|
Dat
vangstresultaten uiteindelijk een belangrijke rol spelen bij het waarderen
van de penvisserij valt niet te ontkennen. De voorbereiding zoals het
zoeken naar een geschikte stek, het juiste aas en het toe te passen
materiaal bezorgen echter net zoveel plezier als het drillen van de
karper. Juist het ‘voorspel’ bepaalt, net als bij vele andere
hengelsporttakken overigens, de mate van succes. En dan ook nog…
het gedrag van de visser.
Karper
is schuw. Vis kan goed zien wat er zich langs de oever afspeelt en een
visser die rechtop staat steekt scherp af tegen de lucht er boven. Ook
de kleur van de kleding, hoe afgezaagd het ook mag klinken, speelt een
rol. Nog even over het gedrag aan het water. Schreeuwen, honden die
in het water plonzen, aanbidsters die schaterlachen en kinderen die
stampen als een kudde olifanten leveren in de verste uithoeken van je
stek karperloos water op.

Materiaal
om je materiaal te kunnen kiezen is het belangrijk om de omstandigheden
eens te bekijken. We gaan even uit van eenvoudig penvissen in niet al
te moeilijk water. Geen zware obstakels, niet de illusie van 40-ponders,
geen idioot grote afstanden en gewoon Hollands polderwater van tussen
de 40 en 150 cm diep. Het eerste waar men dan aan denkt is de hengel.
De minimale lengte van de penhengel is toch een meter of drie. Dat kan
oplopen tot ca. 4.00 meter. Dan is er de keus tussen glas of carbon.
Glas is vrij zwaar en bij lange hengels kan dat een bezwaar vormen.
Voordeel van glas is echter de dempende eigenschap waardoor bij het
aanslaan onder de kant (we vissen immers dichtbij, tegen het riet of
de kant aan) de lijn gespaard wordt. Een stijve hengel zoals bij carbon
veelal het geval is, veert niet echt mee en dan is lijnbreuk een risico.
Daarentegen is carbon veel lichter en kun je dus langer stokstijf blijven
zitten met je hengel in de hand. Bovendien zijn er ook kunstvezel-lijnen
in de handel die zwaarder belast kunnen worden, ook bij het aanslaan.
Deze lijnen zijn ook nog dun vergeleken bij hun nylon broertjes. Dat
heeft de voorkeur bij de aasaanbieding waarover bij een andere gelegenheid
meer. Let echter op dat Dyneema en samenstellingen daarvan wel zwaarder
belast kunnen worden, maar dat de hengel die belasting niet oneindig
kan overnemen. Ook een hengel, en vooral een stijve carbonhengel, is
aan breukrisico onderhevig. Sla dus beheerst aan, ongeacht het type
hengel dat je kiest.

