Publicaties gedurende zijn leven:
De Hobbit of Daarheen en weer terug vertaling van The Hobbit (1937)
Blad van Klein vertaling van Leaf by Niggle (1945)
Boer Gilles van Ham vertaling van Farmer Giles of Ham (1949)
De Reisgenoten vertaling van The Fellowship of the Ring (1954)
De Twee Torens vertaling van The Two Towers (1954)
De Terugkeer van de Koning vertaling van The Return of the King (1955)
In de ban van de Ring vertaling van Lord of the Rings (1956/57)
De avonturen van Tom Bombadil, en andere verzen uit het rode boek vertaling van The adventures of Tom Bombadil (1962)
Boom en Blad vertaling van Trea and Leaf (1967)
De smid van Groot Wolding vertaling van Smith of Wootton Major (1967)

Postume publicaties:
Brieven van de Kerstman vertaling van The Father Christmas Letters (1976)
De Silmarillion vertaling van The Silmarillion (1977)
Nagelaten Vertellingen vertaling van Unfinished Tales (1980)
Aanhangsels vertaling van Appendix (1980)
Brieven vertaling van The Letters of J.R.R. Tolkien, Christopher Tolkien en Humphrey Carpenter (1981)
Meneer Blijleven vertaling van Mr. Bliss (1982)
Geschriften van Midden-aarde
Bilbo's Laatse Lied vertaling van Bilbo's Last Song (1992)
Sprookjes en vertellingen vertaling van Tales from the Perilous Realm (1997)
Roverandom (1998)



De Hobbit
Dit is het eerste boek dat Tolkien heeft geschreven dat zich verhaalt in het rijk van Midden-aarde. Deze voorloper van de bestseller 'In de ban van de Ring' gaat over de tocht die de jonge hobbit Bilbo Balings maakt samen met een groep Dwergen en de tovenaar Gandalf naar de eenzame berg. Hun queeste bestaat uit het verdrijven van de draak Smaug die alle schatten van de Dwergen heeft gestolen. Dit zal niet eenvoudig zijn en de tocht zal vele gevaren en avonturen met zich meebrengen. Dit wereldberoemde (kinder-)boek is spannend en origineel en geeft een perfecte inleiding tot het schitterende rijk van Midden-aarde waar later nog vele duizenden bladzijdes door Tolkien over werden geschreven.



In de ban van de Ring
Met de trilogie In de ban van de ring schiep J.R.R. Tolkien een wonderlijke verbeeldingswereld: Het Land van Midden-Aarde, bevolkt met uiteenlopende wezens, kwade en goede machten, tovenaars en elfen. De Ring beslist over heil en verderf. Als die Ring in handen komt van de oude hobbit Bilbo, ontwaken de Boze Wezens en ontstaat de strijd die gaat om het behoud of de ondergang van de wereld. Een ramp kan slechts voorkomen worden, zo weet de tovenaar Gandalf, als de Ring wordt vernietigd in het vuur waarin hij ook is gesmeed, midden in het Land van de Boze Wezens. Daartoe gaat men op reis.

In het eerste deel komen de reisgenoten tot aan de grens van het Rijk der Boze Machten. De kleine hobbit Frodo Balings neemt het op zich het land binnen te trekken. Het tweede deel verhaalt van de daden en gevaren van alle leden van het thans uiteen gevallen reisgenootschap, tot aan de komst van de Grote Duisternis. Het derde deel verhaalt van het laatste verweer tegen de Schaduw en het einde van de zending van de Drager van de Ring.



