Willem Walgien (1899 - 1980)
Vader in 1943 voor dwangarbeid naar stadje in Midden-Duitsland gestuurd; dook onder tijdens verlof. Eens per week voorzichtig naar huis voor verschoning, maar op 2 december 1944 in de armen van de Duitsers gelopen. Bij treinbeschieting ernstig aan arm gewond; moest ringvinger missen. Na operatie verpleegd op onbekende plaats en naar huis; bij thuiskomst zaten wonden vol luizen. Van drie broers zat er één in concentratiekamp en wisten er twee aan razzia te ontkomen door onder te duiken. Brief van zoon, de heer H. Walgien
23. Huiszoeking te riskant voor joodse onderduikers
Gerrit Jan Meboer (1909 - 1985), Gerrit Jan Meboer, (1927 – 1995) en Nuy Meboer (1925)
Vader en twee zoons waren niet van plan om op 2 december 1944 mee te gaan, maar werden verrast. Huiszoeking moest worden voorkomen, want dan zouden joodse onderduikers worden ontdekt. Zaten in trein die bij Bocholt werd beschoten. Vader zwaar en een zoon lichter gewond; alle drie niet verder naar Rees. Wel langdurige medische nasleep. Onderduikers hebben het gered. Interview met ex-dwangarbeider Nuy Meboer (Apeldoorn)
24. Opa dankte Lieve Heer voor thuiskomst schoonzoon
Renger van Roozelaar (1902 – 1984)
Vader opgepakt bij razzia van 2 december; moeder en kinderen gingen naar opa en oma. Na enkele dagen een briefkaart uit Bocholt: ‘alles nog goed’. Op Sinterklaasavond kwam vader weer thuis. Had in Werth de treinbeschieting meegemaakt, was gevlucht en lopend naar huis gekomen. Moest tot de bevrijding nog wel onderduiken. Interview met dochter, mevrouw N. van den Heuvel-Van Roozelaar.
25. Ik zie nog gezicht van soldaat die de deur intrapte
Gerrit Johan Broekhuis (1901)
Vader meegenomen door soldaat die voordeur intrapte. Heeft weinig over razzia en deportatie willen vertellen. Bleef in Elten, omdat-ie 43 jaar was. Lopend naar huis. E-mail ontvangen van zoon, P. Broekhuis.
26. Ontsnapt, gepakt, maar niet naar Rees
Jan de Zwaan (1898 – 1957)
Probeerde razzia te ontwijken, maar liep uiteindelijk toch in de fuik. Naar Marktplein en per trein naar Duitsland. Bij Bocholt beschoten. Later die dag in kapotte trein naar Elten. Wist daar aan bewaking te ontsnappen. Werd enkele kilometers verder toch opgepakt, maar naar andere kant van Rijn gebracht en daar tewerkgesteld bij boeren. Na zes tot acht weken ontsnapt en naar huis gelopen. Interview met zoon, de heer De Zwaan (Apeldoorn)
27. In vrouwenkleren over de IJsselbrug
Gerrit van de Brink (1896)
Beschoten in de trein, zwaar gewonde in de coupé, graafwerk in Elten. Dochter leert in ’s-Heerenberg 17-jarige jongeman kennen die vader helpt ontsnappen. Interview met dochter, mevrouw J.E. Koldenhof-van de Brink (Apeldoorn)
28. Het hoofd lag twee banken verder
Jan Evert Grefhorst (1920 - 2003)
Jan Grefhorst werd eerst, in 1942, opgeroepen voor de Arbeitseinsatz bij Leipzig en wist daar te ontsnappen, en later opgepakt tijdens de razzia van 2 december 1944. Droeg na de beschieting doden en gewonden uit de trein, werd in Rees tewerkgesteld, beschrijft enkele gruwelijke ervaringen. Met hulp van Gruppenführer op de vlucht geslagen, geholpen door ondergrondse. Thuis moesten meteen drie diepe beenwonden worden behandeld, die hij dankte aan de luizen. Interview met echtgenote, mevrouw Dirkje Everdina Grefhorst-Hamer, bijgestaan door dochter Diana Grefhorst (Apeldoorn)
29. In het pannetje zaten kogelgaten
Chris Mesman (1927)
Broer werd op 2 december 1944 uit huis gehaald. Raakte licht gewond bij treinbeschieting, maar pannetje op z’n rug was doorzeefd. Naar Rees weggevoerd, waar hij nooit over heeft kunnen vertellen. Gevlucht en later geëmigreerd naar Nieuw Zeeland. Interview met zuster, mevrouw W. Rietman-Mesman (Epe)
