Maar eerst.....

Daar het al dik lente is op de kalender, bezichtig ik mijn tuin.                 Nou, de kalender mag mij aanwijzen dat het lente is, maar ook mijn planten vertellen dat het toch nog wel erg koud is.                                       De helleborus gaat gewoon door, die maalt niet om een beetje kou.    Maar de arme camelia staat er een beetje bibberig bij.                        Nadat ik de kamperfoelie beloofd heb dat het beter zal worden, doe ik de deur dicht en de thermostaat een graadje hoger.

In mijn voorstellingsvermogen zie ik de heren energie-leveraars zich in hun handen wrijven  ‘mm, lekker stook weertje’ Gelukkig regent het niet, zodat ik er aan denk een rondje Rotterdam te gaan maken. Ik deel mijn plannen nog niet mee aan mijn jongste kleinzoon.Want dan pakt hij zijn schoen en jas en  wil terstond vertrekken.Dat kan niet, want het.. Maar-eerst- syndroom heeft toegeslagen. 

Ik betrap me er op dat ik daar al een tijdje last van heb.Het begint in de ochtend, als ik struikelend over hongerige katten de gordijnen open doe.  Dan slaat het toe, het... ‘maar-eerst syndroom’! “Ja”, zeg ik tegen de kat “je krijgt zo eten, maar eerst….”

Dat eerst, kan van alles zijn, ik haal de krant, maar eerst neem ik koffie of, die plant heeft dorst, maar eerst geef ik de kat eten.  Ik doe mijn ogen open en word ik overvallen.  In de ochtend heb ik er het meeste last van. Na de ochtend koffie, maak ik meestal een rondje door mijn tuin. Sommige planten zijn nu wel erg laat met ontluiken door de kou en het wordt tijd voor een inhaalslag. Er is altijd werk genoeg in een tuin en in gedachten maak ik plannen, Die plant zou eigenlijk verpot moeten worden, maar eerst…..

 

 ©  Suze Latorre  vrijdag 20 april 2001  

 

terug