
Wat heb je nodig om een electroheli te kunnen vliegen ?
Auteur: Peter J.J. van Hout
Laatste wijziging:
12
febr. 2012
Weet je nog helemaal niets van modelhelikopters is het misschien
verstandig om eerst de pagina over
de werking van de modelhelikopter
te lezen.
Op die manier krijg je eerst een idee van wat er allemaal op en aan zit
en waar het voor dient.
Wat je nodig hebt om te kunnen vliegen hangt
natuurlijk af van wat je er mee wil gaan doen.
Het begint met de keuze of je buiten of binnen wil gaan vliegen.
Voor buiten te kunnen vliegen geld over het algemeen dat de heli stabiel
genoeg moet zijn om dit te doen.
Dit is afhankelijk van weersomstandigheden, grote,gewicht en afstelling
en stuurmanskunst.
Stuurmanskunst is natuurlijk een grote bepalende
factor of dit mogelijk is.
In zijn algemeenheid geld hier dat een grotere zwaardere heli stabieler vliegt dan
een kleinere en daardoor gemakkelijker bestuurbaar is.
Hierdoor is hij beter geschikt om
het leren vliegen onder de knie te krijgen.
Je kan ook zeggen dat de massa traagheid van de heli groter is en hij
daardoor wat gemoedelijker op de stuurbewegingen reageert.
Hij vertoont een minder nerveus vlieggedrag omdat hij wat minder snel door
wind invloeden e.d. uit zijn baan te brengen is.
Om een idee te krijgen van de grote verschillen heb ik enkele heli's
bij elkaar gezet en in verhouding weer gegeven.
De volgorde is van boven tot beneden:
E-Raptor 620 SE Rotordiameter ~
1,35 meter Gewicht ~ 3.5 Kg
T-Rex 600 CF
Rotordiameter ~ 1,35 meter Gewicht ~ 3.0
Kg
Logo 10
Rotordiameter ~ 1,15 meter Gewicht ~ 2.0
Kg
Eco 8 Royal
Rotordiamerer ~ 1,06 meter Gewicht ~
1,5 Kg
T-Rex 450 SE
Rotordiameter ~ 0.70 meter Gewicht ~ 690
gram
TT Mini Titan E325 Rotordiameter ~ 0.73 meter
Gewicht ~ 750 gram
Picolo Pro
Rotordiameter ~ 0.54 meter Gewicht ~ 335
gram
Uiteraard zijn er nog veel meer heli's verkrijgbaar.
Wat ik wil laten zien is dat ze als je alleen naar een foto kijkt, ze allemaal even groot
lijken maar in werkelijkheid zijn ze dat zeker niet.
Zelf vergelijk ik om het verschil in moeilijkheid bij het vliegen
duidelijk te maken, het vliegen met een stok die je op je vinger wil laten balanceren.
Als de stok groter is en meer massa heeft is het gemakkelijker dan dat
je dit met een kort stokje probeert.
Zo'n soort idee krijg je ook bij het besturen van de rotor.
Je bent constant bezig met het corrigeren van de positie van de heli in alle
richtingen. Dit geeft tevens de moeilijkheid aan.
Het besturen van een modelheli moet een automatische handeling zijn die je
jezelf moet aanleren.
Voor binnen (indoor) gelden andere regels omdat behalve de stuurmanskunst ook de
toelatingsnormen hier een rol in spelen zoals b.v. een maximaal vlieggewicht m.b.t.
de veiligheid wat hier dan weer het liefst zo laag mogelijk is.
Kijken we nu naar die twee dingen dan zien we tevens de tegenstrijdigheden
hierin.
Soms kom je aanbiedingen tegen die voor binnen en buiten vliegen geschikt zouden zijn maar of dit
werkelijk zo is ?
Persoonlijk denk ik dat je beter kan kiezen voor een van beide omdat altijd
het ene ten koste van het andere gaat.
Een mogelijke tussen stap ?
Iets wat in het bovenstaande
verhaaltje niet is opgenomen is de
coaxiale indoor heli zoals b.v. de
Esky Lama V4.
Deze heli met dubbele rotor is zeer
stabiel en kan goed dienst doen als
een tussen stap om de beginselen van
het leren heli vliegen wat te
vergemakkelijken.
Veelal zijn deze heli's goedkoop als
complete set verkrijgbaar (beneden de
100 Euro) en is dus ook wat de prijs
betreft geschikt voor een beginner.
De reden waarom ik ze apart vernoem is
omdat ze niet vergelijkbaar zijn in
vlieggedrag en prestaties van de
andere heli's.
Waar je bij de aanschaf hierbij op
moet letten is dat je wel de goede
'stickmode' kiest.
De richting van besturen die je
hierbij kiest ga je ook gebruiken bij
een volgende heli.
Omdat je met deze heli je wel kan
aanleren de goede kant op te sturen en
een gevoel te krijgen voor het
helivliegen is de keuze om hiermee te
beginnen misschien niet verkeerd,
de moeilijkheidsgraad is een
stuk minder en niet geheel
vergelijkbaar met de andere heli's.
Wat het vlieg gedrag betreft is het
niet mogelijk om snel rond te vliegen
en blijft het vliegen hoofdzakelijk
beperkt tot het binnen vliegen zonder
3D allures, al zal een windstille dag
je natuurlijk wel uitnodigen voor een
uitje.
