Juni: Palmen en
andere Subtropen
Terug naar Inleiding en Inhoudsopgave
Het geslacht ficus
bestaat uit wel 800 soorten, variërend van kruipende planten naar struikvorm
tot bomen. U kent vast en zeker wel een paar vertegenwoordigers van het ficusgeslacht:
de kleine Ficus Pumila (kruiper) of de grote Ficus Elastica.
Rubber is
afkomstig van de ficus. Bij het aansnijden van de bast komt er een melkachtig
sap naar buiten, dit sap wordt in emmers opgevangen en het is de grondstof voor
rubber. Ook andere vertegenwoordigers geven bij beschadiging dit melkachtige
sap, wat irriterend kan zijn. Het is te stoppen d.m.v. sigarenas of water.
Het
verspreidingsgebied van de ficus is enorm: de Indische archipel, Polynesië en
het hele Middellandse-Zeegebied. Voor de tuin is de vertegenwoordiger uit het
Middellandse-Zeegebied van belang: Ficus Carica (vijg).
Het
vruchtzetten van de vijg is niet simpel. De vijg heeft mannelijke en
vrouwelijke planten. De ingeklapte bloembodem heeft een opening aan de
onderkant. Deze opening verschaft wespen de toegang om daar hun werk voor de
vijg te doen. De wesp neemt het stuifmeel mee naar de vrouwelijke bloem. Deze
manier van bevruchten heet caprificatie.
Zo zijn er
mannelijke planten, die "vruchten" voortbrengen, deze zijn oneetbaar
(caprivijgen). Dit zijn de gallen, waarin de vijgwespen uit hun eitjes
opgroeien, om zo de kringloop rond te maken, en de Smyrnavijgen (de
vrouwtjes) te bevruchten. De vrouwtjes leveren wel eetbare vruchten. Dit type
vijg zal bij ons nooit vruchten voortbrengen, want de betrokken wespensoort
komt hier niet voor.
Tegenwoordig
is het niet nodig een mannelijke en een vrouwelijke plant aan te schaffen. Want
er bestaan vijgenrassen, die heerlijke vruchten voortbrengen zonder het
hierboven beschreven proces.
Er bestaan
dan weer twee types: éénmaal en tweemaal vruchtdragende vijgen. De éénmaal
vruchtdragende vijgen vormen jonge vruchten in het voorjaar en deze rijpen af
in september/oktober. Tweemaal vruchtdragende vijgen geven vruchten in
augustus, deze zijn al voor de winter gevormd en ze geven nog een keer oogst
als bij de éénmaal vruchtdragende vijgen.
Dan is er nog
een bijzondere groep: de San Pedro vijgen, die vormen vruchten zonder de
vijgwesp voor de winter en de tweede oogst heeft wel de vijgwesp nodig om
vrucht te vormen.
Voor ons zijn
de tweemaal dragende en heel vroeg vruchtvormende soorten interessant.
De vijg is
een plant die het zeker tegen een zuidmuur zeer goed doet. Zon, zon en nog eens
zon, dat is wat de vijg wil. De bladeren van de plant zijn alleen al mooi
genoeg om de plant te kweken, maar vruchten..............
Veel of
weinig vruchtengroei is afhankelijk van de variëteit en de verzorging. Maar een
"verkeerde" variëteit geeft nauwelijks vruchten ondank alle goede
zorgen. Wij hebben een goede variëteit, eigenlijk op een verkeerde plaats (op
het oosten) uitgeplant, maar deze geeft ieder jaar 50 à 60 rijpe vruchten.
En lekker
zijn ze, die vruchten van de vijg. Als je goed op de variëteit let zijn er
zelfs vrij snel vijgen aan de plant te krijgen!
"Brown
Turkey" is goed winterhard en draagt lekkere vruchten: bruinrood met
heerlijk zoet rood vruchtvlees. Ze kunnen vanaf augustus geoogst kunnen worden
en kennen een krachtige groei.
"Negronne"
met dieprode tot zwarte middelgrote vruchten, die bloedrood van binnen zijn.
"White
Marseille" is goed winterhard met grote bladeren, kleine stompe gele
vruchten, de oogst is minder.
"Tena"
is een vrij nieuw ras, met middelgrote groengele stompe vruchten.
"Bellone"
rond half oktober grote vruchten met lichtviolet vruchtvlees.
"Brunswick"
als het warm en zonnig geweest is in de zomer rond half oktober, lange
roodbruine vruchten.
"Caromb"
rond half oktober de lange grote vruchten met paars vruchtvlees oogsten.
"Dauphine"
grote ronde vruchten rond half oktober.
"Goutte
d'Or" rond eind oktober grote vruchten met goudgeel vruchtvlees.
"Grise
de St. Jean" een grijze, maar goed dragende vijg rond eind oktober
oogsten.
"Grosse
Grise" donkerder grijs dan de voorgaande maar wel grote vruchten.