30. Bevroren benen werden fataal
Bidprentje voor Kees Kempel >
Kees Kempel (1928 – 1945)
Tijdens deportatie raakte Kees Kempel aan been gewond in Zevenaar. Moest toch lopend door naar Rees. Liep bloedvergiftiging op, ziekenboeg. Evert Gerritsen, assistent van de heer Hollaender, haalde de doodzieke dwangarbeider op uit kamp Rees. Kempel had zulke bevroren benen dat ze eigenlijk ‘verrot’ waren. Hij is korte tijd later overleden. Brieven van broer, Jan Kempel (Naarden) en bekende, mevrouw Koller-Ter Bals (Apeldoorn) en interview met zoon van eigenaar taxibedrijf, E. Gerritsen (Apeldoorn)
31. Ze zeiden: de kachel brandt en de snert staat klaar…
A. Gerritse (1928)
Was nog maar pas zestien jaar toen de razzia kwam. Zat in trein die werd beschoten. Beschrijving van kamp Rees. Werkte ook in Megchelen. Samen met buurjongen gevlucht. Moeilijk om over IJssel te komen; door truc ondergrondse gelukt. Kwam meer dood dan levend thuis, maar werd door zus en zwager opgelapt. Brief van ex-dwangarbeider A. Gerritse (Apeldoorn)
32. Anderen hadden het veel slechter
Albert Jan Velthoen (1920)
Vader na razzia eerst naar Zevenaar en na een week door naar Rees. Heeft er weinig meegemaakt, doordat hij na vijf of zes dagen met een groep, waarin ook broer en twee buurjongens, wist te ontsnappen. Kwam veilig thuis. Broer was achtergebleven vanwege de inspanningen, maar arriveerde paar uur later. Brief van dochter, mevrouw G. van der Meulen-Velthoen
33. ‘Waarom werden worst en brood niet verdeeld?’
< Kamp Rees was een voormalige dakpannenfabriek.
Herbert en Heinz Postulart (Rees)
Woonden als kind op het terrein van kamp Rees; waren getuige van veel ellende. . Dakpannenfabriek werd gevorderd door Duitse leger. Kamp raakte al snel overbevolkt. Honger dwangarbeiders was niet nodig geweest; honderden broden en worsten in voorraad werden beschimmeld weggegooid! Constateren dat ‘vrijwillige’ brandweerlieden bevoorrechte positie hadden: warmte, voldoende eten en geen zwaar graafwerk. Moesten nooduitgang loods in opdracht leiding afsluiten met prikkeldraad; daardoor zaten bewoners bij brand als ratten in de val. Interview met broers Herbert en Heinz Postulart.
34. Röhrig kwam wel eens koffie drinken
Johanna Vink en Hannie Franken (Rees)
Hanni Franken, die in de oorlog woonde tegenover het Kamp Rees, is intussen verhuisd. Maar ze kan zich de situatie nog levendig herinneren. Net als Johanna Vink, wier ouderlijk huis stond op het terrein van de oude dakpannenfabriek. ‘Ik heb mannen als keurige heren het kamp binnen zien komen en na een week of zes zagen ze er uit als schooiers’. Interview met Johanna Vink en Hannie Franken, ‘buren’ van Kamp Rees
35. Duitser steunpilaar voor gezinnen dwangarbeiders
Eugen Hollaender (1906 – 1983)
De directeur van de messenfabriek AMEFA was Duitser, deed ook zaken met de Wehrmacht en kreeg daardoor toegang tot kamp Rees. Hij verzorgde een koeriersdienst voor pakketten met eten, kleding en brieven en zo onderhielden dwangarbeiders ook een beetje contact met hun familie. Na de oorlog werd hij als Duitser gewantrouwd en samen met NSB’ers opgesloten. Dat was een lijdensweg, maar uiteindelijk werd hij gerehabiliteerd en verkreeg hij het Nederlanderschap. Interview met echtgenote, mevrouw Hermine Francisca Josephine Hollaender-Gelder (Apeldoorn)
36. Op zondag werken was Pa een gruwel
Dirk van Mourik (1911 – 1996)
