de geschiedenis van Leiden

 

“feestgedruis”

 

Naast rampspoed was er in Leiden toch ook regelmatig reden om uitbundig feest te vieren. Denk maar aan de viering van drie oktober waarin de kermis en ander vermaak centraal staan.

Vooral de kermis heeft eeuwenlang gelegenheid aan de bezoekers  tot vermaak gegeven.

Van oorsprong heeft de kermis veel van doen met de middeleeuwse jaarmarkten.

De oudste en belangrijkste jaarmarkt was de Kruismarkt die volgens de overlevering voor het eerst in 1125 werd gehouden. Deze markt herinnerde aan de inwijding van de Sint Pieterskerk op 11 september 1121 door de Utrechtse bisschop Godebald.

De Kruismarkt ontleende zijn naam aan het marktkruis dat tijdens de markt werd opgesteld. Bij het krieken van de dag haastten kooplieden en boeren van het platteland rond Leiden zich naar de stad om verzekerd te zijn van een goed plekje waar zij hun waren konden uitstallen. Vanwege het kruis op de markt  was er van de schout en zijn rakkers geen gevaar te duchten zelfs voor bezoekers met een of ander vergrijp op de kerfstok.

De Kruismarkt was een lang leven beschoren want talloze malen hebben de kerkklokken hun stem laten horen dat het begin en het einde van de markt aan te kondigen.

Vanaf Hemelvaartsdag tot de donderdag voor Pinksteren werd er in Leiden uitbundig gemarkt en feest gevierd. Op de zondag voor Pinksteren trok er een kleurrijke processie door de straten van de stad. Middelpunt van de processie was het prachtig versierde Mariabeeld van de Vrouwekerk dat feestelijk werd rondgedragen. Rond het Mariabeeld presenteerde zich het voltallig stadsbestuur in ambtsgewaad.  Later kwam daar de Schutterij en de hoornblazers van de stad bij. Op de kerkelijke kalender stond de donderdag voor Pinksteren vermeld als Ommegangsdag.

Na de Reformatie verdween de kleurrijke processie voorgoed uit het straatbeeld. Het Mariabeeld van de Vrouwekerk heeft de Beeldenstorm van 1566 niet overleefd.

Naast de jaarmarkten werd waren er ook de kerkelijke hoogtijdagen, zoals Pasen, Pinksteren en Kerstmis. Ook de velen heiligendagen werden op bijzondere wijze gevierd. De Leienaars kregen een dag vrij en de kerkklokken van de parochiekerken riepen de parochianen ter kerke. Speciale kerkdiensten gewijd aan een heilige werden uitbundig gevierd. Na afloop van die diensten kwamen de gelovigen wat graag in de herberg graag bij elkaar. Tussen kerk en kroeg lag maar een kleine stap!

Ook op de heiligendagen trokken er luisterrijke processies rond waarin de bont beschilderde beelden van de beschermheiligen werden rond gedragen. De broeders van de ambachtsgilden, koorknapen en priesters maar ook muzikanten, rederijkers en schutters liepen “paasbest”gekleed, plechtig voorafgegaan door de stedelijke magistraten. Een kleurrijk geheel dat door drommen mensen langs de route werd bekeken. Zo is het nu ook nog met de drie-oktoberoptocht waarop velen afkomen en ook van heinde en ver.

 

geschiedenis van Leiden - straatleven

geschiedenis van Leiden