgt, draagt u in elk geval bij aan een lang, gezond en actief leven van uw jonge hond.

Omdat u en uw hond dagelijks met elkaar optrekken, zult u het begin van het verouderingsproces nauwelijks opmerken; alleen als u daar bewust op gaat letten, zult u geleidelijk aan bepaalde gedragsveranderingen kunnen waarnemen. Als het inderdaad zover is, dan is het heel eenvoudig ervoor te zorgen dat de rest van zijn leven zo aangenaam mogelijk kan verlopen. Regelmatige bezoeken aan de dierenarts zijn hiervoor net zo noodzakelijk als een goede en aangepaste verzorging, zodat uw hond tot aan het einde toe gezond blijft.

Alles heeft wat meer tijd nodig:

Ook de vitale organen zijn onderhevig aan het verouderingsproces. Uw hond heeft minder behoefte aan beweging en zal daarom ook minder calorieën nodig hebben. Zijn organen functioneren vaak niet meer zo goed als vroeger. Omdat de stofwisseling langzamer verloopt, is hij niet meer zo goed als voorheen opgewassen tegen ziektes en stress. Daarom moeten stressvolle situaties zoveel mogelijk vermeden worden.

De omgang met een oude hond vraagt vooral geduld, omdat hij op alles trager reageert. Misschien kan hij u ook niet meer zo goed horen of zien. Als hij niet altijd onmiddellijk op uw commando reageert, hoeft dat dan ook niet te betekenen dat hij u opzettelijk negeert! Hij heeft in deze fase van zijn leven gewoon veel hulp en aandacht nodig. Wees geduldig met hem, dat heeft hij verdiend.

Hoe u het leven van uw oudere hond aangenaam kunt maken:

Omdat uw hond op hogere leeftijd niet meer zo beweeglijk is als voorheen, zal hij vaak gedurende langere tijd op dezelfde plaats blijven liggen. U moet er dan wel voor zorgen dat hij niet op een te koude of vochtige plaats gaat liggen of langdurig aan de volle zon wordt blootgesteld. Bij voorkeur zet u zijn mand op een warme, tochtvrije plaats en zorgt u ervoor dat hij een zachte deken of een matras of kussen heeft om op te liggen. Want als uw hond - zeker als hij groot en zwaar is - gedurende langere tijd op een ruwe of harde ondergrond ligt, kan de huid op de uitstekende lichaamsdelen, zoals aan de ellebogen en het hakgewricht ruw worden en kunnen er eeltplekken ontstaan. Hierdoor kunnen er zweren en ontstekingen ontstaan. Daarom is een zachte ondergrond heel erg belangrijk.

Zorgt u er ook voor dat uw hond zijn ligplaats gemakkelijk kan bereiken. Als het traplopen moeilijk gaat, sluit u de toegang tot de trap met een hekje af en verplaatst u zijn mand eventueel naar beneden. Als het slechts om een paar traptreden gaat, kunt u hem met een plankje helpen deze hindernis te nemen. Een kleine hond kunt u naar boven dragen. Bedenk ook dat uw hond, vanwege zijn slechter wordende ogen en oren, ook sneller zijn oriëntatie kwijt kan zijn. Daarom moet u veranderingen in huis, zoals verplaatsing van meubilair, zoveel mogelijk proberen te vermijden, evenals afwijkingen van het dagelijkse leefpatroon. Laat hem niet te lang alleen en laat hem niet onnodig achter in een vreemde omgeving.

Regelmatig bezoek aan de dierenarts:

De jaarlijkse herhalingsinentingen zijn voor de oudere hond net zo belangrijk als voor jongere honden. Bedenk dat oudere dieren vaak over een geringer weerstandsvermogen beschikken, waardoor bijvoorbeeld ontstekingen moeilijker genezen.

Het jaarlijkse bezoek aan uw dierenarts voor de vervolginenting is een goede gelegenheid uw hond een algemeen lichamelijk onderzoek te laten ondergaan. Een dergelijk onderzoek kan in sommige gevallen ook vaker dan eenmaal per jaar wenselijk zijn. Uw dierenarts controleert daarbij de gezondheid van belangrijke organen zoals huid, hart, lever en nieren. Bovendien onderzoekt hij uw hond op ongewone zwellingen en controleert hij het gebit en het tandvlees.

Sommige ziektes, zoals bepaalde nieraandoeningen, kunnen door bloedonderzoek opgespoord worden, lang voordat de hond de eerste symptomen van de ziekte vertoont. Ook een urinemonster kan belangrijke informatie over de gezondheidstoestand van uw hond geven. Het is daarom verstandig wat urine van de hond mee te nemen bij een routinebezoek aan uw dierenarts. Probeer wat urine op te vangen in een schoon, droog en voor transport geschikt flesje of potje (met goed sluitende schroefdop). Uw dierenarts kan u eventueel een geschikte verpakking verstrekken.

Bij uw bezoek aan de dierenarts kunt u ook uw hond laten wegen. Het is bijzonder belangrijk het gewicht van een oudere hond goed in de gaten te houden. Want uw hond wordt op oudere leeftijd veel trager, gebruikt veel minder energie en heeft daarom in deze levensfase ook minder calorieën nodig. Voor een eventuele verandering van het voedingspatroon kunt u het beste uw dierenarts raadplegen. Ook bij een aantal ziektes, zoals nieraandoeningen en hartproblemen, kan het nodig zijn de voeding van de hond daarop aan te passen. In deze gevallen kan uw dierenarts een speciale dieetvoeding verstrekken.