Boek 1: De reisgenoten
In het eerste deel van 'In de Ban van de Ring', de reisgenoten, wordt verhaald hoe Gandalf de Grijze ontdekt dat de Ring die in het bezit is van Frodo de Hobbit feitelijk de Ene Ring is, de heerser over alle Ringen van Macht. Het beschrijft de vlucht van Frodo en zijn metgezellen uit de vredige Gouw waar zij wonen, achtervolgd door de verschrikking van de Zwarte Ruiters van Mordor, totdat zij tenslotte met behulp van Aragorn, de Doler uit Eradior, na verschrikkelijke gevaren het Huis van Elrond in Rivendel bereiken. Daar wordt de grote Raadsvergadering van Elrond gehouden, waarin besloten wordt te trachten de Ring te vernietigen en Frodo wordt door de Raad aangewezen als de drager van de Ring. Vervolgens worden de Reisgenoten van de Ring gekozen, die hem moeten bijstaan op zijn queeste: om zo mogelijk de Vuurberg in Mordor, het land van de Vijand zelf, te bereiken; de enige plaats waar de Ring kon worden vernietigd.

De leden van dit Reisgenootschap zijn Aragorn en Boromir, de zoon van de Heer van Gondor, die de mensen vertegenwoordigen; Legolas, de zoon van de Elvenkoning van het Demsterwold, namens de Elven; Gimli, de zoon van Gloin van de Eenzame Berg, namens de Dwergen; Frodo met zijn dienaar Sam Gewissies, en zijn twee neven Merijn en Pepijn, voor de Hobbits; en Gandalf de Grijze.

De Reisgenoten reizen in het geheim ver van Rivendel in het Noorden tot zij, nadat hun poging om de hoge pas van de Caradhras in de winter over te steken is verijdeld, door Gandalf door de verborgen poort worden geleid en in de uitgestrekte Mijnen van Moria komen, waar zij onder de bergen door trekken. Daar valt Gandalf in een gevecht met een verschrikkelijke geest van de onderwereld in een donkere afgrond. Maar Aragorn, die nu de geheime erfgenaam van de vroegere Koningen van het Westen blijkt te zijn, leidt het Gezelschap verder van de Oosterpoort van Moria, door het Elvenland Lůrien, en de Grote Rivier de Anduin af, tot zij aan de Watervallen van Rauros komen. Zij hebben reeds bemerkt dat hun reis door spionnen wordt gadegeslagen en dat het schepsel Gollum, die eens de Ring heeft bezeten en er nog altijd naar verlangt, hun spoor volgt. Nu moeten zij beslissen of zij naar het oosten, naar Mordor, zullen afslaan, of met Boromir verder mee zullen gaan om Minas Tirith te hulp te komen, de hoofdstad van Gondor, in de ophanden zijnde oorlog; of zich moeten verspreiden.

Als het duidelijk wordt dat de Drager van de Ring vastbesloten is zijn hopeloze reis naar het land van de vijand te vervolgen, probeert Boromir zich met geweld van de Ring meester te maken. Het eerste deel besluit met de val van Boromir voor de aantrekkingskracht van de Ring; met de ontsnapping en verdwijning van Frodo en zijn dienaar Sam; en het uiteenvallen van de rest van het Reisgezelschap door een plotselinge aanval van Orksoldaten, van wie sommige in dienst zijn van de Zwarte Vorst van Mordor en sommigen van de verrader Saruman van Isengard. De queeste van de Drager van de Ring schijnt al door rampspoed te zijn achterhaald.



Boek 2: De Twee Torens
Deel twee van 'In de Ban van Ring', de Twee Torens, verhaald van de daden van de leden van het Reisgenootschap nadat deze uiteen is gevallen. Het begint met het berouw en de dood van Boromir en zijn begrafenis in een boot die aan de watervallen van de Rauros werd prijs-gegeven; hoe Merijn en Peppijn werden gevangengenomen door Orksoldaten, die hen over de oostelijke vlakten van Rohan naar Isengard voerden; en van de achtervolging door Aragorn, Legolas en Gimli. Toen verschenen de Ruiters van Rohan op het toneel. Een troep ruiters, aangevoerd door …omer, de Maarschalk, omsingelde de Orks bij de rand van het Woud Fangorn en vernietigde hen, maar de Hobbits ontkwamen in het bos en ontmoetten daar Boombaard, de Ent, de geheime meester van Fangorn. Tezamen met hem waren ze getuige van de woede van het Boomvolk en hun opmars naar Isengard.

