terug naar menu

Strijd om Zuid-Beveland

Strijd om Zuid-Beveland

Canadese manschappenOp 6 juni 1944 (D-day) landde de Canadese 3e infanteriedivisie en de Canadese 2e pantserbrigade van het Canadese Eerste Leger in Normandië (Frankrijk). Na harde gevechten in het noorden van Frankrijk rukten de Canadezen aan de linkerzijde van de geallieerde hoofdmacht snel op naar België. Bij hun opmars naar het noorden bevrijdden de Canadezen de kustgebieden van Duitse troepen en veroverden de kanaalhavens van Boulogne, Cap Gris Nez, Calais en Duinkerken. De Duitsers hadden die havens grondig vernield. Op 4 september 1944 veroverde het Tweede Britse Leger Antwerpen. De stad, de haven, met 45 km aan dokken en kades, en de tunnel onder de Schelde, vielen nagenoeg ongeschonden in hun handen. De Duitsers trachten de haven alsnog te beschadigen. Maandenlang bestookten ze Antwerpen met V 1's en V 2's. Het 'nieuwe' Duitse wapen was geen precisiewapen. De stad en haar burgerbevolking leed er meer onder dan de haven. Zestienhonderd V 2's kwamen in de stad neer en maakten vele slachtoffers. Om Antwerpen te kunnen gebruiken als aanvoerhaven moest eerst de gebieden rond de Scheldemonding van Duitse troepen worden gezuiverd: ook Zuid-Beveland.

Vitality I

Luitenant-Generaal Simonds De Britten hadden vrij gemakkelijk het door de Duitse troepen verlaten Antwerpen veroverd. Zelfs uit de Antwerpse voorsteden Ekeren en Merksem, op de noordoever van de Schelde, waren de Duitsers weggetrokken. De Britten stootten echter niet door. De dag erna keerden de Duitsers in Merksem terug en legden verdedigingswerken aan. De Canadese 2e divisie, onderdeel van het Canadese 1e leger onder bevel van Luitenant-generaal Simonds, viel pas op 2 oktober 1944, onder codenaam Vitality I, het noorden aan en trok Noord-Brabant in.

De aanval van de Canadese 2e divisie was er op gericht om een wig te drijven tussen de Duitse troepen op Zuid-Beveland en in Brabant. De smalle verbinding tussen Zuid-Beveland en Noord-Brabant, de Kreekrakdam, moest worden veroverd. Het Duitse Armeeobercommando 15 was, op de Duitse verdedigers van Zeeuws-Vlaanderen na, voor een groot deel over de Schelde ontsnapt en ten noorden van Antwerpen bij Tilburg en 's-Hertogenbosch in Noord-Brabant ingezet. Aanvankelijk verliep de opmars voorspoedig. Op 5 oktober 1944 werd Putte, aan de Belgisch-Nederlandse grens, bereikt. Bij Woensdrecht hadden de Duitsers het gebied onder water gezet en boden de Duitse troepen hardnekkig tegenstand. Op 7 oktober werd na felle strijd Hoogerheide veroverd. De opmars stokte op 5 km van Woensdrecht.

De Duitse 70e Infanterie Divisie, die Zuid-Beveland en Walcheren verdedigde, stond onder bevel van Luitenant-generaal Daser. Bij Woensdrecht stuitten de aanvallers op een reserve-legeronderdeel van de 70e Infanterie Divisie, de Duitse Gruppe Chill. Gruppe Chill bestond uit de overblijfselen van gedecimeerde divisies en manschappen waarvan de eigenlijke taak was vervallen. Sommige Duitsers kwamen zelfs uit het legeronderdeel van parachutisten. Ze moesten verhinderen dat de Kreekrakdam door de geallieerden werd veroverd. Als de geallieerden slaagden werd de verbinding tussen de onderdelen van het 15e Duitse leger, de Duitse troepen in Noord-Brabant en de Scheldemond-verdedigers in Zuid-Beveland en Walcheren, afgesneden.

