Boekverslag Pia de Jong

Lange dagen

 

Kees van der Pol

 

           

 

Zin van het bestaan, Vriendschap, Vader-dochterrelatie, Relatie tussen broer en zus, Queestemotief, Puberteit, Moord, Moeder-zoonrelatie, Moeder-dochterrelatie, Midlifecrisis, Geheim, Familiebetrekkingen, Coming of age

 

Winnaar Gouden Uil 2009

 

 

 

Gebruikte editie voor het boekverslag

Gebruikte druk: 2e

Verschijningsdatum eerste druk: augustus 2008

Aantal bladzijden: 254

Uitgegeven bij: Prometheus te Amsterdam

 

Beschrijving voorkant

Op de cover staat een afbeelding van een kampvuur tegen een achtergrond van een lucht met veel goud (de net niet ondergaande zon van de lange dagen in Lapland)

 

Genre van het boek

Pia de Jong schrijft een psychologische roman over menselijke relaties (o.a. de vader-kindrelatie en de zoektocht van de vader naar zichzelf)

Maar het is ook een coming of age roman over een meisje dat nog niet weet waar ze staat in het leven (de rol van dochter of substitutiezoon, haar seksuele geaardheid)

 

Aanrader voor scholieren: Op “lange dagen Nooit meer slapen.”

“Lange dagen “is een echte aanrader voor scholieren van havo en vwo. Voor een debuutroman is het ongelooflijk goed en spannend geschreven. Een gezin wordt door een vader in een groot gevaar gesleept tijdens een survivaltocht in Lapland.

Dat land doet meteen denken aan het decor van de roman “Nooit meer slapen”van W.F. Hermans. Er zijn duidelijke verwijzingen naar die heel beroemde roman van de grote schrijver (zie hieronder bij thematiek) en het hoeft geen verdere uitleg dat scholieren van examenklassen (bijv. vwo-6) beide romans op hun literatuurlijst kunnen/moeten plaatsen.

 

Natuurlijk is Pia de Jong nog geen W.F. Hermans, maar het boek leest als een trein. Ik denk dan ook dat scholieren (ook al vanwege een mooie identificatiefiguur in de persoon van de 14-jarige verteller) er veel plezier aan zullen beleven. Bovendien is de stijl heel helder (korte zinnen en begrijpelijk beeldspraak) en bovendien maakt de structuur van de queeste alles erg overzichtelijk en herkenbaar.  Pia de Jong is "in het gewone leven" psychologe en mental coach en dat is in de karaktertekening van haar personages goed te merken.

Het boek is op schoolniveau ook goed te analyseren als je kijkt naar het netwerk van vooruitwijzingen, terugverwijzingen en symboliek (bijvoorbeeld in de dromen van Eva) die Pia de Jong in haar roman breit.

 

De amusementswaarde van de roman voor scholieren is zeker een 8. De literaire waardering van onze kant is 3 punten. (d.i. 1 punt hoger dan de standaardwaardering, dus dat is heel goed voor een debuterende schrijfster) In 2009 won het boek de Gouden Uil (lezersprijs)

 

De aangeleverde flaptekst

De veertienjarige Eva wil het liefst met haar familie naar een mediterraan vakantieoord, maar haar vader heeft andere plannen. Hij bereidt zijn gezin voor op een wandelvakantie in Lapland, in het uiterste noorden van Europa, met niets anders dan tenten, rugzakken, eindeloze natuur en elkaar.

Naarmate de tocht dichterbij komt en Eva’s vader bevlogener wordt, zien Eva en haar broer Steven er steeds meer tegen op. Eenmaal in de leegte van de Laplandse bossen aangekomen, merkt Eva dat ze verstrikt raakt in een cirkel van liefde voor en afhankelijkheid van haar vader, die door de meedogenloosheid van de omringende natuur alleen maar wordt versterkt.

De leegte, uitgestrektheid en hardheid van het Scandinavische landschap staan in schril contrast tot de dynamiek, kracht en intensiteit van de gebeurtenissen. Lange dagen, het aangrijpende debuut van Pia de Jong, schildert met een scherp oog voor detail de relaties tussen de gezinsleden, de liefde tussen broer en zus, de worstelingen van de vader en de weg naar volwassenheid van Eva.

Lange dagen is een aangrijpend verhaal over liefde, vertrouwen, loyaliteit en afhankelijkheid, geschreven in een superieure stijl. Met Pia de Jong doet een nieuwe, oorspronkelijke stem haar intrede in de Nederlandse letteren.

 

Titelverklaring

In het gebied waarin de roman zich afspeelt, Lapland, gaat de zon in de zomer nooit helemaal onder, waardoor het dus licht blijft. Willem Frederik Herman bracht dat gegeven tot de titel “Nooit meer slapen.”en Pia de Jong kwam op “Lange dagen.” De dagen in de zomer duren in Lapland dus veel langer dan de nachten.

 

Structuur en/of verhaalopbouw

Het verhaal wordt onthuld in 23 ongetitelde hoofdstukken. Het verhaal wordt vrijwel chronologisch verteld. Af en toe wordt het verhaal toegelicht door Eva die iets vrij kort over een herinnering uit het verleden vertelt. (bijv. een ervaring met haar vriendin Madeleine) Het verhaal heeft de structuur van een queeste. De avonturen beginnen en eindigen op dezelfde plaats en de avonturen worden op vreemde bodem beleefd. Dat is een zeer klassieke structuur, die al in de Middeleeuwse literatuur voorkomt. (de queestes van de ridders van de Ronde Tafel)

 

Gebruikt perspectief

Eva is de 14-jarige hoofdpersoon en ikvertelster van deze roman. Ze vertelt in de o.v.t. (het avontuur is dus achter de rug) In één van de laatste hoofdstukken (blz. 249) vertelt Eva over een foto die genomen is aan het einde van de reis wanneer ze weer in de bewoonde wereld zijn gekomen.

Ze formuleert dan: “Later, veel later, bekeek ik de foto’s die die dag gemaakt waren. Dat betekent dat het moment van opschrijven een aantal jaren later ligt dan het moment van het beleven van het avontuur. Dat betekent dus een retrospectief aspect. Maar ook op blz. 5 heeft de lezer al kennis kunnen nemen van een achteraf vertellende ik. die al aangeeft dat het kompas dat haar vader heeft, niet zal werken.

 

De tijd van het verhaal

Het valt uit de tekst niet duidelijk op te maken in welk jaar het verhaal zich afspeelt. Wel is er sprake van bijna een jaar vertelde tijd: het moment dat vader aankondigt naar Lapland te gaan en het avontuur boven de poolcirkel zelf. De roman begint namelijk met de opmerking de winter waarin ik 14 werd. en eindigt met de zin dat het schooljaar weer snel zou beginnen (eind augustus/begin september)

Uit wat summiere tekstgegevens blijkt dat de omstandigheden wijzen naar een periode van de jaren zeventig uit de vorige eeuw. Ook in interviews heeft Pia de Jong zelf aangegeven dat de tijd van het verhaal omstreeks de jaren zeventig/tachtig is. Zo is  vader hoofd van  een afdeling dienst Bescherming Bevolking (een soort vrijwilligersdienst die opgeroepen werd bij mogelijke rampen) Dat is een typisch kenmerk voor de zestig en zeventiger jaren (blz. 45)

Verder zijn kenmerken: snelkookpan (blz. 54) gele 2CV(blz. 82), de eerste papieren zakdoekjes( bl. 89)

 

De plaats van handeling

Op blz. 115 staat de naam van steden op een boomstaam. Amsterdam wordt vermeld op 1972 km. met de toevoeging: "zover was ik dus van huis." Evan woont dus zeer waarschijnlijk in Amsterdam

Via het Duitse Travemunde reizen ze met de boot naar Zweden en daarna naar Finland. Na een lange treinreis van meer dan 300 kilometer begint de voettocht naar de poolcirkel. Een gedeelte van het verhaal speelt zich zelfs af in een gebied dat niet eens op de kaart is vastgelegd. Omdat het een queeste is, eindigt het avontuur weer thuis waar de familie woonde.

 

Opdracht of motto

Het boek heeft geen opdracht en geen motto.

 

Samenvatting van de inhoud

Eva is een veertienjarig meisje in de jaren ‘70/80. Haar broer Steven is enkele jaren ouder (hij is 16) . Op zich kan ze wel goed met hem opschieten. Ze hebben ook een hond met de mythologische naam Balder. ( de Noorse god van het goede en het schone) Die is vijf jaar geleden door haar vader meegenomen en die denkt dat dit hondje later een betekenis voor hem zal kunnen hebben.

In het jaar dat voorafgaat aan het grote avontuur gebeurt er iets met haar vader. Hij is midden 40 en krijgt (zoals het op de lezer zal overkomen) een midlifecrisis. Lichamelijk gezien wordt hij zelfs kaal en takelt hij enigszins af. Ineens gaat hij beseffen of dit nu alles is wat hij van het leven heeft gemaakt (zijn baan, zijn huwelijk, zijn gezin). Hij wordt ineens een milieufreak en begint te letten op allerlei aspecten die met het eten te maken hebben. Hij krijgt een afkeer van snoep met kleurstoffen, bespoten voedsel en dat brengt hem in de invloedssfeer van kwakzalvers. Maar als hij merkt dat hij wordt belazerd, is het ook meteen weer afgelopen met die mannen.

 

In hoofdstuk 2 krijgt hij een aanwijzing van een oude man op een bankje die hem vertelt dat hij naar het noorden moet gaan. De hond Balder heeft hem naar deze man toegetrokken en vader gelooft immers dat de hond een boodschap voor hem in petto had. Dat is dus eigenlijk de eerste fase van de queeste. Papa Eduard neemt deze opdracht serieus, want vanaf dat moment staat alles in het gezin in het teken van de reis naar Lapland die ze in de volgende zomervakantie zullen maken. Het is overigens niet helemaal zeker of vader Eduard de man echt heeft ontmoet of dat hij hem verzonnen heeft. Aan het einde van de roman doet zich een soortgelijke situatie voor.

 

De kinderen moeten zich door het lezen van boeken goed voorbereiden, maar zowel Steven als Eva zien die reis helemaal niet zitten. Eva heeft op school een vriendinnetje dat ondanks de scheiding van haar ouders er beter voor staat: ze mag voor de tweede keer achtereen met haar vader mee naar St. Tropez en gaat daar een lekkere luiervakantie tegemoet. Overigens mag ze van de vader van Madeleine best mee naar het zuiden, maar haar ouders verbieden dat. Een mondaine reis past niet in het patroon van de opvoeding die ze voor hun kinderen hebben uitgezet. Later zullen ze hun ouders dankbaarheid verschuldigd zijn. Wat leer je nou van een vakantie aan het strand?

