Start Omhoog Zorgproces News/Publicaties Relevante Links Inhoud

 Geestelijke GezondheidsZorg Eindhoven en de Kempen

 

 

 

Omhoog

 

“De Klinische Linehangroep”

Voor wie?

De “Klinische Linehangroep” biedt een klinisch programma dat drie tot maximaal twaalf maanden kan duren en dat bestemd is voor mannen en vrouwen die gedurende langere tijd  moeilijkheden met het herkennen en bespreken van gevoelens hebben. Ze lopen vast in studie of werk, gaan vaak impulsief ‘iets doen’ om hun emoties de baas te kunnen. Het gaat hierbij vaak om gedrag, dat henzelf en/of anderen op de één of andere manier kan schaden. Dit patroon brengt dikwijls met zich mee dat mensen vastlopen in relaties en sociale contacten. De psychiatrische diagnose is borderline persoonlijkheidsstoornis.

Vaak zijn er meerdere klachten tegelijkertijd aanwezig, zonder dat er één duidelijk op de voorgrond staat, zodat zij niet weten waar eerst te beginnen. Kenmerkend zijn de steeds terugkerende gedragspatronen. Zij slagen er nauwelijks in te leren van nieuwe ervaringen en neigen ertoe mislukkingen toe te schrijven aan anderen. Eerdere hulpverleningscontacten leverden vaak verlichting van de problemen op. Na enige tijd volgde echter een terugval of liep het hulpverleningscontact zelf vast, wat weer leidde tot gevoelens van moedeloosheid.  In de directe omgeving zijn er na verloop van tijd weinig of geen mensen overgebleven die echt kunnen helpen en waarmee over de problemen gesproken kan worden.

Op deze afdeling krijgt u de kans om aan dergelijke problemen te werken. Het is niet mogelijk om alle problemen waarvan u hinder ondervindt, op te lossen. Maar door samen te werken wordt het wel mogelijk om anders in het leven te gaan staan en de kwaliteit van uw leven te verbeteren, zonder dat alle problemen opgelost hoeven te zijn. Belangrijk is dat u zelf, met behulp van het team en groepsleden, kiest aan welke moeilijkheden u wilt werken en via welke weg. De behandeling zal intensief en confronterend zijn. Voor een geslaagde behandeling is doorzettingsvermogen en een sterke wens om alsnog te veranderen noodzakelijk. 

Uitgangspunten en doelen 

Doelen 

1. Sociaal functioneren

De afdeling Dr. Poletlaan 13B biedt een zogenaamd ik-versterkend, antiregressief en anti-ontregelend milieu. Het is erop gericht om de gezonde, krachtige delen van de cliënt te versterken. De leefgroep is een goed oefenterrein om te leren contact te maken, omgaan met anderen, samenwerken en grenzen stellen. In de praktijk betekent dit dat de cliënt op de groep aan het werk is in en met het leven van alledag. Het milieu zou hier dan ook sociaal-therapeutisch genoemd kunnen worden. De individuele cliënt leert van de groep en andersom, met ondersteuning van de sociotherapeuten.

In individuele en groepssessies met vak- en psychotherapeut kan hierop worden voortgeborduurd. Cliënten kunnen dan problemen die zij in het dagelijkse leven tegenkomen verder uitwerken.

Als dit wenselijk is kan het systeem van de cliënt (bijvoorbeeld ouders, partner) bij de behandeling ingeschakeld worden. 

Uitgangspunt van behandeling: consultatie-aan-de-cliënt. De cliënt is de spilfiguur van zijn eigen behandeling. Wij willen u leren hoe u met uw omgeving kan omgaan. Als u zich bijvoorbeeld anders gaat gedragen ten opzichte van uw familie, dan zullen die zich ook anders gaan opstellen ten opzichte van u. Wij kiezen er niet voor om uw omgeving te leren omgaan met u. Dat is ook de reden dat er buiten het behandelteam niets over u of uw behandeling besproken wordt zonder dat u erbij aanwezig bent. 

2 Gedragsverandering

Aan de hand van dialectische gedragstherapie (M. Linehan) wordt gewerkt aan het leren herkennen en beheersen van gevoelens. Daarnaast wordt geleerd het daaruit voortvloeiende gedrag te controleren en veranderen. Cognitieve en schemagerichte therapie (J. Young) helpt bij het ontdekken en herkennen van denk- en gedragspatronen die in het dagelijks functioneren belemmerend werken. Doel hiervan is ook het ontwikkelen en aanleren van ander, meer passend gedrag. 

