Schildpad Iedereen
Er was eens een schildpad die bekend stond als lui en vraatzuchtig. Hij at altijd alles van anderen op. Toen hoorde hij dat de vogels ergens een banket gaven met een hoop eten. Dat was ergens waar je niet te voet kon komen, ergens heel hoog. De schildpad hoorde ervan en ging naar de vogels en hing een heel verhaal op dat hij zijn leven gebeterd had. De vogels kregen natuurlijk medelijden. De schildpad zei dat hij helemaal geen eten meer had en vroeg of hij ook mee mocht eten.
De vogels zeiden: "Dat mag wel, maar je kunt er alleen niet komen."
"Dat kan wel als jullie me allemaal een paar veren geven, dan kan ik vleugels maken."
Hij kreeg toen van al die vogels een paar veren en hij kon dus vliegen naar de plek van de maaltijd.
Daar zei hij: "Mijn naam is Iedereen."
Want het was gebruikelijk dat iedereen zijn naam bekend maakte. Toen kwamen de andere vogels ook op de plek aan. Er waren nog andere vogels en er was een gastheer.
Die gastheer zei: "Okee, iedereen mag beginnen met de maaltijd."
De schildpad zei: "Ik heet Iedereen, dus alleen ik mag beginnen met eten."
En niemand mocht verder eten. Uiteindelijk was hij heel zwaar, omdat hij zoveel had gegeten. De andere vogels hadden niets gegeten en pakten voor straf de veren weer terug.
Toen zei de schildpad: "Zeg dan tegen mijn vrouw dat ze een heleboel kussens op de grond moet leggen, dan kan ik naar beneden springen."
De vogels zeiden echter tegen de vrouw dat ze een hele hoop harde dingen neer moest leggen. De vrouw snapte er niks van, maar ze legde een heleboel harde dingen neer. De schildpad sprong naar beneden. Hij overleefde de val, maar zijn schild brak in een heleboel stukken. Hij heeft die allemaal aan elkaar gelijmd en daarom bestaat zijn schild nog steeds uit allemaal losse stukken.
(Deze internationaal bekende fabel is verteld door de Nederlandse middelbare scholier Werner Abland)