Geld maakt niet gelukkig, maar gelukkig maken ze geld.
Daar ben ik blij om en hoe het er uit ziet dat maakt mij niet uit.
Ik geef het uit.De euro rolt bij mij net zo lekker als de gulden.
Gewapend met mijn bril ga ik boodschappen doen.
Wat voorheen een automatische handeling was, daar moet ik nu mijn bril bij opzetten. Betalen.‘t Is even wennen.Zorgvuldig schud ik de muntjes in mijn hand.
Onder de misprijzende blikken van mijn haastige medestanders tel ik de muntjes uit.
Slechte tijden voor kippige mensen zoals ik.
Ik zie amper het verschil tussen een, één of twee euro muntstuk.
Verder zal het me benieuwen, wanneer ik de eerste ‘vreemde’ euro in handen krijg,
een muntstuk zonder de beeltenis van onze koningin.
Dat de munt nog lang niet is ingeburgerd staat voor mij wel vast.
Toch ben ik nu al benieuw wat voor bijnamen hij zal krijgen.
Niet dat ik zo op de hoogt ben van bijnamen, maar een heitje voor een karweitje staat me nog wel bij. Hoewel er allang geen karweitjes meer gedaan worden blijft het heitje,
synoniem voor kwartje en ik zal het kwartje zeker missen.Net als de riksdaalder, kortweg knaak. Nee, ik kan straks niets meer kopen voor een piek of een knaak. En ik moet me niet vergissen want één euro heeft niet de waarde van gulden.Ook zullen het maar niet hebben over hoe alles stiekem duurder is geworden. Want daar kan je een boek over schrijven.
Geld moet rollen of het nu pieken knaken of euro’s zijn. Ik denk dat het woord euro wel een van de meest uitgesproken woorden is de laatste tijd.Ik ben geen financieel expert, eerder het tegendeel, maar één ding weet ik wel. Geld maakt niet gelukkig, maar het is wel fijn als je genoeg hebt.
© Suze Latorre zondag 6 januari 2002