Artikel 9

Alijn Danau, Patrick Bauwens, John Van Eck, Stef Michiels

Onderwerpen:

- De voordelen van een logboek.

Het lijkt misschien een detail maar vele van ‘s lands beste karpervissers houden nauwgezet al hun vangsten en dikwijls ook deze van hun vismaten bij. Ze noteren elk schijnbaar onbenullig detail maar weten er ten gepaste tijde wel hun voordeel mee te doen.

- Pellets, dressuurdoorbrekend alternatief of ergerlijk brasemaas?

Pellets zijn er vandaag de dag te kust en te keur. In alle maten en gewichten. Zijn ze echt zo revolutionair en schroeven ze de vangsten weer aanzienlijk op of lokken ze uiteindelijk meer witvis dan karpers?

 

Bijdrage Alijn Danau

De voordelen van een logboek

Ik heb de vage indruk dat er de dag van vandaag minder ijverig aantekeningen worden gemaakt dan tien of meer jaar geleden. Ik herinner me dat het vroeger zowat een algemene tendens was dat je alle nuttige informatie neerpende aan de waterkant. Er waren toen zelfs vangstagenda’s te koop in de handel.

Een ding staat als een spreekwoordelijke paal boven water en dat is dat je er zeker je voordeel mee doet. Ik heb altijd mijn vangsten (ook die van anderen) op de waters waar ik op dat ogenblik aan het vissen was, de omstandigheden, de stekken, mijn indrukken en ideeën etc. bijgehouden en heb daar ontegensprekelijk voordeel uit gehaald. Je vindt veel sneller raakpunten, ontdekt of herontdekt interessante weetjes over dieptes of eigenaardigheden van stekken, tijdstippen van het jaar waarop steevast bepaalde (grote) vissen op de kant komen, de lijst is eindeloos. Ook de evolutie in gewichtstoename is veel beter in te schatten omdat je de vissen zodoende gedurende het ganse jaar volgt. Je kan met zo’n vangstagenda zover gaan als je zelf wil. Die van mij ziet er voor anderen waarschijnlijk meer uit als een roman, annex statistiekenlijst annex onleesbaar proefschrift maar ik weet perfect wat waar is terug te vinden en maak er nagenoeg elke sessie gebruik van. Ik hecht er tevens ook een grote sentimentele waarde aan, ik bewaar mijn aantekeningen al sinds 1983 en enkel al als tijdsdocument zijn ze voor mezelf van een niet te schatten waarde. Ik maak er eveneens gebruik van om in een later stadium artikels of boek(en) te schrijven.

Je kan immers nooit alle relevante informatie, feiten en vangsgegevens in je hoofd prenten en onthouden. Een vangstangenda sluit twijfels omtrent vangsten, plaatsen, gewichten etc. uit en biedt meer dan de strohalmen aan informatie die anderen je geven om je aan vast te houden.

Je moet er zelf wel plezier in scheppen, anders hou je het niet vol. Ik ken genoeg vissers die er ooit mee zijn begonnen maar het al na enkele sessies voor bekeken hielden. Gebrek aan inspiratie, te tijdrovend, alweer thuis vergeten etc. zijn de meest voorkomende excuses. Het is jammer want je doet er jezelf veel mee te kort.

Ik heb zonet nog (mei 2000) een vis (De Tweekleur van de Integra op 16,9 kg, zie foto op volgende pagina) gevangen die ik te danken heb aan m’n logboek. Tijdens het vissen was ik aan het bladeren in m’n aantekeningen van twee en drie jaar terug. En alhoewel ik toen niet op dit water viste hield ik wel bij wat Oliver Stevens er toen ving, met hier en daar de nodige achtergrondinformatie bij z’n vangsten. Ik botste plots op een heel interessante anekdote. Bleek dat Oliver enkele vissen had gevangen op een wel heel specifieke en herkenbaar plekje. Pal naast de oplopende betonnen muur (er staat slechts een dikke halve meter water) zowat halverwege de plas. Je ziet er perfect de bodem. Ik dropte een van de stokken op exact dezelfde plaats (er was waarschijnlijk na Oliver gewoon niet meer gevist) en ‘s ochtends kreeg ik een drop back met Tweekleur aan de haak. Cheers Oliver!