Buiging
Mijn voorkeur gaat uit naar een hengel met een gelijkmatig over de hengel
verdeelde buiging. Vanaf de top tot vrijwel in het handvat wil ik een
fraaie boog zien, waarbij ik elke beweging van de vechtende karper wil
voelen. De zogenaamde ‘parabolische aktie’. Dat is bij zowel
glashengels als bij de beter ontwikkelde carbonhengels mogelijk. De
uiteindelijke keus is en blijft persoonlijk maar laat je in elk geval
goed informeren en schroom niet om eens een paar hengels krom te trekken
in de winkel.
Je kunt ook kiezen voor een hengel die wat moeilijker te buigen is.
Een hengel met een echte topaktie is echter niet direct geschikt voor
het type visserij dat we hier beschrijven. Iets er tussenin kan echter
z’n nut hebben. Dan kijk je tegen een medium getaperde hengel
aan. Ook belangrijk is de indeling van de geleidegen op de blank. Bij
een parabolische actie moet de lijn zo gelijkmatig mogelijk de ronding
van de gekromde hengel volgen. Je begrijpt dat er dan ook zoveel mogelijk
ogen op de hengel moeten zitten. Een afstandshengel van 3.90 meter met
7 ogen is dus minder of geheel niet geschikt voor de penvisserij. Denk
eerder aan 9 tot 12 ogen, afhankelijk van de lengte van de hengel.
Testcurve
Dan nog de testcurve, zeg maar ‘het vermogen’ van de hengel.
Vergeet de hengels in de categorie boven de 2 pond maar gerust. Wij
gingen penvissen in niet al te moeilijk oer-Hollands polderwater, weet
je nog? Dus, volstaat een hengel van 1, 1½, 1¾ of 2 pond.
Hoe meet je dat? Simpel! Het staat op de hengel aangegeven. Meestal
in lbs en heel soms in pond. Over andere zaken als type sluiting, kurk
of foam, type reelhouder en dergelijke wil ik het niet hebben. Als dit
materiaal goed op de hengel is gemonteerd zal je over het algemeen hoogstens
te maken kunnen krijgen met een goede onderhoudsbeurt eens in de ‘zoveel
tijd’.
Molens
De molenkeus is eigenlijk niet moeilijk. Elke molen met een lijncapaciteit
van minimaal 100 meter 0.22 mm nylon is oké. Belangrijker is
de kwaliteit van de slip en ook op dat gebied hebben de in Nederland
gevestigde merken voor elk wat wils. Een goede slip hoort lijn te geven
naar behoefte. Millimeters als dat moet en meters als de vis dat opeist.
Een slip die met horten en stoten lijn geeft hoort in een vitrinekast
tussen het antiek thuis. Lijnbreuk als gevolg van onachtzaamheid leidt
tot de situatie dat een vis met soms meters lijn, een haak, een pen
en wat lood aan z’n bek blijft rondzwemmen. Wanneer hij dat kwijtraakt?
Geen idee, maar voorkomen is beter dan genezen!Terug naar het materiaal.
Wat ik persoonlijk erg fijn vind is het feit dat bij de modernere molens
de vrije terugslag van de antiretour (vrijwel) geheel is verdwenen.
En een antikink lijnrolletje gunt je lijn een wat langere levensduur.
Voor het overige is de keus aan jou.
Nylon
De lijn zelf is erg belangrijk. Bedenk dat deze lijn je enige verbinding
tussen jou en de vis is. Kies dus altijd voor topkwaliteit. Geheel tegen
mijn voornemen in noem ik hier tóch enkele merken zonder de overige
goeden tekort te willen doen. Maxima, Fox Soft Steel, Berkley, Pro Gold,
Tensor… Let er wel op dat je voor je penvisserij een zachte lijn
kiest die zich vooral in het water niet ‘springerig’ gedraagt.
Een aardappeltje dat bij elk hap een sprong maakt komt op karper niet
echt als ‘natuurlijk’ over en dat werkt schuwheid in de
hand.

Tenslotte in dit verband nog even over gevlochten lijnen. Bij het penvissen
gaat mijn voorliefde uit naar gewoon nylon. De rek in deze lijn voorkomt
dat de aanslag als een klap in de hengel wordt voortgeplant. Ook lijnbreuk
is bij een zachtere lijn in combinatie met een stijve hengel minder
waarschijnlijk als je vlak onder de top aanslaat. Gevlochten lijnen
hebben bij mij hooguit de status van onderlijn voor een goede aasaanbieding,
of voorslag als er sprake is van zware omstandigheden met obstakels.
Als hoofdlijn bij het penvissen acht ik ze minder geschikt. Zij hebben
geen rek waardoor er geen buffer is die de klap opvangt bij het aanslaan.
Sla je dan te enthousiast de haak vast dan loop je het risico van hengelbreuk.

Pennen
Mooie slanke pennen met een loodbehoefte van 2 tot hooguit 4 BB hagellood
is wat je zoekt. De antenne moet lang zijn met een rood topje. Maar
een pen met een zwart topje kan onder bepaalde lichtomstandigheden ook
een uitkomst bieden. Zorg dus voor keuze in je pennendoos. Je kunt kiezen
voor de goedkope pennen maar dan kom je er gauw achter dat deze instrumenten
het meestal zwaar te verduren hebben met alle gevolgen van dien. Een
pen waarvan de laklaag het begeeft zuigt vocht op en wordt zwaar waardoor
de indicatie van de aanbeet slechter wordt. Kijk ook of het oogje van
de pen van een beetje stevige kwaliteit is. Als dat afbreekt tijdens
een dril ben je gewoon je pen kwijt.