Ondertussen ontmoeten Aragorn en zijn metgezellen …omer terwijl hij van de slag terugkeert. Hij stelde paarden tot hun beschikking en zij reden verder naar het bos. Daar, terwijl zij vergeefs naar de Hobbits zochten, ontmoetten zij Gandalf weer, uit de dood opgestaan, nu de Witte Ruiter, maar niettemin nog in het grijs gehuld. Samen met hem reden zij door Rohan naar de burcht van koning Thťoden van de Mark, waar Gandalf de bejaarde koning genas en hem uit de ban van Slangtong, zijn boze raadgever en geheime bondgenoot van Saruman, ontsloeg.

Daarna reden zij samen met de koning en diens leger uit tegen de strijdmacht van Isengard en hadden een aandeel in de wanhopige overwinning van de Hoornburg. Gandalf leidde hen daarna naar Isengard en daar troffen zij het grote fort als een ruÔne aan, verwoest door het Boomvolk, en Saruman en Slangtong werden belegerd in de onneembare toren Orthanc. Tijdens het gesprek voor de deur weigerde Saruman berouw te tonen en Gandalf zette hem af, brak zijn staf en liet hem aan de waakzaamheid van de Enten over. Vanuit een hoog raam wierp Slangtong een steen naar Gandalf, maar deze miste hem en werd opgeraapt door Peppijn. Dit bleek een van de drie overgebleven palantiri te zijn, de Kijkstenen van Numenor. Later die nacht gaf Peppijn zich over aan de verlokking van de steen; hij stal hem en keek erin, en werd zodoende aan Sauron geopenbaard.

Het eerste gedeelte van dit boek eindigde met de komst van een Nazgul over de vlakten van Rohan, een Ringgeest op een vliegend ros, een voorbode van de ophanden zijnde oorlog. Gandalf stelde de palantir aan Aragorn ter hand en nam Peppijn met zich mee op weg naar Minas Tirith.

Het tweede deel van de Twee Torens handelt over Frodo en Sam Gewissies, nu verdwaald in de sombere heuvels van de Emyn Muil. Het verteld hoe zij uit de heuvels ontsnapten en door Smeagol/Gollum werden ingehaald; hoe Frodo Gollum temde en zijn boosaardigheid bijna overwon, zodat Gollum hen door de Dode Moerassen en de verwoeste landen naar de Morannon leidde, de Zwarte Poort van het land Mordor in het Noorden. Het bleek onmogelijk daar binnen te gaan en Frodo volgde Gollums raad op om een 'geheime ingang' te zoeken die hij kende, in het zuiden van de Schaduwbergen, de westelijke muur van Mordor.

Terwijl zij daarheen reisden werden zij gevangengenomen door een troep verkenners van de mensen van Gondor, aangevoerd door Faramir, de broer van Boromir. Faramir ontdekte de aard van de queste, maar weerstond de verleiding waaraan Boromir had toegegeven en zond hen verder op de laatste etappe van hun reis naar Cirith Ungol, de Spinnepas; hoewel hij hen waarschuwde dat daar een dodelijk gevaar dreigde waarvan Gollum hij hen niet alles verteld had wat hij wist.

Toen zij de Kruiswegen bereikten en het pad naar de spookachtige stad Minas Morgul insloegen, kwam er een grote duisternis uit Mordor, die alle landen verhulde. Toen stuurde Sauron zijn eerste leger erop uit, aangevoerd door de Zwarte Koning van de ringgeesten; de oorlog om de Ring was begonnen. Gollum leidde de Hobbits naar een geheime weg die om Minas Morgul heen liep en in de duisternis bereikte zij tenslotte Cirith Ungol. Daar verviel Gollum weer tot het kwaad en probeerde hen aan de monsterlijke bewaakster van de pas, Shelob, te verraden. Hij slaagde hier niet in dankzij het heldhaftige optreden van Sam Gewissies, die de aanval afsloeg en Shelob verwondde.