 

In de zogenoemde speelkamer worden alle voorbereidingen getroffen. Eva en Steven vinden elkaar in hun afkeer van het geplande reisdoel. Eva verwijt haar moeder die ze toch al niet zo leuk vindt, dat die niet in opstand komt tegen haar vader. Steven is een jongen die helemaal niets van zijn vader heeft. Hij wil niet op zijn vader lijken en het liefst alleen maar een beetje tekenen, soms van naaktmodellen. Maar hij wordt door zijn vader op een survivalcursus naar de Ardennen gestuurd (in de paasvakantie) Het duurt echter maar een dag, want de zwakke Steven meldt zich weer thuis omdat hij ziek geworden is: hij heeft een oorontsteking opgelopen. Samen met een school -en buurtgenoot Axel heeft hij de cursus gevolgd, maar deze Axel is een machomannetje dat er behagen in schept om zich zo veel mogelijk af te beulen. Dat is dus meer een zoon naar het hart van de vader van Steven en die gaat aan Axel vragen of hij niet mee wil op reis naar Lapland. Dat wil Axel heel graag: een verborgen reden is bovendien dat hij al verliefd op Eva is sinds hij haar de eerste keer zag. Maar Eva en Steven vinden hem een engerd.

 

De voorbereidingen die het gezin treft, gaan steeds verder. Vooral moeder heeft het er maar druk mee: ze moet regenponcho’s maken waaronder de gezinsleden kunnen slapen, want ze gaan ook in de open lucht overnachten. Bovendien wordt al het eten in poedervorm klaargemaakt en in plastic zakjes gedaan, opdat ze straks niet te veel gewicht hoeven mee te nemen. Ook wordt er geweerolie aangeschaft die heel goed van pas kan komen tegen de overlast die de muggen uit de moerassen zullen veroorzaken. Dan is ook de schoolvakantie aangebroken. Madeleine vertrekt naar Zuid-Europa en Eva wacht het vertrek naar Lapland af.

 

In hoofdstuk 8 is het zover. Door de buurvrouw worden ze met zijn allen naar het station gebracht. Eva heeft de lichtste rugzak, maar moet toch nog altijd 8 kilo meesjouwen. De trein reist naar het Duitse Travemunde, waar ze op de boot naar Zweden stappen. Eva wordt behoorlijk zeeziek. ( Dat is al zo’n ontbering van de queeste: een moeilijkheid die overwonnen moet worden) De volgende dag nemen ze de trein naar het noorden. Eva moet steeds denken aan Madeleine die lekker op het strand in St. Tropez zal liggen. In een korte flashback vertelt ze aan de lezer dat ze wel eens met Madeleine heeft gezoend. Het is een symptoom van de puber die nog niet weet welke richting haar leven zal uitgaan. Na de treinreis moeten ze weer varen met de veerboot naar Finland. Opnieuw zijn er veel dronken mensen aan boord, van wie er één Eva lastig valt. Vervolgens wordt er weer een heel stuk met de trein gereisd, waarna de laatste 8 kilometer naar de poolcirkel met de voet wordt afgelegd. De inspanningen beginnen al snel hun tol te eisen. Eva begint op haar voet een flinke blaar te ontwikkelen en haar vader verwijt haar dat ze veel te weinig heeft geoefend.(weer een vervelende handicap die ze moet overwinnen) Wanneer ze van een automobilist een lift krijgen aangeboden, wordt die vader resoluut geweigerd. Het gaat er immers om uithoudingsvermogen te kweken bij zijn kinderen. Ze arriveren bij een camping en Eva mag geen haringen in de tent slaan van haar vader. Die is bang dat ze zaken kapotmaakt. “Ga maar de omgeving verkennen”, is zijn advies, maar die raad had hij beter niet kunnen geven. Eva wordt kort daarna lastig gevallen door de dikke Duitser Dennis. Die wil haar verkrachten en dat zou gelukt zijn, wanneer Axel niet ineens zou zijn opgedoken. Hij slaat de Duitser met één klap neer. Die ligt bewegingsloos op de grond en Eva en Axel spreken af dat ze het er niet over zullen hebben. (het is dus al het derde queesteprobleem dat Eva moet overwinnen)

 

De tocht gaat verder naar het noorden. Vader Eduard gebruikt het kompas van zijn vader (symbolisch moet die dus zijn gids zijn, zoals hijzelf als vader de gids van Eva en Steven is) Maar de zoon die meer op hem lijkt is eigenlijk Axel Steven is min of meer een mislukkeling. De tocht wordt er niet eenvoudiger op en Eva heeft veel last van muggenbulten. (eem volgend queesteprobleem!) Wanneer ze de omgeving verkent, maakt ze kennis met een echtpaar van wie de vrouw arts is. Die heeft een goede crème tegen de wondjes in haar gezicht en ze is erg verbaasd dat Eva’s vader de survivaltocht wil doorzetten. Ze laat haar echtgenoot met de vader van Eva praten, maar die is onverbiddelijk. Eva zal mee moeten op de tocht. Het echtpaar biedt aan om haar bij hen te laten. De tocht wordt zwaarder en zwaarder en ze komen intussen in het gebied dat nog niet op de kaart staat. Ze zijn nu helemaal aangewezen op het kompas. Axel houdt dapper vol en loopt voorop met Eduard. Steven loopt steeds achteraan en An, de moeder van Eva, begint de moeilijkheden nu ook te ondervinden. Maar ze staat nog steeds vierkant achter haar man. Toch zullen ze ongeveer een week naar het noorden moeten lopen, voordat ze bij een meer komen en er weer een kaart te gebruiken is. De muggen worden steeds talrijker, het aangemaakte eten smaakt nergens meer naar, de vermoeidheid slaat toe en Eva ’s haat tegen haar moeder (die alles maar over haar heen laat komen) wordt steeds heftiger.

 

Op de vijfde dag begint Balder onrustig te worden. Hij ruikt onraad en niet lang daarna ontsnappen ze aan de dood, wanneer een kudde rendieren in galop komt aandenderen. Ze weten zich net in veiligheid te brengen (queeste!) De volgende dag vertelt Axel over zijn ouders: hij beschouwt zijn vader als een mislukkeling: hij was verliefd geworden op een andere vrouw en toch bij Axels moeder gebleven, waardoor hij een treurig leven tegemoet was gegaan. Hij wil zijn ouders niet meer terugzien: de sukkels. Zijn vader was alcoholist geworden.

Omdat ze niet opschieten, neemt Axel het heft in handen. Hij pakt het kompas van Eduard af en controleert het op zijn functionaliteit. Axel geeft aan dat het kompas kapot is. Zo zijn ze dus het gevoel voor richting kwijt (tijdens de tocht maar ook tijdens het leven – Eduard!) Ze hebben waarschijnlijk een heel verkeerde route afgelegd en dan wordt het nog precair met de hoeveelheid voedsel die ze bij zich hebben. De porties worden daarom gerantsoeneerd.

Axel en Eva’s vader zullen de volgende dag naar een hoge berg gaan om te kijken of ze het meer kunnen ontdekken. Tijdens hun afwezigheid wordt Eva ook weer ziek: ze heeft koorts (queeste!) Steven is boos dat zijn vader hem niet heeft meegrvraagd. Hij leidt er uit af dat zijn vader een ander type zoon wil.

 

Wanneer ze terugkeren, vertellen de mannen dat ze een heel stuk verkeerd hebben afgelegd. Ze moeten hun koers verleggen en het kan best een paar dagen duren voordat ze nu op de plek van bestemming zijn. Eva moet gewoon mee hobbelen, vindt haar vader. Hij is meedogenloos, maar haar broer Steven bekommert zich nu wel om haar. Hij geeft haar op de volgende dag een schrift waarin staat wat Eva na zijn dood met zijn spullen moet doen: hij vreest dat hij de tocht niet zal overleven. Hij vindt zichzelf ook een mislukkeling voor zijn vader: Axel is een veel beter exemplaar als zoon. Eva weet dat hij naakttekeningen van een schoolvriendin heeft gemaakt. Die laat hij haar na, wanneer hij de tocht niet zal overleven.

Ook vader Eduard maakt aantekeningen en wanneer Eva vraagt waarom zegt hij dat je altijd de omstandigheden moet opschrijven, waaronder je iets hebt ervaren of iets hebt gevonden, bijv. een meteoriet.. (dit is een subtiele verwijzing naar “Nooit meer slapen”van W.F. Hermans, waarin de antiheld Alfred Issendorf op zoek gaat naar een meteorieteninslag)

 

Om de tocht nog wat te bemoeilijken, gaat het plenzen, maar ook die moeilijkheid wordt overwonnen. Balder heeft inmiddels een flinke splinter in de poot opgelopen en loopt daardoor mank. Eva en Axel raken in gesprek en dan vraagt Eva wat Axel met de Duitser Dennis heeft gedaan die haar wilde verkrachten. Axel zegt dat hij hem waarschijnlijk vermoord heeft en dat ze misschien wel gezocht worden. Hij zegt dat Eva dan ook medeplichtig is en wil graag met haar alleen verder gaan. Hij is namelijk al jaren op haar verliefd en daarom had hij haar zo goed in de gaten gehouden. Ze mogen er nog steeds niet over praten. Maar hij weet ook niet zeker of Dennis wel dood is. Hij vraagt of Eva het wel eens met een jongen heeft gedaan. Hij krijgt een ontwijkend antwoord: Eva wil niets met hem.

Dan staat er ineens een man voor hen die op de tv-figuur Catweazle lijkt. Het is een zwerver die hun een slaapplaats aanbiedt. Later komen er nog twee andere onfrisse figuren bij. Zelfs moeder wordt nu bang. (queeste-moeilijkheid!) De mannen helpen wel de splinter uit de poot van Balder te trekken . Door krachtdadig optreden van vader worden de mannen uit het huisje gehouden en ze druipen tenslotte af.

 

De volgende dag vertelt vader weer een ongelooflijk verhaal aan Eva. Hij is door Balder naar een plek getrokken waar een Canadese militair hem de weg zou hebben gewezen naar het meer waarnaar ze op zoek waren. De anderen hebben de man niet gezien, maar ze veranderen van koers, zeer tegen de zin van Axel in. Alleen Eva en haar vader kennen het verhaal. Dan komen ze bij een wild stromende rivier (queeste moeilijkheid zoveel!) Aan de andere kant van de rivier lijkt er weer een bewoonde wereld te zijn, dus ze moeten oversteken. Er ligt een kabel over de rivier waaraan een vlot voortgetrokken kan worden. Ze gaan er allemaal over heen met flink wat gevaar voor hun leven. Maar Axel blijft achter: hij wil niet mee naar de overkant: hij is o.a. bang opgepakt te worden voor moord. Hij vraagt of Eva met hem wil meegaan, maar die weigert. Hij verdwijnt in het bos en gaat zijn eigen weg.

Aan de overkant ontmoeten ze een man (Heikki) in een paalwoning (boomhut) die hun goed te eten geeft. Ze komen weer een beetje bij hun positieven. Daarna reizen ze naar huis. Zo hebben ze het avontuur toch tot een goed einde gebracht.

