Brevitas:
De stijlmiddelen van bondig spreken
  • abbreviëren: de kunst zich zo kernachtig mogelijk uit te drukken;
  • brachylogie: de stijlvorm die woorden of gedachten weglaat om in zo weinig mogelijk woorden zo veel mogelijk te zeggen;
  • brevitas: beknopt en bondig spreken;
  • epifonema: een pakkend epigram dat wordt gebruikt voor de opsomming;
  • epitrochasmus: een snelle overgang van de ene stelling naar de andere;
  • fabel: een kort, allegorisch verhaaltje;
  • oxymoron: het naast elkaar plaatsen van tegengestelde begrippen, in feite een gecondenseerde paradox;
  • percursie: het opsommen van feiten en gegevens zonder daarbij in detail te treden;
  • spreuk: een korte, kernachtige stelling met een algemene waarheid;
  • zeugma: het gebruik van één (werk)woord dat meerdere zinsneden overspant:
    • diazeugma: de vorm van zeugma waarbij één onderwerp meerdere werkwoorden heeft;
    • hypozeugma: de vorm van zeugma waarbij een werkwoord in de laatste zinsnede staat;
    • mesozeugma: de vorm van zeugma waarbij een werkwoord in de middelste zinsnede staat;
    • prozeugma: de vorm van zeugma waarbij een werkwoord in de eerste zinsnede staat.
  Terug naar de stijlfiguren  
  © Maurice van Elburg  
  Terug naar de homepage