Als uw hond zijn blaas- of darmfunctie niet meer goed onder controle heeft, dan moet u snel uw dierenarts inschakelen. Vaak wordt het probleem veroorzaakt door een ziekte of aandoening die gemakkelijk te behandelen is. "Ongelukjes" kunnen zich ook voordoen als de hond niet meer op tijd uit zijn mand of bij de deur kan (of wil) komen.
Soms echter ligt de oorzaak bij de zenuwstreng die deze lichaamsfuncties moet controleren en aansturen. In die gevallen is de behandeling vaak zeer gecompliceerd en helaas niet altijd succesvol.

De bijzondere verzorging op oudere leeftijd:

Met het klimmen der jaren vermindert ook de bewegingsbehoefte van de hond. Rende hij als jonge hond nog vrolijk voor uit, nu vindt hij het prima in om rustig met u mee te lopen. (zie ook: de bewegingsbehoefte van de oudere hond)

U moet de vacht van uw hond altijd goed verzorgen, zodat hij zich gezond en prettig voelt. Borstelen bevordert een goede doorbloeding van de huid, zorgt voor een glanzende vacht en voorkomt klitten en vervilting bij lang haar. (Zie ook: vachtverzorging) Tijdens de vachtverzorging kunt u vacht en huid tevens controleren op haaruitval, verwondingen, irritatie en de aanwezigheid van vlooien en andere parasieten.

U moet het hele lichaam van uw hond op mogelijke ontstekingen en huidaandoeningen onderzoeken. Veel oudere honden hebben last van wratten en goedaardige vetknobbels. Deze bezorgen de hond over het algemeen geen problemen, behalve wanneer ze op plaatsen voorkomen waar ze belemmerend zijn voor andere lichaamsdelen en -functies (zoals op de oogleden), tot verwondingen kunnen leiden, of de hond op andere wijze last bezorgen.
Voor alle zekerheid moet u echter bij alle ongebruikelijke gezwellen (vooral bij snel groeiende) onmiddellijk uw dierenarts raadplegen. Als een operatie noodzakelijk is, moet deze het liefst in een zo vroeg mogelijk stadium plaatsvinden.

Ook moet u de nagels van uw hond regelmatig controleren. Bij te weinig beweging, of als de ondergrond te zacht is, worden ze al gauw te lang. Inspecteert u daarbij vooral de nagels van de zogenaamde wolfsklauwen, die in sommige gevallen zo gebogen zijn dat ze in het nagelbed terug groeien, wat heel erg pijnlijk is. U kunt deze nagels zelf knippen. Als u daar echter geen ervaring mee hebt en het niet goed durft, laat u deze handeling dan over aan uw dierenarts. Ook bij de honden trimsalon kan men dit voor u doen.

Verder moet u regelmatig het gebit en het tandvlees van uw hond inspecteren. Bruine aanslag kan een slechte adem veroorzaken, maar ook leiden tot aantasting en infecties van het tandvlees en uiteindelijk ook tot tanduitval. Uw dierenarts kan tandsteen en loszittende tanden en kiezen verwijderen. Hiervoor is het echter bijna altijd noodzakelijk de hond onder volledige narcose te brengen. Aandoeningen van het tandvlees kunt u voorkomen door uw hond regelmatig harde brokken te voeren en kauwproducten te geven. Daarnaast kunt u het gebit van uw hond poetsen - u moet hiervoor wel een speciale hondentandenborstel en -tandpasta gebruiken. Goed bedoelde toevoeging van bepaalde mineralen en vitaminen aan de voeding kan overigens bijdragen aan de vorming van tandaanslag.

Als het afscheid nadert:

De beslissing een tweede hond in huis te nemen, zal in de meeste gevallen goed overwogen zijn. Veel hondenbezitters vinden dat de aanwezigheid van een pup een positief effect heeft op de oudere hond. Deze zorgt als het ware voor een tweede jeugd. Ook als uw hond naar uw overtuiging onvervangbaar is, kan de aanwezigheid van een jonge hond het afscheid van een oude vriend helpen verzachten als het tijdstip daarvoor onherroepelijk gekomen is.

De allermoeilijkste beslissing waarvoor een hondenbezitter komt te staan, is ongetwijfeld de vraag of hij zijn oude hond op een bepaald moment moet laten inslapen. Iedereen hoopt natuurlijk dat zijn hond op een bepaald moment op een natuurlijke, rustige en vreedzame manier inslaapt, maar helaas ziet de realiteit er voor veel honden anders uit. Als uw hond aan een ongeneeslijke ziekte lijdt en voortdurend pijn heeft, is het goed te weten dat u hem een snel en pijnloos einde kunt laten geven. U moet de situatie heel goed met uw dierenarts doorpraten en beide partijen moeten ervan overtuigd zijn dat dit ook het beste voor uw hond is. Om misverstanden te voorkomen, moet u tegenover uw dierenarts ook zo openhartig mogelijk zijn. Hoe moeilijk de beslissing ook is, uw hond kan door een pijnloze injectie binnen enkele seconden uit zijn lijden worden verlost.

Het verlies van een vriend is altijd moeilijk te verwerken en het is niet gemakkelijk te accepteren dat uw hond niet voor altijd bij u zult zijn. Maar u kunt er - met geduld en liefde - wel voor zorgen dat zijn laatste jaren zo comfortabel en prettig mogelijk verlopen.