Wat hebben we nodig voor de heli's met enkele rotor ?
Grof weg kunnen we een lijst maken met benodigdheden:
- De heli zelf zonder toebehoren
- Electromotor voor de heli
- Motorregelaar
- Zender die geschikt is voor helivliegen.
- Ontvanger
- Servo's (4x)
- Gyro (1x)
- Accu's (motor accu en evt. ontvanger
accu)
- Lader(s)
- Hulpmiddelen
- En als laatste maar zeker niet uit te vlakken "Veel geduld en
doorzettingsvermogen".
De aanschafprijs:
De aanschafprijs voor dit lijstje is van goedkoop voor de kleinste indoor
heli's tot heel duur voor de grootste outdoor heli's.
Ook heeft de samenstelling van het lijstje natuurlijk invloed op de prijs en
heeft elke heli zijn minimale eisen voor de samenstelling.
Persoonlijk denk ik dat de minimale grote om buiten te leren vliegen begint
bij c.a. 1 meter tot 1,2 meter rotordiameter in combinatie met niet te veel wind,
afhankelijk van ervaring.
Je hebt dan een gewicht van zo'n 1.5 tot ruim 2 kilo.
Een groot gedeelte van de aanschafprijs gaat op in de aandrijfset, dus
motor, regelaar en vliegaccu's.
Het is dus verstandig hierop te letten.
Van de vliegaccu kan je denk ik zeggen dat je die kosten kan wegstrepen tegen
de brandstofkosten bij een brandstofheli bij een gemiddelde grote.
Bij de grotere wordt het waarschijnlijk iets duurder maar het electro geluid
pas dan ook beter bij een modelhelikopter dan de brandstofmotor geluiden.
Bovendien heb je met electro niet of nauwelijks problemen met de milieu eisen
die overal van toepassing zijn.
Wat is wijsheid ?
Veelal wordt gekozen voor een zo goedkoop mogelijke set om mee te beginnen en
is men al snel geneigd te kiezen voor de goedkopere indoor heli.
Dit is te begrijpen omdat je natuurlijk niet weet waar je aan begint en of het
wel bevalt.
Of dit verstandig is valt te betwijfelen omdat dit veelal ook gedoemd is te
mislukken.
De reden is kort, door te kiezen voor een zo goedkoop mogelijke set, kies je meestal tevens ook voor minimale kwaliteit en mogelijkheden.
Ook zijn kleine indoor-heli's veelal moeilijk
bestuurbaar en daardoor ook minder geschikt om te beginnen.
De volgende generatie heli's ?
Veel heli's worden betiteld als de volgende generatie heli's die veelal
voorzien zijn van lipo's en wat verbeterde materialen.
Hierdoor is het mogelijk een tussenvariant te produceren die dan tevens
het predikaat "De volgende generatie beginners heli's" krijgt
toebedeeld.
Zie hierover ook de pagina
De volgende generatie beginners heli's
over dit onderwerp.
Zo'n tussen variant is b.v. de T-rex 450 -achtige die te zwaar zijn voor
indoor omdat op veel plaatsen het indoor vliegen al beperkt is tot een gewicht
van 350 gram.
Als deze heli's dan gedemonstreerd worden door iemand die het vliegen
al beheerst lijkt het meteen al een stuk gemakkelijker.
Een voordeel is dat de kleine heli wat minder crash gevoelig is door
de geringere massa die er achter zit en hij dus wat harder op de grond kan
komen zonder dat er wat stuk gaat.
De reparatie kosten bij een crash zijn
bij een kleinere heli lager echter als
dit veelvuldig voor komt is dit al
snel minder.
Of deze dus werkelijk de beste keuze
is om mee te beginnen in dan de vraag.
Als ik de variaties (het oversturen e.d.) in het vlieg gedrag vergelijk bij
beginners tussen zwaardere en deze heli's met de zelfde oefentijd zie ik bij de zwaardere
heli's toch een
aanzienlijk stabieler vlieggedrag.
De stabiliteit en windgevoeligheid van zo'n kleine T-rex achtige valt mee omdat er met een kleinere rotordiameter die dus minder wind vangt met
een erg hoog rotortoerental wordt gevlogen wat de stabiliteit bevordert.
De reactie op de stuurbeweging is een ander verhaal en het komt er dan
ook op neer dat je mede door de hogere toeren ook een fellere reactie krijgt
bij een stuurbeweging.
Dit heeft te maken met de massatraagheid van het geheel.
Dit kan gedeeltelijk gecorrigeerd
worden in de zender maar de heli zal
toch een nerveus aanstuurgedrag
blijven vertonen en moeten goede
instelmogelijkheden in de zender
aanwezig zijn.
Dit is soms onvoldoende bij de zenders
die bij sommige kits mee geleverd
worden waardoor het ook meteen een
stuk moeilijker wordt.
Het soms mogelijk te kiezen voor een 'beginners afstelling' wat
het stuurgedrag ook beïnvloed in de positieve zin.
De kant en klaar heli's die compleet
afgesteld geleverd worden staan
meestal niet afgesteld voor beginners
maar gevorderde zodat ze 3-D geschikt
zijn.
Het leren vliegen met kleinere heli's zal zeker voor een beginner meer moeite kosten
en zal het aantal 'afhakers' die hun pogingen na verloopt van tijd (komt ook
voor met
grote stabiele heli's) opgeven zeker verhogen.