3 Maatschappelijke reïntegratie

Voortdurend zal er aandacht zijn voor de terugkeer naar de maatschappij. Op het gebied van  maatschappelijk functioneren staan vaardigheden en maatschappelijke activiteiten centraal, die noodzakelijk zijn om het dagelijks leven vorm te geven en te structureren. Belangrijk in dit kader zijn werk, studie, vrije tijd, zelfzorg en de eigen omgeving. Waar mogelijk wordt tijdens de opname tijd ingeruimd voor het opbouwen, onderhouden en instandhouden van contacten van deze aard. Zo blijven cliënten structureel bezig met studie, werk etc. en wordt waar nodig gezocht naar passende woonruimte. 

De eerste therapiefase bestrijkt ongeveer vier tot zes weken. Er wordt een zo nauwkeurig mogelijke analyse uitgevoerd van het streefgedrag met wat daaraan voorafgaat en wat er op volgt. Centraal staat vooral het probleemgedrag dat verantwoordelijk is voor de actuele klinische opname, evenals gedrag dat een poliklinische behandeling in de weg staat.

Daarna wordt samen met de cliënt en het multidisciplinaire team het behandelplan opgesteld. Men richt zich samen met de cliënt specifiek op zijn of haar individuele problemen en mogelijkheden. Zo worden de behandeldoelen opgesteld die de leidraad vormen van de rest van de behandeling. Dit zijn doorgaans het verwerven en versterken van het vermogen om spanningen en emoties bij reële psychosociale conflicten te reguleren.

tevens wordt de module Kernoplettendheid ingeoefend: leren stil te staan bij wat er gebeurt rondom u en in uzelf, zonder meteen te gaan oordelen.

De tweede therapiefase (drie tot 5 maanden) omvat de volgende doelen.

1. Theoretische voorlichting aan de cliënt met als doel het grootst mogelijke inzicht in de eigen problematiek. Dit omvat zowel het verwerven van kennis over de gevolgen van mogelijke traumatisering, als basiskennis over emotieregulering, leertheorie en de mechanismen van psychotherapie. (De cliënt moet deskundig worden op het gebied van de stoornis.)

2. Gedragsanalyse (contingentiemanagement) van bekrachtigende factoren na zelfverwondend gedrag of praten over suïcide.

3.  Er bestaat hierna de mogelijkheid te kiezen om focaal, gedurende een beperkte tijd aan enige doelen te werken of juist te kiezen voor een wat uitvoeriger basisprogramma  dialectische gedragstherapie van M. Linehan waarin een uitgebreide vaardigheidstraining).
Het doel van dit basisprogramma is het systematisch aanleren en oefenen van vaardigheden op 4 terreinen: 

§   Kernoplettendheid : leren stil te staan bij wat er gebeurt rondom u en in uzelf, zonder meteen te gaan oordelen.

§   Interpersoonlijke effectiviteit : effectieve manieren leren om te vragen wat u nodig hebt, om nee te kunnen zeggen en om met conflictsituaties te kunnen omgaan.

§   Emotieregulatie : emoties leren herkennen en begrijpen en er meer vat op leren krijgen.

§   Crisismanagement : leren hoe je crises kan verdragen.

Bij het basisprogramma is het in sommige gevallen mogelijk de duur van het programma eenmaal met 5 maanden te verlengen in verband met herhaling van de daarbij behorende vaardigheidstraining.

4.  Vervolgens start met verwerving van de bovengenoemde specifieke vaardigheden om de problemen aan te pakken die tot de ziekenhuisopname hebben geleid. Bijvoorbeeld stresstolerantie, emotiemodulatie of het ontwikkelen van zelfredzaamheid in het geval van dissociatie of flashbacks. 

Centraal in de volgende en derde therapiefase staat het plannen van het ontslag. Dit betekent niet alleen dat het vertrek van de afdeling wordt voorbereid, maar ook dat feitelijk contact wordt gelegd met de therapeut die de behandeling gaat overnemen en cliënt oefent met situaties waarin hij/zij spanningen van werk of alleen zijn tegenkomt. Ondersteuning is in deze fase nog van belang. 

