Spelen

Marloes, 5 jaar

Marloes is samen met haar zusje Tessa (1 jaar) een dagje bij haar tante. Zij heeft tijdens de zwangerschap van haar moeder gehoord hoe een baby in de buik ontstaat. "Pappa heeft een zaadje en mamma heeft een eitje en als die bij elkaar komen dan groeit er een baby" (zonder verder in details te treden). Haar nichtje Laura (6 jaar) heeft zelf geen broertje of zusje en vindt het ook erg leuk om met Tessa te spelen. Marloes baalt hiervan, want regelmatig gaat de aandacht uit naar haar zusje, terwijl een vriendinnetje bij haar komt spelen. Ze zegt dan ook geprikkeld tegen Laura: "Wij waren toch aan het spelen", waarop Laura even geprikkeld antwoord: "Ja, maar ik wil ook met Tessa spelen, want ik heb geen zusje". Marloes doet haar handen in de zij en zegt boos: "Dan moet jouw moeder ook maar een pit opeten".

Marloes, 5 jaar

Marloes is samen met haar zusje Tessa (1 jaar) een dagje bij haar tante. Zij heeft tijdens de zwangerschap van haar moeder gehoord hoe een baby in de buik ontstaat. "Pappa heeft een zaadje en mamma heeft een eitje en als die bij elkaar komen dan groeit er een baby" (zonder verder in details te treden). Haar nichtje Laura (6 jaar) heeft zelf geen broertje of zusje en vindt het ook erg leuk om met Tessa te spelen. Marloes baalt hiervan, want regelmatig gaat de aandacht uit naar haar zusje, terwijl een vriendinnetje bij haar komt spelen. Ze zegt dan ook geprikkeld tegen Laura: "Wij waren toch aan het spelen", waarop Laura even geprikkeld antwoord: "Ja, maar ik wil ook met Tessa spelen, want ik heb geen zusje". Marloes doet haar handen in de zij en zegt boos: "Dan moet jouw moeder ook maar een pit opeten".

Perry, 7 jaar

Perry verteld op een middag onder het eten aan zijn moeder dat hij gisteren zijn nek had gebroken op de trampoline. Moeder legt uit dat dit niet kan, want dan kon hij niet meer lopen. Ze zei: "Je kan wel zeggen: ik kwam verkeerd terecht en m'n nek doet zeer" of "ik maakte een verkeerde beweging in m'n nek", of iets dergelijks.

De tranen sprongen in Perry z'n ogen en half huilend zei hij tegen zijn moeder: "Je gelooft me ook nooit! " Jij zegt dat ook altijd. Als ik m'n kamer moet opruimen, zeg je ook altijd: "Ik breek bijna m'n nek". Moeder moest ontzettend lachen en vond het zo goed opgemerkt, want in zijn logica had hij ook nog gelijk!