Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel

Op deze site vind je alle reisverhalen en foto's van Elle Lepelaars en michiel. Zij reisden in 2003 en 2006 door respectievelijk Nieuw-Zeeland, Australië, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesië en West-Australië.
Reisverhalen en foto's van Elle Lepelaars en michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel

• Edith en Olle in ZO Azie
• Volg Jan en Sanne
• Tijn & Lynn
• Wereldreis(je) van Sander en Bianca
• Tobias in Zimbabwe
• Rosie en Luke
• Waar zijn Rik en Juud nou?
• Dave Around the World
• Stichting Peduli Anak
• BlessedShots
• Schilderijen van Elle

Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel

Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel
Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel
Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel
Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel
Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel

Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel

Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel
Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel

Shit. Snik. Punt. Uit.

Perth, 05-08-06 - Tijdens de laatste paar dagen van de reis hebben we het er even flink van genomen in de verwenregio van West-Australie: Margaret River. Waar iedereen leeft op kaas, chocolade en wijn.

Na twee dagen door Perth rondgezworven te hebben, was het tijd om David te ontmoeten. We belden hem op z'n mobiel en een half uur later zagen we 'm zitten in de hotellounge. Erg leuk om het Ozzie Nederlands weer te horen en te zien dat ie nog altijd rond en gezond is. Na een kopje koffie moesten we de Britz-bus droppen in een buitenwijk van Perth, waar ze ons wisten te vertellen dat we 7.303 kilometer hadden gereden! Onze schatting van 6 zat dus zo'n 1000 kilometer uit de buurt.

We pakten de trein naar Fremantle waar we Damian, Michelle en Jeb weer ontmoeten en schoven op de Cappucino Strip van 'Freo' aan voor een lekkere lunch. En zoals het hoort in de Bergs-traditie was de volgende bestemming de pub. Een paar biertjes verder, liepen we naar Little Creatures, een soort loods die omgetoverd was tot restaurant/cafe met een eigen brouwerij, dus moesten we hier hoe kan het ook anders ook aan de drank. Terug in downtown Perth aten we een lekkere Italiaanse maaltijd (met wijn dit keer) en na een biertje in de Brass Monkey Bar, doken we in het nachtleven van Perth in de Universal Bar. Daar speelde een erg leuk bandje, en konden de voetjes van de vloer.

Met een fijne kater stonden we de volgende dag op en om de schade wat te herstellen, wandelden we door Kings Park. De volgende ochtend pikten we met de gehuurde familiewagen Damian, Michelle en Jeb op en reden we richting Margaret River. We vonden een huisje in Busselton waar we twee nachten zouden blijven. Tijd om te lunchen, dus naar de Bootleg Brewery, voor een lekker bord vol tapas, met...inderdaad. Voor een lekker toetje reden we naar de chocolademakerij, waar de schappen uitpuilden van allerlei soorten en maten chocolade. We konden moeilijk wegblijven bij de drie bakken proefchocolade. Michelle vond het zo lekker dat ze een paar schepjes 'voor onderweg' had meegenomen. Ook de Margaret River-kaas zou erg lekker moeten zijn, dus stopten we nog even bij de dichtsbijzijnde kaasmakerij voor een kleine proefsessie.

De volgende dag reden we naar het zuiden van de regio om de hoge bomen van het Karri National Park te bekijken en te beklimmen. Een van die bomen was de Gloucester Tree, een uitkijkpost voor de brandweer. In de boom waren een soort van enorme spijkers geslagen waarover je helemaal naar boven kon klimmen. Elle en David besloten op de helft ongeveer terug te keren, maar Damian en Michiel haalden de top. Het uitzicht was niet zo spectaculair, de harde wind die de boom wat op en neer deed zwaaien maakte het wel even spannend. Bij de Valley of the Giants kon je via een loopbrug op zo'n 40 meter tussen de toppen van de enorme bomen lopen. Eenmaal op de grond kon je ook tussen de gigantische, gespleten boomstammen lopen. Helaas werd het al snel donker en moesten we terug naar Busselton. Onderweg misten we op een haar een overstekende kangaroe, dankzij een snelle uitwijkactie van Bergs (scheelde weer heel wat dollars van de borg).

