Naar onder
 
Documenten vanuit een tekstverwerker (vb. MS-Word) zijn niet direkt bruikbaar als lesbestanden. Ze moeten eerst worden opgeslagen als louter tekstbestand. Lesbestanden aangemaakt met LesPad (liefst), of met MS-Windows Notepad of Kladblok zijn direct bruikbaar. De extensie van deze bestanden is "ezi".
Een lesbestand bestaat uit een aantal lijnen of paragrafen. Alle woorden en/of zinnen die tesamen in één schermpje moeten worden getoond, een paragraaf dus, moeten zich in dit tekstbestand in principe op één lijn bevinden.
OPGELET: een paragraaf of schermpje kan maximaal 70 woorden bevatten. Langere verhaaltjes dienen dus in verschillende paragrafen te worden opgesplitst.
 
Bij heel lange lijnen gaat het overzicht in LesPad vaak teloor. Om dit te vermijden kan je de lijn of paragraaf toch spreiden over verschillende regels, door gebruik te maken van het vervolgteken _ (alt code 95) op het einde van elke regel. Regels in LesPad die dus eindigen op _ worden gewoon aan de volgende regel geplakt door LEZER, en als één enkele lijn (paragraaf) beschouwd.
Normaal worden woorden doorlopend op het schermpje geschikt. Wil je toch een nieuwe regel laten beginnen (bvb. bij versjes), dan moet je het laatste woord van de vorige regel laten volgen door het | teken (alt code 124) en de letter L. Dit is dus het L commando.
In het algemeen komen commando's vlak na een woord, en gescheiden van dat woord door het teken
|.
Je kan ook woorden in kolommen schikken, bijvoorbeeld bij wisselrijtjes. Hiertoe gebruik je het halve kolom of het tabulatiecommando.
Bij het halve kolom commando
H wordt met het volgende woord halverwege het scherm begonnen (of beëindigd, bij het rechts uitlijnen DE commando, zie lager), bijvoorbeeld bij "wij|H komen" begint "komen" halverwege het scherm.
Wanneer na een bepaald woord naar de volgende tabulatiepositie moet worden overgesprongen laat je het vorige woord volgen door het | teken (alt code 124) en de letter T. Wil je dat woord op een welbepaalde tabulatiepositie plaatsen, dan gebruik je T1, T2, T3, enz...
Een tabulatiepositie is 8 spaties breed. Deze breedte kan wel worden gewijzigd door het
Bn commando, waarbij n staat voor het aantal spaties.
Normaal worden de woorden links uitgelijnd op de tabulatiepositie, maar vanaf het woord met het
DE commando erachter worden ze rechts uitgelijnd. De normale (linkse uitlijning) verschijn terug bij het DB commando.
Woorden op het scherm uitlijnen via tabulatie en kolom commando's is een hachelijke zaak. De bladspiegel kan volledig veranderen bij gewijzigde scherm- of lettergrootte. Dergelijke lessen dienen dus eerst met zorg worden uitgeprobeerd, en liefst voor een vast lettertype. In het voorbeeldlesje "voorbeeld.ezi" zijn een aantal toepassingen met tabulatie en halve kolom toepassingen opgenomen.
 
Bij dialogen is het soms nuttig dat de tekst van persoon A een andere kleur krijgt als de tekst van persoon B, persoon C enzovoort. Je hebt daarom de mogelijkheid om vijf extra "normale" tekstkleuren te gebruiken. Opgelet, dit heeft niets te maken met de kleuren die gebruikt worden bij de "Voorstelling" van woorden.
Vanaf het woord, gevolgd door het
| teken (alt code 124) en KA wordt kleur A gebruikt, vanaf KB wordt kleur B gebruikt, vanaf KC, KD, en KE de kleuren C, D en E. Bij KN komt de "normale" normale kleur terug. Deze kleuren kan je hier instellen.
Met het An,m commando kan je de afstand tussen de regels op het scherm wijzigen. Je kan dit voor elke regel afzonderlijk. Na A moet je een getal n,m plaatsen dat de factor weergeeft waarmee de normale interlinie wordt vermeerderd (indien groter dan 1,0) of verminderd (indien kleiner dan 1,0). Zo komt de regel die volgt na de regel waarin het woord "komen|A1,5" voorkomt, anderhalf maal lager dan normaal.
Woorden gevolgd door het V commando worden vetjes weergegeven.
Als er ergens in de paragraaf een M commando voorkomt, dan wordt op het einde van die paragraaf een muziek midi-bestand uit de reeks gespeeld.
 
