Oplossing van dubbelspoor
Noord dekt
boer met de vrouw:
a. Oost speelt
5 bij:
Zuid incasseert
aas en speelt
vrouw, die west niet dekt met ( omdat het geen zin heeft ).
Zuid speelt dan
10, gedekt met
boer en genomen met
vrouw van tafel, waarna
aas geïncasseerd wordt.
Zuid komt weer aan slag met
,
troeft zijn derde
en incasseert zijn twee troeven en
aas.
West die ingekort is tot:
heer
heer 3 wordt
met
geplaatst en
moet
naspelen...
b. Oost speelt
heer bij:
Zuid neemt met het aas en speelt
10 voor de boer en de vrouw.
De leider speelt
4 van tafel en speelt uit de hand
2 ( ! ) bij.
West neemt
7 en speelt
na.
Zuid neemt en speelt
9 voor de heer en het aas ( overbrenging van de
dekking naar oost ).
vervolgens
aas en
voor de 10 en
vrouw gedekt en getroefd.
Zuid incasseert zijn voorlaatste troef en
boer, waarna oost rijp is voor een lage kleuren dwang.
Noord:
6
10 3
Oost:
7
9 8
Zuid:
V
4
4
Op
vrouw van zuid gaat aan tafel
6 weg en oost heeft geen verdediging.
N.B. Wanneer in geval b zuid
vrouw uit zijn hand speelt, zal west niet dekken om te verhinderen dat
oost in dwang wordt gebracht.
terug