In Busselton reden we naar de Domino's waar we vier pizza's bestelden. "Over 20 minuten klaar", zei de pizzabakker waarop Bergs direct vroeg "Oke, waar is de pub?" Niet meer bijkomend van het lachen, omdat het duidelijk was dat hij geen grapje maakte, volgden we hem naar de kroeg aan de overkant voor een shooftie. Zelfs Elle's rode wijn moest in een adje opgedronken worden. Gelukkig was David er om te helpen. 's Avonds nog een gezellig potje zitten kaarten, zoals het hoort in een vakantiehuisje. Toen we de slab (doos van 40 bier) hadden geleegd, was het alcoholpeil weer zoals we inmiddels gewend waren.

Na een bezoek aan de grot de volgende ochtend, bezochten we nog twee wijnmakerijen en kochten we een fles lekkere port. Tegen de middag reden we weer terug naar Perth. De laatste twee dagen hebben we voornamelijk niks gedaan. Het was inmiddels lekker weer geworden, dus besloten we wat rond te gaan hangen in Kings Park, waar de uitzichten op de stad niet verkeerd waren. Zeker toen de lichtjes aan gingen. De dag daarop moesten we helaas afscheid nemen van David, Damian, Michelle en Jeb en namen we de trein naar Cottesloe beach, waar we nog even genoten van de zon.

En nu zitten we hier. Drie uur voor de vlucht. Aan het einde van een geweldig mooie reis langs al die fantastische plekken op de wereld. Helaas, het avonturenboek moet dicht. 'To be continued'?


7.303 kilometer verder

Perth, 28-07-06 - We hebben het gehaald. Onze camper heeft ons het hele eind van Darwin tot in Perth gebracht. Met net voor de eindstreep nog twee mooie National Parks.

Net buiten het dorpje Kalbarri lag het National Park met dezelfde naam. De dag na aankomst wandelden we langs de Murchison rivier, die door een diepe kloof stroomde. Leuke wandeling, maar niet echt spectaculair (we waren natuurlijk verwend met Karijini). Aan het eind van The Loop had je nog wel een aardig fotomoment voor een uitgesleten rots die een natuurlijk raam vormde. Alhoewel we redelijk moe waren van de wandeling, bezochten we ook nog de zuidelijk gelegen rotsformaties aan zee, die ook officieel onderdeel waren van het park. Dit deed zeer denken aan de Great Ocean Road in Victoria met spectaculaire panorama's over de ruige kustlijn. Hoe later hoe mooier de kleuren werden. Een prettige manier om de zondagmiddag door te brengen.

De volgende ochtend reden we alweer verder richting Perth en stopten we in Geraldton, ongeveer halverwege. Hier werden we verwelkomd door de eerste stortbuien en harde wind, waardoor we de hele dag in winkelcentra en de camper doorbrachten. Omdat het al zo lang geleden was dat we een film of uberhaubt tv hadden gezien en omdat het weer ook niet mee zat, pakten we 's avonds een film (Pirates of the Caribbean 2) in de lokale bios.

Na de laatste nacht 'in het wild' reden we de volgende ochtend naar het dorpje Cervantes om 's middags de Pinnacles te bezoeken. Een woestijn met grote rotsen van leisteen die er in grote getale uitstaken. Zo'n gek gezicht dat Michiel de woestijn in rende, verstijfd naast een rots ging staan en riep "Ik ben een pinnacle!". Andere bezoekers dachten dat we teveel aan de Australische wijn hadden gezeten (wat waar was). We reden met de camper verder tussen de bizar gevormde rotsen en de ondergaande zon maakte het plaatje compleet.

We twijfelden om nog een dag en nacht in de bush te blijven, maar besloten uiteindelijk toch in een keer naar Perh te rijden, op nog zo'n 300 kilometer. We vonden een camping in een van de suburbs en na de lunch pakten we de bus richting het centrum. Hoe gek het ook klinkt, het was erg vreemd om weer tussen de mobieltjes, parfum, zakenpakken en hippe mensen te lopen. Maar ook wel weer leuk. Omdat het niet echt warm was, gingen we op zoek naar wat dikke winterkleren die de volgende dag onmisbaar bleken. Het waaide enorm, soms kwam het met bakken uit de hemel en het was ook nog eens verrekte koud. En dat terwijl we lazen dat het in Nederland 31 graden was! Gelukkig scheen vandaag de zon weer, dus pakten we de trein naar Fremantle, een oud stadsdeel van Perth aan zee. We hebben hier vandaag wat door de historisch ogende straatjes gewandeld. Morgen gaan we na drie jaar onze Ozzie vrienden weer zien, dus dat wordt weer gezellig, met de nodige bier wijn en bbq's.


