|
|
MARK
Ik ben a-creatief (ik doe wat ik moet, wat ik doe is goed; naar dichtertje / god, uit dichtertje, nescio)
En als ik dan al een idee heb, is de vraag: wat moet ik ermee. Eens wilde ik een verhaal schrijven over iemand die niet bestaat. Maar wat er zo'n gegegeven gedaan kan worden, blijft mij een vraagteken of een steken in flauwiteiten van z'n vrouw: 'je bent er nooit'. Ook een spookje dat zijn familie uit het spookhuis moet redden, omdat ze anders opgezet zullen worden, of een neuroot die de veranderlijkheid van leven wil omzetten in dood, er vogelverschrikkers van knutselt, tjah. Ach, grijs geklaag, de keren dat ik het met mezelf eens was, zijn op een hand te tellen - de keren dat ik het zal zijn, op een vinger.
|