Mierennesthofje
Hooglandse Kerkgracht 38
Gesticht in 1760
Architect: onbekend
Een deel van het hofje is het uit 1386
daterend St. Pancreasbegijnhof
Bestuur: Stichting Diogenes
Afb: foto N.N.
De oorsprong van het Mierennesthofje aan
de Hooglandse Kerkgracht is het Sint Pancreasbegijnhof dat volgens de
geschiedenisboekjes door kanunnik Gerrit Lam in 1386 moet zijn gesticht. Het
overige van de geschiedenis van het hofje is aan mijn aandacht ontsnapt. Ook
mijn toenmalige geschiedenisleraar op de Uloschool wist er niets over te
vertellen. Wel vertelde hij ons dat het hofje oorspronkelijk een middeleeuws
Vrouwenconvent was, een begijnhof onder de herderlijke hoede van de parochie
van Sint Pancras op het “Hoge Land.” Dat is in overeenstemming met de
oorspronkelijke naam van de Hooglandse Kerk, de Kapittelkerk van Sint Pancras,
gewijd aan Sint Pancratius, een martelaar uit het prille begin van de 4e
eeuw. Hij werd omstreeks 289 geboren in Synnada (Klein-Azië) en stierf in Rome
op 12 mei 304, amper 14 jaar oud. Hij is een van de vier IJsheiligen. In het
Mierennesthofje bevinden wij ons op eertijds gewijde grond.
Van de VVV van Leiden mocht ik het
volgende verhaal over het Mierennesthofje ontvangen:
Het Mierennesthofje is een voortzetting
van het Sint Pancreasbegijnhof, dat in 1402 naar de huidige plaats aan de
oostzijde van de Hooglandse Kerkgracht werd verplaatst. Na de reformatie werd
de stad Leiden eigenares van het begijnhof en liep het aantal begijnen sterk
terug. De huisjes bleven wel intensief bewoond, voornamelijk door kinderrijke
gezinnen
In de volksmond werd het begijnhof ook
wel ‘Rupsennest’ (ruide = rups) of ‘Mierennest’ genoemd.
In de loop der tijden werden veel
huisjes verkocht of gesloopt. De laatste overgebleven woninkjes werden in 1731
gekocht door mr. Diederik van Leyden, rijksgraaf, heer van Vlaardingen en
kerkmeester.
In zijn testament dat hij in 1760 liet
opmaken, bepaalde Diederik van Leyden dat de vijf huisjes officieel een hofje
werden. De bewoners van de huisjes moesten tot de Christelijke Religie behoren
of hiermede banden hebben. In de 18e eeuw werd een deel van de
huisjes verkocht en afgebroken om ruimte te maken voor de bouw van de
Remonstrantse Kerk.
Door de lange toegangspoort komt men in
klein hofjes met vijf woninkjes. Opvallend is de tandlijst onder de goot van
het eerste huisje, dat vermoedelijk het oudste is. In 1977 kwam het hofje in
bezit van de stichting en in de jaren 1981 –1982 werd het volledig
gerestaureerd.
en 1981 is het hofje grondig
gerestaureerd.