Stank voor dank

Dit verhaal gaat over oprechtheid. Ze zeggen dat het een waargebeurd verhaal is, en stamt uit de tijd dat de dieren nog konden praten.

Er was eens een vrouw die haar dochter wilde gaan bezoeken. Die dochter woonde een heel eind weg. De vrouw was al lange tijd onderweg, toen het donker begon te worden, terwijl ze toch nog een paar uren zou moeten lopen. Toen kwam ze plots een tijger tegen.

De tijger zei: "Mevrouw, waar gaat u naar toe? Het is donker. Het is gevaarlijk om buiten te blijven lopen."

De vrouw zei: "Ja, maar ik heb geen andere keus, ik moet gewoon doorlopen."

De tijger zei: "Nee, u kunt vannacht bij mij overnachten. Morgenochtend kunt u dan weer verder naar uw dochter."

De vrouw zei: "Ja, dat is heel aardig van u, meneer tijger."

Toen is ze bij hem gebleven. De tijger heeft goed voor haar gezorgd. Hij heeft ergens een geit gevangen en heeft haar het vlees te eten gegeven. Hij heeft haar buitengewoon gastvrij behandeld.

Voordat de vrouw ‘s ochtends vertrok, heeft de tijger gezegd: "Als je weer terugkomt van je dochter, ben je altijd welkom. Kom maar weer langs: ik zal je te eten en te drinken geven, en daarna kan je weer terugkeren naar je eigen huis."

De vrouw had dit dankbaar aanvaard.

Die ochtend ging de vrouw vervolgens weer op pad naar haar dochter. Maar wat doet die tijger? Die loopt achter haar aan. Voor de veiligheid.

Hij zei bij zichzelf: Ze was mijn gast, en ze gaat nu naar haar dochter. Ze moet nog uren lopen. Ik heb haar gastvrijheid en bescherming beloofd. Al weet zij het niet: ik hou haar goed in de gaten.

De vrouw merkte inderdaad niet dat ze door de tijger gevolgd werd. De tijger bleef stiekem achter haar aanlopen.

Toen kwam de vrouw aan bij het huis van haar dochter.

De dochter vroeg: "Mamma, waar ben je zo lang gebleven?"

De vrouw zei: "Ja, ik heb onderdak gekregen bij meneer tijger. Die meneer tijger heeft mij heel goed verzorgd. Maar ik moet wel zeggen: wat stonk dat beest uit zijn bek!"

De tijger zat om een hoekje te luisteren.

"Krijg nou wat! Nu heb ik zo goed voor haar gezorgd. En hoor nu eens wat ze achter mijn rug over mij zegt tegen haar dochter!"

De tijger werd kwaad en is naar zijn huis teruggelopen.

Een paar dagen later ging de vrouw weer op weg naar haar huis. Onderweg kwam ze de tijger tegen.

De tijger zei: "Je bent van harte welkom!"

De vrouw heeft thee gedronken en een beetje gegeten.

Toen zei ze: "Ik moet weer verder gaan."

De tijger zei: "Ja, u mag weg. Maar eerst wil ik dat u mij op mijn voorhoofd slaat zodat het bloed eruit komt."

De vrouw zei: "Waarom? Nee, nee, dat wil ik niet!"

"Je gaat niet weg! Je moet mij eerst slaan tot er bloed vloeit, of anders... maak ik je dood!"

De vrouw werd natuurlijk bang. Zij pakte een steentje en gooide het - pats! - midden op het voorhoofd van de tijger. Het bloed stroomde eruit.

Toen zei de tijger: "Nu mag u weg. U heeft mij verwond. Misschien zien we elkaar over een paar jaar wel weer."

De vrouw is naar haar huis gegaan.

Jaren later is de vrouw weer naar haar dochter gegaan. Ze durfde niet meer langs het huis van de tijger, en ze heeft dus een andere weg genomen.

De tijger wist wel dat ze dat zou doen, en hij zei tot zichzelf: Ik loop de omgeving af om haar te ontmoeten. Mijn wond is nu weg, mijn litteken is verdwenen en er zijn haartjes overheen gegroeid. Je ziet er niks meer van.

Op zeker moment ontmoette hij de vrouw weer.

"Hallo mevrouw! Herinnert u zich mij nog?"

De vrouw zei: "Natuurlijk, meneer tijger, kan ik mij u herinneren."

En ze vertelde wat er vroeger gebeurd was.

De tijger zei: "U heeft mij aan mijn voorhoofd verwond."

"Ja," zei de vrouw: "en u heeft mij toen geen uitleg gegeven. Maar nu zou ik wel eens willen weten: waarom vroeg u mij om u op uw voorhoofd te slaan?"

De tijger zei: "Ja, dat ga ik je nu pas vertellen."

Ze zei: "Zeg het eens."

De tijger zei: "Toen je de eerste keer bij me was, heb ik je goed verzorgd. En toen je vertrok, heb ik je achtervolgd. Voor je eigen veiligheid. Je hebt niet gemerkt dat ik achter jou liep. Ik heb dat gedaan om jou als gast te beschermen. Je was immers bij mij thuis geweest, en ik wilde niet dat mijn gast wat zou overkomen. Toen je bij je dochter was, hoorde ik je zeggen: ‘Die meneer tijger, wat stinkt die uit zijn bek!’ Dat heeft me pijn gedaan! Waarom ben je daar niet eerlijk over geweest? Daarom vroeg ik je of je mij wilde slaan. De pijn van een klap verdwijnt op een bepaalde dag weer. Maar de pijn van roddel en achterklap blijft voor altijd pijn doen in mijn hart. Voor straf maak ik jou nu af!"

Pats!

Toen heeft de tijger de vrouw gedood.

Ze zeggen dat dit werkelijk waar gebeurd is.

(Dit Marokkaanse verhaal is verteld door museum-medewerker Lamkaddam El Hidraoui, geboren te Nador in Marokko)