Leren Leren
Augustus 2002
Ik zal hier proberen mijn aanpak te beschrijven, hoe ik Kiki heb
geleerd te leren. Volgens mij is dat het belangrijkste, wat je een kind
kunt leren: dat leren leuk is, een ontdekkingsreis vol verrassingen,
hindernissen en uitdagingen.
Als iets leuk wil zijn, moet het wél lukken. Dat is je belangrijkste
taak als begeleider: leerstof te vinden, die leuk is voor het kind, die
niet te moeilijk en ook niet te makkelijk is; inhoudelijk aanspreekt,
een verbinding heeft met de interesses van het kind. Hoe je het brengt
is ook erg belangrijk: breng het als een spel, meer nog, zorg, dat het
leren spelen wordt.
Kinderen worden soms al heel vroeg, rond hun vierde levensjaar soms al
vastgepind, op wat ze zouden kunnen en dan vooral op wat ze níét
kunnen. Als er leerproblemen zijn, moet je je afvragen, waarom het kind
niet wil leren of bang is voor het leren. Het ergste wat een kind kan
overkomen, is dat het er-al dan niet openlijk- mee geconfronteerd
wordt, dat de mensen om hem/haar heen niet geloven in zijn/haar
mogelijkheden. Iets wat Kiki erg vaak is overkomen.
Het meest wezenlijke voor de mens is zijn behoefte aan communicatie.
Bij kinderen wordt dat gauw negatief gemaakt -als de volwassene
overvraagd wordt- tot "aandacht vragen". Deze communicatiebehoefte zie
ik als sleutel tot het openstellen voor het kind voor het leren.
Kleuters kletsen de ouders de oren van het hoofd en vragen honderduit.
Dat wordt ze veel te snel afgeleerd. Ik ben er een groot voorstander
van, dat je als ouder één op één met een kind gaat werken.Veel ouders
hebben daar moeite mee. Maar je zult merken, dat het héél prettig kan
zijn: het kind groeit vanwege het feit, dat het zo serieus genomen
wordt en iets kan laten zien en als ouder merk je dat je je kind veel
beter leert kennen en begrijpen. Bij een niet-pratend kind als Kiki
hadden we vaak de vrees, dat we niet genoeg uitlegden; dat we, wat voor
ons vanzelfsprekend was, maar voor Kiki een raadsel, niet door hadden.
Hoe leer de de wereld van een niet pratend kind kennen en hoe vergroot
je haar? We begonnen bij het aanleren en checken van het begrijpen van
betekenissen. We hadden gelukkig al snel het
vingeraanwijssysteem
ontwikkeld, waarmee we al onze vragen konden brengen in meerkeuzevorm.
We maakten foto's van allerlei belangrijke mensen en dingen.
Plastificeerden ze en gebruikten ze in de communicatie. We kochten een
videocamera om gebeurtenissen of processen (een feest, een bezoek, een
uitje) vast te leggen, ook omdat Kiki het zich anders vanwege de CVI
niet visueel kon voorstellen.
Al snel was voor mij duidelijk aan hoe snel en gemotiveerd Kiki deze
kaarten en pagina's begreep en kon gebruiken, dat ze naast voldoende
begrip (d.w.z. abstractievermogen) ook een geoefend geheugen had.
Dankzij haar slechtziendheid, waarbij geheugen ontbrekende informatie
probeert te compenseren, maar ook dankzij spelletjes als Memory en
tegenwoordig Set (de pc-versie van dit spel kun je via de
link
downloaden.)
Om zelf betekenissen te kunnen aangeven, moet je kunnen schrijven.
Hoewel taalleren voor een niet-sprekend iemand niet makkelijk is, had
ik er vertrouwen in dat het kon lukken. Via TV (video's van Sesamstraat
en "Ik Mik Loreland") en computer werden de letters er ingestampt. Toen
al snel naar woorden; met cdroms als "Maan Roos Vis" en "Ik Hou van
Taal".
Met
Clicker konden we
zowel het praatboek als de uitgebreidere pc-versie daarvan
perfectioneren. Tegenwoordig heb je het fantastische programma Leeslab,
dat een absolute must is voor ieder kind, die vanwege wat voor reden
dan ook zo weldadig mogelijk geholpen moet worden bij het leren. De
aangepaste software maakt het als nooit te voren mogelijk de lesinhoud
geheel op het kind toe te snijden. Om perfect maatwerk te maken; dat
dat op grote schaal nog niet lukt, ligt aan allerlei praktische
problemen van ouders en scholen: gebrek aan tijd, computervaardigheden
en misschien ook wel pedagogische visie oftewel de wil om naar het kind
te buigen.