Had ik deze informatie indertijd niet genoteerd had ik ongetwijfeld een blank gehad want de overige stokken leverden niks op.

Dit alles doet me er trouwens aan denken dat we ooit op een VBK-vergadering hadden beslist om een VBK-vangstagenda te ontwerpen en te koop aan te bieden in het al bestaande VBK-promotiemateriaal. Frank Blank zou dit voor zijn rekening nemen). Waar zit dat ontwerp trouwens Frank?


Pellets

Pellets, de meeste karpervissers zullen er intussen op zijn minst al eens mee geëxperimenteerd hebben. Het zijn samengeperste voedseldeeltjes die wanneer ze in contact komen met water gaan oplossen en zodoende een geurtapijt verspreiden. Wanneer de karper je stek met pellets heeft gefrequenteert dan merk je dat wel in je bewaarzak. Het goedje loopt er werkelijk uit.

Ik heb al verschillende types uitgetest, van heel fijne trouvitkorrels tot ball pellets en heel langzaam oplossende grote pellets (wordt soms ook partikel pellet genoemd).

Vooral op deze laatste (o.a. verdeeld door Solar) heb ik enkele goeie vissen gehad en deze genieten dan ook mijn voorkeur. Dat pellets enkele voordelen bieden t.o.v. alle ander karperaas staat buiten kijf, echter er zijn evengoed nadelen aan verbonden. Ze trekken naast karper bijvoorbeeld eveneens massa’s andere vissoorten aan, vooral brasem. Je bent onder normale omstandigheden ook beperkt in afstand (tenzij je kan en mag beschikken over een voerboot). Echter het is nu net vooral deze laatste toepassingsvorm die ik net niet zou hanteren. Ik zie er weinig heil in om m’n lijnen honderden meters ver uit te roeien om dan om het kwartuur een brasem te moeten binnendraaien en weer van voor af aan te beginnen. En ‘s nachts met op de koop toe nog een flinke bui erbovenop is dit helemaal niet meer aan mij besteed. (Inderdaad we worden al een dagje ouder en voor elke slapeloze nacht zien we dubbel zo hard af dan de jonge garde.) Voor de kantvisserij echter liggen de zaken anders. Wanneer je onder de hengeltoppen of kort in de kant vist en je de pellets met de hand of katapult kan bijvoeren, maakt het niet uit dat je een keertje meer een brasem indraait.

Een ander groot voordeel van deze grotere pellets is dat ze slechts langzaam oplossen. Het duurt (afhankelijk van de watertemperatuur) van zes tot neger uur alvorens ze volledig zijn opgelost.

Op dichtbezette wateren waar er veel actie te verwachten valt kan je ze zelfs inzetten als haakaas (wel voorboren, want met een boilienaald kom je er niet doorheen) en geloof me, ze maken duidelijk het verschil.

Ball pellets

Zien er in droge vorm net zo uit als boilies met als belangrijke verschil dat ze dus pellets zijnde oplossen, eenmaal ze in contact komen met water. Het extra voordeel van ball pellets is dat je ze in nagenoeg dezelfde samenstelling hebt als de boilies waarmee je aan de haak vist. In die zin creëer je geen voedselvoorkeur tussen de twee. Iets wat met de pellets die een andere samenstelling hebben nogal eens wil gebeuren. Vooral op trouvit gebaseerde pellets worden soms vantussen de voerboilies en haakboilie gefilterd zonder deze laatsten een blik waardig te gunnen.

Er zijn eveneens neutrale ball pellets op de markt die je vervolgens kan soaken en flavouren naar keuze. De door mij gebruikte en geteste ball pellets hadden een geringe oplosduur. Binnen de twee uur waren ze in stilstaand water tot poeder herleid.

