Deel 4
HOOFDSTUK 5
Christel richtten zich op. In de verte hoorde ze de kerkklok 12 uur luiden.
Ze had al meer dan een uur in het gras liggen huilen. Haar lichaam voelde
klam, koud en levenloos aan. Ze had niet de energie om naar huis te gaan. Ze
had iemand nodig bij wie ze haar verdriet en woede kon uiten. Ze wilde dit
niet bij Winnie doen. Daar was die avond teveel voor gebeurd en die zou nu
in de warme armen van Marian liggen. Morgen zou daar vroeg genoeg voor zijn.
Nee, dat was het ook niet, dit kon ze allemaal niet aan Winnie vertellen.
Ze moest het eerst zelf verwerken. Nu had ze iemand nodig die er niet bij
betrokken was en tegen wie ze kon schelden. Zou Eric Edouard nog in Behind
The Dykes (BTD) zijn. Ze hadden daar oorspronkelijk ook afgesproken. Als hij
maar niet dacht dat ze haar afspraken niet nakwam. Ze was die avond vol
goede intenties geweest tot Ivory........Ivory, als die nu voor haar had
gestaan, had ze het liefst haar handen om haar nek willen leggen en net zo
hard willen knijpen tot deze paars zag.
Strompelend liep ze terug over het gras naar de nauwe straatjes van het
centrum. Ze hoopte zo dat Eric er nog was. Hij zou haar wel thuis brengen.
En als hij er niet was zou ze een taxi kunnen bellen. Misschien was dat wel
beter ook. Ze herinnerde zich vaag dat Eric E. Plannen voor die avond had.
Ze voelde zich duizelig. Het liefst zou ze deze hele avond vergeten, maar
als in slow motion gleed de hele avond aan haar ogen voorbij.
Ivory die BTD binnenkwam, Ivory die haar had aangekeken aan de
andere kant van de bar,Ivory die haar lichtjes aangeschoten vroeg
of ze mee ging wandelen, Ivory die op haar af stormde en uithaalde,
Ivory..., Ivory...
De straten om haar heen zagen er donker en dreigend uit.
Naarmate ze verder liep werd het donkerder om haar heen.
Ze was verzeild geraakt in een dikke dichte mist.
Christel kneep haar ogen dicht. Waren haar lenzen soms vies
geworden?
Opeens doeken er uit die mist een man en vrouw op. Ze waren beiden gekleed
in donkerblauw. Donkerblauwe hoeden, met donkerblauwe sjaals, jassen, broek
en rok, kousen en schoenen. Wat bovenal opviel waren de lijkbleke gezichten
met vurig stralende ogen met donkerblauwe kringen eronder. Christel rilde.
Het was of iemand over haar graf liep.
'Mevrouw, gelooft u in God?', vroeg de man.
'Mevrouw, gelooft u in God?' vroeg de vrouw.
Christel sloeg haar ogen weer dicht en maakte een afwerend gebaar met haar
hand.
'Nee!', piepte ze.
Toen ze haar ogen weer open deed zag ze dat de man en vrouw waren verdwenen.
Ze strompelde verder. Opeens dook er weer iemand in donkerblauw gekleed uit
het niets op.
'Gelooft u in God?'
Christel probeerde hem te ontwijken, waarna hij verdween.
Ze zetten nog een
stap en....
Van links, rechts, voor en achter haar doken nog meer mannen en vrouwen in
donkerblauw mist gekleed op.
Ze probeerde zich een weg te banen tussen al
die mensen die uit het niets opdoken.
Zodra er iemand voor haar neus stond hoorde
ze die afgrijselijke stem haar telkens vragen:
'Mevrouw, gelooft u in
God?
Ze waren allemaal hetzelfde. Donkerblauwe hoed, donkerblauwe sjaals,
donkerblauwe jassen, donkerblauwe broeken, donkerblauwe rokken, donkerblauwe
kousen, donkerblauwe schoenen. Allemaal even groot en vormeloos in hun
kleding. Er was niets menselijks aan, behalve de gezichten. Zelfs de
gezichten deden haar haren overeind staan. Alle ogen brandden vurig in een
lijkbleek gezicht. Het enige wat verschillend was, was het donkerblauwe in
het gezicht. De een had diepliggende ogen die brandden in donkerblauwe
schaduwen, de ander had geen tanden maar een groot donkerblauw gat waar een
stem uit kwam. Ze stelden haar allemaal die zelfde vraag. Over en over tot
ze er gek van werd.
GELOOFT U IN GOD? MEVROUW, GELOOFT U IN GOD?