Behandelonderdelen 

1. Sociotherapie 

Sociotherapie is dat onderdeel van uw behandeling waarin gewerkt wordt met wat er in uw leefmilieu gebeurt. In elke groep waar mensen samenleven zijn er goede, maar ook minder prettige momenten. Afhankelijk van de manier waarop u hiermee omgaat, kunt u veel over uzelf leren. Door er over te praten kunt u leren wat u met uw gedrag bij andere mensen oproept. Zo wordt het bijvoorbeeld eenvoudiger om in de toekomst conflicten effectiever aan te pakken. Het leefmilieu is dus een oefensituatie waarin je kunt leren om op een goede manier met andere mensen om te gaan. Binnen de sociotherapie zijn er tal van gestructureerde activiteiten (maaltijden, dagopening, dagafsluiting, weekendplanning, weekendevaluatie, taakverdeling, groepsgesprek, leefruimteonderhoud en kameronderhoud) die u de gelegenheid geven deze vaardigheden in te oefenen en/of eigen te maken.

2. KernOplettendheidsVaardigheden groep (KOV-groep).

De KOV-groep maakt deel uit van het behandelprogramma in de eerste fase. U maakt kennis met de theoretische kant van de kernoplettendheidsvaardigheden, dit wil zeggen hoe u kunt leren stil te staan bij uzelf zonder meteen te gaan oordelen. Hier wordt de basis gelegd waarop in de Dialectische gedragstherapie-training en sociale vaardigheidstraining wordt voortgeborduurd. 

3. Dialectische gedragstherapie-training

De DGT-training maakt deel uit van het DGT-behandelprogramma. Deze training bestaat uit wekelijkse groepssessies van 2 ½ uur. De training wordt besteed aan het aanleren en oefenen van vaardigheden, om beter met uzelf, relaties, gevoelens en spanningen om te kunnen gaan. Natuurlijk blijven ook de kernoplettendheidsvaardigheden de nodige aandacht krijgen. Er horen huiswerkopdrachten bij, die de deelnemers de kans geven om het geleerde in de praktijk om te zetten. Deze huiswerkopdrachten moeten ingevuld meegebracht worden naar de vaardigheidstraining. Bij eventuele problemen of onduidelijkheden bij het huiswerk bestaat er steeds de mogelijkheid om hulp in te roepen. Deze hulp is het verduidelijken of beter leren begrijpen van de opdracht.

De wekelijkse bespreking van het huiswerk is gericht op het naar voor halen van successen en het overwinnen van mogelijke hindernissen bij het uitproberen in de praktijk. Als leidraad wordt het boek van Marsha Linehan, Borderline persoonlijkheidsstoornissen, handleiding voor training en therapie, gebruikt. Gemiste sessies moeten zoveel mogelijk ingehaald worden. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van de video-opnames die van iedere vaardigheidstraining worden gemaakt. 

4. ORA bespreking

ORA betekent: Overzicht Resocialisatie Activiteiten. Deze bespreking vindt eenmaal per week plaats. Het doel hiervan is het in kaart brengen van ieders leven buiten de groep om vervolgens toe te werken naar een zo gewenst mogelijke situatie in deze. De hoofdonderwerpen zijn: wonen, budgettering, werk / scholing, vrijetijdsbesteding en sociale contacten. De werkwijze van deze bespreking wordt zo praktisch mogelijk gehouden, gericht op het handelen. Iedere cliënt heeft een individueel ORA plan waarin een overzicht staat van diens situatie. Iedere bespreking kiest hij een aspect van een onderwerp waar hij die week aan kan gaan werken. Deze afspraak kan genoteerd worden in zijn ORA plan. De volgende week wordt dit dan besproken. Men kan elkaar tijdens deze bespreking van advies voorzien, ondersteunen en feedback geven. 

5. Medicijnbespreking

Ook dit therapieblok vindt in de groep plaats om het voor iedereen helder te houden wat er op dit gebied speelt en hoe de invloed daarvan is op de behandeling. Hierbij is, behalve een sociotherapeut (die voorbeelden uit de praktijk van alledag kan aandragen), ook de psychiater aanwezig om de volgende onderwerpen te bespreken: 

§         medicijngebruik

§         verslavingsgedrag

§         problemen met het dagnachtritme / slaapproblemen

§         omgaan met spanningen

6. Behandelbespreking

Tijdens deze bespreking wordt 1 cliënt in de groep centraal gesteld. Er is een half uur gereserveerd om de afgelopen behandelperiode (6 tot 8 weken) te bespreken. Er wordt dan gekeken of de doelstellingen die de cliënt zich gesteld heeft gehaald zijn. Hierbij is het proces (hoe aan de doelen gewerkt is) minstens zo belangrijk als het product (in welke mate de doelen zijn behaald). Hierna kan gekeken worden hoe er het beste verder gewerkt kan worden, of er anders aan doelen gewerkt dient te worden of dat er andere doelen gesteld kunnen worden. Belangrijke vragen hierbij zijn in hoeverre de behandeling nog aansluit bij de gestelde doelen en welke stappen nog gezet kunnen worden om met ontslag te gaan.