 

In de speelkamer worden eerst nog de restanten van de reis bewaard. Ook Axels tent. Maar ze horen nooit meer iets van hem. Eva vraagt zich af of hij nog steeds rondzwerft in de toendra’s. Op een dag is de tent verdwenen en zijn er alleen nog de herinneringen via de paar foto’s die gemaakt zijn.Ze verwijdert het visnet dat in haar kamer hing, met de foto’s die er in lagen. Ook de ansichtkaart van Madeleine verscheurt ze. Eva denkt eraan dat over een paar dagen de school weer gaat beginnen.

 

Thema, motieven en interpretatie

Wie een boek schrijft over een avontuur in Lapland, ontkomt er niet aan direct met Willem Frederik Hermans te worden vergeleken. Die schreef immers één van de beste romans uit de Nederlandse literatuur na de Tweede Wereldoorlog over dat land. Hij beschrijft de mislukte zoektocht van Alfred Issendorf, de loser die in Finmarken op zoek is naar een bewijs voor meteorieteninslag: “Nooit meer slapen “ (hieronder steeds NMS genoemd) .

Hij doet dat om in de voetsporen van zijn overleden vader te treden. In plaats van geoloog had hij liever fluitist willen worden.

 

In ‘Lange dagen” komen diverse verwijzingen voor naar NMS.

- Het zijn in feite allebei queesteverhalen naar dezelfde streek. (Finnmarken/Lapland)

- Daarom komen er ook verwijzingen in voor die met elkaar te maken hebben. Ook in deze roman van Pia de Jong is er een zoon die niet direct in de voetsporen van zijn vader kan treden. In plaats van een stoere knul die survivalcapaciteiten heeft, is hij een wat zwakke jongen die het liefst wil tekenen. Hij komt dan ook al na een dag ziek terug uit de Ardennen. Zijn vader is woedend. In feite heeft Steven dus net als Alfred uit NMS te maken met een vader voor wie hij de levensverwachting niet kan waarmaken.

- Alfred wil een meteoriet zoeken en in “Lange dagen”zegt Eva op een bepaald moment dat ze helemaal niets hebben gevonden (blz. 202) maar we hebben toch helemaal geen meteoriet gevonden.

- In beide romans worden de personages getroffen door het feit dat ze slecht kunnen slapen door het altijd aanwezige daglicht.

- In beide romans worden de personages lastig gevallen door de overdaad aan muggen

- In beide romans houden personages aantekeningen in boekjes bij (Arne resp. Steven en de vader van Eva)

- In beide romans spelen foto’s een rol: in NMS gaat het om verkeerde luchtfoto’s van het gebied, in Lange dagen heeft de vader van Eva niet de beschikking over een goede kaart. Er is zelfs nog geen kaart van het woeste gebied beschikbaar en dan ga je net als Alfred al bij voorbaat een kansloze missie tegemoet. In deze roman blijken bovendien de foto’s nog de steunpunten voor de herinneringen van Eva

- In beide romans werkt een kompas niet goed, waardoor personages de goede richting mislopen

- In beide romans komen personages door een ongeluk om het leven : Arne in NMS door een val, de Duitse Dennis door een klap van Axel

Het kan natuurlijk geen toeval zijn dat er zoveel overeenkomsten in tekstgegevens en motieven zijn. Er zijn natuurlijk ook wel verschillen: herhaaldelijk komen in de roman aanwijzingen naar het geloof (RK-getint) naar voren. Dat zal ongetwijfeld te maken hebben met de geboorteplaats van Pia de Jong (Roermond ) geloof krijg je daar met brokstukken van de communie binnen “Neemt en eet, wat dit mijn lichaam” (blz. 240) Hermans wilde nooit iets met het geloof te maken hebben. [In NMS komt ook een Eva voor (het zusje van Alfred Issendorf ) en die wordt “dom”gevonden, omdat ze in God gelooft.]

 

Lange Dagen is dus een queesteroman, wat een oeroud romangenre in de Nederlandse literatuur is. In de Middeleeuwse literatuur komen al veel queesteverhalen (vgl. Arthurromans) voor.

Aan een queeste worden drie kenmerken verbonden:

- het begin en eindpunt zijn op dezelfde plaats

- de reis met opdrachten vindt plaats op vreemde bodem; er moeten veel moeilijkheden worden overwonnen.

- er is een happy end: d.w.z. de opdracht wordt tot een goed einde gebracht.

 

Wie “lange Dagen”heeft gelezen, ziet dat het boek aan alle drie kenmerken voldoet.

De reis begint vanuit het ouderlijk huis en eindigt in hoofdstuk 23 ook weer thuis.

Ze zijn behouden thuis gekomen en dan mag je wel spreken van een happy end..

 

Het survivalavontuur in Lapland (vreemde bodem) levert voor Eva een groot aantal problemen op die ze moet overwinnen:

- ze wordt zeeziek op de veerboot

- ze wordt lastig gevallen door een dronken reiziger op de boot

- ze krijgt op de eerste dag al blaren onder haar voet

- ze wordt bijna het slachtoffer van verkrachting door Dennis

- ze heeft niet de beschikking over de gewone zaken die met hygiëne te maken hebben (blz. 144)

- ze wordt flink gestoken door de muggen, wat haar gezicht ontsiert

- het gezin ontsnapt ternauwernood aan een kudde rennende rendieren

- het kompas van de grootvader blijkt niet goed te werken

- Eva wordt ziek en krijgt hoge koorts en moet toch mee

- Ze komen enge mannen tegen (o.a. Catweazle) die mogelijk iets slechts van plan zijn

- Ze moeten een gevaarlijke rivier oversteken om weer in de bewoonde wereld te komen

 

Je kunt dus spreken van een prima uitgewerkte queesteroman van Pia de Jong. De vraag is natuurlijk ook wat dan de opdracht van de queeste is. Vader Eduard verkeert in een midlifecrisis: midden in de veertig wil hij een daad stellen. Wanneer ze in Lapland zijn, herinnert Eva zich dat haar vader altijd met zijn gewicht bezig was. Vroeger had hij een bos wilde haren en nu is hij onaantrekkelijk kaal. In Lapland verliest hij door inspanningen in de eerste dagen heel wat gewicht.

Hij beweert dat hij de tocht onderneemt om zijn kinderen uithoudingsvermogen bij te brengen, maar in werkelijkheid gaat hij natuurlijk vooral voor zichzelf op reis: hij is op zoek naar zichzelf.

 

Op blz. 250 staat dan ook "Mijn vader kon niet anders dan deze tocht maken. Hij was een pelgrim geweest op zoek naar zijn bestemming en zijn missie was nu volbracht. Hij stond in rechtsreeks contact met de natuur en met ene God die Zijn helpers in de meest onverwachte gedaanten op zijn pad bracht om hem de weg te wijzen."

 

Het is namelijk ook maar de vraag of hij de twee mannen die hem de richting in zijn leven hebben willen geven (de oude man op het bankje in hoofdstuk 2 van de roman en de Canadese militair) daadwerkelijk gezien heeft. Hij kan ze mogelijkerwijs verzonnen hebben. Op het bestaan van beide mannen werd hij gewezen door zijn hond Balder, wat toch een verwijzing is naar het mythologische element in de roman. Balder is immers de naam van een God uit de Noorse mythologie.

Wellicht luistert hij naar de Canadese militair omdat hij als hoofd van de Bescherming Bevolking heeft geleerd dat je moet luisteren naar de mensen die je aanwijzingen geven en die hoger in de hiërarchie staan. De militair is volgens hem dus een door God gezonden boodschapper.

 

Omdat hij aan zichzelf hoge eisen stelt, sleept hij zijn gezin in een `veel te gevaarlijke tocht mee. Het zou natuurlijk heel goed kunnen zijn dat het gezin de tocht niet had overleefd: er liggen grote gevaren op de loer. Bovendien heeft hij zich toch niet zo perfect voorbeieid als je van hem zou mogen verwachten. Hij die immers veel over Lapland heeft gelezen, heeft blijkbaar over het hoofd gezien dat het kompas boven de poolcirkel niet altijd naar het noorden wijst, maar dat er een afwijking ontstaat. Citaat blz. 251 Mijn vader had die natuurkundige wet over het hoofd gezien. Maar hoe had hij kunnen vermoeden dat het kompas dat zijn eigen vader altijd de weg had gewezen, hem hier op een dwaalspoor zou brengen. Maar uit andere tekstgegevens weten we al dat het kompas een roestig wijzertje had ( blz. 5) Hij gaat er blijkbaar blindelings van uit dat het apparaat goed werkt.

 

Zelf ziet hij het gevaar niet waaraan zijn dochter Eva bloot is gesteld. De verkrachting wordt verhinderd door een oplettende Axel, die toch meer een modelzoon voor hem is dan de wat softere Steven, die meer van tekeningen en potloden houdt dan van survivalen en puntbijlen. Op blz. 198 verwoordt Steven dat met : "Echt, ik ben niet de zoon op wie hij gehoopt had. Hij had een type als Axel moeten hebben. Hij vindt mij maar een slappeling."

De muggen die Eva steken, misvormen haar gezicht en zij krijgt van de vrouwelijke dokter onderweg wat gelige crème die goed helpt tegen de wondjes.  Grappig en mooi symbolisch is ook dat Eva door haar misvormde gezicht aan de lezer vertelt dat je nauwelijks kunt zien of ze een jongen of een meisje is. Zij is namelijk voor de vader meer een jongen dan haar broer.

 

Het einde is ook belangrijk voor Eva, die na de reis bepaalde zaken doet: ze ruimt het visnet op, verscheurt de ansichtkaart die Madeleine haar heeft gestuurd, doet de klassefoto weg, ze verft de kleur van de kamer anders, ze zou nieuwe mensen leren kennen, ze zal waarschijnlijk anders tegen haar ouders aankijken. Het zijn alle symbolische aanwijzingen voor de een nieuw leven, want Eva heeft tijdens de tocht zichzelf en de anderen leren kennen.

 

 

Dat brengt mij tot een ander belangrijke motief in deze roman: de relaties tussen ouders en kinderen. Vader Eduard moet niet veel van zijn slappe zoon hebben. Zijn substitutiezoon is de macho Alex, terwijl zijn eigen softe zoon het liefst wil tekenen (vgl de symboliek Alfred Issendorf uit NMS die fluitist maar geen geoloog wilde worden) Steven kan het natuurlijk niet goed hebben dat Alex in zijn plaats door de vader wordt gevraagd om het gezin uit de penibele situatie te halen.

Van zijn dochter Eva vraagt Eduard eigenlijk iets wat hij van een zoon had kunnen vragen. Zelfs als ze met griep en koorts eigenlijk niet verder kan tijdens de barre tocht, verwacht hij van haar dat ze doorgaat. En Eva doet dat. Aan de ene kant verafschuwt ze de drammerigheid van haar vader, maar ze houdt van hem, veel meer dan van haar moeder die ze lijdzaamheid en onderdanigheid verwijt. Op blz. 172 zegt ze nog: “ Hij was mijn vader, ik hield van hem, maar ik kon hem niet uitstaan. Als een mug wilde ik zijn bloed wegzuigen en het met grote teugen opdrinken. Ik wilde weten hoe het smaakte. Maar ze blijft loyaal aan hem.