Wanneer er al eerder witvis op je stek rondhangt en aan het azen slaat is de levensduur nog een aanzienlijk stuk korter. Ze beuken erop tot de ball pellets werkelijk uit mekaar vallen. Ball pellets worden door zowat elke grote aasfirma verdeeld.

Een voordeel dat de ball pellets hebben t.o.v andere pellets is dat ze net als gewone boilies kunnen worden weggezet met de throwing stick of katapult.

Kleine trouvitkorrels (worden gebruikt in forel- en karperkwekerijen).

De oerpellet. Bevat veel olie en laten na het oplossen een filter achter aan de oppervlakte. Werd reeds gebruikt in de jaren tachtig. Ideaal als ondersteuning van de voerplaats maar lossen net iets te snel op. Trekken massa’s witvis aan en daarom niet onmiddellijk m’n eerste keuze. Wordt meestal gebruikt in een PVA-zakje zodat de onmiddellijke omgeving van het haakaas een krachtig aas- en geurspoor verspreidt.

Trouvitkorrels zijn ook in drijvende vorm verkrijgbaar.


Bijdrage van Patrick Bauwens

De voordelen van een logboek

Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat ik de laatste paar jaar nog nauwelijks gebruik maak van een logboek, waarschijnlijk ben ik te lui geworden. Misschien moet ik de draad na deze Rotary maar eens terug opnemen, want het is werkelijk een bron van informatie waar men tijdens mindere periodes kan op terugvallen. Maar laat ik nu eens vertellen hoe mijn logboek eruit ziet/zag.

Mijn logboek lijkt meer op een dagboek en daarvoor maak ik gebruik van een klein schrift met een harde kaft.

Van ieder nieuw water dat ik bevis maak ik eerst een algemeen plan en vervolgens per stek die ik bevis een detailtekening. De stekken krijgen een nummer in de volgorde die ik ze bevis.

Bij aanvang per sessie vermeld ik in de eerste plaats de datum. Ook als de sessie uit meerdere dagen bestaat, vermeld ik eerst de periode bijv. van 1 mei tot 5 mei en dan van dag tot dag.

Vervolgens noteer ik de weersomstandigheden (bewolking, zon, windrichting en -kracht, temperatuur, watertemperatuur en ook lange tijd de maanstand). Dit laatste kan misschien eens als onderwerp aan bod komen in een volgende Rotary letter. Vervolgens maak ik een kleine schets hoe en waar ik de beaasde haken drop, met aanduidingen van herkenningspunten die op de tegenoverliggende oever te vinden zijn zoals bomen, palen, kerktoren, enz. Deze herkenningspunten zorgen ervoor dat ik ook ’s nachts feilloos de richting waar ik vis kan bepalen. Ook afstand, diepte, het al of niet aanwezig zijn van een bodembegroeiing, het soort bodem, alles wordt zorgvuldig genoteerd. Indien het een vaste voerstek betreft, wordt de hoeveelheid en het aantal keren dat ik voer opgetekend. Verder wordt de gehele montage (inclusief schets) van aas, hairlengte, haaktype en maat, onderlijn lengte en materiaal, loodtype, gewicht en bevestigingswijze zorgvuldig beschreven. Verder noteer ik het tijdsstip van de aanbeet (als er een is) het gewicht van de vis en de plaats waar de haak vlees pakte en vervolgens de algemene indruk van de sessie. Ook vangsten en ervaringen van andere vissers worden in mijn logboek opgenomen. Verder is het logboek een steun bij het eventueel schrijven van artikels. Af en toe lees ik er zelfs nog eens in en het is trouwens een perfect hulpmiddel om uw geheugen eens op te frissen, want sommige dingen gaan na een tijdje inderdaad vervagen. Ook kan het een interessant hulpmiddel zijn om de evolutie van een bepaald water en zijn onderwaterbewoners te volgen. Als afsluiter zou ik iedereen willen aanraden om een logboek bij te houden want het komt je vangsten zeker ten goede.