De Twee Torens eindigt met de besluiten van meester Sam Gewissies. Frodo, gestoken door Shelob, ligt dood ter aarde naar het schijnt; de queste moet op een ramp uitlopen, of Sam moet zijn meester verlaten. Tenslotte neemt hij de Ring en probeert de hopeloze queste alleen voort te zetten. Maar net als hij op het punt staat het land Mordor binnen te gaan, komen er Orks uit Minas Morgul naar boven en uit de toren van Cirith Ungol, die de top van de pas bewaakt, naar beneden. Onzichtbaar gemaakt door de Ring verneemt Sam door het getwist van de Orks dat Frodo niet dood is maar bewusteloos. Te laat achtervolgt hij hen, maar de Orks dragen het lichaam van Frodo weg door een tunnel die naar de achterpoort van hun toren leidt. Sam valt bezwijmd neer terwijl deze met een klap dichtslaat.



Boek 3: De Terugkeer van de Koning
Het derde deel begint in Gondor dat wordt aangevallen door Mordor. Als Gondor nog net op het nippertje wint door de komst van Rohan en de Reisgenoten Aragorn, Legolas, Gimli, Merijn en Pepijn, trekken de Reisgenoten en een deel van het leger naar de Poorten van Mordor om de aandact van Sauron af te lijden van Frodo en Sam, omdat hij nog niet weet dat zij onderweg zijn naar de Doemberg. Voor deze poorten wordt een enorme slag geleverd die wordt gewonnen door het vernietigen van de Ring.

Hier gaat het boek weer terug naar Sam, die Frodo redt uit de klauwen van de Orks. Samen trekken ze verder naar de Doemberg waar Frodo zijn verstand verliest en besluit de Ring niet te vernietigen. Hier komt Gollem weer terug en gaat in gevecht met Frodo. In dit gevecht probeert Gollem de Ring van de vinger van Frodo af te bijten en niet zonder succes: Hij bijt de vinger met de Ring van de hand van Frodo af, hoewel hij hierna, nadat hij zijn evenwicht verliest, in de Doemberg valt en hiermee de ring vernietigt.

Iedereen keert terug naar waar hij hoort: Aragorn wordt koning van Gondor gekroond, Legolas gaat met Gimli op reis en Gandalf gaat met de Hobbits terug naar de Gouw, hoewel hij niet het land met hen intrekt want hij gaat nog een paar zaakjes regelen. Als de Hobbits de Gouw binnen trekken is niets meer hetzelfde: Saruman is ontsnapt en heeft chaos gecreŽerd in het kleine land. Als hij vernietigd is blijft er voor altijd vrede in Gouw.

…ťn jaar later, als alles goed gaat in de Gouw, vertrekt Frodo samen met Gandalf, Bilbo, Elrond, Galadriel en een aantal andere Elven naar de Havens om naar Valinor, een plaats waar de goden nog leven, te gaan om nooit weer terug te keren.



De Silmarillion
J.R.R. Tolkien, professor Angelsaksisch aan de universiteit van Oxford, dacht voor de klassieker 'In de ban van de ring' een complete wereld uit, met een eigen geschiedenis, geografie, taal en mythologie. Deze achtergronden verenigde hij het eerst in 'De Silmarillion'. Hoewel het tijdens zijn leven nooit is gepubliceerd, beschouwde Tolkien dit boek als zijn eigenlijke levenswerk. In 1977 werd 'De Silmarillion' posthuum uitgegeven.