Als beginner heb je goede spullen nodig omdat deze ook het gemakkelijkste
vliegen en je daardoor ook de meeste kans hebt dat het lukken gaat.
Een optimale (beginners) afstelling is hier dat ook erg belangrijk en verhoogt de
kans op slagen aanzienlijk.
Een ervaren vlieger kan waarschijnlijk wel vliegen met iets wat moeilijk
bestuurbaar is maar omgekeerd lukt dat niet.
Dit zit dus ook deels in de ervaring in
deels het afstelling van een heli.
Meestal heeft een ervaren vlieger het beste materiaal en een beginner het
slechtste terwijl om goed te kunnen en leren vliegen juist het omgekeerde noodzakelijk
is.
Als hierbij dan ook nog eens bij een beginner de heli slecht
afgesteld is gaat het natuurlijk dubbel op.
Wat heb je nu nodig om te kunnen starten ?
Zoals hier boven al vermeld is het afhankelijk van je doelstelling en zal
je dus een keuze moeten maken.
Wil je een zo goed mogelijke kans hebben dat het lukt zal je dus moeten
kiezen voor een goede samenstelling als basis.
Als we nu uitgaan van een configuratie voor b.v. buiten te vliegen dan is het mogelijk
een overzicht te geven met een toelichting er bij.
Zo'n overzicht zou er als volgt uit kunnen zien:
- De heli zelf zonder toebehoren spreekt
denk ik voor zich echter wordt soms een combinatie aangeboden met b.v.
een elektromotor e.d.
Of deze keuze verstandig blijkt te zijn is afhankelijk van het
aanbod en moet dus kritisch bekeken worden per toegevoegd onderdeel wat
hieronder verder wordt toegelicht.
- De elektromotor voor de heli

De elektromotor is
in vele variante leverbaar maar kan opgesplitst worden in twee groepen t.w.
koolborstelmotoren en borstelloze motoren.
Van de koolborstelmotoren kan ik
zeggen dat je beter van het begin af
hier niet aan kunt beginnen en komen
gelukkig steeds minder voor.
De levensduur en kwaliteit t.o.v. de borstelloze motoren veel minder is en
voor het leren vliegen is een borstelloze motor veel beter regelbaar.
Ten gevolgen hier van is dan weer de hoogte beter te besturen en onder
controle te houden iets wat voor een beginner erg welkom is.
Het minimale en maximale vermogen van de motor moet geschikt zijn voor het
type heli en wat je er mee wil gaan doen.
Wil je fel (3-D) gaan vliegen in de toekomst of is rustig rondvliegen
voldoende.
- Motorregelaars

Motorregelaars horen bij het type motor (borstel of
borstelloos) en
het maximale vermogen van de motoren.
Ook zou je bij de aanschaf er op moeten letten dat er een "heliregeling" op
zit zodat je bij het vliegen met een collectieve pitch rotor je geen problemen
hebt met het regelen van het motortoerental.
Vlieg je met een niet al te grote heli zou ik ook kiezen voor een regelaar met
een BEC zodat je geen extra ontvangeraccu nodig hebt omdat deze dan het
vlieggewicht sterk beïnvloed.
- Een zender met ontvanger die geschikt is voor helivliegen

Een zender die geschikt is voor helivliegen wil dus zeggen dat
niet iedere zender hiervoor in aanmerking komt.
De verschillen zitten hoofdzakelijk in de besturingssoftware van de zender,
het aantal kanalen en de eventuele schuiven en schakelaars die nodig zijn voor
de helifuncties.
De 35 MHz zender:
De wat oudere zenders voor vliegende
modellen is een 35
MHz zender omdat deze frequentie nu eenmaal
uitsluitend bedoeld was voor vliegende
modellen en daardoor niet verstoord
werd door andere dingen.
In de 35 MHz zijn er twee soorten zenders die gebruik maken van twee
verschillende modulatie - methoden voor signaaloverdracht.
De z.g. PPM (Puls Positie Modulatie) en PCM (Puls Code Modulatie)-techniek.
Beide hebben hun eigen voor en nadelen en is dan ook afhankelijk van
persoonlijke voorkeur.
Beide type werken goed en zijn om die reden dan ook geen beperking voor
het helivliegen.
Hierin zie je b.v. synthesizer
zender (en ontvanger) waarbij je via
de software elk gewenst kanaal nummer
kan kiezen wat in de frequentieband
voor komt i.p.v. een kristal-zender
zoals bij de oudere zenders waar je met lossen
kristalen werkt en dus kiest voor een vast kanaal nummer.
De ontvangers zijn meestal niet merk
gebonden maar wel soms wel type
gebonden.
De
2.4. Ghz zender:
De opkomst van de 2.4 Ghz zenders
heeft een nieuw technisch tijdperk in
geluid.
De zenders kiezen veelal zelf automatisch een
vrij kanaal in de 2.4 Ghz band
waardoor de kanaal keuze aan de
apparatuur zelf overgelaten wordt.
Het grote voordeel hiervan is dat je
nooit met twee man op het zelfde
kanaal bezig bent en daardoor
verstoringen krijgt.
Ook het gebruik van een korte antenne
wordt veelal als voordeel ervaren.
De 2.4 Ghz en 35 Mhz band staat dus
los van de besturingsoftware en is
alleen dus de manier en golflengte waarop de
besturingcommando's worden over
gezonden.