Pellets

We kunnen twee soorten onderscheiden, de gewone korrels en de ball pellets. Door hun vorm, kunnen we de eerste alleen gebruiken bij het voeren op korte afstand of als men gebruik kan en mag maken van een boot of voerboot. De tweede kunnen echter door middel van throwingstick of katapult ook op grote afstand gebruikt worden. Wel moet je rekening houden met het feit dat ze in vele gevallen lichter zijn dan uw gewone voerboilies en dus niet zo ver weg te krijgen zijn. Zeker als er tegenwind is kan dit problemen opleveren. De gewone pellets zijn in feite een ‘verbeterde’ versie van de ‘oerpellet’, de bekende trouvit korrel. Ook zijn er verschillende oplostijden onder de diverse merken en dit varieert van 1 uur tot 10 uur. Indien ik niet ver vis maak ik de laatste tijd veel gebruik van de gewone trouvit korrel, die ik samen met enkele gebroken boilies in een PVA netje juist onder de haak bevestig. Door zijn snelle oplostijd verkrijgt men een goed geurspoor. Het netje vul ik ongeveer tot ik de grote van een kippeëi bekom. Groot nadeel is dat men soms enorm geplaagd wordt door brasem (wat mijn vele vangsten van deze laatste soort enigszins verklaart). Maar de nadelen wegen niet op tegen de voordelen. Als ik in de kant vis durf ik nog weleens goed doorvoeren met de pellets met daarover enkel boilies. Het voordeel daarvan is dat men snel witvis op de stek krijgt en deze azende vissen zorgen ervoor dat de nieuwsgierigheid van de karpers geprikkeld wordt. Een ander voordeel is dat men de stek niet vlug kan overvoeren en zo een karper uw haakboilie vlugger tegen komt. Als men dan nog regelmatig bijvoert kan men de voedselnijd nog wat aanwakkeren of opvoeren en zo kan het op die manier nog dressuur doorbrekend werken ook. Wat ook niet onbelangrijk is dat men eerst eens de oplostijd van de pellets thuis uittest in een glas water, want dit kan nog eens verschillen met de tijden die opgegeven worden door de fabrikanten. Ook de watertemeratuur heeft een invloed op de oplossnelheid. Sommige merken kan je ook als haakaas gebruiken (wel oplostijd in de gaten houden). Voor het bevestigen maak ik gebruik van kleine elastiekjes. Deze elastiekjes zijn in verschillende maten te verkrijgen in de betere hengelsportzaken. Ball Pellets zijn op die manier bijna niet te bevestigen en als men ze gaat doorboren vallen ze veel sneller uit elkaar. Daarom maak ik als haakaas enkel gebruik van de cilindervormige soort. Ball pellets waar ik goede resultaten mee geboekt heb zijn die op basis van hennep en tijgernoten die door WS worden verdeeld.


Bijdrage Stef Michiels

De tijd dringt een beetje en op het moment dat ik deze bijdrage uittyp heb ik nog niet gelezen wat mijn voorgangers schreven. Als ik hier dus dingen zou herhalen die de vorige Rotaristen reeds aanhaalden, dan vraag ik jullie daarvoor mijn excuses.

