(©
W.M. van Poelje 2008
Het woord “chakra” komt uit het Sanskriet en betekent wiel, schijf, werveling of draaikolk. Een chakra is een centrum van energie en bewustzijn in het subtiele lichaam.
Er zijn al verwijzingen naar meditatie op de chakra’s bij Patanjali (vóór 200 A.D.). Gedetailleerde beschrijvingen verschijnen pas later - rond het eerste millennium - in de Yoga-Upanishaden en de literatuur van de hatha yoga (Gorakshashatakam). De meest uitgebreide beschrijving is te vinden in de Shat Chakra Nirupana, een tantristisch geschrift uit de 16e eeuw. Nadat dit in 1919 door Arthur Avalon vertaald werd als The Serpent Power hebben andere Westerlingen zoals de psycholoog Carl Jung en de Amerikaanse Anodea Judith zich intensief met het chakrasysteem bezig gehouden.
|
De
mens kent zeven belangrijke chakra’s gelegen langs de wervelkolom (Fig 1 en
Tabel 2).
Er zijn ook secundaire chakra's zoals de hand- en voetchakra's. Sommige auteurs hebben de chakra’s in verband willen brengen met de zenuwknopen of klieren in het fysieke lichaam. De chakra’s bestaan echter niet in het fysieke lichaam – ons grofstoffelijk lichaam van vlees en bloed. Zij behoren tot het subtielere energielichaam. Ons lichaam heeft volgens de Indische geschriften meer lagen dan alleen het fysieke. De Taittiriya Upanishad spreekt over vijf lagen of omhullingen (kosha’s): het fysieke lichaam, het energielichaam, het gedachtenlichaam, het wijsheidslichaam en het gelukzaligheidslichaam. Het energielichaam - ook wel vitaliteitslichaam of tastgevoellichaam - bestaat uit de energieën die ons materiële lichaam tot leven brengen. Daarbij kan je denken aan ademhaling, beweging en de spijsvertering. Vooral de ademenergie staat in nauw verband met de levensenergie. |
Fig 1: De zeven chakra’s (naar Motoyama, p. 104) |
Het energielichaam kan, anders dan het materiële lichaam, slechts subjectief worden waargenomen. De waarneming ervan is subtieler dan de zintuiglijke indrukken van druk, warmte en koude, of rekking en strekking van de spieren. Je kunt de levensenergie van bijvoorbeeld je handen beleven als tintelingen, warmte, uitstraling of lichtflitsen. Je kunt het gevoel hebben dat je vingers tintelen en dikker worden dan je materiële vingers. Dit gevoel kan zich ook verspreiden over heel je lichaam, waarbij het lichaam soms "leeg" wordt en het zich uitbreidt in de ruimte.
Je
kunt de chakra’s zelf waarnemen door de handchakra’s
te openen. Strek de beiden armen voor je uit met de handpalmen naar boven. Draai
nu de rechterhandpalm naar de vloer. Maak
nu ca. twintig keer snel een vuist met beide handen. Draai nu de rechterhandpalm naar boven en de linker naar beneden. Herhaal het vuisten maken.
Open
je handen op een halve meter van elkaar en breng ze langzaam naar elkaar toe. Stop als ze ongeveer 10 cm uit elkaar liggen.
Misschien kan je nu een “bal” van energie tussen je handen waarnemen.
In het energielichaam kunnen stromen van levensenergie (prana) waargenomen worden. Deze subtiele energiebanen worden nadi's genoemd. De belangrijkste nadi's lopen langs de wervelkolom (sushumna in het midden, ida aan de linkerkant en pingala aan de rechterkant). Chakra's zijn knooppunten op de middelste energiebaan. Het zijn centra van energie en bewustzijn. Men zegt dat de chakra’s de levensenergie opnemen, transformeren en beschikbaar stellen {2}. Als ze (helder) worden waargenomen manifesteren ze zich als draaiende wielen van kleur en licht.
De chakra's worden dikwijls in verband gebracht met lotusbloemen, kleuren, elementen, dieren, mantra's, goden, edelstenen, enzovoort. Die verbanden kunnen helpen om het centrale thema of levensgebied van ieder chakra te verduidelijken. En ze vergemakkelijken de meditatie op de chakra's. Het eerste chakra kan als voorbeeld dienen: het bestaat uit een vierkant (symbool van de aarde), omgeven door een vierbladige lotus. In het vierkant bevindt zich een olifant (symbool van kracht), een neerwaarste driehoek (symbool van het vrouwelijke Shakti) en een lingam (symbool van het mannelijke Shiva) omwonden door kundalini (symbool van energie).
De
zeven chakra’s samen vormen een boeiend psychologisch en spiritueel systeem
dat heel de mens omvat. Ze beelden
ook een ontwikkelingspad voor de mens uit.