Het was alsof de mist klauwen had gekregen die Christel probeerden te
grijpen.
Ze krijste het uit in een gil die duurde en duurde en steeds harder om haar
heen echode.
Christel haalde diep adem om nog een keer te krijsen, maar het donkerblauw
geprevel was opgehouden. Verwilderd keek Christel om zich heen. Uit de mist
die haar omringde hoorde ze niets meer. Het was dood en doodstil geworden.
Dan ineens kon ze in de verte een schrapend getik horen die steeds
dichterbij kwamen. Ze kon elke stap die gezet werd in haar botten voelen
dreunen. Het was of iemand met z'n nagels over een schoolbord gleed. Ze
begon te klappertanden. In paniek keek ze om zich heen. Een paniek die snel
over ging in verbazing.
Uit de mist was een gedaante tevoorschijn gekomen die op Christel af leek te
glijden. Ineens was er een blonde vrouw verschenen. Een zeer blonde vrouw.
Was dit dan de enige echte Heilige Madonna?
Nee, het was - zoals gezegd - een blonde vrouw met een ietwat uitgezakte
kont, valse wimpers met een vreemd pakje aan.
Vreemder nog ze liep op
kunstschaatsen.
'Mag ik me even voorstellen?', vroeg de helblonde vrouw.
'Ik ben Pasja Picza, fee van Nagano.
U..' (bij het woordje u was haar stem twee octavenhoger gegaan) 'mag een wens doen.
Die wens komt uit, mits ik de filmrechten krijg.
Ik heb namelijk nogal Hollywood allures en er is maar een ventje
belangrijker voor mij dan mijn man.
Dat is Oscar. De Oscar!'
Te verbaasd voor woorden kon Christel niets anders doen dan deze vreemde fee
aanstaren.
'Nou', zei de fee, ongeduldig met haar vingers knippend.
'Komt er nog wat van?' zei ze met geaffecteerd vriendelijke stem.
'Je wens is??? Schiet op kind, ik moet vanavond nog een kuur rijden.
Ik heb niet de hele nacht de tijd', klonk het ongeduldig.
'Nou', zei Christel. 'In dat geval. Doe mij maar een prinses op een wit
paard, want qua romance ziet het er voor mij echt niet meer in vanavond.
Het zit de laatste uren een klein beetje tegen'.
Christel glimlachte er sarcastisch bij.
'Nosdravje!' zei Pasja, 'doen we', terwijl ze een dubbele axel van plezier
sprong. 'Maar je moet er wel wat voor doen. Je moet naar een feest, daar
loopt een droomprinses rond die ook zoekende is. Ik kan je echter in die
kleren, die je nu aanhebt, niet laten gaan. Dat maakt geen indruk; ze zullen
in "Zie Dancing" meteen denken dat je komt collecteren voor het Beatrix
Fonds. Je ziet er echt niet uit, dus ik zal even een Vivienne Westwood voor
je tevoorschijn toveren'.
Zonder op een antwoord van Christel te wachten, schraapte ze drie keer met
haar kunstschaats over de straat en mompelde:
'6 punt 0, 6 punt 0. Die vent van mij, is een lul'.
Een bliksemschicht sloeg neer en Christel stond gekleed in een 'Viv'.
Ze draaide om haar as, de vele lagen van haar rok wapperden om haar heen.
Zelfs haar haren waren gekapt. Een wilde massa omhooggestoken krullen
sierden haar hoofd. Hier en daar staken diamanten speldjes erin die als een
discobol vlekjes licht op de gebouwen om haar heen wierpen toen ze
ronddraaide. Aan haar voeten blonken glazen plateauschoenen met hakken van
30 centimeter en aan haar arm hing een grote handtas.
'Nu nog vervoer', zei de Picza. 'Volgens mij heeft die koningin van jullie
nog wel een leuk modelletje die we voor een avond kunnen lenen'.
De schaatsfee herhaalde haar toverspreuk en voilà , daar stond de Gouden
Koets, compleet met zwarte paarden.
'Geweldig', zei Christel. 'Maar waarom doe je dit allemaal voor me?'
'Tja', zei Pasja, 'in een vorig leven was ik net zo'n stumper als jij en ik
wil iets goeds doen voor de wereld en mezelf in het bijzonder.
Nou, stap in en op naar "Zie Dancing" en doe een beetje spannend,
want er zijn daar veel concurrenten. Daar weet ik ook alles van'.
Christel wilde net instappen toen de Picza haar met de volgende woorden
tegenhield.