Ook bij de 2.4 Ghz is het gebruikte
vermogen mede bepalend voor de
reikwijdte van de zender.
De gebruikte technieken hierbij zijn dan weer mede
bepalend voor de storingsgevoeligheid.
De
meeste 2.4 zenders maken in tegenstelling
tot de goedkopere systemen gebruik
van channel hoppen, zoals dat heet.
Bij het hoppen gaat schakelt de zender
en ontvanger heel snel gelijktijdig
over van het ene
kanaal naar het andere waardoor als er
een storing op een van de kanalen zit
je dat niet merkt.
Dit is dus niet bij sommige goedkope
zenders het geval
waardoor hij dan gevoeliger is voor
storingen van buitenaf.
Het is wel zo dat de zender en
ontvanger met een identieke code werkt
waardoor geen ander signaal dan dat
van de zender door de ontvanger wordt
geaccepteerd.
Deze code wordt kenbaar gemaakt bij
het "binden" van zender met de
ontvanger.
Maakt de zender geen gebruik van
channel hoppen dan zal als het kanaal
waarop hij zend gestoord is geen enkel
signaal worden door gelaten.
Een nieuwe bijkomstigheid is de
telemetrie mogelijk van deze systemen.
Een retour signaal vanuit de ontvanger
naar de zender is instaat diverse
interessante meetwaarde terug te
zender naar de zender.
Afhankelijk van de gebruikte sensoren
kan dan b.v. signaalsterkte,
accuspanning,temperaturen, toerental e.d uitgelezen worden.
Zelfs zijn er complete GPS modules
beschikbaar die mee vliegen in het
vliegend materieel.
In tegenstelling tot de 35 Mhz zijn de
ontvangers in combinatie met de
zendmodule in de zender hier wel merk gebonden en
niet uitwisselbaar.
Hier is dan het merk van de zendmodule
in de zender dan dus bepalend voor het
merk van de ontvanger.
De
besturingssoftware in de zender:
Van de besturingssoftware kunnen we
zeggen dat deze in het bezit moet zijn
van een aansturing voor heli's en een tuimelschijfmixer-functie
moet bezitten zodat je niet perse gebruik moet maken van een
mechanische mixer op de heli zelf iets wat extra gewicht met zich mee brengt.
Ook moet je er op letten dat het juiste type tuimelschijf mixer dan aanwezig
is b.v. voor een 90 graden of 120 graden tuimelschijf.
Bij veel zenders is beide aanwezig.
Wat ook nodig is ongeacht of je gebruik kan maken van een motorregelaar met
heliregeling is dat je een goede gas- en pitch curve kan programmeren in de
zender.
Een goede curve bestaat uit minimaal 4 of 5 punten (of meer) waar de curve instelbaar is
(4-punts of 5-punts gas en pitch-curve).
Ook al maak je gebruik van de heliregeling voor het gas is het kunnen instellen
van een goede pitch-curve belangrijk en verstandig om bij de
aanschaf van de zender hierop te letten dat dit voor beide mogelijk is.
Doe je dit niet heb je in de toekomst misschien weer een nieuwe zender
nodig als je wel gebruik wil maken van een gascurve en is de
pitch-curve met drie punten altijd minder nauwkeurig instelbaar.
Het aantal kanalen is ook weer afhankelijk van meer dingen maar wat je
minimaal nodig hebt is een kanaal voor een gasschuif ,nick,roll, pitch en
staart.
Daarbij komt bij het gebruik van een gyro die vanaf de zender
regelbaar is moet hiervoor ook nog een extra kanaal.aanwezig zijn zodat we dan al op 6 kanalen zitten zonder iets over te hebben wat ook
wel prettig is.
Liefst dus nog iets meer.
Let op !!
Veelal worden heli-sets aangeboden die
een combinatie pakket vormen van alle
benodigde spullen die je nodig hebt
om te kunnen vliegen.
Meestal zijn deze sets voorzien van
zenders die de minimale mogelijkheden
bezitten om een heli de lucht in te
krijgen (lees houden).
Let in ieder geval op de minimale
eisen voor zo'n zender en koop ingeval
van twijfel liever een losse zender
die de benodigde optie wel bezit.
De afstelmogelijkheden van zo'n zender
zijn mede bepalend voor een goede
afstelling en met een slechte
afstelling is het erg moeilijk om te
leren vliegen.
- De ontvanger kan je het
best in combinatie met de zender c.q.
zendmodule aanschaffen.
Zeker bij de 2.4 Mhz is de ontvanger
merk gebonden en moet softwarematig
gekoppeld kunnen worden aan de zender.
Dit proces heet "Binding" waarna de
ontvanger alleen nog maar de signalen
van de zender waarmee hij "gebonden"
is accepteert.
Je moet wel er ook op letten dat hij net zoveel uitgangen heeft als kanalen
op de zender.
Ik kom wel eens combinaties tegen van een meer
kanalen zender met een
minder kanalen ontvanger iets wat betekend dat de volle bezetting van de zender
niet benut kan worden met deze ontvanger.
Voor de kleine heli's heb je natuurlijk ook een zo licht mogelijke
ontvanger nodig, bij de grotere heli's is dit minder van belang.
- Servos

Servo's en bijbehorende
afmetingen zijn afhankelijk
van welke heli je wil vliegen en moeten dus hierop aangepast zijn.