Volgens de yogische gedachtegang wordt de mens bevrijd door de chakra’s
van onder naar boven langs de ruggengraat te “openen” – van het aardse
naar het kosmische. Er zijn yogastromingen
die zich hier expliciet mee bezighouden, zoals de oorspronkelijke hatha yoga,
kundalini yoga en de tantra. Zij stellen dat er een reservoir van energie
- kundalini - bestaat onder aan de ruggengraat, bij het eerste chakra.
Deze energie kan door oefening gewekt worden en via de ruggengraat (sushumna)
naar de kruin worden geleid. Dit is een zeer ingrijpende ervaring die gepaard
gaat met grote veranderingen in het bewustzijn. Mensen die dit ervaren
hebben spreken vaak over een op hol geslagen goederentrein. Dit geeft iets
van de kracht en de onbeheersbaarheid van kundalini weer. Onderweg naar
boven worden de
chakra's doorboord. De opwaartse
beweging van het aardse naar het zuivere bewustzijn is een stroom van bevrijding. Anodea Judith wijst erop dat de neerwaartse stroom van
manifestatie van even groot belang is.
Het
“openen” van een chakra betekent ook dat het corresponderende levensgebied in
balans wordt gebracht. Een chakra kan gesloten of open zijn, deficiënt of
excessief. Voorbeeld bij het vijfde
chakra: iemand praat veel te veel zonder te luisteren (te open) of is juist heel
verlegen en zegt bijna niets (gesloten).
Evenwicht ontstaat door bewustwording van het vijfde chakra (thema
expressie)en de onderliggende patronen
uit de persoonlijke geschiedenis. Daarna volgen gerichte oefeningen -
zoals een dag zwijgen voor de spraakzame persoon of mantra's zingen voor de
verlegen persoon. Het chakra komt zo meer in
evenwicht.
Het chakrasysteem kan model staan voor de belangrijkste levensthema's van de mens: “er zijn” (1e chakra), voelen (2e ), handelen (3e ), beminnen (4e ), spreken (5e ), zien (6e) en weten (7e).
|
Er zijn hier duidelijke parallellen met de piramide van Maslow. Deze humanistische psycholoog beschreef een hiërarchie van menselijke
behoeften. De lagere behoeften
moeten vervuld zijn voordat de hogere behoeften aan bod komen. Maslows behoeften
zijn: lichamelijke behoeften –
warmte, eten, drinken (1e),
veiligheid (2e), sociaal contact – het gevoel erbij te horen
(4e), gevoel van eigenwaarde (3e) en zelfontplooiing (5e
– 7e). |
Fig
2: De hiërarchie van menselijke
behoeften volgens Maslow |
De
zeven chakra’s kunnen ook in verband gebracht worden met de ontwikkelingspsychologie
– de ontwikkeling van een zuigeling tot een volwassene. Zo is een baby allereerst bezig met overleven (1e
chakra), wordt vanaf 6 maanden bewust van gevoelens en anderen (2e
chakra), ontwikkelt vanaf 1,5 jaar autonomie en een eigen wil (3e
chakra). Vanaf drie
jaar gaat het kind relaties en vriendschappen aan binnen het gezin en de grotere
wereld (4e chakra).
Vanaf 6 jaar begint het kind
zijn begrip van de wereld via communicatie te toetsen (5e chakra). Daarna
vormt het kind zich een steeds duidelijker innerlijk beeld van de wereld (6e
chakra).
We gaan nu de chakra’s één voor één bespreken. In deze bespreking wordt steeds de plaats genoemd waar de energie van het chakra het eerst voelbaar wordt. Dat is meestal aan de voorkant van het lichaam. Zo ligt het hartchakra langs de wervelkolom bij de zevende borstwervel, dus tussen de schouderbladen. Daar is het chakra voelbaar als een “energiepunt”. Het is ook voelbaar als een bredere uitstraling in het hartgebied aan de voorkant van het lichaam. Je zou kunnen zeggen dat ieder chakra een wortel heeft langs de wervelkolom en tot bloei komt aan de voorkant van het lichaam.
Het
eerste chakra is het wortelchakra. In het fysieke lichaam ligt het bij
het perineum. Het heeft te maken met de benen en voeten, de dikke darm en de
endeldarm en het bottenstelsel. Het
centrale thema van het wortelchakra is overleven, aarden, stabiliteit en
materiële zekerheid. Het element
is aarde.
Het
tweede chakra is het sacraal chakra of het seksuele centrum. Dit chakra ligt in de onderbuik, ter hoogte van het heiligbeen.
Het is verbonden met de genitaliën, de onderrug en het bekken. Het
regeert over emoties en seksualiteit en heeft water als element.