Op blz. 238 zegt ze over haar vader : “Ik herinnerde me wandelingen die ik lang geleden met hem had gemaakt, toen hij me nog droeg (! samensteller, het omgekeerde Aneasmotief) wanneer ik moe werd. Toen hij me Eefje noemde en me niet wegduwde wanneer ik op zijn schoot klom. Die herinnering schenkt haar in de moeilijke tijd in Lapland zelfs nieuwe energie.

 

Zo verwijt ze haar moeder meer dan haar vader. Eva neemt de dingen zoals die haar overkomen eigenlijk ook met het credo van haar vader. “Er gebeuren nu eenmaal dingen in het leven die gebeuren zoals ze gebeuren.” Ze blijft in feite heel erg loyaal aan haar vader. Minder loyaal is ze dus tegenover haar moeder.

Op blz. 154 :: “ En mijn moeder dan? Ze had dit niet mogen laten gebeuren. Moeders moesten hun kinderen beschermen, niet hun echtgenoten.

Op blz. 156 : “ Ik vond het als kind heerlijk haar te choqueren. Haar hele leven stelde ze in dienst van ons, haar gezin. Die grenzeloze zelfopoffering irriteerde me mateloos. Alsof ik daarmee aan haar verplicht was me netjes te gedragen.

 

Ze wil dan eigenlijk ook het liefst een mogelijke andere moeder (de vrouwelijke arts in de camper, die haar wonden verzorgt, die haar wil behoeden voor verder onheil en haar wil beschermen.) Ze is dan misschien wel wat ouder, maar opgemaakt, waar Eva zelf wel waarde aan hecht. Tijdens het vervolg van de reis denkt ze nog enkele keren aan de vrouw. Opmerkelijk is wel dat de geschiedenis zich herhaalt, want in de diepste ellende vertelt Anna een verhaal over een substitutie-moeder (de oude non in het klooster naar wie ze graag was teruggegaan, toen haar eigen moeder ziek was geweest) Wellicht zou ze ook het liefst een andere vader hebben: die van Madeleine lijkt haar wel wat en op zeker moment vindt ze dat haar moeder, wanneer ze zich zou opmaken, misschien wel een geschikte partner zou kunnen zijn voor Madeleines vader (blz. 185) Maar zo heeft ze ook een bepaalde gedachte over haar leraar Frans die haar wel eens naar haar toegetrokken had, toen zijn vrouw en dochter niet thuis waren. Zij heeft er waarschijnlijk andere gevoelens bij dan haar leraar.

 

Daartegenover staat het verraad van Axel tegenover zijn ouders. Doordat diens vader bij zijn moeder is gebleven, terwijl hij op een ander verliefd was, is het huwelijk slechter geworden, zijn vader alcoholist geworden. Hij wil zijn ouders niet meer zien. Hij gaat dan ook gretig in op het verzoek van Eduard om mee naar Lapland en wil in die relatie de ideale zoon spelen. De vader van Eva is immers kaal en Axel heeft zijn hoofd laten kaalscheren, voordat hij op survival gaat. (identificatie?)  Hij neemt diverse keren de rol van leider van de expeditie over. ( vgl. de situatie met het kompas)

Hij beschermt in feite  zijn “halfzusje/stiefzusje” wanneer die wordt aangerand. Hij neemt het initiatief wanneer het kompas (de gids) stuk blijkt te zijn. Op het laatste moment gaat hij niet meer mee naar de overkant. Hij wil waarschijnlijk niet meer deelnemen aan het saaie bestaan in Nederland, maar als een mythe blijven voortleven in de toendra’s van lapland.

 

De loyaliteit aan je ouders is derhalve een belangrijk motief in deze queesteroman.

 

Voor je leesdossier nog even op een rijtje de belangrijkste motieven

- queeste naar jezelf

- coming of age (in feite ook een queeste naar jezelf)

- de zin van het bestaan

- ontdekking seksualiteit

- midlifecrisis (van Eva’s vader)

- familiebetrekkingen

- vader-zoonverhouding

- moeder-dochterverhouding

- vader-dochterverhouding

- vriendschap

- moord

- het geheim (van de moord)

- substitutie ouders / kinderen

 

 

Belangrijke recensies

Voor een debutante heeft Pia de Jong goede recensies gekregen (oa. Jeroen Vullings, Elsbeth Etty en Max Pam) en dat zijn zeker gerenommeerde recensenten.

 

Op 13 september geeft Jeroen Vullings in Vrij Nederland een uitgebreide en zeer lovende recensie over de roman.

Voor lezing van Lange dagen was ik er – intuïtief – van overtuigd dat geen vaderlandse schrijver het in zijn hoofd zou halen een verhaal in Lapland te laten spelen zonder kennis van Nooit meer slapen. Tenslotte: hoe naïef kun je zijn? Bepaalde wegen zijn op zo’n onnavolgbare wijze literair betreden dat ze daarna door verstandige collega’s te vermijden terrein zijn. Of je moet als Zwier een ander genre kiezen en daarin en passant de grote voorganger – Hermans – eer betuigen Vervolgens geeft hij een uitgebreide analyse van de roman en besluit hij met:

Wat een debuut. Als iedereen, zoals W.F. Hermans beweerde, een door eigen levensfeiten geïnspireerd boek in zich draagt, dan heeft Pia de Jong zich met Lange dagen in ieder geval krachtig van die taak gekweten. Maar voor de roman zelf maakt het al dan niet autobiografische niks uit. De Jong creëert niet alleen ondraaglijke spanning, maar biedt ook een wereld die ijzingwekkend echt, menselijk, al te menselijk aandoet, vol personages van vlees en bloed. Ze toont subtiel hoe het mis kan gaan in een gezin waar het niet aan liefde ontbreekt. En ook hoe ‘normale’ gezinsleden juist uit affectie zich laten ringeloren door een gek, omdat het ze overkomt. Dat maakt korte metten met ons moderne mensbeeld, waarin we allen assertieve individuen zijn, die zich geen knollen voor citroenen laten verkopen en naar niemands pijpen willen dansen. Maar dat de waanzin ons al te gemakkelijk besluipt, maakt Lange dagen indringend aanschouwelijk.

 

Edith Koenders in De Volkskrant van 26 september 2007 helemaal niet zo positief: Lange dagen is schematisch van opzet. Vader is een tiran, moeder een volgzame sloof, broer een levensmoeë puber, vriendin Madeleine alles wat Eva niet is, frivool en zelfbewust en Axel is weer de tegenpool van Steven, stoer en sterk. De schrijfster laat weinig aan de verbeelding over; ze benoemt gevoelens en gedachten en stopt weetjes in haar tekst als ‘Travemunde, een havenstad in Duitsland’ en ‘quatre-mains, dat is Frans’. Er doen zich ongeloofwaardige gebeurtenissen voor. Voor ze de wildernis ingaan, wordt Eva bijna verkracht door een Duitser. Axel slaat hem neer en Eva klopt haar kleren af alsof ze slechts gestruikeld is. Pas meer dan een week, vele ontberingen en honderd bladzijden later vraagt ze aan Axel: ‘Wat heb je met hem gedaan?’ Wilde De Jong er op de valreep nog een misdaadverhaal van maken? Woeste natuur en een gezin met pubers op overlevingstocht kunnen ingrediënten zijn voor een subtiel emotioneel spel en prachtige natuurbeschrijvingen, maar die zijn in Lange dagen geen van beide te vinden.

 

Op 7 oktober 2008 schrijft Elsbeth Etty in NRC-Handelsblad In Nooit meer slapen van W.F. Hermans heeft Eva, het zusje van ik-figuur Alfred, altijd het meest tot mijn verbeelding gesproken. Alfred gebruikt haar naam nooit zonder haar in één adem als dom te bestempelen. Eva is dom omdat ze in God gelooft en ze is dom omdat ze haar nagels lakt.

Met haar debuutroman Lange dagen neemt Pia de Jong fraai revanche op Hermans’ alter ego Alfred. Niet voor niets heet haar 14-jarige hoofdpersoon Eva, een meisje dat van haar vader geen bikini mag kopen, haar haren niet los mag dragen en vooral niet mee mag met haar frivole vriendin, die vrolijk met haar van het leven genietende, gescheiden vader op vakantie gaat naar de Côte d’Azur. [….]De milde wraak op Hermans in Lange Dagen zit hem niet alleen in de herschepping van de Eva-figuur en in de fascinerende omdraaiing van de thematiek van Nooit meer slapen, maar ook in de reisbeschrijvingen waarin Pia de Jong de meester evenaart, de spanningsopbouw waarmee ze hem zelfs herhaaldelijk overtreft, en niet het minst in de stijl.

 

Helemaal lyrisch is de bekende recensent Max Pam in HP/De Tijd Op 19 september 2008 schrijft hij : Het gebeurt niet vaak dat je een debuutroman onder ogen krijgt, die zo goed in elkaar zit als Lange Dagen van Pia de Jong. Van Pia de Jong weet ik eigenlijk niets. Ik had nog nooit wat haar gelezen. Lange Dagen komt uit de lucht vallen als een literaire verrassing die maar eens in de tien jaar voorkomt.

[…..]-Want de tocht naar de poolcirkel is door De Jong op voorbeeldige wijze beschreven: spannend, macaber en in de onaangename zekerheid dat de dood voor de gezinsleden voortdurend op de loer ligt. De terreur van de vader gaat door merg been, maar zijn obsessie blijft op de een of andere manier invoelbaar. Dubbelzinnig is de rol van Axel, de uitslover, die in zijn verliefdheid Eva toch weet een keer weet te redden, maar daarvoor niet beloond zal worden. Als lezer verkeer je dan, net als de personages, in een bijna hallucinerende gemoedstoestand, waarin je niet meer weet of de gebeurtenissen fata morgana’s zijn of echt zijn gebeurd.Ik zal hier het einde niet verklappen. De sleutelrol wordt gespeeld door Axel, de redder, die misschien zelf niet gered wordt, maar die verdwijnt en over wie niet wordt verteld wat hem uiteindelijk is overkomen. Zwerft hij als de vliegende Hollander eindeloos voort over de toendra? Is opgegeten door de lynxen, poolvossen en beren?

Trouwens, heeft hij eigenlijk wel bestaan, of heeft Eva hem van het begin af aan gedroomd. “Lange dagen” is een opmerkelijke boek, zeker voor iemand die niet eerder romans heeft gepubliceerd. Uitgever Mai Spijkers mag zich gelukkig prijzen dat hij het manuscript heeft mogen uitgeven. Het werd wel weer eens tijd, maar de Nederlandse literatuur heeft er eindelijk weer een schrijver bij.

 

Winnaar Gouden Uil 2009.