Een grotere heli heeft sterkere servo's
nodig dan een kleinere en de grote en stelkracht van de servo is dan ook bepalend of hij bruikbaar is voor een bepaalde
heli.
Ook de snelheid en gewicht van de servo speelt hierin een rol.
Bij de servo wordt dan ook altijd de snelheid, gewicht en stelkracht
vermeld.
Veelal worden de voorgeschreven servo's al door de fabrikant van de
heli al opgegeven en kan je hier dan rekening mee houden.
In veel gevallen wordt voor de staartaansturing een gyro i.s.m. een
snellere servo gebruikt.
- Servo afmetingen die gangbaar zijn
:
Normale standaard servo:
b.v. Breed x Dik x Hoog
40 x
19.7 x 37.8 mm
Midi servo 18 mm
b.v. Breed x Dik x Hoog
Mini servo 14 - 16 mm
b.v. Breed x Dik x Hoog
29,4 x
13,8 x 25 mm
of 36.0 x 15.0 x 30.7 mm
Micro servo 12 - 13 mm
b.v. Breed x Dik x Hoog
27 x 12.7 x 22.4
Nano
servo
10-11 mm
b.v. Breed x Dik x Hoog
21.5 x 11.4 x 26.6 mm
21.8 x 11 x 19.8 mm
Pico
servo
8-9 mm
b.v. Breed x Dik x Hoog
24.3 x
9 x 19.8 mm
20 x 8
x 17.6 mm
Hierin heb je dan weer zowel digitale als analoge servo's.
De prijzen
lopen enorm uiteen en het is zeker de moeite waard om te informeren welke servo's nu ook echt nodig zijn voor een bepaald model.
Waar je bij een servo ook op moet
letten is of de aansluitconnnector in
de ontvanger past.
Deze is veelal merk gebonden en komt
dus in verschillende varianten voor.
Om een voorbeeld te geven:

Daarnaast bestaan ook nog een "Uni"
aansluiting.
Even opletten dus !
-
Gyro's

Gyro's zijn grofweg op te
splitsen in twee groepen : Met of zonder heading-hold (lock)
Over de noodzaak van heading-lock zijn de meningen verdeelt.
Een stabiele heading hold gyro is in staat de staart in een bepaalde richting
te houden ongeacht windrichting en vliegrichting.
Het leren vliegen met heading hold is ook anders omdat elke bocht die de heli
moet maken gestuurd moet worden terwijl zonder heading hold de staart als
windvaan kan werken en dus mee werkt om een bocht te maken.
De aanschafprijs voor een gyro met heading-hold is meestal ook hoger.
Over de stabiliteit van de gyro zijn de meningen niet verdeelt.
Een goede gyro is een stabile gyro en voor het leren helivliegen zeker van
belang omdat deze in staat moet zijn de plotselingen ongewilde bewegingen van
de staart door b.v. wind invloeden te compenseren en dat is dus wat anders dan
een vaste richting vast te houden.
FBL (FlyBar Less) -systemen:
Afhankelijk van wat je aanschaft kan
het ook zijn dat je kiest voor een
heli waarbij de stuurrotor vervangen
is door een elektronisch 3 -Assen
stabilisatie systeem.
Deze ontwikkeling is steeds meer in
opkomst.
Hierbij kan ook vermeld worden dat dit
niet echt noodzaak is en meestal ook
duurder.
Het voordeel hierbij is een
eenvoudiger mechaniek en iets minder
energie verbruik.
Ook bij schaalmodellen geeft het
gebruik hiervan een meer natuurlijke
weergave van het geheel.
Wel moet hierbij opgemerkt worden dat
bij gebruik van een slecht werkend
systeem hierbij onherroepelijk zal
leiden tot een crash.
Het prijskaartje van een goed werkend
systeem is op dit moment ook nog erg
hoog
Klik hier voor meer over gyro's.
- Accu's die nodig zijn voor
het geheel kunnen we opsplitsen in drie groepen:
1) Zender accu 2) Ontvanger accu 3) Vlieg (motor) accu.
De capaciteit van een accu dus de hoeveelheid stroom die een accu kan
leveren wordt uitgedrukt in milliampère per uur en wordt op de accu vermeld.
Dus b.v. 2000 mAh betekend dus dat de accu gedurende 1 uur lang een stroom kan
leveren van 2 Ampère (2000 mAmpere).
Is de stroom (belasting) dus hoger wordt de tijd dus korter en omgekeerd.
De spanning van de accu wordt bepaald door het aantal accu cellen wat (in
serie) achter elkaar wordt gezet.
Je kan die dus gewoon optellen dus
3 lipo cellen van 3.7 Volt geven een
totale spanning van 11.1 Volt of 10
NiMH cellen van 1.2 volt per cel geeft
een totale spanning van 12 Volt.
De zender accu wordt meestal samen geleverd met de zender
en bestaat veelal uit een NiMH (Nikkel metaal hydride) accu van een grote
capaciteit of een
Lipo
accu. om een langdurige zendtijd gebruik te waarborgen.
De capaciteit geeft dus het vermogen aan en geld hoe hoger het getal
hoe langer het duurt voordat hij leeg is.
Dit getal zegt niets over de snelheid waarmee de accu geladen
of ontladen mag worden, iets
waarin soms vergissingen worden gemaakt.
Meestal wordt de accu langzaam geladen en wordt de maximale laadstroom
opgegeven door de fabrikant.