Kiki kan intussen vlot lezen en prima woorden spellen, maar zinnen
formuleren is nu (augustus 2002) nog moeilijk; dit zal zeker nog beter
gaan lukken. Onze grootste bottleneck is dat Kiki zelf niet de computer
kan bedienen en van ons vingerwijssyssteem afhankelijk blijft. Het
blijft zo heel erg tijdrovend om te schrijven.
met 2 keer kiezen, rij en kolom, letter aanwijzenMaar
waar ik echt blij om ben, is dat Kiki het nog steeds leuk vind om te
leren; al vindt ze het door school minder leuk dan vroeger. We doen
veel aan quizzen en ontdekken nog regelmatig een leuk tv-programma
zoals "Tot op het bot". Quatro vindt Kiki ook erg leuk (ook als cdrom).
Creëer de juiste omstandigheden
Bij
Kiki is het vanwege haar motorische beperkingen sowieso nodig één op
één te werken. Dat kost natuurlijk veel tijd en inzet, maar het gaat
niet anders.
Daarnaast moet er rekening gehouden worden met de waarnemingshandicaps.
Dat
houdt niet alleen juist materiaal visueel, maar ook goed licht, geen
afleidende geluidsprikkels, geen onnodig rondlopende mensen, kortom
alle mogelijke factoren, die het kind helpen zich te concentreren. Lang
niet altijd zal het mogelijk zijn de optimale omstandigheden te
creëren, zoals in een schoolsituatie; dat is ook geen ramp; als maar
gezien wordt, waar dan de belemmeringen zitten, d.w.z. bij de
omstandigheden en niet bij het kind. Dat lijkt vanzelfsprekend,
maar is het niet; de handicaps zijn soms zo storend en belemmerend, dat
de begeleider zijn goede wil en motivatie verliest; een duidelijk
voorbeeld hiervan is bij Kiki , als zij plotseling niet meer mee wil
werken; onze ervaring is dat sommige mensen, dat al direct als gebrek
aan motivatie zien, terwijl het kan zijn dat ze het niet kan zien, iets
in de vraag gemist heeft, geen goed alternatief aangeboden krijgt om te
antwoorden, een natte luier haar dwars zit, enz. Verrassend vaak wordt
dan niet de vraag gesteld: "Waarom werk je niet meer mee?".
Ga uit van de motivatie van het kind
Toen
ik met Kiki aan de computer begon, gingen we "Help Muizen in het hotel"
van Bombilla spelen,nauwelijks een programma met een educatief
karakter, maar wel met interactiviteit; keuzes van Kiki hadden effect
op het verloop van de gebeurtenissen en dat maakte het voor haar leuk.
Nog lang is dit programma als beloning achteraf gebruikt. Wat ik
hiermee wil zeggen is: probeer het leuk te maken; verleid het kind tot
meedoen. Als een ouder onzeker aan mij vraagt: "maar zit het er wel
in", dan zeg ik: kijk naar je kind, naar wat het leuk vindt en probeer
daarvan uitgaande de zaak verder uit te bouwen. Wissel af,
experimenteer, leen dingen (spellen,software,boekjes) van vrienden of
bieb/spelotheek. Het enige gebod is: sta niet stil; verval niet in
eindeloze herhaling, maar probeer telkens nieuwe uitdagingen te
bedenken.
