Onzindelijkheid

Plassen in huis

Elke pup die we in huis nemen willen we zo snel mogelijk zindelijk maken. We proberen er alles aan te doen om dat te bespoedigen, zoals straffen of zijn neus door de stront halen. Maar wist u dat het allemaal niet nodig is? Een hond is namelijk van nature zindelijk. Zelfs als je er helemaal niets aan doet zal de pup uit zichzelf zindelijk worden, uitgaande van het feit dat u de pup wel goed in de gaten houdt en regelmatig uitlaat.
Op het moment dat we gaan straffen kunnen er zich pas problemen voordoen. Het zindelijk worden zal ieder geval veel meer tijd in beslag nemen dan wanneer u niet zou straffen. Soms kan het zelfs maanden in beslag nemen om de pup weer vertrouwen in de roedel te laten krijgen.
Als we ervan uitgaan dat er geen medische klachten zijn zal een hond niet in zijn hol of op de plaats waar hij eet zichzelf ontlasten. Ook moet een hond zich thuis voelen in de roedel. Is dat niet het geval dan zal de hond de omgeving van zijn roedel niet als het zijne beschouwen. In dat geval is er geen reden om je ontlasting op te houden.

Heeft u een nieuwe volwassen hond in huis genomen dan kan het zo zijn dat hij/zij in de eerste drie weken in huis plast/poept. Zodra hij zich thuis voelt zal hij daarmee stoppen. Een hond die zich toch in huis blijft ontlasten heeft in de meeste gevallen een voor hem onduidelijke rang in de roedel. Belangrijk in dat geval is om een samenwerkingsrelatie op te bouwen. Daarnaast kunt u op de plaats waar hij zich ontlast zijn voerbak neerzetten. Een hond zal nooit over zijn eigen voer poepen. Mocht er nog een plek zijn waar hij zich ontlast dan kunt u daar zijn mand neerzetten of waterbak.

Sommige honden zijn chronisch onzindelijk. Dit kan veroorzaakt zijn door de fokker die zijn pups in een te kleine omgeving heeft laten opgroeien. Een tweede mogelijke oorzaak is als de pup te lang wordt opgesloten in bijvoorbeeld een bench en hierdoor verplicht is in zijn eigen bed te poepen. Het natuurlijke proces van zindelijk worden wordt daardoor geblokkeerd. Je herkent dit probleem als de hond echt overal tegenaan plast of op poept.

Deemoed

Onderdanigheids plasjes dient u volledig te negeren. Zowel bij oudere als jonge honden kan dit voorkomen. Dit is een normaal verschijnsel wat voorkomt bij het actief begroeten van een ranghogere hond door een ranglagere hond. Als de hond dit gedrag vertoont tegenover zijn baas (of andere mensen), dan moet u nalaten de hond te begroeten of afscheid te nemen bij het komen en gaan. Ook moet u elke dominante handeling achterwege gaan laten, zoals de hond aaien over zijn hoofd en rug. In plaats daarvan mag u wel de hond aaien over zijn buik en borst.
Wat u ook niet moet doen, is over de hond heen hangen bij het aanklikken van de riem of aanpakken van een bal. Beter is door de benen te zakken. In tegenstelling tot dominante honden mag u de hond laten winnen bij het spelen van trekspelletjes. Zodoende bouwt u zijn zelfvertrouwen op en zal hij minder onderdanig worden.
Deemoed plasjes kunnen ook ontstaan door te vroeg met een strenge puppycursus te beginnen.
Bij het volgen van een puppycursus moet de nadruk niet op het gehoorzamen liggen maar eerder op het socialiseren. Na de twaalf weken kunt u beginnen met de rangorde regels te introduceren. En na zestien weken begint u pas met gehoorzaamheidsoefeningen. U mag natuurlijk wel al op jonge leeftijd, op een speelse manier en zonder dwang, in korte sessies enkele simpele gehoorzaamheidsoefeningen introduceren.

Geurmarkeringen.

Een erg dominante hond zou kunnen besluiten zijn geur overal achter te laten. Dit is niet onzindelijk maar zijn recht als leider. Bij dit soort honden is het van groot belang om zeer consequent elke bekende rangorde regel toe te gaan passen. Het markeren zal afnemen naarmate u uw leiderschap heeft terug veroverd. Veelal is het niet op een zichzelf staand verschijnsel, maar zou in de meeste gevallen gepaard kunnen gaan met agressie. Het zou verstandig zijn om u te laten begeleiden door een kundig iemand.
Een tweede mogelijke oorzaak zou kunnen zijn dat de hond een overdreven territoriumdrift heeft ontwikkeld. Veelal ontstaat dit gedrag door een slechte begeleiding van zijn natuurlijke aanleg.
Door samen te werken met een goede hondentrainer kunt u dit gedrag omvormen naar gewenst gedrag. Beter is proberen te voorkomen dat het zover komt.