Wie is de eigenaar?

Een Nederlander die ging naar Marokko.

Daar zei hij: "Van wie is dit café?"

De Marokkaanse man zei tegen de Nederlander: "Ruh tqewwed."

Toen zei de Nederlander: "O, Rost Kawoet."

Toen ging hij naar een restaurant, en toen zei hij: "Van wie is dit restaurant?"

De man van het restaurant zei: "Ruh t... al-hmar."

De Nederlander zei: "O, van Rochelsjmar."

Toen kwam hij bij een ziekenwagen. Toen vroeg hij: "Van wie is deze ziekenwagen?"

Er werd gezegd: "A ruh uh l-hmar tqewwed."

De Nederlander zei: "O, van Rotjemarkoewee."

Toen ging hij weer terug naar Nederland.

[De Arabische woorden betekenen steeds zoveel als: "Hoepel op, ezel!"]

(Deze Marokkaanse mop werd verteld door de 8-jarige Marokkaanse jongen Abdel)