Stimuleer een eigen wil
Omdat Kiki
niet weg kan lopen en verder erg afhankelijk is van degene die voor
haar zorgt, vond ik het altijd van erg klein af aan erg belangrijk om
aan Kiki te vragen, wat ze wilde. We waren en zijn daar behoorlijk
extreem in. Het gevolg is dat Kiki erg goed weet wat ze wil. En ook dat
ze er erg aan gewend is, dat er op haar wensen ingespeeld wordt; de
garantie voor een verwend kind, zou je zeggen. Maar zo ervaar ik haar
niet en ik hoor ook geen klachten in die richting. Want keuzes maken is
niet vrijblijvend, heb ik haar geleerd; het brengt een
verantwoordelijkheid met zich mee; je kunt niet deze minuut dit willen
en de volgende iets anders. Na de keus ga je het doen. Kiki heeft
m.a.w. veel vrijheid van ons gekregen, maar vooral vrijheid tot, niet
vrijheid van ( vrijblijvendheid). Neemt niet weg, dat ik Kiki altijd
erg veel ruimte geef; zo overleg ik altijd met haar, als we
leergerichte dingen gaan doen, waar ze zin in heeft; ik geef wel aan
waarom ik bepaalde dingen belangrijk vind; en als ze ergens
systematisch geen zin in heeft, probeer ik dat te duiden en erop in te
gaan. Maar Kiki's keuze in het leren thuis is geen inspraak; zij
beslist! Leren moet leuk zijn; iets waarnaar je verlangt; sinds Kiki op
school vaker dingen moet doen waar ze niet echt zin in heeft, is haar
plezier in leren, haar leergierigheid wel afgenomen.
Test zo min mogelijk
Leren
scholen niet af om te leren? Het testgerichte onderwijs maakt de
prestaties van kinderen beladen het met heel veel druk en discipline.
Iedereen weet hoe belangrijk zelfvertrouwen en vertrouwen van een
docent is voor de leerling, maar toch worden beiden systematisch
ondermijnd door een irrelevant waarderingssysteem. Als je regelmatig
met een kind werkt, weet je immers best, waar het fouten maakt en waar
leemtes in haar kennis zitten. En als je het niet weet kun je via
software zoals bijv. met Leeslab ook de prestaties van een kind
monitoren, zonder dat het dat in de gaten heeft. Veel kinderen en juist
die met handicaps presteren namelijk veel slechter in een testsituatie;
bij Kiki werkt het zelfs fysiek; door de spanning van de situatie ziet
ze slechter en is ze bij het luisteren eerder verstoord. Alle kinderen
met een handicap voelen en weten, hoe de maatschappij dit alleen maar
beschouwt als minderwaardig, alleen maar het onvermogen waarneemt en
niet het wel kunnen. Dit werkt natuurlijk door in het zelfbeeld. Daarom
moet het verwezenlijken van een positief zelfbeeld een van onze eerste
doelstellingen zijn. En dat doe je door het kind te laten ervaren wat
het kan; dat valt me ook het meest op in educatieve software uit
Engeland en de V.S., de opmerkelijke en soms overdreven aandoende
positieve bevestiging. Maar ongetwijfeld werkt het!
Je hebt
oefenen en testen; de twee staan niet zo vrij naast als elkaar als zou
moeten en vaak gedacht wordt; bepaalde capaciteiten, die moeilijk te
testen zijn, worden eerder verwaarloosd, als alles gericht op een
succesvolle CITO-score. Clicker is bijv. een programma zonder
leerlingvolgfuncties; het is een program, dat erg zinvol is om kinderen
goed te leren formuleren, zich zelf te leren uitdrukken in zinnen,
taal. Zelfexpressie via taal is niet alleen erg belangrijk voor de
taalontwikkeling maar ook voor het ontwikkelen van eigen meningen; de
identiteitsvorming en het verwerven van autonomie als individu dus;
voor een gehandicapt kind, die een hele emancipatiestrijd nog voor zich
heeft, gaat het om noodzakelijke psychologische vaardigheden.
Toch
heb ik vaker gehoord, dat niet voor Clicker gekozen werd als
onderwijssoftware,omdat het dus niet die leerlingvolgfuncties in huis
heeft. In Engeland is Clicker een van de meest gebruikte programma's in
het basisonderwijs.
Lof
Ik heb Kiki doorlopend
de hemel in geprezen; niet alleen omdat ik het erg knap vind, wat ze
allemaal presteert met haar handicaps, maar vooral om tegengif te geven
tegen al die "subtiele" boodschappen (zoals met een kleuterintonatie
tegen haar praten), die haar ervan probeerden te doordringen ,
dat de buitenwacht niet verwachtte dat dit kind ook maar iets in huis
had. We deelden een geheim, haar intelligentie, en als de rest van de
wereld zo dom was dit niet te zien, bewees dit alleen maar hun eigen
kortzichtigheid en dus domheid. Ik geloofde en geloof in haar en
daardoor kon ze in zichzelf geloven. De wisselwerking die ik hier
benoem, kun je niet overschatten in haar belang.