"Pitta
Lusse" de vijgen verschijnen vroeg ronde maar niet al te groot met
lichtgroen vruchtvlees.
"Precoce"
("Ronde de Bordeaux") vroege rijkdragende vijg met zwart
vruchtvlees.
"Ronde
de Bordeaux" rond eind september zijn de vijgen al rijp, zwart van
binnen ietwat langwerpige vrucht.
Niet iedereen
is gek op vijgen, omdat men veelal gewend is aan gedroogde vijgen. Wij vinden
de vruchten, die vers zijn veel lekkerder en we zijn in goed gezelschap: Plato
en Mohammed. Mohammed zei, dat 'ie, als hij een vrucht mee mocht nemen naar de
hemel, het een vijg zou zijn! Het schijnt zo te zijn dat jongeren er sterk van
worden en ouderen gezonder en ouderen krijgen een jonger uiterlijk!
Als de plant
buiten staat en u wilt sneller vruchten oogsten dan is het raadzaam de wortels
in hun groei te belemmeren b.v. in een bak planten van zo'n 60 diep x 75 cm2.
Deze bak kan b.v. een oude speciekuip of een betonnen bak, altijd moeten er
onderin drainage gaten zitten en b.v. puin om overtollig water snel af te
kunnen voeren, want de wortels kunnen niet tegen nattigheid. Tijdens de groei
hebben ze wel voldoende water nodig en ook organische mest of compost wordt
zeer op prijs gesteld, als u volle vruchten wilt. Compost of organische mest
dient in de herfst te worden aangebracht.
De vijgen
rijpen van augustus tot november en zijn zeer kort houdbaar, als ze bruine
vlekjes krijgen worden ze zuur en oneetbaar. De vijgen ontwikkelen zich in de
bladoksels.
Als de vijgen
rijpen zijn er kapers op de kust! Wespen en vogels zijn verzoet op de zoete
delicatesse, een net doet wonderen. U dient iedere dag te kijken of er vijgen
rijpen, ze zijn namelijk nooit allemaal tegelijk rijp. De vijg wordt dik, staat
bijna op barsten. Ze moeten eigenlijk direct geconsumeerd worden, maar
eventueel kunnen ze een paar dagen in de koelkast bewaard worden in keukenpapier
verpakt. Ze kunnen ook worden ingevroren. Maar ze smaken altijd het best bij
kamertemperatuur!
De plant
heeft zeer decoratieve grote bladeren, die in de herfst na een behoorlijke
nachtvorst afvallen. De vorm van de bladeren is van handvorming tot ovaal en
alles wat daar tussen zit, zelfs op één struik kunnen verschillende bladvormen
voorkomen.
Eventuele
grote vijgen zullen in de winter bevriezen, kleine vijgjes kunnen echter wel
overleven en het volgende voorjaar verder groeien. Deze "herfstvijgen"
overleven alleen een heel zachte winter, maar geven al vroeg in het volgende
seizoen vruchten.
Hoewel de
plant tot de grond toe kan afsterven, komt deze vrijwel altijd terug komt met
nieuwe groei. Zelfs als de plant tot de grond is ingevroren hoeft u de vruchten
het komende seizoen niet te missen, want hij bloeit op het éénjarige hout.
Ideaal is een
leistruik tegen een zuidmuur creëren. Zorg er dan wel voor dat de plant circa
30 centimeter van de muur af staat. Het is goed om een jonge plant in het
voorjaar terug te snoeien, zodat er een keur aan gesteltakken kunnen groeien,
die later in een waaiervorm kunnen uitgroeien/geleid worden. Om zeker te
blijven van vruchten, moet er om de 3 à 4 jaar gesnoeid worden. Dit om verzekerd
te blijven van vruchtzetting aan de ontstane jonge takken. In mei/juni kunt u
de takken toppen (tot op 4 à 5 bladeren), zodat er weer extra zijscheuten
ontstaan. In hun bladoksel zullen weer vijgen ontstaan. Let wel op de
"herfstvijgen", die in de bladoksels kunnen zitten. Denk verder altijd
om vooral de ogen en de huid die kunnen geïrriteerd raken door het melkachtige
vijgensap. Bij de snoei van dikkere takken heeft u daar weinig last van, maar
bij het snoeien van twijgen of het knippen van bladeren komt dit sap vrij!
De planten
zijn soms zeer gemakkelijk te stekken, kortom de resultaten zijn zeer
wisselend. Het aanaarden of afleggen van de "slappe" stengels gaat
meestal beter. U kunt verhoute stekken nemen in de winter of in augustus.
Aanaarden of afleggen in het vroege voorjaar is ook een mogelijkheid, na een
jaar zullen er vast en zeker wortels aan de aangeaarde of afgelegde takken
zitten. Steek ze met een scherpe spade af en pot ze op of plant ze direct op de
daartoe bestemde plaats.
Een vrij
groeiende struik kan op een zeer beschutte plaats enkele meters breed en hoog
worden.
Terug naar
Inleiding en Inhoudsopgave