Gestrand

Kalbarri, 22-07-06 - Halverwege tussen Exmouth en Perth halen we het zand van de Coral Coast tussen onze tenen vandaan. Het is wit, blauw en oneindig lang.

In het winderige Exmouth vonden we de eerste mooie stranden van de Koraalkust in het Cape Range National Park. Een 100 kilometer langgerekt park met aaneengesloten baaien met voor de deur het Ningaloo rif, waar je vanaf het strand een kleurrijk uitzicht op had. Je scheen er mooi te kunnen snorkelen, maar de watertemperatuur van amper 20 graden was niet erg uitnodigend. We hadden van wat reizigers gehoord dat Turquoise Bay toch echt de moeite waard was, dus nadat Michiel zichzelf herhaaldelijk "mietje" noemde, trok hij zijn zwembroek aan en sprong erin. De stroming leidde hem langs het koraal dat helaas wat minder kleurrijk was dan (bijvoorbeeld) in Indonesie, dus na een kwartiertje was het wel weer mooi geweest en rillend kwam hij uit het water.

Helaas waren de campings in het park vol, dus moesten we terug naar Exmouth om de volgende dag pas door te kunnen rijden naar Coral Bay. Zelfde tafereel, spierwit strand, turquoise (ijskoud) water en azuurblauwe hemel. We parkeerden de bus op de parkeerplaats aan het strand en installeerden ons voor de bus in het heerlijke zonnetje om er de hele dag niet vanaf te komen. Dat beviel zo goed dat we de twee dagen erop niets anders deden, op een heldhaftige snorkelpoging na. De parkeerplaats was een beetje een hangplek voor reizigers, dus kletsen we de hele dag met de buren en mensen die aankwamen en weer gingen. 's Avonds reden we na een douche in de openbare toiletten terug naar de highway waar we gratis konden staan. Wel nodig, aangezien ze $28,- per nacht vroegen op de camping. Nadat we een avond Aussie rules footy hadden gekeken, reden we in het donker terug met als gevolg dat er ongeveer vijf kangaroes ons langs de weg begroetten. Dus rustig aan.

Na drie dagen niksen hadden we het wel gezien en reden verder naar de blowholes van Point Quobba. Een wilde kustlijn waar de wilde zee flink op beukte zodat het water een meter of tien omhoog gespoten werd, begeleid met indrukwekkende geluidseffecten. Al rondrijdend zagen we dat er ook een camping was aan deze kust. De camping was ongeveer een kilometer lang en bestond uit verschillende baaitjes. We zagen een mooi plekje aan het strand, zonder buren voor een paar 100 meter, dus perfect. En terwijl Michiel zich bezighield met het bouwen van een windscherm, spotte Elle twee schildpadden in het water. Echt een Robinson Crusoe gevoel hier. Natuurlijk konden we de zonsondergang niet weerstaan.

De volgende ochtend werden we wakker met het geluid van de branding en de zeemeeuwen en genoten we van een zondagochtendontbijtje (terwijl het woensdag was). We reden verder richting Shark Bay, het werelderfgoed park een paar honder kilometer verderop. Heel saai moesten we dit keer weer op een camping staan. Een warme douche maakte ons 's ochtends weer wakker en reden we naar Monkey Mia. Dit strand (met bijzondere naam) stond bekend om de dolfijnen die er met de regelmaat van de klok naar de kust komen zwemmen, wel enigszins geprogrammeerd omdat ze een paar vissen gevoerd worden. Bij aankomst plantten we ons op het strand en was het wachten geblazen. We zagen in de verte al wat vinnen uit het water komen, dus met camera in de hand renden we richting zee. Tien minuten later stond het hele strand vol, want de dolfijnen waren aan het strand gearriveerd en kwam je oog-in-oog met deze bijzondere dieren. Erg bijzonder om ze van zo dichtbij te zien. Enkele toeristen werden uit de (grote!) meute gepikt om de dieren een vis te voeren. Zodra dat gebeurd was, waren de dolfijnen zo weer vertrokken om een paar uur later weer wat vis te komen eten.

We vonden het zo mooi om de dolfijnen te zien, zodat we besloten de volgende dag terug te gaan. En toen we het strand opliepen, zagen we dat het alweer prijs was, dus pakten we mooi een tweede voersessie mee. Dat zou de laatste keer zijn dat ze kwamen, dus maakten we 's middags een strandwandeling naar Red Cliff Bay. Om de spieren na de stevige wandeling te ontspannen, doken we in de hottub van het Francois Peron homestead.

