|
Er bestaan twee soorten gedrag: gewenst
gedrag en ongewenst gedrag.
Het gedrag van honden is altijd natuurlijk
of aangeleerd gedrag. Werkelijke gedragstoornissen komen nauwelijks
voor. Een hond reageert overwegend op ons gedrag. De respons
van de hond kun je dan gewenst of ongewenst noemen. Wat voor
de ene persoon gewenst gedrag is kan voor de andere persoon ongewenst
gedrag zijn. De hond heeft meestal geen gedragsprobleem: wíj
hebben vaker een probleem met zijn gedrag.
In de meeste gevallen ontstaat ongewenst gedrag door een verkeerde
raskeuze.
Als een hond een genetisch bepaalde aanleg heeft door jarenlang
of eeuwenlange selectie dan moet de hond daar luister aan geven.
Een jachthond jaagt en valt niet zo gauw indringers aan in huis.
Een waakhond blaft tegen indringers, het is tegen zijn natuur
in om dat niet te doen.
Als een hond niet begeleid wordt in zijn genetisch bepaalde aanleg
dan zal hij daar zelf een inhoud aan geven. Op dat moment kan
het gedrag ongewenst worden. Een jachthond loopt een spoor achterna
(loopt weg). Een waakhond bewaakt zijn territorium (stuurt onze
gasten de deur uit).
Communicatie tussen de hond en de mens
is het volgende struikelblok. De hond ligt op de bank, bij ons
in bed of in de deuropening. Op deze manier laat een hond zien
wat hij betekent binnen de roedel. Door het toestaan van bepaalde
gedragingen geef je de hond bepaalde rechten. Aan rechten kleven
voor de hond verplichtingen. Zonder dat we het dan zelf in de
gaten hebben creëren we dan ongewenst gedrag.
De mens communiceert grotendeels door spraak. Een hond communiceert
grotendeels door het vertonen van bepaald gedrag. Er zijn meer
dan 70 bekende gedragskenmerken bij een hond. Honden zien mensen
als honden en mensen zien honden als mensen. Zo maken we het
dus erg ingewikkeld voor elkaar.
We kunnen ons beter gaan verplaatsen in het gedrag van honden
en daardoor ongewenst gedrag voorkomen of verhelpen, in plaats
van ons overgeven aan antropomorfisme (vermenselijken van dieren).
U moet zich bedenken dat een hond van oorsprong
voor zijn eten moest werken. Tegenwoordig is dat niet meer noodzakelijk
voor de hond. Er ontstaat daardoor wel een enorme verveling die
niet is te verhelpen door alleen maar lange wandelingen te maken.
De meeste problemen kunt u oplossen door meer met de hond te
gaan doen. Hierbij kunt u denken aan samenwerkingsoefeningen,
mentale training en spelen. Bij het spelen is natuurlijk wel
van belang om de rangorde regels te handhaven. In het kort komt
het erop neer dat u het spel begint, eindigt en altijd wint.
Spelen met de hond heeft ook het voordeel dat er een betere relatie
tot stand komt en een groter respect voor de eigenaar oplevert.
Als u hiernaast dan ook de natuurlijke rangorde regels hanteert
kan het bijna niet mis gaan met het gedrag van uw hond.
|