Bomen.....

 

Een oase van rust. Tussen de hoogbouw en betonnen drukte. Kalm en rustig. Met de mooiste bomen en struiken die je maar bedenken kunt. Vaste planten, zelfs een kas met cactussen ontbreekt niet. Vooral om de bomen is het bekend, het arboretum Trompenburg in Rotterdam. Niet alleen bekend, maar ook beroemd. Ik ben er van overtuigd dat bomen niet praten, geen conversatie voeren over het mooie weer, of andere voor bomen belangrijke zaken. Ik zal dan ook geen woord tot ze spreken, wel kijk ik naar hun naam en waar ze oorspronkelijk vandaan komen. Praten met bomen néé, zover ben ik nog niet. In de winter als het lover verdwenen is, denk ik als het maar goed komt en in het voorjaar zie ik, dat dat meestal het geval is. In de zomer is het genieten van hun pracht. Ik heb een compromis gesloten met m’n kleinzoon, eerst bomen kijken dan naar de speeltuin. Hij is het met oma eens, nog wel.

“Oh, oma wat ruikt het hier lekker!” Roept hij, als hij de rododendron ziet in volle kleurenpracht. Hij ruikt aan een bloem en is teleurgesteld dat deze niet lekker ruikt. “Het is het voorjaar dat je ruikt,” zeg ik. Tevreden gaat hij bij de vijver kijken, het donkere water weerspiegelt zijn gezicht.

“Pas op val er niet in!” Roep ik. Met de woorden: “ik heb dorst” Luidt hij het einde in van het bomen bezichtigen. Het arboretum is niet echt ingesteld op kleuters en we verlaten het park richting speeltuin. Hij rent vooruit. Even ben ik alleen op het pad tussen de bomen.

Zei daar iemand wat?

© Suze Latorre vrijdag 28 april 2000

terug