Het belang van een logboek

Reeds van bij het begin van mijn loopbaan als karpervisser heb ik gegevens m.b.t. mijn vangsten en mijn visserij genoteerd. De eerste jaren gebeurde dat bondig in een schoolschriftje. Later gebruikte ik daarvoor het door de toenmalige BKSG verkochte logboek en momenteel heb ik zelfs twee (!) logboeken. Het ene heeft reeds drie jaar zijn vaste plek in mijn vistas en gaat steevast mee naar de waterkant. Het ziet eruit alsof het reeds vele oorlogen meemaakte. (Dat verwondert me niets hoor ik mijn broer en vismaat Rie al denken!) Het is eigenlijk een soort van werkschrift in de breedste zin van het woord. Het boek is vooral bedoeld om gegevens m.b.t. vangsten en visomstandigheden te noteren. Ook andere ideeën m.b.t. de visserij, plannen, zaken die mij opvielen, kortom alles waarvan ik ook maar denk dat het belangrijk zou kunnen zijn, worden opgeschreven. Wanneer die gegevens achteraf bekeken worden valt het op hoe vaak ik van de hak op de tak spring en hoe ongeordend die ideeën zijn. Daarom is er het tweede boek, het eigenlijke logboek, hetwelk thuis bewaard wordt en waarin de voornaamste gegevens en ideeën ordelijk(er) overgeschreven worden. Mijn ‘werkboek’ gebruik ik trouwens ook om (langs de waterkant) ideeën betreffende artikelen voor het VBK e.d. te noteren of verder uit te werken. Voor diegenen die ooit nota's langs de waterkant wilden maken en zich een ongeluk vloekten omdat de inkt van hun balpen weer eens uitliep of omdat die pen het eens te meer niet meer deed op het klamme papier heb ik een gouden tip: een potlood brengt de oplossing want daarmee kan je bij wijze van spreken nog op het natste papier schrijven en de tekst loopt in de regen niet uit.

Bij het herlezen van nota's die enkele jaren oud zijn, over gebeurtenissen dus die in mijn gedachten stilaan aan het vervangen zijn, valt het mij op hoe slecht het menselijke geheugen is (het mijne dan alleszins toch). Vangsten worden meestal goed onthouden doch de manier waarop die gerealiseerd werden, de omstandigheden waarin en de sessies die weinig of niets opleverden (en dat zijn er behoorlijk veel) vervagen al te snel in mijn geest. Hoewel het dikwijls details zijn die vergeten worden, zijn het dikwijls net die details die het verschil kunnen maken.

Wat me ook opvalt bij het herlezen van mijn nota's is mijn ‘motivatiecurve’ t.o.v. een bepaald water. Hoe gedetailleerder ik één en ander neerschreef, des te groter mijn inzet en betrokkenheid was. Telkens weer is er die eerste fase, de info-verzamelingsfase zo je wil, waarin zoveel mogelijk gegevens m.b.t. het water, het bestand, de er op dat ogenblik en in het verleden gebruikte technieken, tactieken en aassoorten bijeengebracht en opgetekend worden. Uit die ingewonnen gegevens wordt dan een eerste tactische aanpak gedistilleerd. Daarna komt de ‘leerfase’ waarin door daadwerkelijk te vissen meer zaken m.b.t. het water en het gedrag der karpers verkregen en genoteerd worden. Het is mij meermaals overkomen dat ik in deze periode mijn tactiek dien bij te stellen omdat ik aanvankelijk fout zat. Nadat één en ander uitgekiend en ervaren werd volgt hopelijk de 'oogstfase’. Mijn nota's handelen dan vaak over vangsten (tijdstip, stek, gewichten die gerealiseerd werden) en minder over de tactische benadering ervan. Deze wordt in deze fase slechts af en toe kort gerevalueerd of bijgesteld. Tenslotte is er de ‘vervalfase’. Het water heeft als het ware zijn magie verloren want het heeft vele van zijn geheimen en karpers prijs gegeven en zowel het vissen als het neerschrijven van gegevens gebeurt op automatische piloot. Dat is voor mij dan eigenlijk het teken om te verkassen naar andere oorden.

Het doel van mijn logboek was steeds tweeërlei. Ten eerste het verzamelen van gegevens om bij te leren over de karpervisserij in het algemeen. Daarbij staat het streven naar betere en meer constante vangsten voorop. Ten tweede poog ik aldus een soort van boekhouding bij te houden betreffende de vangsten die ik deed.

