In de periode van 600-300 v.C. was
Attika een onafhankelijke staat met de stad Athene als politiek centrum. Vanaf ongeveer 500 v.C. kon men hier in de
volksvergadering op democratische wijze meebeslissen over het wel en wee van
de polis. In principe kon iedere
inwoner van Attika, die het Atheense burgerrecht bezat, zijn invloed op de
Atheense politiek laten gelden. Maar in
werkelijkheid zullen alleen de mensen uit de directe omgeving zich hiermee
actief hebben beziggehouden. De slaven
kwamen al helemaal niet in aanmerking.
Men kwam bijeen op de agora (marktplaats) Daar werd gestemd.
Het woord “democratie”komt van het
Grieks. “Demos = volk” en “cratie =
beslist”. Democratie is dus een bestuursvorm waarbij (de
meerheid) van het volk beslist.

De inwoners van de ver afgelegen
steden en dorpen voelden zich niet zo sterk betrokken bij het leven in de grote
stad en hielden zich liever met plaatselijke aangelegenheden bezig. Misschien lokten de grote feesten hen af en
toe naar Athene, maar de meeste dorpen hadden hun eigen feesten, markten en
jaarmarkten, waartoe de plaatselijke bevolking zich meer aangetrokken voelde.