'Ho! Effe dit. Je moet over een uur en een kwartier terug zijn, want ik moet
me vliegtuig halen. Als je niet op tijd weer hier terug bent, verandert je
poes in een pompoen. Dus zorg dat je er bent. Om half twee terug zijn hoor!
Trouwens die rotzooi die je aanhebt en waar je zo in gaat zitten moet weer
terug naar de eigenaressen. Ik heb het alleen effe geleend. Merken ze niks
van, ze slapen nu toch! Doei!'
En met een feestelijk gekleurde flits ging Pasja Picza in rook op, een vage
geur van lavendel achterlatend. Even later flitste ze terug.
'Niet met vreemde vrouwen mee.
Je herkent de prinses aan het feit dat ze er zoekende uitziet.
Toedels'.
Pittige tante, dacht Christel terwijl ze zich in de koets hees en naar
"Zie Dancing" reed. Wel jammer dat ze geen koetsier had getoverd.
Deze kutkoets is bijzonder moeilijk te besturen.
Bovendien gaan alle omstanders nu ineens "Oranje Boven" zingen.
Christel vond het maar niets om zo in het middenpunt
van de belangstelling te staan.
Even later had ze zich al bedacht. Toch wel handig zo'n koets.
Ik kan zonder te betalen parkeren, voor niets "Zie Dancing" in en
daar staat de prinses al
Bof ik effe.
Pasja Picza had niets teveel gezegd. De prinses zag er zoekende uit en was
zonder meer een VERSCHIJNING. Ze miste alleen nog een aureooltje.
Christel maakte een kleine buiging toen ze de prinses haar hand gaf.
'Haai, ik ben Christel'.
"En ik ben Prinses Voor De Storm tot Hogedrukgebied.
Als ik je hand mag hebben mag jij me wel prinses noemen'.
'Okee'
Samen liepen ze hand in hand naar de dansvloer.
"Wat loopt u moeilijk Prinses'.
'Ja', antwoordde (de) Prinses, 'ik heb nogal last van een
teenstressfractuur.
Anyway, je bent een lekker ding. Mag ik je in deze dans leiden?'
Het orkest zette na die woorden in met "Love and Affection" en
Prinses en
'Heb jij het ook zo warm?' vroeg Christel aan Prinses.
'Ja, maar dat was de vonk die tussen ons oversprong. Zullen we tongen?'
'Mm dat smaakt naar meer', zei Christel toen ze uitgetongd waren.
'Ik wel ook best meer', zei Prinses, 'waarom ga je niet mee naar mijn
waterbed?'
'Is goed, maar vertel me eerst hoe laat het is'.
'De nacht is nog jong.
Het is pas vijf voor half twee', zei de prinses Prinses.
'O kut. Ik moet al weer weg. Sorry Prinses, we beffen nog.
Tot ziens en bedankt voor de vis'.
Christel rende "Zie Dancing" uit.
Shit, dacht ze. Die kut tas zit in de weg. Welke achterlijke gladde zool
draagt nou zo'n enorm ding bij zo'n jurk. Ze gooide de tas in de foyer.
Waar heb ik de parkeerbewijs van die verdomde koets gelaten?
Crisis, die zit nog in de tas.
Ze keek om zich heen om te zien of ze de koets kon vinden.
Ze zag hem niet meer.
Dan maar rennen, dacht ze. Goed voor de beentjes! Kom op meid, je kan het!
Drie meter later schopte ze haar plateauschoenen uit.
Die waren toch aan diggelen.
Ze rende of haar leven ervan af hing op blote voeten verder.
Net op tijd was ze bij Pasja terug. Die was haar acceptance speech voor de
uitreiking van de Oscar in maart al aan het oefenen.
'Zo', zei deze, 'net op tijd. Ga nu maar lekker naar huis en dream on!'
Christel liep naar huis.
Eenmaal thuisgekomen hoorde ze Winnie en Marian in het logeerbed tekeergaan.
Ze riep door de deur van de kamer heen. 'Kom op meiden. Jullie kunnen het!'
Ze liep daarna meteen verder naar de badkamer waar ze een cocktail van
Valium en Prozac innam en viel in slaap.
Ondertussen in "Zie Dancing" liep de prinses met een dubbel gevoel rond.
Aan
Aan de andere kant voelde ze een gemis. Het gemis van een hoogtepunt.
Christel had wel gezegd dat ze nog zouden beffen, maar ze had niet eens het
nummer van haar mobiele telefoon achtergelaten.
'Van wie is deze handtas?' vroeg iemand.
De prinses maakte een sprongetje van blijdschap.
'Ja hier!' riep ze. De handtas, een clou?
Morgen zou ze gaan zoeken.
NAAR DEEL 5
HOME