7. Crisisgesprekken

Wanneer u in een crisis dreigt terecht te komen, die u zelfstandig niet constructief kan oplossen, vragen we u beroep te doen op één van de sociotherapeuten als coach. Hij/zij zal in een kort (15 minuten) gesprek met u nagaan wat het probleem is en hoe u de crisis kan aanpakken, voortbouwend op de vaardigheden die u aan het leren en oefenen bent. Na zelfdestructief gedrag kunt u gedurende die dag geen afspraak maken voor een bijkomend gesprek met de coach of een ander teamlid. Het zelfdestructieve gedrag wordt op dat moment beschouwd als uw manier om de crisis te hanteren en op te lossen. Bijgevolg is coaching door een ander teamlid dan niet meer nodig.

Op indicatie kan aan dit programma toegevoegd worden: 

1. Non-verbale therapieën

In de non-verbale therapieën worden de geleerde vaardigheden via expressie, beweging, vormgeving, muziek en spel verder ingeoefend en eigen gemaakt 

2. Beeldende, Creatieve therapie

In deze therapie kunt u met verschillende materiaalsoorten iets maken. Enerzijds is het doen op zich belangrijk, namelijk uzelf bewust concentreren op iets anders en tijd nemen om voor uzelf iets vorm te geven. Anderzijds kunt u deze therapievorm gebruiken om iets uit te drukken over uzelf in het hier en nu. U beslist zelf wat u hierover wilt vertellen. Er wordt voornamelijk gewerkt rond begrenzing en evenwicht. 

3. PMT. Dit staat voor psychomotore therapie.

Tijdens deze non-verbale therapievorm wordt op indicatie voornamelijk het bewegen en innerlijke, lijfelijke signalen aangegrepen om, in samenspraak met de therapeut, aan uw persoonlijke doelen te werken. Bijvoorbeeld op een aangename manier opnieuw contact maken met uw eigen lichaam, controleren van impulsiviteit, omgaan met grenzen, vertrouwen, sociale contacten, samenwerken. 

4. Sociodrama

Dit is een vorm van behandeling waarbij spel, improvisatie en verbeelding worden gebruikt. In sociodrama kunt u gebruik maken van uw zintuigen, lichaamshouding en beweging, uw stem en mimiek, spontaniteit, communicatie en samenspel. In drama kun je door middel van spel, vorm geven aan uw innerlijke gevoelens. U kunt situaties in spel in beeld brengen, waardoor u ze anders kunt bekijken en beleven. Het 'doen alsof' (het spel) maakt het veiliger om naar uw eigen gevoelens en gedragingen te kijken, dan in de realiteit. 

5. Individuele maatschappelijke begeleiding (door de maatschappelijk werker).

Indien nodig, wordt er tijdens de eerste fase samen naar een woning gezocht.

Tijdens de opname is er, op vraag van patiënt, de mogelijkheid tot het opvolgen en begeleiden van de financieel-administratieve zaken, concreet betekent dit: schuldeisers aanschrijven, voorlopige bewindvoering aanvragen, afbetalingsplan opmaken, opvolgen van problemen rond uw uitkering etc. 

6. Individuele psychotherapie

Het is de bedoeling is om effectiever te leren omgaan met probleemsituaties en het geleerde in de vaardigheidstraining om te zetten naar het individuele leven van alledag. 

7. Systeemtherapie

Hier wordt er voor een langere tijd op regelmatige basis samengekomen om de moeilijkheden vanuit een breder geheel te bekijken. Het geeft de mogelijkheid om indien nodig één of enkele gesprekken samen met familie en/of partner te voeren met de bedoeling volledige inzet voor individuele therapie mogelijk te maken zonder dat dit uw verbintenissen met familie in de weg staat. 

Enkele voorbeelden:

§   Wanneer de familie na uitleg over de afdeling nog met specifieke vragen zit.

§   Om individuele therapie mogelijk te maken zonder uw rol in de familie te verliezen.

§   Om op een gezonde manier betrokkenheid van de familie bij de behandeling mogelijk te maken.

§   Om als familie of als paar samen te leren omgaan met de moeilijkheden of de gevolgen hiervan

§  Om de familie wat steun te geven indien dit nodig mocht zijn.

 

     
Laatst bijgewerkt: 20 maart 2005