Dit brengt
ook een autonomie, een soort eigenwijsheid ten opzichte van je
medemensen met zich mee; vertrouw in je eigen oordeel; ga uit van je
eigen visie over je zelf; erg is het niet om fouten te maken; erg
is niet van fouten te willen leren; erg is niet te mislukken; erg is
het om het niet te proberen. Kijk kritisch naar je medemensen; hoe open
zijn ze? Kunnen ze kritisch naar zich zelf kijken; kunnen ze zich
afvragen of ze er misschien naast zaten? Of zijn ze zo onbeholpen, dat
hun ego geen foutje verdraagt. Voor een kind als Kiki is sociale
intelligentie van levensbelang. Zelfkennis hoort daar ook bij, eerlijk
zijn tegenover jezelf en liefst ook anderen over je eigen falen.
Eén op één werken
Als
je een op een begeleiding geeft, leert een kind het best, dat wordt
algemeen erkend. Het kind geniet van de aandacht en er kan heel direct
ingespeeld worden op wat het kind doet of nalaat. Toch werkt het niet
altijd; je moet het als volwassene op kunnen brengen om dit te doen; je
moet je kunnen verplaatsen in het niveau van je kind; er moet ook een
goede wisselwerking zijn tussen jou en het kind; sommige kinderen
werken heel slecht bij hun ouders en juist veel beter bij een ander;
intussen moet je streven naar wegen om het kind wél zelfstandig te
laten werken en zijn of haar motivatie intrinsiek te laten worden, dus
dat het kind het zo leuk vindt om bezig te zijn, dat het alleen ook
doorwerkt. Goede software geeft zo veel feedback en ondersteuning en is
zo aanpasbaar aan het niveau en de mogelijkheden van het kind, dat
het vlot zelfstandig kan leren werken. Dat is geen reden
begeleiding stop te zetten, maar te verleggen naar leeronderdelen, waar
het kind wel begeleiding kan gebruiken. Het is dan vooral een kwestie
van aansturen, dingen aandragen, feedback geven. Doordat Kiki fysiek
zelf niets kan bedienen, blijft ze helaas van ons afhankelijk.
Logisch denken
Wat
leer je een kind? Taal, rekenen, dat ligt voor de hand. Ik heb ervoor
gekozen om Kiki ook Engels op een jeugdige leeftijd te laten leren
omdat ze anders op tv veel gaat missen (ondertiteling is voor haar
moeilijk leesbaar). Ik doe dat vooral door teksten van liedjes,die ze
kent of hoort voor haar te vertalen.
Ook doe ik veel aan
algemene ontwikkeling (quizzen). Ik probeer het abstract denken te
stimuleren (via Set en schaken). Ik heb zelf als tiener veel gehad aan
het onderdeel logisch denken bij filosofie. Ik ben op zoek naar een
goede inleiding logica voor kinderen.Kiki is dol op muziek; ik leer
haar componisten, muziekinstrumenten en genres te herkennen (ze is daar
al beter in dan haar moeder) en muziekgeschiedenis. Dit is typisch een
terrein, waar je in kunt spelen op de interesses van het kind; het
maakt niet zo uit wat het is; als je kind maar serieus neemt en de
gelegenheid geeft diep op de materie in te gaan.
Neem het kind serieus
Ik
ben vaak verbaasd, hoe oppervlakkig volwassenen kinderen benaderen; ze
lijken eigenlijk meestal totaal niet geïnteresseerd in het kind of wat
het te melden heeft of gaan er eigenlijk bij voorbaat van uit dat het
kind weinig te melden heeft. In mijn omgang met kinderen merk ik hoe ze
het waarderen, als ze als persoon worden benaderd, als je échte
interesse in ze, en respect voor hun eigenheid toont. Als je je
echt openstelt voor een kind, kom je vaker mooie dingen tegen; en dan
heb ik het niet over het geforceerd oplepelen van kindergeestigheden,
zoals in sommige tv-programma's gebeurt, wat ik eigenlijk heel
vernederend voor kinderen vind.
Tot slot
Veel
in dit verhaal gaat over je houding en je visie. Daarnaast heb je je
vaardigheden. Iedereen heeft zijn eigen verhaal en zijn eigen inzet.
Eis van je zelf niet, wat je niet waar kunt maken; maar verwacht ook
van de hulpverleners niet, dat zij het voor je opknappen, want dan doe
je je kind te kort.