Pia de Jong wint de prijs van de Lezer in 2009. De nominaties uit het juryrapport luidde als volgt: "

"In het coming-of-age-drama Lange dagen, vermoedelijk gesitueerd in de jaren zeventig of vroege jaren tachtig, is ‘Lapland’ , waar de adolescente vertelster Eva en haar gezinsleden wanhopig ronddolen, een katalysator die de menselijke aard in al zijn facetten toont. Zo wordt ieder detail veelbetekenend – door de permanente dreiging en de nabijheid van de dood. Het sinistere van Lange dagen is dat de ontberingen, hoe onaangenaam ook, als ogenschijnlijk normaal gepresenteerd worden. De gekste dingen kunnen nu eenmaal met je gebeuren als je nog onder ouderlijk gezag staat. De Jong creëert niet alleen ondraaglijke spanning, maar biedt ook een wereld die ijzingwekkend authentiek aandoet, vol personages van vlees en bloed. Ze toont subtiel hoe het toch  mis kan gaan in een gezin waar het niet aan liefde ontbreekt. Haar parabel maakt korte metten met ons moderne mensbeeld, waarin we allen assertieve, eigenzinnige individuen zijn, die zich niet laten ringeloren. "

 

Over de schrijfster

Bron: eigen website van de schrijfster

Pia de Jong debuteerde onlangs met haar roman Lange Dagen. Zij is geboren in Roermond. Zij studeerde Nederlands en psychologie in Utrecht, werkte als organisatieadviseur in de Verenigde Staten en Nederland en heeft een eigen praktijk op het gebied van coaching en consultancy. Pia de Jong is moeder van drie jonge kinderen.

 

 

'Lange dagen' - Pia de Jong

 

Lange dagen van Pia de Jong doet denken aan Hermans en Theroux, maar is volkomen authentiek. Wat een debuut.

 

Hoeveel Nederlandse literatuur speelt eigenlijk in Lapland? Ik kom maar op een paar titels: W.F. Hermans’ klassieker’ Nooit meer slapen, Altijd Lapland van Gerrit Jan Zwier en nu Pia de Jongs debuutroman Lange dagen. Waarbij je nog kunt opmerken dat de queeste in Nooit meer slapen voert naar Finn­mark, het uiterste noorden van Noor­wegen (waar Lappen wonen). Zwier op zijn beurt doorploegt Lapland ongehinderd door landsgrenzen, maar hij beoefent een ander genre dan Hermans en De Jong; hij schrijft reisverhalen, non-fictie. Nieuwkomer Pia de Jong ten laatste situeert haar fictie in Fins Lap­land. Hermans’ Lapland steekt nog aantrekkelijk af bij de barre, godverlaten toendra in Lange dagen – met recht het einde van de wereld.

 

Voor lezing van Lange dagen was ik er – intuïtief – van overtuigd dat geen vaderlandse schrijver het in zijn hoofd zou halen een verhaal in Lapland te laten spelen zonder kennis van Nooit meer slapen. Tenslotte: hoe naïef kun je zijn? Bepaalde wegen zijn op zo’n onnavolgbare wijze literair betreden dat ze daarna door verstandige collega’s te vermijden terrein zijn. Of je moet als Zwier een ander genre kiezen en daarin en passant de grote voorganger – Hermans – eer betuigen.

 

Muggen

Misschien heeft Pia de Jong Nooit meer slapen gelezen, misschien ook niet. Maar de (oppervlakkige) overeenkomsten lijken mij eerder locatiebepaald. Goed, daar zwermen de muggen om het hoofd als elektronen om een atoom, maar in elk reisverslag over die noordelijke contreien op internet tref je soortgelijke klachten. Bij Hermans raakt een kompas zoek, bij De Jong doet dat ding het niet – soit. Op thematisch vlak staat in Nooit meer slapen de vader-zoonrelatie centraal: de adolescent Alfred torst daar de herinnering aan zijn overleden vader, zoals eertijds Aeneas vaderlief Anchises op de schouders nam. Klassieke problematiek, die op het moment van verschijnen (1966) voor een gehele generatie een actuele lading kreeg: als iets de jaren zestig kenmerkte, was het wel de wens niet hetzelfde leven te leiden als de stamvaders daarvoor deden.

 

Lange dagen is een coming-of-age-drama, dat verder reikt dan de (in dit geval) vader-dochterrelatie. Een ander punt van verschil is dat Nooit meer slapen bij publicatie een contemporain verhaal was, terwijl Lange dagen (ook al zijn de tijdsmarkeringen in het vage gelaten) de jaren zeventig of vroege jaren tachtig ademt. Met wat goede wil zou je voorts de stijl van De Jong hermansiaans kunnen noemen, in die zin dat ze zeer zorgvuldig, natuurgetrouw Nederlands schrijft. Met af en toe een metafoor, zoals Hermans dat ook placht te doen. Maar daarmee doe ik W.F. toch onrecht, want in Nooit meer slapen staan waarlijk schitterende zinnen, bijvoorbeeld: ‘In de lucht schreeuwen meeuwen met kouwelijke stemmen.’ Bij De Jong tref je die niet. Haar stijl is wat kleurloos, maar zeker niet lelijk, hoogst adequaat en trefzeker – en daarmee heel erg eigentijds.

 

Nee, dat wordt niks tussen W.F. en Pia de Jong. Met meer recht kun je Lange dagen vergelijken met Paul TherouxMosquito Coast (1981): in beide romans voert een doorgedraaide vader zijn gezin uit weerzin tegen de bezoedelde’ westerse samenleving naar een levensgevaarlijk, primitief land, waar de natuur sterker is dan de mens. Oók een coming-of-age-drama, ook volle aandacht voor de vader-kind-relatie. Maar: de waanzin bij de vader in Lange dagen is toch sluipender en bepaald niet zo briljant van karakter als in Mosquito Coast. De vaderfiguur in Lange dagen is eigenlijk een alledaagse man, dat is het griezelige.

 

Ik ga zo uitgebreid in op De Jongs literaire voorgangers om beter vat te kunnen krijgen op de specifieke sensatie van haar opmerkelijke debuutroman: het verhaal in Lange dagen lijkt eerder verteld, maar nochtans is het authentiek. Gebeeldhouwd alsof het altijd al bestond.

Het heeft, hetgeen meestal het geval is bij autobiografisch proza, de adem van het echte.

 

Slinkende voedselvoorraden

Natuurgetrouw, zei ik eerder. Dat effect berust grotendeels op de overtuigende stem van de veertienjarige vertelster, de dochter des huizes Eva. Via haar leren we de andere betrokkenen in dit drama kennen: de met een midlifecrisis kampende vader, met wie het van kwaad tot erger gaat: zijn afkeer van bespoten voedsel brengt hem eerst naar onbevoegde natuurgenezers, kwakzalvers. Vervolgens ziet hij verschijningen, een oude man op een bankje bijvoorbeeld, die hem tekens geven van God: naar het noorden moet hij gaan, zegt die oude, om zijn bestemming te vinden. Uiteindelijk ontwikkelt hij zich tot een ware survivalist, die zijn gezin wil harden om te overleven in nabije tijden waar het erop aan komt. Zijn zorgzame, zichzelf wegcijferende echtgenote An is loyaal tot op het bot aan haar wederhelft, al heeft zij vermoedelijk andere ideeën. Het grootste slachtoffer van dit familiedrama is de sombere, uiterst gevoelige zestienjarige Steven, Eva’s broer. Liefst wil hij tekenen, ruïnes of in ieder geval huizen met gaten. Maar van zijn vader moet hij op een overlevingskamp in de Ardennen – dat avontuur mislukt al vrijwel direct. De zachtmoedige Steven probeert de demonen in zijn hoofd te beteugelen en schikt zich fatalistisch, uit pure onmacht, naar het vaderlijk gezag. Wat moet hij anders?

 

Ook dient zich nog een oudere, voormalige schoolgenoot van Steven aan voor de expeditie naar Lapland, de eerstejaarsstudent Civiel Techniek Axel. Een echte doorzetter annex natuurmens, de gedroomde zoon van Eva’s en Stevens vader. De kinderen zien hem merkbaar niet zitten. Steven beschouwt hem als rivaal en Eva, voor wie Axel mooie gevoelens koestert, vindt hem meestal een engerd. De tergende, ijselijk spannende wekenlange dooltocht over de toendra, met slinkende voedsel- en watervoorraden, met een ondeugdelijk kompas, mondt uit in een déconfiture van de vader. Uiteindelijk blijkt Axel degene die hen kan redden, de natuurlijke aanvoerder, die – ironie van het lot – voor de anderen geheel onverwacht, maar in lijn met zijn pathologische gesteldheid, de eenzaamheid van de toendra met alle gevaren van dat armzalige Eden, verkiest boven de menselijke beschaving. Zo bezien is ‘Lapland’ de katalysator die de menselijke aard in al zijn facetten toont.

 

Permanente dreiging

Geen moment trapt De Jong in de valkuil van een gemakzuchtige zwart-wittekening. Voor een deel wordt dat bepaald doordat Eva een puberend meisje is, die koerst tussen halfbegrepen gevoelens, meestal seksueel van aard – voor haar beste, vroegrijpe vriendin Made­leine; voor de dikke Duitser Dennis, ook een Lapland­ganger, die haar probeert te verkrachten; voor Axel die haar aanbidt en van Dennis redt; voor Steven die ze adoreert en die ze niet kan helpen in zijn peilloze gekweldheid.

 

Maar niet alleen de dramatische ironie, waardoor we anders dan Eva beseffen aan welke gevaren zij en het gezin blootgesteld zijn, brengt die magnifieke geladenheid teweeg van Lange dagen, die in elke scène, elk gesprek, elke waarneming, elke zin schuilt. Dat komt ook doordat de schrijfster, in dit verhaal in ik-vorm, ook reacties van anderen registreert waarover Eva niet oordeelt. Zo is er een buurvrouw die het gezin naar de trein brengt en almaar zwijgt. Of het oudere echtpaar in een camper in Lapland dat, steeds wanhopiger, probeert de vader zover te krijgen in elk geval Eva bij hen te laten voor de duur van dit onverantwoorde avontuur.

 

Op een gegeven ogenblik, en dat is het knappe in een relaas dat in wezen een monotone voettocht in opeenvolging van lange, uitzichtloze dagen is, wordt ieder detail veelbetekenend – door de permanente dreiging en de nabijheid van de dood. In zo’n toestand is het niet meer mogelijk uit te maken wat echt of onecht is. Is de vader inderdaad een Canadese soldaat tegenkomen in het niemandsland, die hem de weg wees? In ieder geval kon er kracht uit geput worden om door te gaan, met krachten die niemand meer dacht te hebben. Het sinistere van Lange dagen is dat de gebeurtenissen, hoe onaangenaam ook, als ogenschijnlijk normaal gepresenteerd worden. Iets dat nu eenmaal met je kan gebeuren als je nog onder ouderlijk gezag staat. Ook iets dat je wegstopt, bij behouden thuiskomst. Want, waar ging het die new age-achtige vader eigenlijk om? Zijn hond noemde hij al veelbetekenend Balder, in het tragische en tevens aandoenlijke verlangen van de kleine burgerman naar het hogere. Maar mis ging het toen hij een glossy natuurfoto zag in Time Life, van een adembenemend landschap, en naar dat ongerepte paradijs wilde hij zijn gezin voeren. Koste wat het kost. Van meet af aan joeg hij een illusie na en experimenteerde daarvoor met de levens van zijn naasten. De bittere waarheid is: ze bereiken hun doel nooit en brengen het ternauwernood levend vanaf, door toeval.