Brencarrier in KrabbendijkeDe gevechten waren fel, met hoge verliezen voor beide partijen. Bij een aanval op 13 oktober sneuvelden 56 Canadezen van de Canadese Black Watch, een onderdeel van de Canadese 2e Infanterie Divisie en werden velen gewond. De Canadese 4e Armoured Division die de rechterflank van de Canadese 2e Divisie beveiligde, verleende steun bij Woensdrecht. Pas op 16 oktober kon de Royal Hamilton Light Infantry zich tot in Woensdrecht vechten, gesteund door zware artillerie. Duitse tegenaanvallen werden in gevechten van man tegen man door de Essex Rifles afgeslagen. In twee dagen sneuvelden 161 manschappen van de geallieerden troepen. Het doel, het veroveren van Woensdrecht, werd bereikt.

Voorafgegaan door inleidende artilleriebeschietingen zette de 4th Canadian Armoured Brigade, op 24 oktober, de aanval in op de Kreekrakdam. De tankbrigade van de 4th Canadian Armoured Division had eerder zware gevechten geleverd in de buurt van Philippine in Zeeuws-Vlaanderen en was overgeplaatst naar het westen van Noord-Brabant. De laaghangende bewolking en regen beletten ondersteuning door de luchtmacht. De Canadezen forceerden een doorbraak en gesteund door tanks rukten ze op over de Kreekrakdam. De tanks op de dam staken sterk af tegen de lucht en vormden een gemakkelijk doelwit voor het antitankgeschut van de Duitsers. Vele tanks werden vernield. De opmars op de dam werd belemmerd door versperringen. Op de smalle dam kon verder geen gebruik worden gemaakt van tanks zodat de infanteristen het zonder de hulp van tanks moesten stellen. Het weer was de volgende dag was beter zodat jachtbommenwerpers (Typhoons) de nodige ondersteuning konden geven. Het doel het afsnijden van de Duitse troepen door de Kreekrakdam te bezetten werd bereikt. Rilland Bath werd bevrijd en de voorhoede van de Canadezen passeerde Krabbedijke. De 4th Canadian Armoured Brigade kreeg rust. De 6th Canadian Armoured Brigade nam hun taak over.

Vitality II

De Geallieerden wilden, onder de codenaam Vitality II, landings- en amfibievaartuigen inzetten om een landing uit te voeren op de kust bij Baarland, Zuid-Beveland. Veldmaarschalk Montgomery haalde daartoe delen van de Schotse 52e Lowland Divisie, die hij met tegenzin had ingezet bij het Leopoldkanaal, uit de strijd in West-Zeeuws-Vlaanderen. Vroeg in de morgen van 26 oktober voer uit Terneuzen een vloot van Landing Craft Assault, Buffalo's en Terrapins, met het 5th Assault Regiment, het 11th Royal Tank Regiment en de Schotse 156th Infantery Brigade, onder dekking van artillerievuur, over de Schelde naar de dijk bij Baarland. De tegenstand bij de landing was gering. De meeste moeite nog hadden de aanvallers om de amfibievaartuigen over de steile zeedijk te krijgen. Met explosieven moest de top van de dijk worden opgeblazen.

De troepen zwermden uit door 'de zak van Zuid-Beveland'. Er was weinig Duits verzet. Op 28 oktober werd bij 's Gravenpolder contact gemaakt met eigen troepen die via de Kreekrakdam waren doorgebroken. Die hadden een pontonbrug 'geslagen' naast de vernielde bruggen over het Kanaal van Zuid-Beveland. Op 30 oktober gaven 450 Duitse manschappen zich over. Generaal Daser, opperbevelhebber van de 70e Infanterie Division, gaf de rest van de Duitse troepen opdracht om zich op Walcheren terug te trekken. Op 30 oktober 1944 was Zuid-Beveland van Duitse troepen bevrijd.

Piet Scheele.


mailto: pscheele@chello.nl

naarboven

Of verder naar:

Strijd om Westerschelde Poolse militairen in de Slag om Arnhem Slag om Axel Strijd om West-Zeeuws-Vlaanderen Strijd om Walcheren