Waar 'In de ban van de ring' de geschiedenis van de Derde Era beschreef, voert 'De Silmarillion' de lezer mee naar het begin van de oudste tijden: de Eerste Era van Midden-aarde. Het is de mythe van de schepping van de wereld en de grote oorlogen die werden gevoerd tussen de Elfen en de duistere Morgoth die belust was op de heerschappij over Midden-aarde. Ook wordt verhaald van de Silmarillen, drie edelstenen waarin FŽanor, een geniale Elf, het goddelijke licht weet te vangen. Naast dit lange verhaal bevat dit boek een viertal kortere vertellingen: AinulindalŽ, Valaquenta, AkallabÍth (De ondergang van de Nķmenor) en Over de Ringen van Macht. Het is hetverhaal over de voortdurende noodlottige strijd tegen het kwaad, die in het begin door de scheppers van de wereld, later door de Elfen en vervolgens door de Dwergen en Mensen wordt gevoerd.



Geschriften van Midden-Aarde
Een driedelige gebonden luxe-uitgave van 'De Silmarillion', 'De Hobbit' en 'Nagelaten Vertellingen'.



Nagelaten vertellingen
Deze bundel bevat een aantal vertellingen uit verschillende perioden van Midden-aarde. Tolkien verhaalt over zaken en gebeurtenissen die in zijn andere boeken over Midden-aarde slechts vluchtig werden aangestipt. Zo doet Gandalf uit de doeken waarom hij de Dwergen naar het feest op Balingshoek stuurde, wordt de militaire organisatie van de Ruiters van Rohan uitgediept en de geschiedenis van de Vijf Tovenaars verteld. Verder komen talloze andere verhalen aan bod uit de Eerste, Tweede en Derde Era: over de komst van Tuor naar Gondolin, de geschiedenis van Galadriel en Celeborn en de vrienschap tussen Cirion en Eorl. Nagelaten Vertellingen is het sluitstuk van Tolkiens oeuvre.



Aanhangels
Niet in iedere uitgave van 'In de ban van de Ring' zijn de aanhangsels opgenomen, of volledig opgenomen. De volledige aanhangsels zijn geletterd A t/m F en zijn voorzien van voetnoten. De aanhangsels zijn in 1980 als losse bundels uitgebracht, maar doorgaans worden ze in de nieuwere edities wel geheel opgenomen. Voor een goed overzicht over het tijdverloop en om alle genoemde namen goed te kunnen plaatsen vormen de aanhangsels een welkome aanvulling op het meesterwerk.



Brieven
Behalve een begenadigd auteur was Tolkien ook een fervent brievenschrijver. Zo schreef hij aan zijn uitgevers, zijn familie, zijn vrienden - onder wie C.S. Lewis en W.H. Auden - en ook aan zijn lezers. In zijn brieven toont Tolkien zich de man die hij werkelijk was: als geleerde, als gelovige, als verteller, als vader, en als observant van de wereld om hem heen. Maar bovenal werpt deze brievenverzameling licht op zijn geniale ontwerp voor de legendarische werld die al sinds zijn schepping steeds weer nieuwe generaties lezers in zijn ban houdt: de wereld van Midden-aarde.



Sprookjes en vertellingen
- Blad van Klein
- De Smid van Groot-Wolding
- De avonturen van Tom Bombadil
- Boer Gilles van Ham
- Over sprookjesverhalen
- De thuiskomst van Beornoth, Beorhthelms zoon

J.R.R. Tolkien schreef, naast de meesterwerken In de ban van de ring en De hobbit, ook een aantal gedichten, vertellingen en sprookjes. Deze zijn gebundeld in Sprookjes en vertellingen. In Sprookjes en Vertellingen trekt een bonte stoet prinsessen, olifanten, draken, dwergen en trollen voorbij. De bundel bevat de onsterfelijke sprookjes 'Blad van Klein' over schilder Klein die wel bladeren kan schilderen maar geen hele boom, over 'De smid van Groot-Wolding', die alles weet over het feeŽnrijk, en over de gemoedelijke vetzak 'Boer Gilles van Ham', die al zijn sluwheid te hulp moet roepen als een lompe reus zijn land op komt sjokken. Tolkien leidt 'Blad van Klein' in met zijn visie op het wezen van het sprookje en de waarde ervan voor kinderen en volwassenen. Dit scherpzinnige essay heeft nog niets aan zeggingskracht ingeboet. Tevens zijn opgenomen 'De avonturen van Tom Bombadil', geheel op rijm vertaald, en het nog niet eerder verschenen epische gedicht 'De thuiskomst van Beornoth, Beorhthelms zoon' en een aantal verhalen van Midden-Aarde. Sprookjes en Vertellingen is een fantasievolle bundel met betoverend werk voor jong en oud.