Omdat we nog geen ander bewoners van de zee hadden kunnen spotten, bezochten we het aquarium van Denham waar we verschillende vissen en ander zeevolk van dichtbij konden zien, waaronder wat jonge schildpadden en een drietal echte haaien die gelokt werden met een vers vissenkopje. De laatste bestemming in de Haaibaai was Shell Beach, een 35 kilometer lang strand bezaaid met kleine schelpen. Na een koffie waren we klaar om het strand op te lopen toen Michiel ineens blonde krullen op zag doemen. "What the fuck?!" Voordat we het doorhadden stonden Martijn en Mariska voor onze neus. We wisten dat ze ook aan de Westkust waren, maar waar was de vraag. En aan die honderden kilometers lange kust, lopen we ze tegen het lijf. Stoelen uit de bus, drankje erbij en even flink bijouwehoeren.

Helaas gingen zij Noord- en wij Zuidwaards, dus na drie uur en een foto als bewijs, moesten we weer verder om nog voor het donker op een slaapplek aan te komen. Dat lukte maar net, en na een goede maar weer erg koude nacht, zijn we in Kalbarri aangekomen. Hier is weer een mooi National Park te bezoeken. En met nog 1 National Park te gaan, komen we gevaarlijk dicht bij Perth en de datum dat we terugmoeten. Tot die tijd gaan we nog even door met genieten.


En de aarde scheurde open

Exmouth, 12-07-06 - Vooralsnog waren we alleen noord, zuid, oost of west gegaan. Maar in Karjini konden we nog een andere windrichting nemen, naar beneden.

We hadden beloofd om voorlopig niet uit Broome weg te gaan, dus zijn we maar een paar dagen op het strand gaan zitten. Even een beetje ontspanen na al dat National Park-geweld. Cable Beach was er zeer geschikt voor, gewoon een kwestie van je busje op het strand kwakken en ernaast gaan liggen. Niet dat daar verder iemand last van had, trouwens. Broome staat verder bekend om z'n zonsondergangen, dus (het begint eentonig te worden), installeerden we ons met een doos wijn en een zak chips op de rotsen en lieten de natuur zijn werk doen. Die nacht weer bij iemand "in de achtertuin" geslapen, en de volgende ochtend weer de highway 1 opgereden.

Op weg naar Karijini National Park, een aanrader van Chris van Chillies Backpackers in Darwin, dit mochten we niet missen. Onder weg kwamen we weer heel wat wilds tegen: een paar slangen (allemaal gemist gelukkig), een goanna (net geraakt, helaas), een kangaroe (levend en wel) en wat emoes. Via een stop in shithole Port Hedland, kwamen we na weer vele kilometers aan in Karijini. Het park wordt gevormd door een vijftal kloven (Gorges) die je zowel van boven als beneden kunt zien. De eerste was Dales Gorge, een kwartiertje lopen van de camping. Het uitzicht van boven was al veelbelovend, dat moesten we maar eens van dichtbij bekijken. Dus via een supersteile afdaling over grote rosten, kwamen we in de bodem van Dales aan en een klein wandelingetje langs het water bracht ons bij de fantastische Circular Pool. Ongeloofelijk mooie kleuren, geweldige rotsformaties en een kraakhelder meertje. Het leek zo onnatuurlijk, alsof er een tuinarchitect zijn fantasie de vrije loop had gelaten.

Het water was echt te koud voor een duik (hoewel erg uitnodigend), dus wandelden we door in de kloof via een stroompje naar een pittoreske waterval. Bij een ander meer, konden we wel zwemmen en de verkoelende duik was erg welkom. Via een andere route liepen we weer naar boven, zodat we konden zien hoe we precies gelopen hadden. In de middag waren we weer terug op de camping en genoten we na in onze hangmatten. Hoewel het overdag zo'n 25 graden was, koelde het in de loop van de middag langzaam af. En tegen de tijd dat het donker was, moest je toch echt een lange broek, sokken en een trui aan. Waar we normaal buiten ons avondeten nuttigden, moesten we nu naar binnen. Dus bed opgeklapt en de tafel geinstalleerd. Erg knus. 's Avonds was het al koud, maar 's nachts was het echt raak. We lagen onder een slaapzak, maar dat was duidelijk niet voldoende. Later bleek dat het twee graden gevroren had, stapten we 's ochtends klappertandend uit de bus. Een dingo (wilde hond) kwam nog even goedemorgen zeggen.