Ook de ontlaadstroom die de zo'n accu moet kunnen leveren is niet zo heel
hoog.
Voor de ontvanger accu geldt eigenlijk het zelfde verhaal
echter doet het gewicht hier natuurlijk ook mee omdat deze immers mee de lucht
in moet.
Om deze reden wordt dan ook in sommige gevallen afgezien van een
ontvangeraccu en wordt de benodigde stroom voor ontvanger en servo's
onttrokken aan de vliegaccu die de stroom levert voor de electro motor.
Dit gebeurd dan via een z.g BEC -regelaar die zowel los kan
voorkomen als geïntegreerd in de motorregelaar.
Vlieg accu's (motor accu's)
Vliegaccu's die gebruikt worden
zijn ook hier opgebouwd uit een aantal
lossen cellen die samen gevoegd zijn
naar een pakket maar moeten
wel aan andere eisen voldoen.
Als eerste minimale eis waaraan de motor-accu moet voldoen is de
vereiste stoom (Amperage) en spanning (Voltage) die accu moet kunnen leveren.
Dit is afhankelijk van de gebruikte motor met het vermogen wat hij moet
leveren immers : Vermogen ( Watt) = Stroom (Amperage) x Spanning
(Voltage).
Dat dit weer op zijn beurt afhankelijk is van welke heli je gekozen
hebt zal duidelijk zijn.
De ideale accu zou zijn een accu die een zeer hoge laadstroom kan
hebben zodat je hem heel snel weer vol kan laden als hij leeg is; een zeer
grote ontlaadstroom kan leveren zodat hij een motor met een groot vermogen
(groot stroom verbruik) kan aansturen en mag eigenlijk niets wegen omdat dit
extra gewicht is in de heli en dus ten koste van de vliegtijd gaat.
Daarbij moet de accu dan ook nog een grote capaciteit hebben zodat hij
een lange vliegtijd kan garanderen.
(De capaciteit wordt uitgedrukt in milliampère per uur (mAh) en geeft
dus weer hoeveel milliampère de accu gedurende 1 uur lang kan leveren.)
Helaas bestaat deze accu niet.
Om deze reden zijn er verschillende motoraccu's met verschillende
eigenschappen en zijn speciaal ontwikkeld hiervoor.
Let wel op dat dit wordt ook aangegeven op de accu en ze zijn niet te
verwisselen zijn met de zend een ontvangeraccu omdat deze simpelweg niet
geschikt zijn om de grote laad en ontlaadstromen te kunnen leveren.
De maximale laad en ontlaadstroom die de accu kan hebben wordt opgegeven door
de fabrikant en uitgedrukt in de hoofdletter C.
1 x C wil zeggen 1 maal de opgegeven capaciteit.
Voorbeeld voor een 2400 mAh accu is 1 x C dus 1 x 2400 mAh = 2400 mA = 2.4
Ampère.
Een accu van 2400 mAh die volgens de gegevens van de fabrikant een
ontlaadstroom kan hebben van 10 C mag kan dus een stroom van 10 x 2.4 = 24
Ampère leveren zonder dat hij stuk gaat.
Bij de aanschaf van de accu moet dus gelet worden wat de prestatie van de accu
moet zijn voor een bepaald gebruik.
Dit is dus ook afhankelijk van de heli.
Welke type komen voor:
De
Lipo (Lithium polymeer) accu's:
De jongste ontwikkeling is de
Lipo
accu.

Het grote voordeel hiervan is het gewicht van de accu.
Ze zijn zeer licht en er kan dus mits ze geschikt zijn langer mee gevlogen worden
met de zelfde capaciteit.
Door het grote voordeel van het lichte gewicht is er ook haastig gezocht naar
methodes om deze geschikt te maken voor het gebruik bij het modelvliegen.
De problemen die zich voordoen op dit gebied zijn de grote stromen die nodig
zijn, het op een goede manier laden en de gevoeligheid van de cel die stuk
gaat als de cel te ver ontladen wordt of verkeerd geladen wordt.
Soms kan je door wat trucjes toe te passen ze gebruikt worden.
Zo kan je d.m.v. een aantal cellen parallel te schakelen de ontlaadstroom
vergroten en door een aantal cellen in serie te zetten de spanning verhogen.
Dit laatste was al bekend bij de andere type accu's.
Op de aanduiding van de accu kan je zien hoe hij opgebouwd is b.v. 3S4P wil
zeggen dat er 3 cellen in serie staan en 4 parallel.
Het in de hand houden van een te diepe ontlading waardoor de cellen
onherstelbare schade oplopen wordt door de motorregelaar opgelost mits deze
voorzien is van een instelling voor Lipo- cellen.
Beter is het om ze gewoon niet zover leeg te vliegen dat de regelaar moet
ingrijpen.
Het laden van de cellen kan op een veilige manier gebeuren met speciaal
daarvoor geschikte Lipo-laders in combinatie met een balancer die de
individuele celspanning in de gaten kan houden.
Het laden van de cellen gebeurd meestal maar met een laadstroom van 1C (1x de
capaciteit van de accu) waardoor langere laadtijden noodzakelijk zijn waardoor
het gebruik dan ook meestal beperkt blijft tot 1 keer vliegen.
Bij het laden is zeker een waarschuwing tegen overladen op zijn plaats.