De
Haak
Er zijn vele soorten en merken haken te koop en het is moeilijk om aan
te geven wat nu de beste keus is. Als je een haak met een niet al te
dikke steel hebt, een goede effectieve weerhaak en een vlijmscherpe
punt ben je al een heel eind. Kijk echter ook naar het oog van de haak.
De aansluiting op de steel dient vrijwel ‘naadloos’ te geschieden.
Ook is het verstandig om te kijken of de draad niet beschadigd is door
de buigmachines van de fabrikant, immers, wat heb je aan een topkwaliteit
lijn als deze door de bramen en randen aan een haak op de knoop breekt?
Kijk ook even of de haak niet uit kan buigen. Let dan toch even op of
de steel niet al te dik gekozen wordt. Hoe lichter de haak (in mijn
beleving althans) hoe fijner het aas gepresenteerd kan worden. Een haakpunt
mag niet verbuigen na elk kontakt met een vis. Er zijn genoeg haken
(helaas ook gerenommeerde merken) die dat euvel vertonen. Dan nog even
de haakmaten. Voor onze penvisserij ligt de keus tussen de maatjes 6
tot en met 2. Een polderkarper heeft een relatief grote bek. Sprookjes
als dat ze een appel kunnen slikken verwijs ik naar het rijk der frusties
maar vergis je er niet in! Aas ter grootte van een ei komt niet zelden
voor. Pas hierop je haak aan. Een maïskorrel aan een haak maat
2 ligt niet in proportie evenmin als een halve aardappel op een haak
maatje 6.

Strategie
-Voer 1 of 2 keer van te voren voordat je gaat vissen
-Voer op herkenbare plekken. Een karper is een echte kantvis.
Simpelweg omdat daar vaak ook het nodige voedsel te vinden is.
Overhangende struiken, waterplanten, bruggen, duikers, eilanden, sluizen
e.d. zijn plekken waar de karpers graag komen. Ook zijn karpers vaak te
vinden op overgangen van ondiep naar diep water.
-Voer ook ver uit elkaar, mijn ervaring is dat als er 1 karper is gevangen
dat het wel een tijdje stil -kan blijven in dat gebied
-Voer compact en niet te veel
-Als je niet zeker weet of de karper dicht onder de kant komt, probeer
dan de karper onder de kant te krijgen door als een streep naar de kant
te voeren. Je kunt bijvoorbeeld 1 boilie of ander aas 10 meter uit de
kant gooien en de volgende 1 meter daarvan, zodat de karper als een
streep naar je plek getrokken wordt.
-Vis niet ver uit de kant, hoe verder uit de kant hoe groter de kans
bestaat dat er misgeslagen wordt.
-Sla niet te snel bij een aanbeet, vaak raakt de vis je lijn met de
staart waardoor de pen onder water schiet, een volgdobbertje is daarvoor
de beste oplossing. Ik gebruik zelf altijd piepschuim balletjes als
volgdobbertje.
-Gooi ook wat drijvend aas in de buurt waar je vist. Drijvende kattebrokken
hebben een grote aantrekkingskracht op karpers. Je kan zo soms heel
de populatie op je stek krijgen als je tenminste wacht met vissen.
-Je kan ook wat aas/drijvend aas neergooien op een plek waar je op je
terugweg weer langskomt. Meestal als je huiswaarts wil keren kom je
nog een karper tegen.

Het leuke aan penvissen dat men op kan stekken kan zitten waar
men met het statische vissen vaak niet kan komen. Bruggen, onder overhangende
bomen, vlak tegen de kant. Het is vaak ook schitterend om te zien hoe
de karper je aas pakt, kolken om je pen, en een visstaart tegen het
water oppervlak en zo kan ik nog wel even doorgaan. Het is zeker de
moeite waard om het een keer te proberen als je altijd statisch vist
en wat anders wilt.

|