Gelukkig warmde de zon ons snel op en reden we richting Weano, de andere spectaculaire gorge. Ook hier was het uitzicht van boven weer erg indrukwekkend, maar het echte werk moest nog komen. Met onze sandalen in de backpack (op het infobord stond al "Be ready to get wet") wandelden we Hancock Gorge in. We volgden een riviertje steeds dieper de gorge in en werden op een gegeven moment omsingeld door de bizarre pancakerocks. Vooralsnog hielden we onze voeten droog door over de platte delen van de rotsen te klimmen langs steile wanden, maar bij de Spider Walk moesten toch echt de schoenen uit. We checkten even de temperatuur van het water, dit was bepaald geen subtropisch zwemparadijs. Toch maar erin. Maar na een paar meter, sprong de kramp in Elle's benen, dus moesten we even pauzeren op het droge. Dat viel nog niet mee want de gorge werd smaller en smaller en af en toe vroegen we ons af of we hier wel echt door konden. Aan het eind van deze kloof kwamen we in Kermit's Pool, waar je echt het gevoel had midden in de aarde te zitten. Wat een geweldige, gekke, bizarre, unieke, vreemde, buitenwereldse (is dit een Nederlands woord?), met andere woorden een onbeschrijfelijke plek. Het kleine beetje daglicht wat nog binnen kwam, zorgde voor een bijzonder kleurenspektakel. We konden nog een klein stukje verder de gorge inkijken, maar dit was verboden terrein zolang je geen gediplomeerd canyoner/abseiler was en de benodigde spullen bij je had. Maar dat maakte niet uit, want wat we gezien hadden, overtrof al al onze verwachtingen. Unbefuckinglievable.

We hadden nog niet genoeg van de gorges, dus klauterden we na de lunch weer vrolijk verder naar de Handrail Pool. Ook hier hielden we het niet droog en pasten de we de schoenenwisseltruc weer toe. Na een half uurtje waden en klimmen, kwamen we aan bij het meer waar het weer aardig steil omhoog ging (zie de kleine Elle naast de waterval). En als afsluiter reden we langs Joffre Falls, waar we gelukkig alleen maar naar een uitzichtpunt hoefden te lopen voor het mooie plaatje. Na een campingdouche in de bush lieten we Karijini weer achter ons en vonden we een relaxed plekje langs de weg om de nacht door te brengen. Dit keer met shirt en broek (1), lakenzak (2), eigen slaapak (3) en Britz-slaapzak (4), dus met voldoende laagjes om de kou buiten te houden.

Inmiddels zitten we in Exmouth, nu echt aan de Westkust. Gisteren hebben we gehoord dat we onze mates David, Damian, Michelle en onze kleine vriend Jeb gaan ontmoeten in Perth. Ze vliegen vanaf Melbourne over en zullen samen met ons de laatste week van onze reis spenderen. Maar niet voordat we de 1200 kilometer naar beneden in een paar weken af zullen leggen.


Eén groot National Park

Broome, 04-07-06 - Voor je het weet heb je 2600 kilometer gereden en heb je half Northern Territory gezien. Drie National Parks hebben we al van binnen gezien, maar eigenlijk is het Noorden van Australie één groot National Park.

Omdat we mooie ervaringen hadden met de Wicked Camper drie jaar geleden, gingen we weer op zoek naar zo'n opgespoten bak met een geiles Arsch. Helaas konden we ons dit keer geen mooie aanbieding doen, dus kwamen we na wat onderzoek uit bij Britz. En vergeleken met de Wicked is deze camper een vet luxe villa. Dus na het overmaken van vele vele Aussie dollars, reden we weg bij de verhuur en meteen (om meteen maar de kosten te sparen) wildgekampeerd in een doodlopende weg in Darwin. Het was weer erg spannend en daardoor een erg korte nacht. Ook omdat we om 4.00 uur de wekker hadden gezet om de schoppartij Nederland-Portugal te kijken. Met twee andere Oranje-supporters keken we de wedstrijd in de enige kroeg die nog open was op dit onmenselijke tijdstip. Maar een gratis wijntje en biertje om 5.30 maakte veel goed.