 

Een oordeel achteraf ontbreekt in dit relaas. Goed, die vader is niet meer de charismatische heerser (‘een magneet’) die hij een tijdlang voor Eva was. De kinderen zijn versneld volwassen geworden. Wat hun rest, is realisme in de rest van hun leven. Toch ontbreekt een vleugje Bildung niet ten gevolge van deze vormende, vermoedelijk traumatische ervaring. Op de keper beschouwd hebben zowel Axel en de vader, ieder op hun eigen manier - Axel met geweld, de vader door een beroep op normaliteit - Eva gered van gevaarlijke snoodaards, die het op haar lichaam voorzien hadden. Op de vraag wiens reddingsstrategie beter is, volgt geen antwoord. Het was zoals het was, lijkt dit debuut te zeggen. Het enige wat je kunt doen, is het herbeleven – dat is de werking van Lange dagen, ook op de lezer die feitelijk en goddank buiten deze gebeurtenissen staat.

 

Wat een debuut. Als iedereen, zoals W.F. Hermans beweerde, een door eigen levensfeiten geïnspireerd boek in zich draagt, dan heeft Pia de Jong zich met Lange dagen in ieder geval krachtig van die taak gekweten. Maar voor de roman zelf maakt het al dan niet autobiografische niks uit. De Jong creëert niet alleen ondraaglijke spanning, maar biedt ook een wereld die ijzingwekkend echt, menselijk, al te menselijk aandoet, vol personages van vlees en bloed. Ze toont subtiel hoe het mis kan gaan in een gezin waar het niet aan liefde ontbreekt. En ook hoe ‘normale’ gezinsleden juist uit affectie zich laten ringeloren door een gek, omdat het ze overkomt. Dat maakt korte metten met ons moderne mensbeeld, waarin we allen assertieve individuen zijn, die zich geen knollen voor citroenen laten verkopen en naar niemands pijpen willen dansen. Maar dat de waanzin ons al te gemakkelijk besluipt, maakt Lange dagen indringend aanschouwelijk.

 

Pia de Jong, ‘Lange dagen’, Prometheus, 254 pagina’s, € 17,95

 

 

Door Jeroen Vullings / 09 september 2008 /

 

Waar de muggen verwoestend werk doen

Vrijdag 3 oktober 2008 door Elsbeth Etty

 

In Nooit meer slapen van W.F. Hermans heeft Eva, het zusje van ik-figuur Alfred, altijd het meest tot mijn verbeelding gesproken. De geoloog gebruikt haar naam nooit zonder haar in één adem als dom te bestempelen. Domme Eva is dom omdat ze in God gelooft en ze is dom omdat ze haar nagels lakt. ‘Ook haar vriendinnen besteden alle zorg aan haar nagels. Domme meisjes die aan God geloven.’

 

Met haar debuutroman Lange dagen (alleen al de titel is een verwijzing naar Nooit meer slapen) neemt Pia de Jong fraai revanche op Hermans’ alter ego Alfred. Niet voor niets heet haar 14-jarige hoofdpersoon Eva, een meisje dat van haar vader geen bikini mag kopen, haar haren niet los mag dragen en vooral niet mee mag met haar frivole vriendin, die vrolijk met haar van het leven genietende, gescheiden vader op vakantie gaat naar de Côte d’Azur.

 

Eva’s vader vertoont overeenkomsten met de vader van Eva en Alfred uit Hermans’ roman: in maatschappelijk opzicht is hij een loser’, die dat probeert te compenseren door in zijn gezin als grote leider op te treden. Eva en haar broer Steven kunnen niet leven zoals zij dat het liefst zouden willen, hun worden de tot dogma’s verheven normen van vader opgelegd. Stevens passie voor tekenen maakt hij belachelijk, liever had hij een zoon gewild als Stevens schoolgenoot Axel. De huistiran legt zijn gezin absurde voedselvoorschriften op waarvan iedereen doodziek wordt en geeft dan een door hem zelf geïntroduceerde kwakzalver de schuld daarvan. Het gezin pikt zijn terreur, inclusief de echtgenote, die hem zelfs steunt als hij met het hele stel de vakantie in Lapland wil doorbrengen, in een gebied waarvan geen kaarten bestaan, dat als levensgevaarlijk te boek staat en dat – onvergetelijk gegeven in Nooit meer slapen – vergeven is van de muggen.

 

Als de kinderen kritische vragen stellen, bijvoorbeeld waarom de uitslover Axel mee moet op reis, treedt de tirannie in werking: ‘„Omdat ik de baas ben”, zei mijn vader. Hij schoof zijn stoel luidruchtig naar achter en stond op. „Zolang jullie bij mij in huis wonen beslis ik nog altijd wat er gebeurt.’ [...] Mijn moeder keek ons bestraffend aan. Ze kon het niet hebben als we mijn vader tegenspraken. Volgens haar had hij het in de buitenwereld al zwaar genoeg. Het thuisfront moest hem daarom onvoorwaardelijk steunen.’

 

Dus gaan ze naar Lapland, waar Eva op een haar na wordt verkracht, de muggen hun verwoestende werk doen, de voedsel- en watervoorraad gestadig slinkt en zelfs de moeder moet inzien dat haar man het gezin aan onverantwoorde risico’s blootstelt.

Lange Dagen is een buitengewoon debuut waarin de scherpe observaties van een 14-jarige Vinexwijk-bewoonster uit een rooms-katholiek modelgezinnetje een vernietigend oordeel opleveren over de schaduwzijde van de family values.

 

‘Domme Eva’ uit Nooit meer slapen had het geluk dat haar mislukte vader stierf voordat hij zich tot tiran kon ontwikkelen én dat zij een succesvolle moeder had die – hoe Alfred haar werk ook belachelijk maakte – zélf de kost voor haar kinderen kon verdienen. Misschien dat deze Eva daarom haar eigen weg kon kiezen, inclusief nagellak, poederdoos en godsgeloof. En dom? Ze was toevallig wel de enige die op het idee kwam Alfred op diens Laplandse expeditie een kompas mee te geven.

 

Slimme Eva uit Lange dagen heeft het, vanwege haar begrijpelijke loyaliteit aan haar vader, moeilijker dan haar Hermansiaanse naamgenote, die alleen maar loyaal aan een dode hoeft te zijn, maar des te beter slaagt ze er in de gezinsverhoudingen te analyseren en te ontmaskeren. Haar analyses zijn niet alleen intelligenter, maar ook pijnlijker dan het getheoretiseer van Hermans’ Alfred over ouder-kindrelaties. De Jongs Eva voelt zich bovendien niet verheven boven haar spirituele broer, die ze beschermt en stimuleert.

 

De milde wraak op Hermans in Lange Dagen zit hem niet alleen in de herschepping van de Eva-figuur en in de fascinerende omdraaiing van de thematiek van Nooit meer slapen, maar ook in de reisbeschrijvingen waarin Pia de Jong de meester evenaart, de spanningsopbouw waarmee ze hem zelfs herhaaldelijk overtreft, en niet het minst in de stijl. Neem deze, in mijn ogen, cruciale zin van Hermans: ‘Eva als enige overgebleven, is onze familie voorgoed buiten staat revanche te nemen voor de dood van mijn vader.’ Bij zo’n zin denk je, met Pia de Jong: ‘Basta basta, chocopasta.’

 

Lange dagen

 

Eva's vader, dik veertig, is een dominante man. Thuis houdt hij Eva, haar twee jaar oudere broer Steven en haar moeder goed onder de duim, maar op zijn werk wil het maar niet vlotten. Avond aan avond zit hij op zijn collega's af te geven, terwijl de drie gezinsleden zwijgend luisteren. Zijn midlifecrisis noemt hij het midden van zijn leven, hij wordt kaal, en van de goedlachse vader blijft weinig meer over. Hij krijgt ook lichamelijke klachten en geeft de schuld aan voedsel. Niets deugt er meer van de voedingsmiddelen die op tafel verschijnen, hij verdiept zich in het alternatieve circuit, en dringt zijn gezin de vreemdste dingen op. Zij accepteren braaf.

Dan, als Eva veertien is, krijgt hij het in zijn hoofd om naar de enige plek op aarde te reizen waar de natuur nog echt natuur is: Lapland. Maandenlang duren de voorbereidingen voor de onvermijdelijke zomer. Steven, Eva en hun moeder zwijgen, zoals steeds, en laten zich meesleuren. Hun vader vindt een extra reisgenoot, de wat oudere Axel, die in een ijzersterke conditie verkeert en dol is op alles wat met survival en ontbering te maken heeft.

Met lede ogen zien Eva en Steven hoe hun vader hem de hemel in prijst. En daar is de hond Balder, die onvermoeibaar en trouw zijn baas volgt. Een vreselijke reis volgt, ze eindigen op een onherbergzame toendra, waar een kompas niet meer werkt en waar ook het laatste beetje saamhorigheid lijkt te verdwijnen. Een plek waar geen mens kan leven, waar geen uitweg lijkt te zijn. Een verhaal dat steeds meer dreiging krijgt, waar een climax onvermijdelijk lijkt.

 

Het is een verhaal waarin vier mensen geconfronteerd worden met zichzelf en elkaar. De onderlinge relaties worden zwaar onder druk gezet. Wat voor mensen zullen ze zijn, en dan met name Eva, als het voorbij is?

Het is dan ook een coming-of-ageverhaal. Niet alleen de vader is op zoek naar zichzelf, ook de dochter maakt dingen mee die haar zullen vormen. Het kan haast niet anders dan na deze zomer kan niets meer zijn zoals het was, maar hoe het dan wèl zal zijn, dat krijgen we niet te horen. Een prachtverhaal, al vind ik het jammer dat er weer een seksueel dramaatje in verwerkt moest worden.

Eva is de ik-figuur, die het avontuur achteraf vertelt. Daardoor zit er wat afstandelijkheid in, blijven beschrijvingen van gevoelens achterwege. Ze constateert wat er gebeurt, zonder veel uit te weiden over hoe ze het ervaart. Voor mij had het best wat uitgebreider mogen zijn, met wat meer emoties.

Niettemin: een uitstekend debuut.

© Marjo, november 2008

 

Het debuut van Pia de Jong is in Nederland niet onopgemerkt voorbijgegaan. Dat had veel te maken met de stelling dat Lange dagen een variant zou zijn op Willem Frederik Hermans’ klassieker Nooit meer slapen. Beide boeken spelen zich af in Lapland, waar een onschuldige uitstap levensbedreigende vormen aanneemt. Bij Hermans was het een wetenschappelijke expeditie, bij De Jong is het een familie die de wilde natuur intrekt.