Eigenlijk zijn mijn logboeken een persoonlijk iets. Ik zou het niet verdragen mochten er anderen in lezen. Dat is niet omdat er wereldschokkende zaken of informatie die het label ‘top secret’ draagt zouden in opgeschreven zijn. Ik vermoed dat het komt omdat een logboek een beetje mee de ziel en soms ook de biechtvader van een karpervisser is.


Pellets

Hierover kan ik kort zijn want ik heb er weinig ervaring mee en kan er dus geen zinnige dingen over kwijt. Een randbemerking acht ik hier op zijn plaats. Er werden mij verleden jaar (1999) pellets aangeprezen die ook gebruikt worden op kweekvijvers. Het oliegehalte van het spul was zeer hoog. De pellets waren verpakt in zakken van 25 kilogram en enkel al door het gewicht van de bovenliggende pellets werd de olie uit de onderste geperst! Men vertelde mij dat ze gebruikt werden als bijkomend voer op kweekvijvers en dat de karpers er een groeiverhouding van 1/1 mee haalden (m.a.w. 1 kg pellets werd omgezet in 1 kg visvlees). Nadeel van de zaak was dat ze slechts gedurende een beperkte tijd mochten gebruikt worden omdat ze anders de gezondheid van de vissen zouden schaden. Mijn belangstelling voor (die) pellets stond toen meteen terug op af. Uiteraard moeten er gezondere pellets bestaan, maar nogmaals ik heb er geen ervaring mee.


Bijdrage John Van Eck

De voordelen van een logboek

Ook ik hou al sinds het begin van mijn serieuze karpervisserij een logboek bij. In het begin had dit logboek meer de vorm van een ordinaire vangstagenda. Van iedere vangst werden een aantal specifieke gegevens genoteerd. Langzamerhand is dit meer geëvolueerd naar een echt logboek.

Mijn logboeken zijn over het algemeen geschikt per water, hierin worden alle relevante en noodzakelijke geachten en gegevens genoteerd, zowel tijdens vis- als voersessies op dat water, maar ook op andere wijze verkregen informatie die op een later rijdstip van belang kan zijn wordt erin verwerkt.

Eerlijkheid gebied me wel te zeggen dat hetgeen ik per sessie schrijf nogal wisselend is, dit is o.a. afhankelijk van de tijd die ik tijdens de sessie of kort erna heb, maar ook van de wijze waarop ik aan de waterkant zit. Als ik volle bak aan het vissen ben dan zal er meer geschreven worden dan wanneer ik zomaar eens een dagje aan de waterkant zit, meer om weer eens het gevoel te krijgen. ln dit geval zijn het meestal niet meer dan een aantal regeltjes. Hetgeen de meeste aandacht krijgt zijn stekken, de wijze waarop gevist wordt, tactieken (o.a. voeren), observaties en natuurlijk de vissen die gevangen worden. Ook een belangrijk onderdeel zijn mijn eventuele gedachten t.a.v. de aanpak van de volgende sessie.

Wat minder onder de loep wordt genomen zijn eigenlijk de zogenaamd harde cijfers als bijvoorbeeld watertemperatuur en luchtdruk. Ik zal wel aangeven wat het weer en de watertemperatuur is in relatie tot het jaargetijde, maar met het meten van bijv. de watertemperatuur ben ik al heel lang geleden gestopt (hoogstens nog op verwarmd water). Ik zet hier sowieso een beetje mijn vraagtekens bij, want waar meten we die watertemperatuur meestal? Juist, in de kant en ondiepte van het water toch, en hoe diep zitten we te vissen? Zal de watertemperatuur daar dan hetzelfde zijn?

Nadat een en ander is neergeschreven wordt het logboek veelvuldig gebruikt als naslagwerk. Voor iedere sessie worden de schrijfsels over de afgelopen sessies nog eens overlopen om de wijze van aanpak voor de komende sessie te bepalen. Meestal echter zitten de grote lijnen al min of meer in het hoofd, maar vaak worden de details nog wat bijgesteld.