Het
derde chakra is het navelchakra. Het
ligt bij de navel en is verbonden met het spierstelsel en het
spijsverteringsstelsel. Het thema
is wilskracht en energie. Het heeft te maken met het “ik”, het ego.
Heel toepasselijk is het element vuur.
Het
hartchakra is het vierde chakra. Het ligt ter hoogte van het hart in het
midden van de borst. Het heeft te maken met de longen, het hart, de armen en
handen. Dit chakra vormt de
overgang tussen de drie onderste (aardse) chakra’s en de drie bovenste
(ijlere) chakra’s. Het thema is liefde
en het element lucht.
Het
vijfde chakra is het keelchakra en ligt in de buurt van het
strottenhoofd. Dit chakra heeft te maken met de keel, kaak, nek en schouders.
Dit chakra heeft betrekking op communicatie en expressie.
Het element is ruimte.
Het
zesde chaka, voorhoofdschakra, derde oog, ligt tussen de wenkbrauwen. Het heeft te maken met de ogen en het gezicht. Dit voorhoofdchakra gaat
over waarnemen en (intuďtief) weten. Het zesde chakra is boven de elementen verheven.
Het kruinchakra is het zevende chakra. Het ligt op het schedeldak. Het is verbonden met de hersenschors. Het centrale thema is spiritualiteit, kosmische vereniging, zelfverwerkelijking, eenheidservaring. Ook het kruinchakra is boven de elementen verheven.
Ten slotte nog een woord over het verband tussen de hatha yoga asana’s en de chakra’s. Voor ieder chakra (lichaamsgebied) zijn er geschikte oefeningen {2,6}, bijvoorbeeld:
|
1e |
hurkzit, vooroverbuigingen zoals tang, tadasana (stahouding) |
|
2e |
vlinderen, cobra, sprinkhaan, heupcirkels, kameel, kat, heupopeners |
|
3e |
krijger, driehoek, boot, pomp, boog, zonnegroet |
|
4e |
koe, borstopeners, garudasana, arm cirkels, hand chakra’s voelen |
|
5e |
kaars, ploeg, vis, nekrol |
|
6e |
warme handpalmen over de ogen leggen, zijwaartse buigingen en torsies waarbij links-rechts verschillen gevoeld en in evenwicht gebracht worden |
|
7e |
hoofdstand, lotus, meditatie. |
Tabel 1: asana's en chakra's
Klaas-Jan van Velzen meent echter dat de stijl waarin je de asana’s uitvoert belangrijker is dan het betrokken lichaamsdeel. Door de wijze van uitvoeren van de yogahoudingen aan te sluiten bij het karakter van de energie van een chakra wordt deze specifieke energie geactiveerd. Bij het eerste en derde chakra gaat het om kracht, dynamiek en de mannelijke zonenergie. Bij het tweede en vierde chakra gaat het om souplesse, vloeiende bewegingen en de vrouwelijke maanenergie. Aandacht vormt de kern van de hogere chakra’s.
Verdere
informatie is te vinden in de boeken van Anodea Judith, waarvan vooral het
oefenboek "Reis door de Chakra's" warm wordt aanbevolen.
Literatuur:
Anodea Judith, “Chakra Werkboek”, Haarlem,1989.
|
Nr |
Sanskriet |
Nederlands |
Plaats |
Element |
Kleur |
Zintuig |
Levensgebied |
Recht |
|
1 |
Muladhara |
Wortel |
Perineum |
Aarde |
Rood |
Reuk |
Overleven |
Om
te hebben
|
|
2 |
Svadhisthana |
Beminnelijkheid
|
Genitaliën |
Water |
Oranje |
Smaak |
Seksualiteit,
emoties, onderbewuste |
Om
te voelen |
|
3 |
Manipura |
Flonkerend
juweel |
Navel |
Vuur |
Geel |
Zicht |
Wilskracht, levensenergie, doelgerichtheid, ego |
Om
te handelen |
|
4 |
Anahata |
Ongeslagen
geluid |
Hart |
Lucht |
Groen |
Tast |
Liefde,
mededogen |
Om
te beminnen
|
|
5 |
Vishuddha |
Zuivering |
Keel |
Ruimte |
Helder blauw |
Gehoor |
Communicatie,
expressie |
Om
te spreken
|
|
6 |
Ajna |
Waarnemen |
Tussen de wenkbrauwen
|
|
Indigo |
|
Weten,
intuďtie |
Om
te zien |
|
7 |
Sahasrara |
Duizendvoudig |
Kruin |
|
Violet |
|
Zelfverwerkelijking |
Om
te weten |
Tabel
2: De chakra’s (naar Anodea
Judith,
2002, p. 18)