Eva’s vader maakt een soort midlifecrisis door en sleept zijn gezin mee naar Lapland. Noch Eva, noch haar broer Steven zijn enthousiast. De één wordt de volwassenheid ingeschopt, de ander krijgt een “mannelijksheidstest” op zijn bord. Eva’s vader neemt bovendien de macho Axel mee, een soort vervangzoon voor de al te slappe Steven. Dat de groep in Lapland genadeloos zal verdwalen, laat zich raden.

Lange dagen begint vrij conventioneel, als een onderkoeld gezinsdrama, maar De Jong doet wat te weinig schrijvers doen: haar personages de wereld in schoppen. Er zijn nog voldoende gevaarlijke plekken op aarde, waar de geciviliseerde mens geconfronteerd wordt met zichzelf. Sommige ingesleten patronen blijven werken, andere worden radicaal vervangen. Ook positief is dat de auteur niet kiest voor een tragisch slot; Lange dagen eindigt verrassend vredig.

Pia de Jong is, kortom, een schrijfster om in het oog te houden. Stilistisch kan ze evenwel nog veel groeien. Haar zinnen zijn karig maar niet uitgepuurd, met af en toe interessante beeldspraak, maar haast toevallig. In vergelijking met de karakteristieke hark- en horkerigheid van W.F. Hermans’ zinnen, schrijft Pia de Jong vooralsnog proza met weinig persoonlijkheid.

 

Geplaatst door Mark op 22:21

 

Drama op de toendra

Sterren: * * * *

 

Het gebeurt niet vaak dat je een debuutroman onder ogen krijgt, die zo goed in elkaar zit als Lange Dagen van Pia de Jong. Van Pia de Jong weet ik eigenlijk niets. Ik had nog nooit wat haar gelezen. Lange Dagen komt uit de lucht vallen als een literaire verrassing die maar eens in de tien jaar voorkomt.

 

Literair gezien is Lange dagen ook een dapper boek. De handeling speelt zich grotendeels af in een landschap dat sterk doet denken aan dat uit Nooit meer slapen van Willem Frederik Hermans. Dat moet je als beginnend romancier maar durven. Veel details uit Lange Dagen lijken ook verwijzingen.

Er zijn overal muggen, er wordt een berg beklommen, in een meer wordt met een net gevist en tegen het eind zegt Eva – de hoofdpersoon – enigszins verontwaardigd: “We hèbben toch geen meteoriet gevonden”.

 

De Hermans-liefhebber heeft maar één woord nodig en inderdaad: lange dagen, nooit meer slapen – als je het hard op zegt, hoor je ook meteen dat de woorden bij elkaar horen.

 

Maar niet alleen komen veel fysieke details overeen, ook in de thematiek valt veel te herkennen van waar het in Nooit meer slapen om draait. In beide romans speelt de vader een overheersende rol. Hij is een man die zijn kinderen beproevingen oplegt, om zichzelf via hen te bewijzen.

 

Pia de Jong, echtgenote van de natuurkundige Robbert Dijkgraaf, heeft ongetwijfeld Nooit meer slapen uitvoerig bestudeerd. Dat zij zich niet tenslotte niet door Hermans’ meesterwerk heeft laten opslokken, maar haar eigen roman heeft geschreven, is des te knapper. In eenvoudige taal, zonder diepzinnige uitweidingen, heeft De Jong een meeslepend verhaal geschreven.

 

Aanvankelijk het met het gezin bijzonder goed te gaan, tot de veertienjarige Eva op een dag een verandering in houding en gedrag van haar vader waarneemt. Zijn haar valt uit en de vrolijke, levenslustige man die zijn dochter altijd wist te vermaken, verandert in een Prinzipienreiter die een ware terreur over zijn gezin gaat uitoefenen. Misschien was het een hormonale kwestie, misschien kwam het omdat hij op zijn werk wordt gepest door zijn collega’s, nooit zal Eva’s vader meer dezelfde zijn.

 

Het begint ermee dat Eva’s vader een hond in huis neemt. Hij noemt het dier Balder, naar de Noordse God van het schone en het goede. De hond is uitsluitend op de vader gericht en heeft weinig oog voor de andere gezinsleden, die voornamelijk blaffend worden toegesproken. Tot op een dag de hond de vader meetroont naar een geheimzinnige figuur aan de waterkant, die de vader vertelt dat hij naar het noorden – ver weg naar het noorden – moet gaan, omdat hij daar zal vinden wat hij altijd al heeft gezocht.

 

Een mythisch vuur ontbrandt in de vader en hij zal daar alles aan opofferen, ook zijn eigen gezin. De opdracht om naar het noorden te reizen, valt helemaal op zijn plaats als de vader in een nummer van Time/Life een foto ziet van Lapland. Leeg, verlaten en fantastisch ligt het landschap te wachten op hem, die op zoek is naar wat je God zou kunnen noemen. Onder het mom van het argument dat kinderen ook moeten leren ontberingen te doorstaan, wordt de voorbereiding ter hand genomen van een tocht naar poolcirkel.

 

Gaat het bij Hermans in feite om de strijd van het individu tegen de elementen, bij Pia de Jong is het een hele familie die het waagstuk onderneemt. De auteur staat daarbij voor de taak dat zij ook de relaties binnen het gezin beschrijven, en gezegd moet worden dat zij die taak met verve vervuld. Naast de vader staat daar de moeder, die geneigd is haar man in alles zijn zin te geven. Voor de lieve vrede te bewaren, accepteert zij alles in lijdzaamheid. Naast Eva is haar broer Steven, die het liefst zou willen tekenen, maar die het nooit door de vader wordt gegund zijn talenten te ontwikkelen. En dan is er nog Axel, een jongen van buiten het gezin. Axel is een soort padvinder, die door de vader eigenlijk wordt gezien als zijn werkelijke zoon. Diep in zijn hart is Axel verliefd op Eva, maar Eva heeft dat niet in de gaten of wil het niet zien. Hij is dit vijftal dat in de vakantie bepakt en bezakt begint aan een uitputtende voettocht naar de poolcirkel.

 

Voor een reportage over Nooit meer slapen heb ik een keer Finnmarken bezocht, het gebied dat in de roman van Hermans wordt beschreven. Mij werd verteld dat daar tenminste één keer per jaar iemand dood van een berg valt, en dat de ongelukkige vaak een Nederlander is. Nederlanders zijn al lang het contact met de natuur verloren en hebben geen idee meer hoe wild en gevaarlijk de elementen kunnen zijn. Daardoor worden zij onvoorzichtig. Met die wetenschap in het achterhoofd, laat het relaas van De Jong zich met nog meer verbazing lezen.

 

Want de tocht naar de poolcirkel is door De Jong op voorbeeldige wijze beschreven: spannend, macaber en in de onaangename zekerheid dat de dood voor de gezinsleden voortdurend op de loer ligt. De terreur van de vader gaat door merg been, maar zijn obsessie blijft op de een of andere manier invoelbaar. Dubbelzinnig is de rol van Axel, de uitslover, die in zijn verliefdheid Eva toch weet een keer weet te redden, maar daarvoor niet beloond zal worden. Als lezer verkeer je dan, net als de personages, in een bijna hallucinerende gemoedstoestand, waarin je niet meer weet of de gebeurtenissen fata morgana’s zijn of echt zijn gebeurd.

 

Ik zal hier het einde niet verklappen. De sleutelrol wordt gespeeld door Axel, de redder, die misschien zelf niet gered wordt, maar die verdwijnt en over wie niet wordt verteld wat hem uiteindelijk is overkomen. Zwerft hij als de vliegende Hollander eindeloos voort over de toendra? Is opgegeten door de lynxen, poolvossen en beren?

 

Trouwens, heeft hij eigenlijk wel bestaan, of heeft Eva hem van het begin af aan gedroomd.

 

Lange dagen is een opmerkelijke boek, zeker voor iemand die niet eerder romans heeft gepubliceerd. Uitgever Mai Spijkers mag zich gelukkig prijzen dat hij het manuscript heeft mogen uitgeven. Het werd wel weer eens tijd, maar de Nederlandse literatuur heeft er eindelijk weer een schrijver bij.

 

HP\De Tijd, 19 september 2008

 

Een prachtig debuut! Er is absoluut een relatie met Nooit meer slapen, van W.F. Hermans, wat de roman nog boeiender maakt. Een jong meisje, Eva (!), moet met haar vader, moeder, broertje Steven en een door haar vader meegevraagde vriend van Steven mee naar Lapland op vakantie. Een sobere overlevingstocht moet het worden, die de vader eigenlijk voor zichzelf organiseert. Zijn midlife crisis is niet mis en terwijl zijn dochter als hoofdpersoon het verhaal trekt, zien we door haar ogen wat er zich afspeelt in het hoge noorden. Maar vooral in haar hoofd en in het gezin. Prachtige stijl, korte en krachtige zinnen. Echt een prima boek, dat je in je stoel houdt tot je het uit hebt.

 

Lange dagen - Pia de Jong            door Sam Gerrits

Toen ik deze dikke paperback uithad dacht ik: als deze roman een kastje was, dan was het verdomd goed getimmerd.

 

 

 

De Jong is niet over één nacht ijs gegaan bij het maken van dit boek, waarschijnlijk heeft ze er jaren aan gewerkt. En dat moest ook wel, want ze heeft de lat voor haar debuut op maximale hoogte gelegd: Lange dagen leest als haar antwoord op Nooit meer slapen van W.F. Hermans.

 

De verteller is de veertienjarige Eva, wiens vader besluit in de zomervakantie met het hele gezin naar Lapland te trekken, met alleen een kompas als gids. De achterflap meldt: 'In Lapland wordt de band tussen Eva en haar vader op de proef gesteld. De eentonigheid van het Scandinavische landschap staat in schril contrast met de intensiteit van de gebeurtenissen. Lange Dagen (...) is een aangrijpend verhaal over liefde, vertrouwen en loyaliteit.'

 

 

 

De Jongs debuut speelt inderdaad voor het overgrote deel in een setting die sterk doet denken aan Hermans' Finnmarken: het eindeloze lopen door dor toendralandschap, de alomtegenwoordige muggen, het irritante licht 's nachts, (de titel Lange Dagen verwijst, net als Nooit meer slapen, naar de nimmer ondergaande zomerzon boven de poolcirkel), een riskante bergbeklimming, met een net in een meer vissen: Hermans klinkt overal in door. Als klap op de vuurpijl begint Eva zelfs over een meteoriet...

