Ode

Voor en van allen , door een onbekende inboornees van het Koninkrijk Voetbal eerbiedig aangerold bij de 14e Cie A.A.T. , ter gelegenheid van haar 2 - jarig tropen verblijf .

Ik ben maar klein en rond , pretentieloos
een opgeblazen bolleboos
ik wordt gesmeten en getrapt
soms ben ik zo maar uit elkaar geklapt .

Maar als ik die door zweet snel vuile tronies zie
't gegil hoor van de compagnie
die trappen in mijn lenden voel
of plots verdwijn in vijands doel .

Dan voel ik mijn volmaakt gelukkig
ondanks de steeds weer groter druk
waaronder ik altijd moet zwoegen
voor al die rare combinatieploegen .

Ik mag de grijns op elk gezicht
wanneer men iemand beentje licht
daarom , U 14 A.A.T. , het mag mij zijn gegeven
samen met U nog heel veel vreugde te beleven .

JAVAWEH

1E JRG NR 6 , 4 NOV 1948