Worden de accu's overladen kunnen ze zelfs exploderen ! U bent dus
gewaarschuwd !
De levensduur van de accu's geld in zijn algemeenheid dat dit sterk afhangt
van de mate waarin ze belast worden.
Moet je er de maximaal haalbare stroom die de accu kan leveren uit trekken om
te kunnen vliegen dan zal de levensduur ook minimaal zijn.
Beter is het met een accu met overcapaciteit te vliegen waardoor ook de
levensduur toe zal nemen.
Bij Lipo-cellen is het natuurlijk ook zo dat als je meer cellen in je pakket
hebt zitten je ook meer cellen in de gaten moet houden bij het laden
(balanceren) van de accu.
Meer info op de volgende link:
Lipo
accu
De Nicad (Nikkelcadmium) accu's zijn de oudste types die gemaakt zijn
voor dit doel ze bezitten een hoge capaciteit tot zo'n 2400 mah en zijn
geschikt voor hoge laadstroom en zeer hoge ontlaadstromen.
Hierdoor is het tussentijds weer opladen op het vliegveld dus mogelijk omdat
de oplaadtijd zich beperkt tot zo'n 30 minuten.
De ontwikkeling van deze type accu's staat op een laag pitje omdat ze milieu
belastend zijn en de alternatieve hiervoor steeds interessanter zijn.
De NiMH (Nikkel Metaal Hydride)
accu:

Deze accu's worden nog steeds verder ontwikkeld en worden op dit moment al
aangeboden met een capaciteit van zo'n 4600 mah.
De teksten op de cellen geven wel een hoger getal weer maar de praktijk valt
dit soms tegen.
Buiten dat gegeven is het toch een hogere capaciteit t.o.v. de Nicads.
De laadstroom wordt opgegeven tot max. 6 Amp echter geld dit lang niet voor
alle types hierin (ook niet van de zelfde fabrikant) en is het dus verstandig
om eerst de specificatie van de fabrikant hierover te raadplegen.
Hierdoor is het tussentijds weer opladen op het vliegveld dus ook nog mogelijk
maar de oplaadtijd zal dan al ongeveer 60 minuten gaan bedragen.
Daar staat dan natuurlijk wel tegenover dat de vliegtijd aanzienlijk langer
is.
De mogelijke ontlaadstromen van deze accu's liggen iets lager dan de Nicads
maar zijn in vele gevallen voldoende.
Het gewicht van de accu is vrijwel gelijk aan de NiCad en ligt misschien een tikkeltje
hoger.
Meer info op de volgende link: NiMH (Nikkel Metaal Hydride)
accu
Inmiddels wordt deze accu steeds
minder gebruikt en vervangen door de
Lipo accu's.
- Laders:

Welke lader(s) heb je nodig ?
In de eerste plaats moet de lader geschikt zijn voor het type accu dat je gaat
laden en in de tweede plaats geschikt voor de toepassing.
De toepassing kan variëren van het laden van de zender en ontvanger accu tot
het snel of langzaam laden van vliegaccu's.
Wat je dus moet weten is welke accu's je gaat gebruiken voor zender, ontvanger
en vliegaccu en hoe ze geladen en gebruikt gaan worden.
Voor de zender en ontvanger accu's worden in vele gevallen een lader bij
geleverd als je een complete set koopt.
In dat geval heb je dus alleen nog een lader nodig voor je vliegaccu.
Heb je geen lader voor de zender en ontvanger is het zinvol op te letten bij
de aanschaf dat hij hier ook voor gebruikt kan worden.
Er bestaan ook laders met twee of meer uitgangen waar dan verschillende accu's
tegelijkertijd mee kan laden.
Ook zijn laders niet altijd geschikt
voor alle type accu's.
Met sommige laders kan je
verschillende type accu's laden
afhankelijk van de gekozen instelling
en sommige zijn alleen geschikt voor
een bepaald type accu.
Grofweg kan je laders opsplitsen in twee type:
1) Laders die als input gebruik maken van de netspanning (230 Volt)
z.g. thuisladers.
2) Laders die als ingang een gelijkspanning gebruiken maken van rond de 12Volt
de z.g. veldladers.
De 230 Volt laders zijn bedoeld om thuis alle accu's te laden en op het
vliegveld te gebruiken.
Dit wil dus zeggen dat het plaatselijk bij laden op het veld alleen mogelijk
is als een netspanning van 230 Volt aanwezig is.
In vele gevallen is dat niet zo en moet dan gebruik gemaakt worden van een
veldlader die dan wordt dan aangesloten op een autoaccu.
Wil je deze lader ook thuis gebruiken dan heb je dus de keuze om hem thuis op
een autoaccu aan te sluiten of een losse netvoeding erbij te kopen.
Let dan wel op dat de lossen netvoeding voldoende vermogen kan leveren voor
wat je hem wil gebruiken.
Wil je met een vliegaccu op het veld meerdere keren vliegen achter elkaar dan zal je hem
dus bij moeten laden.
Wat hier dan noodzakelijk is dat je lader dit zo snel mogelijk kan doen en
moet je gebruik kunnen maken van een snellaadfunctie.
Een lader is geschikt voor een beperkt maximaal aantal cellen wat
tegelijkertijd opgeladen kan worden en moet dus tevens geschikt zijn voor het
aantal cellen dat je wil gaan gebruiken (liefst iets meer voor de toekomst).