Pa was oud-gereformeerd en voelde vanuit zijn geloof een intens Godsvertrouwen. Zus waar hij ondergedoken zat mocht daarom niet ontkennen dat er mannen in huis waren. Werd weggevoerd naar ‘de hel van Rees’ en dankt overleven voor groot deel aan ervaring als boerenknecht. Op zondag werken was hem een gruwel, maar hij moest, en weigerde daarvoor geld te ontvangen. Door de leiding om uitleg gevraagd zag hij oorlog als straf van God voor het verzaken van Zijn geboden en waarschuwde dat het vervolgen van Gods volk (de joden) het ergste was wat kon gebeuren. Veroorzaakte woede; was leven niet meer zeker. Gevlucht en lopend van Rees naar Apeldoorn. Brief van dochter, D de Witte-Van Mourik (Apeldoorn)
37. Kerstdienst met dreigende vliegtuigen in de lucht
Piet Slijkhuis (1921 - 2002)
Peter Slijkhuis (roepnaam Piet) zette in februari 1993 zijn herinneringen op papier van de gevolgen van de Apeldoornse razzia van 2 december 1944. Ook hij zat in de trein die bij Werth werd beschoten, zag daar mensen sterven en raakte zijn deken kwijt, waardoor hij veel kou heeft geleden. Hij ploeterde in de klei en onderging vernederingen en een knuppelpartij. In de chaos na een bombardement werd hij in februari 1945 door de ondergrondse van Megchelen over de grens geholpen en hij keerde lopend terug in Apeldoorn. Zijn verhaal is een gedetailleerd chronologisch overzicht van zijn ervaringen. Eigen verhaal van Peter Slijkhuis, opgetekend in februari 1993
38. Plaatsvervangend trots op moedige vader
Johann Bernhardus Bruin (1909 in Münster, Duitsland)
Vader sprak goed Duits, maar weigerde ‘promotie’. Kwam met succes op voor jongen die met geweer werd geslagen. Ontsnapte in een groep uit Rees en kwam veilig thuis. Brief van zoon W.J. Bruin (Alphen aan den Rijn)
39. Hij wilde die Duitser de kop inslaan
Egbert Barend Masselink (1917) en Henk Masselink (1922)
Broers afgevoerd naar Rees. Trein onderweg beschoten door Engelse vliegtuigen. Over wat er in Rees gebeurde hebben ze nooit willen praten. Wel heeft oom Henk mijn vader het leven gered door hem de schop af te pakken waarmee hij, kwaad, een Duitser wilde slaan. Ontsnapt en na hulp van pastoor naar huis. E-mail van de heer J. Masselink, zoon van Egbert.
40. Het was in Empel warmer; ook luizen vonden dat fijn
Franciscus Everhardus Maria Wientjes (1926)
Verstopte zich tijdens razzia op de boerderij, maar toen Duitsers ouders dreigden af te voeren tevoorschijn gekomen. Eén broer ontsnapte al in Zevenaar en één mocht door astma achterblijven. Met broer Willem naar Rees. Was er twee weken pompbeheerder; nat en zwaar. Overgeplaatst naar Empel, waar het warmer was, maar ook de luizen vonden dat fijn. Mocht met broer op 28 februari kamp verlaten. In Megchelen opgevangen, maar wachten op ontluizing duurde te lang en weer vertrokken. Veilig Apeldoorn bereikt. Later nog getuige bij rechtzaak tegen beulen van Rees, die van niets wisten. Interview met ex-dwangarbeider F.E.M. Wientjes
41. Per keer kon ik maar twee lijken afvoeren
Cornelis Geijteman (1921)
Was eerder al dwangarbeider bij Dortmund, kreeg verlof voor huwelijk en dook onder. Bij razzia van 2 december 1944 op zolderkamertje gepakt. Samen met zwager op transport. Die wist te ontsnappen; hijzelf maakte in Rees verschrikkelijke taferelen mee en moest onder meer lijken afvoeren. Wist in februari te ontsnappen. Opmerkelijk is verslag van zijn vrouw, van een fietstocht die zij maakte naar kamp Rees. Interview met ex-dwangarbeider C. Geijteman (Apeldoorn)
42. Het waren Nederlanders die voor Duitsers werkten
Gerrit van Norel (20 januari 1916 – 6 januari 1945, Rees)
Broer van echtgenoot werd op 2 december 1944 weggevoerd. Eerst kwam het bericht dat hij in Rees zat; korte tijd later bleek hij te zijn overleden. Omstandigheden zijn nauwelijks bekend. De dag voor de razzia werd nog een onderduiker verborgen op de mestvaalt. Interview met echtgenote van broer, mevrouw B. van Norel-Van Tongeren.