Het is zoals Alijn zegt en ook Stef aanhaalt, je kan niet alles onthouden en met het doorlopen van het logboek komen er vaak weer belangrijke details naar boven die je over het hoofd had gezien.

Ik gebruik het logboek eveneens om de aanpak op een bepaald water over een langere tijd te evalueren, o.a. wie ving, wat en waarom.

Tenslotte gebruik ik ‘t logboek, net zoals Alijn, om in een later stadium artikelen te schrijven.

Dus wat mij betreft is het zeker aan te raden om een logboek bij te houden, op wat voor wijze dan ook. En tenzij je over een olifantengeheugen beschikt is iets noteren nog altijd beter dan niets bijhouden. Ik denk dan ook dat je de wijze van bijhouden moet kiezen die bij je past, het hoeven echt geen uitgebreide verhalen te zijn, gewoon puntsgewijs de relevante zaken aangeven kan ook en zal je vroeg of laat beslist vooruit helpen.


Pellets

Ook ik heb in de tussentijd wat ervaring opgedaan met pellets, ze zijn erg in trek de laatste tijd en daarom ben ik ook niet verbaasd dat ze worden aangesneden als Rotary-onderwerp.

Pellets zijn enorme vislokkers, dus lokken ze ook brasem, zeelt en overige witvis. Ze zijn ontwikkeld als alternatief voor onze stereotiepe ronde boilievisserij en helaas moet je voor het gebruik van deze alternatieve aassoort een prijs betalen in de vorm van veel en ongewenste aandacht van andere vissoorten dan karper. Maar is dat bij de meeste partikels en andere alternatieven ook al niet zo?

Grote harde boilies zijn en blijven natuurlijk het gemakkelijkst. Als het gaat piepen is het bijna altijd een zich meldende karper, maar boilies zijn wel datgene waar bijna iedereen mee aan de slag gaat. Nu is het zo dat je op de meeste wateren nog heel goed met boilies uit de voeten kan. Op de harder beviste wateren wordt het voordeel van een alternatievere aassoort al snel groter. Als je dan deze alternatievere aassoort ook nog in de juiste situatie weet te gebruiken is het ‘ongemak’ van andere vissoorten te beperken en draagbaar. Tenslotte vang ik liever een stuk of wat brasems en een aantal karpers gedurende de sessie op een alternatieve aassoort dan maar één karper op boilies. Al mag het natuurlijk ook weer de spuigaten niet uitlopen.

Alijn zegt het al in zijn bijdrage: vis pellets op plaatsen waar je er makkelijk mee kan bijvoeren en je aas weer kan droppen. Als je ‘s nachts heel ver moet gaan of precies en accuraat moet gooien dan zijn pellets niet aan te raden.

Wat ook helpt om de last van andere vissoorten te beperken is om pellets bijvoorbeeld alleen in te zetten in situaties waarin je vrij zeker bent dat de karper al aanwezig is op de stek.

Ik heb persoonlijk met twee soorten pellets ervaring en het zal niet vreemd zijn als ik zeg dat deze allebei van Hutchinson zijn. Dat is niet om te zeggen dat andere firma’s geen goede pellets hebben, maar ik kan alleen wat zeggen over hetgeen waarmee ik zelf gevist heb.

De eerste die ik gebruikte waren de Formula Majic Pellets, die gebaseerd zijn op vijf verschillende partikels. Ze zijn behoorlijk klein en vallen vrij snel uiteen. Ik heb deze pellet ervaren als een ongelooflijke vislokker.

De tweede zijn de iets goedkopere Monster Crab pellets. Ze vallen minder snel uit elkaar, maar te snel om er eventueel mee aan de haak te kunnen vissen. Ik heb ze over het algemeen gevist in combinatie met een vismeelboilie. Twee volle handen pellets en twee boilies is de tactiek die ik normaliter toepas om een toch iets aantrekkelijkere maaltijd voor te schotelen. Het menu is anders en gevarieerder dan de gebruikelijke boilieschotel.