Jean Michielshofje
Pieterskerkstraat 10
Gesticht in 1687
Gevestigd in een vroeg 17e
eeuws complex
Verbouwd in 1747
Restauratie in 1964 en 1989
Bestuur: Stichting Leidse
Studentenhuisvesting
Foto © Marinus Klein
Op 26 januari 1687 bezocht Juffrouw Catharina
Geschier, weduwe van Jean Michielsz. , Notaris Adriaen Oosterling om haar
testament te laten beschrijven. Jean Michielsz was in leven koopman in Leiden
en hij en zijn echtgenote bewoonden een huis aan de Herengracht. Beiden woonden
op stand want in die dagen was het wonen aan de Herengracht bestemd voor rijke
kooplieden. Juffrouw Geschier had eerder met haar overleden echtgenoot
afgesproken dat de langstlevende van het kinderloze echtpaar een hofje zou
stichten. In 1686 had haar man voor dat doel enkele huisjes gekocht in een
poort uit het begin van de 17e eeuw aan de Pieterskerkgracht. De
weduwe kocht een jaar na het opstellen van haar testament nog enkele huisjes
ter plekke.
Na haar overlijden werd aan de bouw van het
begonnen, geheel en al naar de wens van het echtpaar. De uitvoerders van het
testament verbouwden en pasten de bestaande huisjes aan. Het hofje kreeg
daardoor een rommelig karakter want op het hofje was geen huisje gelijk van
bouw. Maar dat was juist het aardige er van. De huisjes op het hofjes werden
bestemd voor vier echtparen en acht vrouwen, ongehuwd of weduwe. De bewoners
waren lidmaat van de Waalse Gereformeerde Religie.
Voor zover het de renten van het nagelaten
bezit het toeliet kregen de bewoners eten, drinken en andere milde gaven.
Rechts op de foto de plek waar bewoonsters
vroeger de was deden.
Welkomstmaaltijd
Voorts werd jarenlang een aardige regel van
het hofje in ere gehouden. Een nieuwe bewoner bood bij wijze van welkom de
medebewoners een feestmaaltijd aan. Met die aardige gewoonte werd echter in
1757 gebroken.
Tien jaar later kwam er een eind aan een
andere traditie, het gratis verstrekken van bier. De bewoners klaagden dat de
drank door verblijf in de bierkelder nergens naar smaakte. Wellicht werd er te
weinig gedronken!
Na de klacht over de smaak van het bier,
kregen de bewoners per week twee stuivers biergeld. Voor die tijd toch een
flink bedrag.
In 1747 werden de oude vensters van het
hofje vervangen door schuiframen. Het hofje ging met zijn tijd mee. In 1962
werd het Jean Michielshofje door aankoop eigendom van de Stichting Leidse
Studentenhuisvesting en onder leiding van de architect E. A. Canneman werd het
gerestaureerd volgen de opvattingen van de jaren zestig. Gelukkig deed de
restauratie geen afbreuk aan het oorspronkelijk rommelig karakter van het
complex woninkjes.
In mijn jeugd heb ik het hofje mogen
ervaren als een bij elkaar gerommeld schilderachtig geheel, waar gezellige en
vriendelijke oude vrouwtjes woonden. Vanwege mijn bezoeken aan het
Tevelingshofje bleef voor mij de poort van Jean Michielshofje niet gesloten.
Daarnaast ging ik vlak bij het hofje op
school, de Jongensschool voor Ulo aan de Pieterskerkstraat. Dat schoolgebouw is
jammergenoeg gesloopt. Wellicht vanwege het fabrieksachtig uiterlijk. Ook nu
nog heeft het Jean Michielshofje een gezellig rommelig karakter.