Als je wil dat sommige woorden niet via spraaksynthese worden uitgesproken, maar met een bepaald spraakbestand, dan laat je dat woord volgen door # en de naam van het spraakbestand (zonder de extensie ".wav").
Wanneer bij een paragraaf een begeleidend plaatje hoort, dan vermeld je de naam van het bestand met dit plaatje achteraan de lijn, voorafgegaan door @ (alt code 64). Alleen de naam van het bestand wordt hier verwacht. De extensie ".jpg,.bmp,.gif,.wmf" of ".ico" en de folder worden door LEZER zelf toegevoegd.
Plaatjes worden alleen getoond in het "Arm scherm".
Lijnen die worden voorafgegaan door het > teken worden als commentaar beschouwd en niet weergegeven. Hetzelfde geldt voor lege lijnen.
Woorden kunnen fonetisch worden uitgesproken, en hiervoor is een rudimentaire notering ontwikkeld. Je vindt er alles over hier.
 
Regels die eindigen op _ worden aan de volgende regel geplakt.
Regels die beginnen met > of lege regels worden niet gebruikt (commentaar).
Bij woorden gevolgd door #bestandsnaam wordt "bestandsnaam.wav" uitgesproken.
Na woorden die gevolgd worden door |L begint een nieuwe regel op het scherm.
Na woorden die gevolgd worden door |Tn (waar n staat voor 1,2,3,... ) begint het volgende woord op de n-de tabulatiepositie. Als n wordt weggelaten, dan wordt gewoon de volgende tabulatiepositie (normaal 8 spaties) genomen.
Vanaf het woord gevolgd door |Bn (waar n staat voor 1,2,3,... ) wordt de tabulatiebreedte gelijk aan de breedte van n spaties.Vanaf |B wordt deze breedte terug normaal (8).
Vanaf het woord gevolgd door |DE worden de woorden rechts uitgelijnd vanaf de berekende tabulatiepositie, vanaf het woord gevolgd door |DB worden de woorden links (normaal) uitgelijnd.
Half scherm: het woord na het woord dat gevolgd wordt door |H begint halverwege het scherm. De uitlijning is links of rechts.
Vanaf het woord gevolgd door |KA wordt alle normale tekst in kleur A weergegeven, vanaf |KB in kleur B, en verder |KC, |KD, |KE. Vanaf |KN terug in de oorspronkelijke kleur.
Het woord gevolgd door |V wordt vetjes weergegeven.
Na een paragraaf waarin een woord voorkomt gevolgd door |M wordt een midi-muziekje gespeeld.
De interliniefactor |An,m achter een woord geeft aan welke fractie de afstand tussen de volgende regel(s) afwijkt van de normale.
Op het einde van een lijn/paragraaf duidt @bestandsnaam de bestandsnaam aan van het plaatje dat tesamen met die paragraaf moet worden getoond.
Het meegeleverd bestand "voorbeeld.ezi" illustreert al deze mogelijkheden.
Over fonemen en hoe ze worden aangeduid vind je hier meer.
 

Naar boven

  [ KULeuven ]     [ CVI ]     [ Lezer 

Copyright Katholieke Universiteit te Leuven, 1999-2000
Informatieleverancier:
Laboratorium voor Neuropsychologie (Faculteit Geneeskunde)
Opmaak en auteur:
Hugo Maes tenzij anders vermeld
Jongste wijziging aan dit document: 23 november 2000