Boer Gilles van Ham
Boer Gilles zag er niet bepaald uit als een held. Hij was dik, roodgebaard en genoot van een langzaam en comfortabel leven. Toen strompelde op een dag een nogal dove en bijziende reus zijn land op. Meer door geluk dan bekwaamheid slaagde Boer Gilles erin hem weg te jaren. De mensen uit het dorp juichten: Boer Gilles was een held. Zijn reputatie verspreidde zich ver over het koninkrijk. Het was daarom dan ook niet meer dan logisch dat toen de draak Chrysophylax het gebied bezocht, het Boer Gilles was die verwacht werd met hem te strijden!



De smid van Groot Wolding
Er was er eens een dorp, voor mensen met een goed geheugen niet zo lang geleden, en voor mensen met lange benen niet zo ver weg. Het werd Groot Wolding genoemd, omdat het groter was dan Klein Wolding een paar mijl verder in het bos...

De Smid van Groot Wolding heeft vroeger per ongeluk op het 'Feest van Brave Kinderen' met zijn taart een zilveren elfenster doorgeslikt. Nu kan hij ijzer tot de meest wonderbaarlijke vormen verwerken, en zingt hij liederen waar mensen stil van worden: over vreemde plaatsen zoals de Zee van Windloze Storm, de Donkere Moerassen en het Dal van Immermorgen. Vlak voordat het Feest vierentwintig jaar later opnieuw wordt gevierd, ontmoet hij de FeeŽnkoningin die hem een keuze laat maken die alles verandert...



Roverandom
Tolkien schreef dit magische avonturenboek om zijn zoontje te troosten, die tijdens de vakantie zijn speelgoedhondje was kwijtgeraakt.



Meneer Blijleven
Nederlandse tekst met daarnaast afgedrukt de Engelse tekst in het handschrift van de auteur. Vreemde belevenissen van een merkwaardig heertje, dat voortdurend met zichzelf in gesprek is. Geschreven door Tolkien voor zijn kinderen.



Boom en Blad
- Mythopoeia
- De thuiskomst van Beornoth

Een collectie van werken door J.R.R. Tolkien, onder andere het gedicht "Mythopoeia" dat verhaalt van een discussie tussen twee karakters over het scheppen van mythes. Het bevat tevens de vertaling van Tolkien's beschrijving van de Slag om Maldon, bekendstaande als "De thuiskomst van Beornoth".



De avonturen van Tom Bombadil, en andere verzen uit het rode boek
De oude Tom Bombadil was een vrolijk kwastje;
Zijn laarzen waren geel en knalblauw was zijn jasje,
groen waren zijn riem en zijn broek, helemaal van leder;
in zijn punthoed staak een zwanenvleugelveder...

In het Oude Woud 'beneden-onder-de-heuvel' woont de mysterieuze Torn Bombadil, waar veel vreemde verhalen en hobbitliederen over de ronde doen. Deze markante figuur uit In de ban van de Ring beleeft menig spannend avontuur, met zijn geliefde Goudbezie, maar ook met lelijke trollen en De-Man-in-de-Maan. Naast 'De avonturen van Tom Bombadil', bevat deze uitgave ook het verhaal van 'Blad van Klein', over een schilder die wel bladeren kan schilderen maar geen hele boom.

Het Rode Boek van Westmark, bron van de gegevens over de oorlog om de ring, bevat een groot aantal verzen. In deze uitgave zijn zestien hobbit-verzen opgenomen met een grote voorliefde voor vreemde woorden en kunstjes met rijm en metrum. Een luchtige en frivole bundel.