 

 

 

Elders op het web valt te lezen dat Pia de Jong de echtgenote is van de natuurkundige Robbert Dijkgraaf, moeder van drie jonge kinderen, en dat ze psychologie en Nederlands heeft gestudeerd. Dat verklaart misschien waarom ze in haar debuut veel werkt met 'betekenisvolle' dromen en een tienerverteller. Een tienerverteller is wel riskant, omdat de emoties én heftig én geloofwaardig moeten zijn, en al die betekenisvolle dromen kunnen een beetje te betekenisvol worden als je niet oppast. De Jong gaat daarin wat mij betreft soms over de schreef, maar over het algemeen geloof ik haar wel, en sleept ze me mee in Eva's verhaal. Stilistisch is er op Lange Dagen over het geheel eigenlijk weinig aan te merken. Prettig, voor de verandering. Onderhoudende vertelling, spannend boek:

 

 

 

'Wat een vreemd geluid,' zei mijn moeder opeens. 'Het lijkt wel of de aarde trilt.' Ze bleef staan en keek naar de grond onder onze voeten. Het geluid werd steeds heviger. 'Aan de kant, opzij, rennen! Ren zo hard als je kunt!' hoorden we mijn vader roepen. Mijn moeder pakte mijn hand en begon te hollen. 'Sneller' riep mijn vader, die al een eind vooruit was en naar ons omkeek. Hij riep nog meer, maar we konden hem niet meer verstaan. In de verte zag ik een kudde rendieren aankomen. Mijn vader drukte zijn lichaam tegen een boom. Axel en Steven deden hetzelfde. Mijn moeder en ik stonden midden in de vlakte. We zagen de dieren recht op ons afkomen. Het waren er tientallen, misschien wel honderden, dravend in brede rijen. Ik trok mijn moeder opzij. Samen renden we al struikelend zo hard we konden naar een boom, waar we onze ruggen tegenaan drukten. De rendieren waren nu nog geen twintig meter bij ons vandaan...

 

 

 

Kortom: lekker boek. Er zijn natuurlijk wat jammere dingetjes: Pia parreert Hermans befaamde openingszin 'De portier is een invalide' met 'De winter waarin ik veertien werd veranderde onze speelkamer langzaamaan in een kapiteinshut.' Wordt de speelkamer van Eva persoonlijk door Vadertje Vorst onder handen genomen? Nee natuurlijk. Als je Hermans stilistisch serieus neemt, dan moet je daar op letten, vind ik. Verder vond ik het nogal onwaarschijnlijk dat Eva's vader, die in het boek alles wat los en vast zit over Lapland leest als voorbereiding op de Grote Reis, 'vergeten is' dat een kompas het niet doet in het hoge Noorden. Zelfs mijn nichtje van twaalf weet dat.

 

 

 

Maar kom, laten we niet lullig doen, als je deze en nog wat dingetjes die het vermelden eigenlijk niet waard zijn, door de vingers ziet, heb je een puik boek in handen dat je waarschijnlijk in één adem uit zult willen lezen. Het definitieve antwoord op Nooit Meer Slapen vind ik Lange dagen niet, daarvoor mist deze roman de gelaagdheid en de diepgang van Hermans' klassieker, maar dit is wel een opmerkelijk goed boek, zeker voor iemand die eerder alleen korte verhalen publiceerde. Ik kijk nu al uit naar De Jongs volgende.

 

Slapeloze nachten

 

door Karlijn de Winter, 19 januari 2009

 

Wanneer een Oer-Hollandse Familie Doorsnee een reis plant naar de onherbergzame toendra, is het voorbij met hun overzichtelijk voortkabbelende bestaan. Zo vertrouwd als hun huiselijke leven was, met als dagelijks rustpunt het avondeten van gekookte aardappels en bloemkool of stoofpeertjes, zo zwaar zal de reis hen vallen. In haar debuutroman Lange dagen toont Pia de Jong hoe de onderlinge relaties tussen de ouders en hun twee puberende kinderen op scherp komen te staan. Al vanaf het moment dat de eerste kaart is opengelegd voor het uittekenen van de route heerst er een felle onenigheid in huis.

 

In een bij dat alledaagse decor van aardappels en stoofperen passende stijl, onopvallend maar doelgericht, begint vader het geheimzinnige plan te smeden voor de verre reis. Moeder, volgzaam als ze is, steunt hem. Zoon Steven, altijd al wat in zichzelf gekeerd, en dochter Eva, de veertienjarige ik-figuur, kunnen er echter geen touw aan vastknopen. Eva merkt hoe ze van haar vader, met wie ze vroeger zo’n hechte band had (met een vooruitwijzende metafoor: ‘Hij was een magneet en ik liet me graag door zijn aantrekkingskracht vangen.’), aan het vervreemden is.

 

Maar als uitkomt dat de vakantiebestemming deze zomer in Lapland ligt, moeten Eva en Steven, of ze nu willen of niet, mee naar het hoge noorden. Een reis naar Lapland, en helemaal naar een gedeelte dat nog niet in kaart gebracht is, vergt een grondige voorbereiding. Vader neemt het voortouw, de rest van het gezin wordt meegetrokken. Een vijfde expeditielid, Axel, een jongen uit de buurt, wordt vanwege zijn veronderstelde geschiktheid meegevraagd, en zo staat het team. Het team? Vaders enthousiasme staat in schril contrast met de tegenzin van de kinderen. Hij bestookt hen met informatiemateriaal en benodigdheden voor de reis, zij irriteren hem – op de puberale manier die De Jong perfect weet te vertolken – met hun afkerige houding. De spanningen die dat teweegbrengt maken van de eerste hoofdstukken een onheilspellende aanloop naar het grote avontuur.

 

Met een tocht naar een gebied waar de zon ’s zomers niet ondergaat in het vooruitzicht doemt de herinnering aan de expeditie uit Nooit meer slapen dreigend op. Daarin was Eva de zus van hoofdpersoon Alfred. Zijn poging een wetenschappelijke hypothese te onderzoeken in dezelfde streek ging volledig de mist in. Stelde je hem al niet voor in onherbergzame oorden, een naïef gezinnetje zeker niet. Lange dagen leest dan ook niet als een herschrijving van W.F. Hermans’ hopeloze survivaltocht. Daarvoor heeft in deze roman, ondanks de zo herkenbare zwermen opdringerige muggen en een terloopse opmerking over een meteoriet, de portrettering van de onderlinge relaties te sterk de overhand.

 

In de eerste dagen van de reis laat die een overtuigende wisselwerking zien met het landschap waar ze zwaarbeladen doorheen stappen. Ongerepte natuur, waar ze al die maanden naartoe hebben geleefd, maakt de een gretiger en de ander moedelozer:

 

    ‘Ik verlangde ernaar in een roes te komen, de tijd te laten verglijden zonder er met mijn volle verstand bij te zijn. Ik liep achteraan en richtte mijn blik ergens vóór me op de grond, de plek waar ik schatte dat ik vier stappen later mijn voeten neer zou gaan zetten. Niemand zei veel op deze dag, waarop het erop aankwam kilometers te maken.’

 

In de weidse dorre toendra waar ze dagenlang niemand tegenkomen zitten ze bij alle bezigheden met elkaar opgescheept. Maar kleine onderlinge beslommeringen worden tot grote zorgen wanneer het kompas het niet meer blijkt te doen, ze verdwaald merken te zijn en het einde in zicht raakt van de voedsel- en watervoorraad. Terwijl De Jongs stijl beheerst en trefzeker blijft, gaat de wanhoop doorklinken. Eigenlijk is de tocht die ze aan het maken zijn geen leuke vakantie, maar een levensgevaarlijke onderneming.

 

    ‘“En als ik toch een been breek,” vroeg ik verder, “wat dan?”

 

    (…)

 

    “Ik praat er verder niet meer over,” zei mijn vader. “Je hebt er blijkbaar lol in het bloed onder mijn nagels vandaan te halen. Kijk jij nu maar waar je je voeten neerzet, dat is het enige waar je op moet letten. Dit is geen balletzaal, dit is de toendra. Voor de laatste keer: hou erover op. Het is afgelopen. Basta.”

 

    “Basta basta, chocopasta,” zong ik zachtjes voor me uit. “Je bent onverantwoordelijk bezig en je durft het niet toe te geven.

 

Deze confrontatie van een onervaren modaal Nederlands gezin met de rauwe natuur is een sterk uitgangspunt voor een roman. Meer dan die eenvoudige gegevens is er niet voor nodig. Daarom doet de onverwachte kettingreactie van dramatische wendingen die tijdens de reis losbreekt, het boek in overtuigingskracht afnemen. Het disfunctionerende kompas was voldoende geweest om de gezinsband op de proef te stellen, maar tijdens de Lange dagen komen ook nog verkrachting, moord, hevige verliefdheid, ziekte en zelfdoding hun tol opeisen. En nog voor die calamiteiten had Axel de sfeer al ernstig verziekt.

 

Het is alsof De Jong, zonder toevoeging van al deze extra elementen, bang was dat Lange dagen de lezer eindeloos saai zou voorkomen. Maar de opeenhoping van heftige momenten die zo ontstaat, heeft uiteindelijk de subtiele spanning uit het begin van de roman verdrongen.

 

Lange dagen vertelt het verhaal van de teloorgang van een doodnormaal gezin, beschreven door de ogen van de 14-jarige dochter Eva.

Haar tirannieke vader drukt een grote stempel op het gezin, gefrustreerd over pesterijen op zijn werk en duidelijk in de ban van een midlifecrisis, zoekt hij compensatie door zijn vreemde ideeën over eten, grenzen opzoeken en overwinnen ook zijn gezin op te leggen.

Vooral broer Steven lijdt onder het gevoel niet door zijn vader voor vol aan te worden gezien.

Steven wil kunstenaar worden en voert een spirituele zoektocht, hij haat iedere vorm van lichamelijke uitdaging en is er ook niet goed in, toch stuurt zijn vader hem op survivalkamp in de Ardennen, ter voorbereiding van de gezinsvakantie in het hoge noorden.

Na langdurige voorbereidingen vertrekt het gezin per trein naar Lapland om onder de soberste omstandigheden te trekken door nooit eerder op kaart gezet gebied samen met de jonge Axel, survivalkenner eerste klas.

 

Pia de Jong schetst de volwassenwording van een kind in een gezin waar het eigenlijk geen kant op kan, daar waar Eva droomt van een vakantie met haar zorgeloze vriendin Madeleine in het warme zuiden te midden van zon zee en jongens, is ze overgeleverd aan de plannen van haar ouders.

Door de roman te situeren op een plek waar niets gebeurt, een meedogenloos en gevaarlijk landschap, vergeven van muggen, wordt alles bepaald door de karakters, waarbij de natuur zelf ook een personage wordt.

Door de ogen van Eva beschrijft Pia het gevecht tussen de vader en de natuur, waarbij hij het hele gezin in een onverantwoordelijke levensbedreigende situatie brengt, met als onvermijdelijk gevolg de botsing met de overige gezinsleden. Uiteindelijk legt vader het tegen de natuur af.

 

De Jong slaagt er in om een constant gevoel van dreiging bij de lezer over te brengen. Met de scherpe observaties van Eva velt ze geen oordeel, maar laat het aan de lezer over om zelf conclusies te trekken over de ouderwetse familiewaardes die papa zijn kinderen wil meegeven.

Door meerdere recensenten is de link gelegd met de roman Nooit meer slapen van W.F.Hermans, zelf zegt de Jong vooral geïnspireerd te zijn door Mosquito Coast van Paul Theroux. Lange dagen is ook zeker aan te raden voor middelbare scholieren.