Waar je dan ook op moet letten is hij de accu zo snel mogelijk weer vol kan
laden.
Dit is afhankelijk van het type accu en capaciteit en wordt door de fabrikant
vermeld.
De meeste Lipo-accu's worden geladen met 1 x de capaciteit van de accu (1C)
dus b.v. een 2000 mAh met een maximale laadstroom van 2 Ampère.
Als je alleen gebruik maakt van Lipo-accu's kan je ook kiezen voor een lader
die alleen geschikt is voor Lipo accu's.
Dit is ook meestal een redelijk goedkope lader in verhouding tot de andere
laders.
De reden is dat er meestal ook maar met een lage laadstroom geladen wordt en
de het vermogen van de lader minder groot hoeft te zijn.
Wat je hier wel bij nodig hebt is een balancer die elke
individuele Lipo-cel in het
laadpakket in de gaten houd zodat de cellen niet overladen kunnen worden.
Het overladen van zo'n cel heeft tot gevolg dat hij stuk gaat.
Je moet er wel op letten dat je balancer ook het aantal cellen wat je in het
accupakket hebt zitten aan kan.
Losse balancer voor lipo accu's: (aan
te sluiten op een lader zonder
balancer)

Bij sommige Lipo-laders zit de balancer
erbij ingebouwd zoals b.v. bij de
onderstaande laders.
In andere gevallen heb je een losse
lader met een aparte balancer.
Thuis
lader voor lipo accu's (rechtsreek
input 230 Volt):
Universele veld lader voor de meeste
type accu's (input 12 Volt):
Input rechtstreeks vanaf een auto accu
(12 Volt) of voedingsapparaat (230
Volt naar 12 Volt)

Het is dan ook zaak er op te letten
als U een lader wil gebruiken dat de
lader ook de maximale stroom
kan leveren.
Op sommige laders wordt wel vermeld dat ze tot x - aantal cellen kunnen laden
en een maximale laadstroom van x - Ampère kunnen leveren maar er staat dan weer
niet bij welke spanning de maximale laadstroom is.
Daarom moet je dan weten wat het vermogen (Watt) is van de lader.
Stel je wil 10 NiMH cellen laden die een maximale spanning van 1.4 Volt per
cel hebben en die een maximale laadstroom mogen hebben van 5 Ampère dan moet
het minimale vermogen van de lader minstens 1.4 x 10 = 14 Volt x 5 Ampère =
70 Watt zijn.
Voor lipo's is dit natuurlijk het
zelfde alleen dan bij een maximale
lipo cel spanning.
Stel je wilt laden met een stroom van
5 Ampere dan geld bij 3 cellen : 3
cellen x 4.2 Volt = 12.6 x 5 = 63 Watt
(minimaal).
Het is om die reden zeker bij het gebruik van veel cellen dat U er zeker op
moet letten of het benodigde vermogen ook gehaald kan worden met een bepaalde
lader.
-Hulpmiddelen:
Wat je verders nog nodig hebt is wat hulp middelen voor het afstellen van de
heli zoals b.v. een pitchmeter.
Misschien is het verstandig dit samen te doen met een ervaren iemand.
Waarschijnlijk is deze ook tevens in het bezit van zo'n meter en kan hij
je ook verder helpen met het uittrimmen voor het vliegen.
Ook een erg belangrijk hulpmiddel is een oefenlandingsgestel.
Dit oefenlandingsgestel voorkomt het omslaan van de heli als hij scheef neer
komt en is een belangrijk hulpmiddel als de heli nog niet uitgetrimt is.
Je kan dit zelf maken van b.v. een paar carbon-vliegerstokken met op de vier
uiteinden piepschuimbollen.
Een voorbeeld hiervan kan je vinden elders op de site.
-De RC-simulator:

Los van de onmisbare
spullen eerder vernoemt is een rc-
simulator voor op de PC zeker aan te
bevelen.
Meer hierover kunt U vinden op de
simulator pagina.
-Veel geduld en doorzettingsvermogen:
Wat misschien nog wel het belangrijkste is van wat je nodigt hebt
is veel geduld en doorzettingsvermogen.
Dit laatste wordt nog wel eens onderschat en mislukt dan uiteindelijk daarop.
Om te leren vliegen kan je het beste hulp zoeken bij iemand die er al ervaring
mee heeft.
Hiermee kan je dan samen je aanschaf keuze bepalen zodat je alles maar een
keer koopt en geen verkeerde dingen koopt.
Ook kan hij je helpen met de techniek zoals afstellingen en uittrimmen van de
heli.
Als dit goed gebeurd is de stap naar het leren vliegen kleiner omdat een heli
die niet goed afgesteld en uitgetrimt is nu eenmaal niet vliegt.
Ook bij het leren vliegen kan hij je de nodige adviezen geven en wijzen op wat
er fout gaat.
De meeste kans heb je waarschijnlijk
bij een plaatselijke vliegclub om zo
iemand te vinden.
Woon je toevallig in de buurt van
Eindhoven kan ik je misschien nog wel
wat voorruit helpen.
Op deze manier is de kans op succes
een stuk groter en wordt het geduld en
doorzettingsvermogen wat minder op de proef gesteld.
Heb je nog vragen kan je
altijd even mailen naar het
mailadres op de
hoofdpagina.
Verders wens ik je veel plezier met je nieuwe hobby !!