We lieten Darwin achter ons en reden de Outback in richting Kakadu National Park. Ook hier konden we gratis slapen in een van de bushcamps, niet meer dan een plek in het bos met een paar barbies en een toilet/gat in de grond. Gelukkig zat er een draagbare douche in de bus, dus konden we voor het eerst outdoorcampingdouchen. Erg grappig. De volgende ochtend reden we naar de eerste (van vele) wandelroute in het park. Een wandeling van een uurtje leidde ons langs vreemd gevormde pannenkoekenrotsen in het rode zand. Zo'n 80 kilometer verderop was een Aboriginal rock art site, waar erg mooi gekleurde tekeningen (die heeeeel oud waren) te zien waren. En toen de avond viel, genoten we van een mooie zonsondergang over de floodplains van Kakadu. Van de 50 meter hoge rots, zagen we in de diepte nog een kangaroe voorbij hoppen. De eerste die we weer zagen.

Op dag drie reden we naar Nourlangie Rock, waar ook weer erg indrukwekkend Abo-schilderwerk te zien was. En vanaf de Rock genoten we van het mooie uitzicht. Een paar kilometer verderop lag nog zo'n enorme rots weggesmeten in de bossen, en van daaruit had je weer een mooi uitzicht over Nourlangie. Helaas was er niet echt een pad of bordjes, dus hadden we nogal wat moeite om weer beneden te komen. Het duurde anderhalf uur, vijftien keer omdraaien, acht keer vloeken, en twee keer je benen open halen aan de takken, struiken en scherpe gras, voordat we onze camper weer in het oog waren. Elle stelde zich al voor dat ze dagen moest overleven bovenop de rots en gered moest worden met een helicopter.

Gorgeous



Na drie dagen avontuur namen we weer afscheid van Kakadu en reden we naar Katherine (halverwege tussen Darwin en Alice Springs), om daar Nitmiluk National Park, oftewel Katherine Gorge te bezoeken. De tours over de rivier waren nogal prijzig (what's new?), dus besloten we te gaan wandelen. Na anderhalf uur kwamen we bij Pat's lookout, waar je een indrukwekkend uitzicht had over de Gorge. We zaten precies in een bocht, dus kon je ook nog de andere kant op kijken. We zagen dat mensen beneden in de krokodillenvrije rivier aan het zwemmen waren, dus zochten we de weg over de grote rotsen naar het strandje aan de rivier. Het was behoorlijk klauteren in de steile ravijnen, dus flink zweten, maar onderweg kwamen we weer veel moois tegen. En ook beneden werden we getrakteerd op een mooie kijk in de kloof. Na een erg verfrissende duik en een lunch (boterham met pindakaas) op het kleine strandje, liepen we weer terug naar boven. Omdat we behoorlijk bezweet aankwamen, sneakten we de camping op en namen een illegale, maar erg verfrissende douche. Zonder betrapt te worden, reden we richting West-Australie.

Keep River

Eenmaal op de weg, was het weer een behoorlijke beestenboel: vele kangaroes (vooral dood) langs en op de weg, grote arenden die de kadavers op zaten te eten (helaas met een botsing tot gevolg, hoogstens een gebroken vleugel), zonnebadende slangen op het hete asfalt, een paar koeien die nietsvermoedend midden op de weg stonden en vele bugs die de dood vonden tegen onze voorruit. Na twee uur vonden we een camping langs de weg, daar ons busje gepland en overnacht. Net voor de grens tussen het Northern Territory en W.A. lag Keep River National Park dat ons wel interessant leek. Na een uur stuiteren over de erg slechte dirtroad kwamen we bij de camping van het park aan. Even geluncht en in de middag een wandeling van ongeveer een uur gemaakt, weer door bizar landschap met spectaculaire vergezichten. En toen tegen de avond de zon zakte, gloeiden de gigantische rotsen helemaal op. Biertje erbij, wat heb je nog meer nodig?

Het nam twee dagen in beslag om in Broome te komen, waar we nu zitten en al van het mooie witte strand hebben genoten. We horen alleen maar goede verhalen over dit stadje, dus voorlopig zijn we nog niet weg.


Good to be back

Darwin, 23-06-06 - Na een prettige vlucht midden in de nacht en een uur slaap, zijn we aangekomen in Darwin. De eerste psychologische schade is inmiddels opgelopen door de superhoge prijzen vergeleken met Azie. Maar daar komen we wel overheen. We hebben al een heerlijk Westers ontbijt achter de kiezen (met echt bruin brood!) en gaan nu op zoek naar een mooie camper die ons helemaal naar Perth moet brengen.




Reisverhalen van Elle en Michiel in Nieuw-Zeeland, Australie, Thailand en Cambodja, Laos, Vietnam, Indonesie en West-Australie, reisverslagen van de rondreis, wereldreis Elle Lepelaars en michiel